Paparazzi zijn van alle tijden, en dus ook van 2014. Terwijl ik op een grijze wintermiddag dit artikel schrijf, staan de Franse kranten vol berichten over de affaire van president François Hollande en actrice Julie Gayet.
...

Paparazzi zijn van alle tijden, en dus ook van 2014. Terwijl ik op een grijze wintermiddag dit artikel schrijf, staan de Franse kranten vol berichten over de affaire van president François Hollande en actrice Julie Gayet. Een staatszaak, zowaar. Die bovendien het onmiddellijke gevolg is van een ouderwetse schaduwoperatie door paparazzi. De gereputeerde fotograaf Sebastien Valiela (hij bezorgde precies twintig jaar geleden de eerste foto's van president Mitterrand met diens verborgen dochter Mazarine) verstopte zich in het trappenhuis van een gebouw tegenover het appartement waar de politicus en zijn vriendin geregeld afspraken. Een handlanger vatte post op het trottoir. En daar wachtten ze, geduldig, als roofdieren op hun prooi - fototoestel in de aanslag. Eigenlijk verrichtten de paparazzi slechts half werk. De foto's, die werden gepubliceerd door het weekblad Closer, suggereerden veel, maar bewezen in feite niets. Dat deed er niet toe. Niemand probeerde zelfs maar om de kern van het verhaal te ontkennen. En het werd min of meer bevestigd door het nieuws dat Valérie Trierweiler, de vaste vriendin van de president en feitelijke first lady, was opgenomen in een ziekenhuis, met een zenuwinzinking, of iets wat er sterk op leek. Het gerucht dat Trierweiler eerst in razernij voor drie miljoen euro schade had berokkend aan het presidentieel bureau, werd daarentegen met klem ontkend. Met de hele heisa die erop volgde, werd in Frankrijk ook nog eens het fenomeen van de paparazzi onder de loep genomen. Wie zijn ze, en wat te denken van de eventuele schade die ze aanrichten in de privélevens van celebrity's ? Zijn mensen die ervoor gekozen hebben een openbaar leven te leiden, ook openbaar bezit ? Zijn er grenzen aan journalistiek ? Zijn paparazzi soms ook niet een beetje nuttig ? Zo werd in de nasleep van de affaire-Hollande vastgesteld dat de presidentiële veiligheidsdienst niet echt naar behoren functioneerde. Goed nieuws in elk geval voor de organisatoren van Paparazzi ! Photographes, stars et artistes, een tentoonstelling in het Centre-Pompidou van Metz dat enerzijds de geschiedenis van het journalistieke genre belicht, en anderzijds de verbanden tussen celebrityfotografie en kunst onderzoekt (Andy Warhol, maar ook modefotograaf Helmut Newton lieten zich gretig inspireren door de esthetiek van paparazzi). 2014 begon überhaupt sterk. Enkele dagen voor de storm rond Hollande en Gayet uitbrak, raakte bekend dat een paparazzo had geprobeerd om in de ziekenhuiskamer van de op zijn skilatten verongelukte Michael Schumacher binnen te geraken. De Amerikaanse paparazziwebsite TMZ ging in overdrive toen Justin Bieber achtereenvolgens politie over de vloer kreeg en dronken van achter het stuur van zijn Lamborghini werd gehaald. In Milaan en Parijs zag ik een meer aaibare versie van de paparazzi aan het werk : de celebrityfotografen die tijdens de modeweken postvatten voor de front rows van alle grote defilés. Van gestolen foto's is in hun geval geen sprake, en ook niet van verontwaardigde slachtoffers. De prooien, onder wie dit seizoen Will Smith, Claudia Cardinale, Matthias Schoenaerts, en de jongens van de Koreaanse popgroep Big Bang, laten zich welwillend schieten (ze worden er, in veel gevallen, ook dik voor betaald). Een paparazzo is een celebrityfotograaf met meer durf, minder gêne, en, in de meeste gevallen, een telelens van bazooka-formaat. Hij is een journalist met een slechte reputatie, maar uiteindelijk wel een journalist : hij legt de waarheid bloot, maakt nieuws. Al kun je je natuurlijk wel vragen stellen over de waarde van dat nieuws. "Wat die jongens doen is geen journalistiek meer," zei Daniel Angeli, peetvader van de Franse paparazzi, onlangs in Le Monde, "het is vaststellen van overspel." De term paparazzi, een combinatie van pappataci (muskieten) en ragazzi (jongens) komt, via enkele omwegen, van regisseur Federico Fellini. In zijn La Dolce Vita, uit 1960, wordt het personage Paparazzo opgevoerd als een postmoderne antiheld : een jonge fotograaf zonder scrupules, een bloeddorstige, op schandaal beluste beeldendief. De paparazzo is, in zeker opzicht, het tegendeel van de heldhaftige, alom gewaardeerde, met prijzen en medailles bekroonde oorlogsfotograaf. "We noemen onszelf de ratten", zegt Pascal Rostain, een gevestigde waarde, in de cataloog van Paparazzi ! Zijn collega Francis Apesteguy vergelijkt zichzelf liever met een ander roofdier, de jakhals. "It sneaks around, stops at nothing. It's gross, has no scruples." De paparazzo kruipt op handen en voeten, sorteert afval, loert uren door verrekijkers, als het moet, vermomt hij zich. Hij verkiest het duister : er zijn geen beroemde paparazzi (had u al gehoord van Rostain, Apesteguy of Valiela ?), met de mogelijke uitzondering van Ron Galella, die jarenlang Jacqueline Kennedy Onassis bleef achtervolgen. Toen de voormalige first lady haar bodyguards vroeg het fototoestel van Galella te vernietigen, na een relletje in Central Park in New York, in 1972, sleepte hij haar voor de rechter. Onassis begon op haar beurt een proces. Resultaat : een opdoffer voor Galella, die voortaan op minstens 45 meter afstand van Jackie en haar kinderen moest blijven. Het draait in de paparazzojournalistiek altijd om de sterren. Die zijn soms slachtoffers (ook letterlijk, bijvoorbeeld in het geval van prinses Diana, van wie geopperd kan worden dat ze door fotografen de dood zou zijn ingejaagd, al werd er niemand voor veroordeeld), maar lang niet altijd. Ook in de mise en scène van hun dagelijkse leven (halfnaakt op een paradijselijk strand, in de armen van een bronstige onbekende) worden ze nog verheerlijkt. Soms zijn de foto's ontluisterend, maar dat kan bijdragen tot de mythe : een ster kan alleen herboren worden als ze eerst door de hel is gegaan. En vaak spelen ze het spel gewoon mee : als celebrity kom je maar beter geregeld in het nieuws. Je bent zo weer vergeten. In Frankrijk, en allicht ook elders, worden om de haverklap paparazzishoots gesimuleerd. Een onscherpe foto van een kussend koppel celebrity's is meer waard dan een geposeerd beeld. De winst wordt gedeeld door paparazzo en zijn onderwerp, en de ster bewaart zijn plekje in de spotlampen. Pure paparazzojournalistiek is vulgair, en af en toe loopt een paparazzade slecht af. Maar meestal blijft de schade beperkt tot hier en daar een vuistslag, een tirade, of een proces. In Frankrijk zijn processen tegen roddelbladen een belangrijke bij-verdienste voor celebrity's. In de Verenigde Staten zijn de wetten veel minder strikt : daar mag alles wat op de openbare weg gebeurt, vrij gefotografeerd worden. Er was allicht nooit zoveel vraag naar beelden van sterren op kwetsbare, zeg maar menselijke momenten. Maar dat betekent niet dat het goed gaat met het beroep van de paparazzo. De bladen hebben veel minder geld, en de tarieven op het internet liggen veel lager. De prijzen voor scoops zijn gedaald (volgens de geruchten zo'n vijftigduizend euro voor de beelden van Hollande en Gayet, een laag bedrag omdat alleen Closer ze durfde te publiceren, en er dus geen opbod was). Er is veel meer aanbod, en dankzij onze mobiele telefoons met ingebouwd fototoestel en Facebook/Instagram zijn we (bijna) allemaal paparazzi geworden (we zijn ook allemaal celebrity's, tenminste in ons hoofd, maar dat is een ander verhaal). Bovendien sturen celebrity's tegenwoordig zelf hun onbewerkte, levensechte snapshots de wereld in : Mariah Carey en de kids, Rihanna minus make-up. Zo staan ze dichter bij de mensen. Ze tonen wat ze zelf willen, beslissen hoe ver ze willen gaan. Ze kiezen zelf wat ze prijsgeven. DOOR JESSE BROUNS