De shutdown dwong honderden Amerikaanse ambtenaren om thuis te blijven, waaronder ook de parkwachters van de nationale parken. Daardoor was er niemand beschikbaar om toegangsgeld te innen, met een toestroom aan toeristen tot gevolg. De bezoekers lieten een hoop afval achter, maar zonder parkwachters bleef dat gewoon liggen.

Daarbovenop kreeg Joshua Tree National Park ook nog enkele vandalen over de vloer. Zo werden er bomen verwoest, paden vernield en rotsen beklad met graffiti. Het werd zo erg dat het park op 8 januari even de deuren sloot.

Sinds deze week is het park opnieuw open, maar dat betekent niet dat de shutdown volledig verteerd is. 'Wat de voorbije 34 dagen gebeurd is in ons park, is onherstelbaar voor de volgende 200 tot 300 jaar', klinkt het bij oud-directeur Curt Sauer in De Standaard. Daarmee verwijst hij naar de fragiele ecosystemen die tijd vragen om te groeien.