"Welke designer zal Melania Trump dragen?" - het is een ogenschijnlijk oppervlakkige vraag die een presidentsvrouw herleidt tot de inhoud van haar garderobe, maar voor Amerikaanse mode-ontwerpers is het kleden van de first lady meer dan een unieke gelegenheid. De jurk die een presidentsvrouw draagt komt immers terecht in het Smithsonian museum, de naam in de neklijn ervan in ieder modeblad. (Jonge) designers hopen om op die manier de volgende Oscar de la Renta te worden, die onder meer Laura Bush en Hillary Clinton voorzag van avondjurken voor het presidentiële bal waardoor zijn naam écht op de kaart gezet werd. Geen onbelangrijke opdracht dus, maar toch hebben heel wat ontwerpers bedankt voor de gelegenheid om hun werk onsterfelijk te maken middels Melania Trump.

Een ontwerper is een creatieve geest die zich uiteraard laat leiden door emoties, stromingen en persoonlijke overtuigingen - hun kleding een canvas, hun shows en campagnes een statement.

Sophie Thealet was de eerste die zich uitsprak over de kwestie toen ze via een open brief net na de Amerikaanse presidentsverkiezingen liet weten dat ze niet van plan was haar pen in te zetten voor de toekomstige first lady. Onder meer Marc Jacobs, Phillip Lim en Derek Lam volgden in haar voetsporen terwijl Rebecca Minkoff, Michael Kors en Cynthia Rowley zijn in dubio zijn. Thom Browne, Diane Von Furstenberg en Tommy Hilfiger lieten dan weer weten vereerd te zijn, of zien het simpelweg als hun taak als Amerikaans mode-ontwerper om kleding te maken zonder vooroordelen, zonder te denken aan wie die kleding zal dragen. Om de opdracht te vervullen.

Maatschappelijke thermometer

Het is een vreemde opmerking komende van mensen die actief zijn in de mode-industrie. De sector doet dienst als een maatschappelijke thermometer, een weerspiegeling van wat onder- en bovenhuids kolkt en inspireert. Een ontwerper is een creatieve geest die zich uiteraard laat leiden door emoties, stromingen en persoonlijke overtuigingen - hun kleding een canvas, hun shows en campagnes een statement. En, zo schrijft ook de Washington Journal, het publiek verwacht dat ook van de industrie. De consument vindt het belangrijk dat modelabels bezig zijn met diversiteit, met de gezondheid van de modellen die ze casten en de boodschap over body image die ze hiermee de wereld insturen. Er wordt verontwaardigd gereageerd wanneer beelden van sweatshops of dierenleed in de media komen, geapplaudisseerd wanneer shirts met slogans op de catwalk voorbij schrijden.

Iemand als Melania Trump kleden is meer dan een opdracht vervullen.

Termen als cis en trans krijgen betekenis en invulling terwijl kleding de gendernormen overstijgt. Klimaatverandering is een agendapunt dat zelfs de Oscars haalt terwijl steeds minder labels denken aan seizoensgebonden designs. We rennen onszelf voorbij en veroorzaken een burn-out epidemie terwijl ontwerpers hun jobs bij grote modehuizen opzeggen omdat het ritme moordend is, een ritme dat in stand gehouden wordt door onze onstilbare consumeerdrang. Er is geen maatschappelijke verandering die zijn afspiegeling niet ziet in het modelandschap, geen modetrends die geen eigen leven gaan leiden buiten de industrie.

Of het leven de kunst imiteert of omgekeerd: zeggen dat het ontwerpen van een avondjurk voor een belangrijke staatsgebeurtenis niet meer is dan je job doen is onzin. Mode is beslissingen nemen die impact hebben, van de eerste vezel in je productieproces over de werkplaatsen waar je ontwerpen in elkaar gezet worden tot de reclamecampagnes waarmee je die kleding aan de man brengt. Melania Trump kleden is meer dan een opdracht vervullen.

Want ontwerpen voor iemand die niet aangesloten is bij de politieke partij van jouw keuze is één ding, ontwerpen voor iemand wiens man groffe uitspraken heeft gedaan over migranten, vrouwen en homoseksuelen terwijl je werkzaam bent in een sector die teert op het geld en de inzet van migranten, vrouwen en homoseksuelen een helemaal andere.

"Welke designer zal Melania Trump dragen?" - het is een ogenschijnlijk oppervlakkige vraag die een presidentsvrouw herleidt tot de inhoud van haar garderobe, maar voor Amerikaanse mode-ontwerpers is het kleden van de first lady meer dan een unieke gelegenheid. De jurk die een presidentsvrouw draagt komt immers terecht in het Smithsonian museum, de naam in de neklijn ervan in ieder modeblad. (Jonge) designers hopen om op die manier de volgende Oscar de la Renta te worden, die onder meer Laura Bush en Hillary Clinton voorzag van avondjurken voor het presidentiële bal waardoor zijn naam écht op de kaart gezet werd. Geen onbelangrijke opdracht dus, maar toch hebben heel wat ontwerpers bedankt voor de gelegenheid om hun werk onsterfelijk te maken middels Melania Trump. Sophie Thealet was de eerste die zich uitsprak over de kwestie toen ze via een open brief net na de Amerikaanse presidentsverkiezingen liet weten dat ze niet van plan was haar pen in te zetten voor de toekomstige first lady. Onder meer Marc Jacobs, Phillip Lim en Derek Lam volgden in haar voetsporen terwijl Rebecca Minkoff, Michael Kors en Cynthia Rowley zijn in dubio zijn. Thom Browne, Diane Von Furstenberg en Tommy Hilfiger lieten dan weer weten vereerd te zijn, of zien het simpelweg als hun taak als Amerikaans mode-ontwerper om kleding te maken zonder vooroordelen, zonder te denken aan wie die kleding zal dragen. Om de opdracht te vervullen.Maatschappelijke thermometerHet is een vreemde opmerking komende van mensen die actief zijn in de mode-industrie. De sector doet dienst als een maatschappelijke thermometer, een weerspiegeling van wat onder- en bovenhuids kolkt en inspireert. Een ontwerper is een creatieve geest die zich uiteraard laat leiden door emoties, stromingen en persoonlijke overtuigingen - hun kleding een canvas, hun shows en campagnes een statement. En, zo schrijft ook de Washington Journal, het publiek verwacht dat ook van de industrie. De consument vindt het belangrijk dat modelabels bezig zijn met diversiteit, met de gezondheid van de modellen die ze casten en de boodschap over body image die ze hiermee de wereld insturen. Er wordt verontwaardigd gereageerd wanneer beelden van sweatshops of dierenleed in de media komen, geapplaudisseerd wanneer shirts met slogans op de catwalk voorbij schrijden. Termen als cis en trans krijgen betekenis en invulling terwijl kleding de gendernormen overstijgt. Klimaatverandering is een agendapunt dat zelfs de Oscars haalt terwijl steeds minder labels denken aan seizoensgebonden designs. We rennen onszelf voorbij en veroorzaken een burn-out epidemie terwijl ontwerpers hun jobs bij grote modehuizen opzeggen omdat het ritme moordend is, een ritme dat in stand gehouden wordt door onze onstilbare consumeerdrang. Er is geen maatschappelijke verandering die zijn afspiegeling niet ziet in het modelandschap, geen modetrends die geen eigen leven gaan leiden buiten de industrie. Of het leven de kunst imiteert of omgekeerd: zeggen dat het ontwerpen van een avondjurk voor een belangrijke staatsgebeurtenis niet meer is dan je job doen is onzin. Mode is beslissingen nemen die impact hebben, van de eerste vezel in je productieproces over de werkplaatsen waar je ontwerpen in elkaar gezet worden tot de reclamecampagnes waarmee je die kleding aan de man brengt. Melania Trump kleden is meer dan een opdracht vervullen. Want ontwerpen voor iemand die niet aangesloten is bij de politieke partij van jouw keuze is één ding, ontwerpen voor iemand wiens man groffe uitspraken heeft gedaan over migranten, vrouwen en homoseksuelen terwijl je werkzaam bent in een sector die teert op het geld en de inzet van migranten, vrouwen en homoseksuelen een helemaal andere.