“Doe op voorhand niet te veel research naar je trouwjurk”: advies van de top van de Belgische bruidsmode

Tenzij je een huwelijksboetiek uitbaat of gewoon héél erg geïnteresseerd bent in bruidsmode is de kans klein dat de naam Marylise & Rembo Styling een belletje doet rinkelen. Toch timmert dit familiebedrijf al negentig jaar aan de weg, zijn ze het enige en eerste Belgische bruidsmerk op de prestigieuze Bridal Fashion Week in Barcelona en verschenen ze onlangs nog met hun creaties in Vogue. Weekend.be ging op bezoek bij dit familiebedrijf, dat ondertussen al vier generaties vol Vlaamse bescheidenheid stand houdt.

© Stijn De Wandeleer

Het verhaal begint in 1926, wanneer hoedenmaakster Maria Van Qualle en haar echtgenoot Joseph De Vlieger de al jaren gerenommeerde zaak ‘Le Chapeau’ openen in Antwerpen. Wat begon met hoeden en accessoires kreeg in de jaren zeventig een andere invulling, nadat zoon Carlo in Parijs de opkomst van bruidsmode had gespot. Precies op het juiste moment ook, aangezien hoeden hun gloriejaren achter de rug hadden. Van een kleine shop zouden ze de overschakeling maken naar een grote fabrikant van toch wel de belangrijkste jurken in een vrouwenleven.

Ze doopten hun onderneming Marylise, een samentrekking van de namen van Carlo’s dochters: Maryse en Annelise. De bruidsjurken van Marylise waren een succes in België en toen Carlo’s zoon Werner in de jaren tachtig begon te kijken naar export buiten België ging de bal pas echt aan het rollen. In de jaren ’50 namen ze er het Limburgse label Rembo Styling bij, en het bedrijf dat nu twee bruidsmerken omhelst is nog steeds in handen van de familie.

Vandaag zijn de bruidsmerken beschikbaar in 629 verkooppunten in 20 verschillende landen, van Europa tot Amerika, Rusland en zelfs Japan. Wij spraken met Chiara De Vlieger, achterkleindochter van Maria en Joseph, over de uitdagingen van een (Belgisch) bruidsmodemerk anno 2016.

Hoe moeilijk is het om twee labels met een verschillend DNA toch onder één vlag samen te brengen?

Chiara De Vlieger: “Dat vergt wat organisatie maar eigenlijk gebeurt dat best vlot hier. We hebben dan ook twee verschillende poules van designers, die uiteraard elk hun eigen visie hebben. We hebben echter maar één designroom hier in België waar alle designers een aantal weken per jaar naartoe komen, al zullen ze hier nooit op hetzelfde moment zijn.”

Wat is het verschil tussen beide labels?

De Vlieger: “De Marylisevrouw is meer een klassieke bruid, het meisje dat al heel haar leven droomt van haar perfecte huwelijk en alles tot in de puntjes zal geregeld hebben. Ze weet héél goed hoe haar droomjurk eruit moet zien. Rembo Styling speelt meer in op de iets spontanere bruid die op Pinterest dingen bij elkaar zoekt en zelf af en toe dingen maakt. Het is een beetje meer boho stijl, wat nonchalanter ook.”

Bruiden klikken inderdaad steeds vaker hun ideale huwelijk bij elkaar, hoe spelen jullie in op bijvoorbeeld Pinterest?

© Marylise & Rembo Syling

De Vlieger:Het is ondenkbaar om als bruidsmerk niet aanwezig te zijn op Pinterest, dus we hebben iemand in dienst die zich daar fulltime mee bezighoudt en die eveneens onze andere social mediakanalen onderhoudt. Voor ons is het internet echt wel belangrijk omdat we geen eigen shops hebben; het is onze enige manier om rechtstreeks in dialoog te gaan met onze klant. Het is een harde wereld natuurlijk, want je kan een klant maar één keer binden aan je product, dus je doet je uiterste best om het hele verhaal te laten kloppen. Van jurk tot kapsel tot het eten dat op tafel komt: pas wanneer een bruid het hele plaatje voor zich ziet en dat plaatje klopt, kan ze een beslissing maken.”

Is dat niet moeilijk om dat te controleren? Om te weten of het personeel van de boetieks waar jullie verkocht worden wel het juiste verhaal vertellen?

De Vlieger: “Daarom is het belangrijk om een goede band te hebben met die boetieks. Wij werken in België op basis van exclusiviteit: in een stad zal er bijvoorbeeld maar één winkel zijn die ons verkoopt, en dat schept ook vertrouwen bij de boetieks. In New York en Parijs is de markt natuurlijk veel groter dus daar zijn we in meerdere winkels te koop. We letten er uiteraard wel op dat het exclusieve karakter van het merk bewaard blijft, ook in grootsteden.”

Je haalt net zelf New York aan: helpen programma’s als Say Yes To The Dress, opgenomen in de befaamde Kleinfeldboetiek, de drempel naar een mooie, kwaliteitsvolle trouwjurk verlagen?

© Marylise & Rembo Styling

De Vlieger:“Het grootste probleem waar bruidsmode mee te maken krijgt is niet dat meisjes niet durven binnenkomen, het is net dat ze gaan rondshoppen en tien, twaalf winkels aflopen op zoek naar hun jurk en uiteindelijk door de bomen het bos niet meer zien. Ik denk dat die programma’s dat ook wel in de hand werken. Bovendien is het ook niet realistisch: je ziet daar bruidjes die zonder verpinken duizenden dollars neertellen voor een jurk: zo gaat dat doorgaans niet, en al helemaal niet in Europa. Amerikanen durven écht veel geld uitgeven aan een bruidsjapon, op het extravagante af.”

Goed voor jullie toch?

De Vlieger: “Niet echt, want wij zijn te goedkoop voor hen!” (lacht) “Toen we de eerste keer onze jurken gingen presenteren in de States kregen we wel positieve reacties, maar was er geen enkele boetiek die iets had aangekocht. Als je dagelijks klanten over de vloer krijgt die zeggen dat ze een budget van 5000 dollar of meer hebben, dan ga je geen jurk van 1000 dollar uit de rekken halen, omdat je weet dat er meer te verdienen valt. Zo eerlijk zijn ze daar wel.”

“Nu scoren wij wel heel goed omdat we dat Europees aspect hebben: alle jurken van Marylise en Rembo Styling worden ontworpen in België en geproduceerd in Portugal, met Europese stoffen. Onze afkomst is echt een kwaliteitszegel aan het worden, dus daar proberen we hard op in te spelen, net als op ethisch en ecologisch produceren.”

Ik kan me nochtans niet voorstellen dat trouwjurken materiaal zijn voor sweatshops of massaproductie. Is dat niet veel te delicaat werk?

De Vlieger: “Je zou ervan opkijken. Zeker grote labels durven nogal snel naar China te kijken voor hun productie.”

Jullie stonden enkele weken geleden ook als enige Belgische merk op de gerenommeerde Barcelona Bridal Fashion Week, hoe ging dat?

De Vlieger: “Als enige én als eerste Belgische merk. Dat was behoorlijk spannend, omdat de Spaanse bruidsmarkt behoorlijk klassiek is en ze daar echt al toppers hebben, denk maar aan Pronovias. Ik heb wel een paar nachtjes slaap gelaten om die show, omdat ik niet wist of onze meer relaxte en bohémien ontwerpen van Rembo Styling daar wel zouden aanslaan.”

En?

De Vlieger: “Wel, één van onze jurken is verschenen in de Spaanse Vogue, dus ik denk wel dat we mogen zeggen dat het een succes was.”

De Vlieger: “Dit trouwseizoen doen vooral de jurken met een gewaagde rug het erg goed. Er is ook veel vraag naar soepele stoffen, naar zachte kant en crêpe. Enkele van onze jurken bij Rembo Styling spelen daar echt op in en voelen bijna aan als een T-shirt. Tricot is ook in opmars – voor enkele van onze jurken hebben we nu wat bijpassende knitwear, zoals een sjaal of een vest, waarin dan kant van de jurk verweven kan worden.”

Is het niet moeilijk om constant te blijven vernieuwen als bruidsmodemerk? Een trouwjapon is uiteindelijk toch altijd een trouwjapon, en die moet toch ook een beetje tijdloos blijven..

© Marylise & Rembo Syling

De Vlieger: “Klopt, al spelen we bij Rembo Styling toch wel een beetje in op het huidige modebeeld, omdat die bruid daar doorgaans ook gevoeliger voor is. Maar inderdaad, echt trendy moeten we niet gaan worden. Elke collectie bestaat uit een zestigtal designs, en we brengen één collectie per jaar uit, wat wil zeggen dat onze designers ieder jaar 120 jurken uit hun tekenpen moeten toveren. Dat is heel wat natuurlijk, maar gelukkig kunnen we rekenen op een heel gevarieerd team ontwerpers die elk andere interessevelden en dus andere inspiratiebronnen hebben. Binnenkort komen we trouwens met een échte leuke nieuwigheid…”

Vertel?

De Vlieger: “We gaan het MTM-principe toepassen bij zowel Marylise als Rembo Styling. Made to measure dus, zoals bij herenkostuums. Dat is redelijk uniek voor een bruidslabel. Meestal nemen ze in de winkel je maten op en dan bestellen ze bijvoorbeeld bij ons een maat veertig, en nemen ze dat nog wat in aan de heupen of aan de armen. Dankzij MTM vertrekken we niet vanaf de jurk maar vanaf het lichaam van de klant. In juli starten we met de testfase voor de winkels.”

© Marylise & Rembo Syling

Het klinkt geweldig, maar brengt dat niet ontzettend veel extra werk met zich mee?

De Vlieger: “Er moeten een altijd aanpassingen gebeuren, want niemand is overal een maatje 38 of 42. Die aanpassingen nemen sowieso veel tijd en werk in beslag. Het wordt ook steeds moeilijker om goede retoucheuses te vinden die met dat soort specifieke stoffen aan de slag kunnen. Op termijn denk ik dat het zowel voor ons als voor de winkel veel makkelijker wordt om zo te werken, en voor de klant al helemaal natuurlijk.”

Even tussen ons: die “klik” waar men van spreekt bij het uitkiezen van de perfecte jurk, bestaat dat echt of maak je jezelf zo op voor een teleurstellende ervaring?

De Vlieger: “Ik dénk wel dat er een soort klik-moment is, maar veel hangt af van de omgeving. Neem enkel mensen mee die jouw smaak kennen en je mening respecteren – zelfs al wil dat zeggen dat je je moeder en je beste vriendin moet thuislaten – en probeer op voorhand niet té veel research te doen. Verkoopsters krijgen soms meisjes in de winkel die de collectie al beter kennen dan zijzelf. Op die manier ga je niet verrast worden – je weet al hoe de jurk eruit ziet. Sterker nog: je weet al hoe de jurk eruit ziet op een professioneel model, dat waarschijnlijk uren in de make-up heeft gezeten en heel lang heeft moeten poseren om dat ene perfecte plaatje te bekomen.”

(KS)

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content