Geert Zagers
Geert Zagers Journalist bij Knack Focus

Schrik niet, maar het woord ‘neger’ is weer in zwang. Er is zelfs al een term op geplakt : neger wordt dezer dagen ‘postraciaal’ gebruikt. De generatie die opgroeide met Isabella A’s Blank of Zwart vindt raciale gelijkheid zo’n vanzelfsprekendheid – “Regen valt niet voor jou apart !” – dat ze er geen gevaar meer in zien om het n-woord in de mond te nemen. Meer zelfs : over ‘zwarte’ spreken wordt als nét iets racistischer beschouwd, omdat je door de omzwachtelde woordkeuze net de gevoeligheid accentueert. De terugkeer van het lang verguisde woord heeft iets met humor te maken, maar het is ook gewoon geen scheldwoord meer ; ‘neger’ als kwetsende term gebruiken is nog altijd ontzettend fout, als dat een geruststelling kan zijn.

Misschien wat vreemd, maar wat mij er het meest aan opviel, was het voorvoegsel ‘post’ in ‘postraciaal’. Een voorvoegsel dat ik plots overal zie opduiken. 2011 is het jaar van de postdubstep, het genre ná het wobbelende dubstep dus, met James Blake, u misschien bekend van Limit to Your Love, als voorman. We leven ook in tijden waarin u een postironische snor kunt dragen : een klassieke walrussnor, gedragen door een hipster, zonder dat er nog enige ironie mee gepaard gaat. Niemand die nog vraagt : “Méén je dat nou, daar op je bovenlip ?” En Sex and the City blijkt een voorteken van het postfeminisme te zijn. Als u wilt, kunt u voortaan weer ‘wijf’ zeggen tegen uw vrouw, zolang u haar maar gelijkwaardig behandelt.

‘Post’ is uiteraard geen nieuw voorvoegsel. Muziekliefhebbers hebben al eens een golf postcore, postrock en postpunk zien komen en gaan. Maar dat het heden ten dage werkelijk overal opduikt, wijst wel op een gevoel dat steeds meer leeft : dat alles al eens gedaan is. De grote strijd over discriminatie en feminisme is al gevoerd. Elke muziekstijl is onderhand gepasseerd, zélfs hypnagogic pop en dronemetal. Een kunstenaar kan alleen nog maar voortbouwen op wat iemand voor hem al eens geprobeerd heeft. En zelfs ironie is passé. Ik heb geen idee wat dat met een mens doet, maar ik vermoed dat het enigszins defaitistisch en ontnuchterend werkt. Het moet fijner leven zijn in tijden waarin ‘neo’ het vaste voorvoegsel is.

Ik heb me altijd afgevraagd waarom we na het modernisme plots van postmodernisme zijn gaan spreken. We hebben geen vat meer op de huidige samenleving, het is nog te vroeg om achterom te kijken of er grote lijnen zichtbaar zijn, dus hebben we er maar een ‘post’ voor gezet. Probleem opgelost. Het is alsof de bouwheren van de gotiek zouden beslissen om zichzelf de postromaanse architecten te noemen. Want laat ons eerlijk zijn : je kerk iets groter bouwen en er andere vensters insteken, leek dat in die tijd echt zo’n groot verschil ?

Het is wachten op perspectief. Nog een jaar of vijfhonderd, en we weten of postdubstep een even grote omwenteling blijkt te zijn. Het zijn spannende tijden.

Geert Zagers (27) observeert en rapporteert vanuit de twilightzone tussen X en Z.

Geert Zagers

Partner Content