De opmerkingen van Eddy Demarez over de Belgian Cats maakten recent nog pijnlijk duidelijk hoe actueel het thema "Not just words" van de Pride is. Zulke uitspraken zijn een reden waarom het zo aangenaam is om even, al is het maar één week per jaar, tussen mensen te zitten waarbij je weet dat je van zulke dingen gespaard wordt. Mensen die je begrijpen, die hetzelfde meemaken en die weigeren om zulke dingen normaal te vinden. Dat gevoel van gemeenschap is belangrijk, zeker als je weet hoeveel LGBTQ-mensen slachtoffer worden van discriminatie of geweld. De uitspraken kwamen fel onder vuur te liggen in de mainstream media, en het gesprek over seksisme en homofobie in de sport en op sportredacties kwam op gang. In mei lanceerde Wel Jong Niet Hetero al een open brief naar minister Ben Weyts om het probleem van LGBTQ in (top)sport aan te kaarten. Het is frustrerend dat het steeds wachten is tot er iets grondig misloopt voor een LGBTQ-gerelateerd thema in de media komt.

Wie staat voor een inclusieve samenleving, zou alle vormen van LGBTQ moeten steunen.

Het is gemakkelijk om boos te zijn op types zoals Demarez. Hij beledigde niet alleen een team dat straffe prestaties heeft neergezet, maar zijn uitspraken konden gewoon niet anders opgevat worden. Veel kwetsende opmerkingen hullen zich in meer verborgen taal. Dat zie je onder meer op sociale media, zodra het over LGBTQ-thema's gaat. Commentaren insinueren er constant dat het "door onze strot geramd wordt", dat men "zich moet gaan schamen om hetero te zijn" of gewoon dat "al dat gendergedoe toch maar onzin is". Zulke uitspraken dragen bij aan een cultuur die LGBTQ'ers steeds weer naar de zijkant dringt, een cultuur die sterk leeft bij de Vlaamse onderbuik. Je mag jezelf zijn, zolang dat gebeurt in stilte en waar niemand het ziet.

Diverse en niet-stereotiepe representatie draagt positief bij aan hoe mensen bepaalde identiteiten bekijken.

In LGBTQ-kringen zullen zeker ook mensen zijn die het daarmee eens zijn. Sommigen vinden het prima zoals het nu is, met een breed legaal vangnet en sociale acceptatie voor homo's en lesbiennes. Mensen verder buiten de marges van het normatieve hebben die luxe minder vaak. Dan denk ik aan trans en non-binaire personen, mensen wier identiteiten kruisen (LGBTQ's die moslim zijn, een beperking hebben, of asiel zoeken, bijvoorbeeld), of bi-, pan- en aseksuele mensen. Als die groepen beledigd of gediscrimineerd worden, wordt de verontwaardiging veel minder gedeeld, ook in de media.

Het ongemak van sommige redacties wat die thema's betreft, schijnt door in bedenkelijke woordkeuzes of repetitieve invalshoeken. Zulke fouten mogen redacties echter niet ontmoedigen, maar zouden hen net de drive moeten geven om bij te leren en beter te doen. Diverse en niet-stereotiepe representatie draagt positief bij aan hoe mensen bepaalde identiteiten bekijken.

De media houden er nog te vaak een sensationele of ondoordachte aanpak op na, waarbij het gesprek over LGBTQ-thema's niet mét, maar over de mensen uit die groep gevoerd wordt.

Wie staat voor een inclusieve samenleving, hoort niet te kiezen welk deel van LGBTQ die wel of niet steunt. Een homovriendelijk imago is niets meer dan een lege doos als er ruimte is voor seksisme, racisme, trans-, lesbo- of bifobie. Dat geldt in het bijzonder voor politici en mediamakers, twee groepen die een aanzienlijke impact hebben op de publieke opinie. Het is aan hen om correcte informatie te verschaffen over LGBTQ-thema's.

België slaat zichzelf op de borst met een LGBTQ-vriendelijk imago, maar tegelijk blijven er politici die non-binaire genderidentiteiten in het belachelijke trekken, het homohuwelijk een brug te ver vinden of trans personen abnormaal noemen. De media houden er nog te vaak een sensationele of ondoordachte aanpak op na, waarbij het gesprek over LGBTQ-thema's niet mét, maar over de mensen uit die groep gevoerd wordt. Als journalisten, tv-makers of opiniemakers dan niet de moeite doen om de correcte termen, voornaamwoorden of informatie te gebruiken, draagt dat bij aan een al zeer gepolariseerd discours. Het is aan mediamakers en politici om zich te informeren en te werken aan inclusiviteit, zonder al dat werk door te schuiven naar LGBTQ-personen.

Surf naar Antwerppride.com voor meer informatie over de evenementen van de Antwerp Pride 2021.

De opmerkingen van Eddy Demarez over de Belgian Cats maakten recent nog pijnlijk duidelijk hoe actueel het thema "Not just words" van de Pride is. Zulke uitspraken zijn een reden waarom het zo aangenaam is om even, al is het maar één week per jaar, tussen mensen te zitten waarbij je weet dat je van zulke dingen gespaard wordt. Mensen die je begrijpen, die hetzelfde meemaken en die weigeren om zulke dingen normaal te vinden. Dat gevoel van gemeenschap is belangrijk, zeker als je weet hoeveel LGBTQ-mensen slachtoffer worden van discriminatie of geweld. De uitspraken kwamen fel onder vuur te liggen in de mainstream media, en het gesprek over seksisme en homofobie in de sport en op sportredacties kwam op gang. In mei lanceerde Wel Jong Niet Hetero al een open brief naar minister Ben Weyts om het probleem van LGBTQ in (top)sport aan te kaarten. Het is frustrerend dat het steeds wachten is tot er iets grondig misloopt voor een LGBTQ-gerelateerd thema in de media komt.Het is gemakkelijk om boos te zijn op types zoals Demarez. Hij beledigde niet alleen een team dat straffe prestaties heeft neergezet, maar zijn uitspraken konden gewoon niet anders opgevat worden. Veel kwetsende opmerkingen hullen zich in meer verborgen taal. Dat zie je onder meer op sociale media, zodra het over LGBTQ-thema's gaat. Commentaren insinueren er constant dat het "door onze strot geramd wordt", dat men "zich moet gaan schamen om hetero te zijn" of gewoon dat "al dat gendergedoe toch maar onzin is". Zulke uitspraken dragen bij aan een cultuur die LGBTQ'ers steeds weer naar de zijkant dringt, een cultuur die sterk leeft bij de Vlaamse onderbuik. Je mag jezelf zijn, zolang dat gebeurt in stilte en waar niemand het ziet. In LGBTQ-kringen zullen zeker ook mensen zijn die het daarmee eens zijn. Sommigen vinden het prima zoals het nu is, met een breed legaal vangnet en sociale acceptatie voor homo's en lesbiennes. Mensen verder buiten de marges van het normatieve hebben die luxe minder vaak. Dan denk ik aan trans en non-binaire personen, mensen wier identiteiten kruisen (LGBTQ's die moslim zijn, een beperking hebben, of asiel zoeken, bijvoorbeeld), of bi-, pan- en aseksuele mensen. Als die groepen beledigd of gediscrimineerd worden, wordt de verontwaardiging veel minder gedeeld, ook in de media. Het ongemak van sommige redacties wat die thema's betreft, schijnt door in bedenkelijke woordkeuzes of repetitieve invalshoeken. Zulke fouten mogen redacties echter niet ontmoedigen, maar zouden hen net de drive moeten geven om bij te leren en beter te doen. Diverse en niet-stereotiepe representatie draagt positief bij aan hoe mensen bepaalde identiteiten bekijken. Wie staat voor een inclusieve samenleving, hoort niet te kiezen welk deel van LGBTQ die wel of niet steunt. Een homovriendelijk imago is niets meer dan een lege doos als er ruimte is voor seksisme, racisme, trans-, lesbo- of bifobie. Dat geldt in het bijzonder voor politici en mediamakers, twee groepen die een aanzienlijke impact hebben op de publieke opinie. Het is aan hen om correcte informatie te verschaffen over LGBTQ-thema's. België slaat zichzelf op de borst met een LGBTQ-vriendelijk imago, maar tegelijk blijven er politici die non-binaire genderidentiteiten in het belachelijke trekken, het homohuwelijk een brug te ver vinden of trans personen abnormaal noemen. De media houden er nog te vaak een sensationele of ondoordachte aanpak op na, waarbij het gesprek over LGBTQ-thema's niet mét, maar over de mensen uit die groep gevoerd wordt. Als journalisten, tv-makers of opiniemakers dan niet de moeite doen om de correcte termen, voornaamwoorden of informatie te gebruiken, draagt dat bij aan een al zeer gepolariseerd discours. Het is aan mediamakers en politici om zich te informeren en te werken aan inclusiviteit, zonder al dat werk door te schuiven naar LGBTQ-personen.