Wat er met de modeweken moet gebeuren, blijft nog een vraagteken. Maar verder lijkt het in de modesector terug business as usual, na een lange, relatief rustige maand augustus (die alleen werd onderbroken door #teddygate). Gisteren onthulde het Romeinse huis Fendi dat Kim Jones voortaan de damescollecties zou ontwerpen -- hij blijft tegelijk verantwoordelijk voor de mannenlijn van Dior -- en ontketende luxegroep LVMH een diplomatieke oorlog tussen Frankrijk en de Verenigde Staten door de geplande overname van juwelier Tiffany te annuleren.
...

Wat er met de modeweken moet gebeuren, blijft nog een vraagteken. Maar verder lijkt het in de modesector terug business as usual, na een lange, relatief rustige maand augustus (die alleen werd onderbroken door #teddygate). Gisteren onthulde het Romeinse huis Fendi dat Kim Jones voortaan de damescollecties zou ontwerpen -- hij blijft tegelijk verantwoordelijk voor de mannenlijn van Dior -- en ontketende luxegroep LVMH een diplomatieke oorlog tussen Frankrijk en de Verenigde Staten door de geplande overname van juwelier Tiffany te annuleren.Vanmorgen kwam er nieuws van Courrèges. Dat Franse merk introduceerde eindelijk een opvolger voor de artistiek directeur Yolanda Zobel, die op 3 januari werd bedankt voor bewezen diensten. De nieuwe ontwerper is een Belg: Nicolas Di Felice studeerde aan La Cambre in Brussel en begon in 2008 zijn loopbaan bij Balenciaga, onder Nicolas Ghesquière. Hij bleef er zes jaar, werkte nadien even voor Raf Simons bij Dior en vervoegde Ghesquière bij Louis Vuitton in 2015. Di Felice, intussen 37, is niet de eerste ontwerper uit de entourage van Ghesquière die het tot een topbaan in de mode schopt: hij werd voorafgegaan door Julien Dossena, intussen creatief directeur van Paco Rabanne, en Natacha Ramsay-Levi, creatief directeur van Chloé. Hij is, net als die andere ontwerpers, een man uit de coulissen, over wie weinig bekend is.'Ik heb altijd gedroomd van Courrèges,' aldus Di Felice in een officieel, typisch nietszeggend statement vanmorgen. 'Het is een huis dat veel voor mij betekent en waarin ik mezelf kan zien.' Di Felice prijst 'de eenvoud, de helderheid en het optimisme' van Courrèges. 'Ik ben vereerd om die waarden te kunnen doorgeven, en ik hoop dat te doen met evenveel passie en enthousiasme als de stichter van het huis.' Hoe hij die passie en dat enthousiasme creatief gaat uitdrukken, valt af te wachten.De switch werd eerder vandaag ingeluid op Instagram, met een grid klassiekers uit de archieven van het huis, gerangschikt volgens de kleuren van de regenboog, in de stijl van de immer vrolijk kakelende opruimgoeroes van The Home Edit.Courrèges is een historisch belangrijk modehuis, maar recente en minder recente pogingen om het opnieuw van de grond te krijgen waren niet bijzonder succesvol.André en Coqueline Courrèges begonnen hun bedrijf in 1961 met financiële hulp van Cristobal Balenciaga, waar het echtpaar jarenlang had gewerkt. Courrèges maakte ophef met futuristische minirokken, pantalons en laarsjes van wit vinyl. Wit was de geprefereerde kleur van de ontwerper ("Ik wil het licht laten binnenkomen in mijn kleren," zei hij in 1965), en PVC en vinyl zijn uitverkoren materialen. Hij vond zelf dat hij, en niet Mary Quant, de minirok had uitgevonden. De waarheid ligt allicht ergens tussenin: de Fransman en de Britse kwamen ongeveer tegelijk op het idee. Met Paco Rabanne en Pierre Cardin preekte Courrèges voor een jonge, moderne mode. Hij was een visionair, en zijn stijl werd vaak gekopieerd. In 1965, na amper zeven collecties, zette een woeste, verontwaardigde Courrèges een punt achter zijn merk. "We zullen niet langer gekopieerd worden omdat we voortaan onszelf gaan kopiëren," zei hij. Het atelier werd getransformeerd tot een laboratorium, waar Courrèges twee jaar lang uitsluitend voor een groepje geprivilegieerde klanten werkte, ver van pers en winkels.In 1967 werd Courrèges geherlanceerd, met een investering van beautygigant L'Oréal en de Banque Nationale pour le commerce et l'industrie. De kapitaalsverhoging gaf financiële ruimte voor een betaalbare prêt-a-porter lijn, Couture Future; een couturecollectie, Prototype; en een sportswearlijn, Hyperbole. Het merk was in die periode bijzonder succesvol. Filosoof Roland Barthes werd door tijdschrift Marie Claire gevraagd om de "match Chanel-Courrèges" van commentaar te voorzien. Chanel stond voor traditie, vond hij, en voor een stijl, terwijl Courrèges mode en vernieuwing uitdrukte. In 1968 ontwierp Courrèges een elektrische auto en stuurde hij zijn legendarische Space Age-collectie over de catwalk (wit, zilver, transparant). Een jaar later kleedde hij actrice Romy Schneider in twee van haar grootste films, La Piscine en Les choses de la vie. In de jaren zeventig opende het merk 125 minimalistisch ingerichte boetieks en lanceerde het een eerste parfum, Empreinte, top drie in Frankrijk.Maar in de eighties ging het bergaf met Courrèges. De futuristische stijl van het merk leek plots heel erg verouderd -- ironisch, toch wel -- en een deal met nieuwe, Japanse investeerders verzuurde. Toen André en Coqueline in 1994 het bedrijf opnieuw zélf in handen kregen, veranderde er weinig. André Courrèges, die jarenlang kampte met Parkinsons, showde nog een laatste keer in 2002. Hij overleed in 2016. Coqueline Courrèges stond aan het hoofd van de studio van 1995 tot januari 2011, en ontwierp in die periode, naast de klerencollecties, verschillende nieuwe prototypes voor bubbelvormige elektrische auto's, een passie sinds haar jeugd (in 2018 brak ze op haar 78ste nog een wereldrecord op het circuit van Monthléry).Bijna tien jaar geleden kwam het huis in handen van een stel reclamemakers zonder ervaring in de mode. 'Het merk is ingeslapen,' zeiden Jacques Bungert en Frédéric Torloting van Young & Rubicam, 'maar het is niet beschadigd.' De wederopstanding bleek nochtans gecompliceerd en het duurde tot 2015 voor Courrèges opnieuw op de kaart werd gezet door ontwerpers Sébastien Meyer en Arnaud Vaillant, die eerder het onafhankelijke merk Coperni hadden gelanceerd. Maar hun inbreng bleek geen triomf. Hun eerste show voor het label had meer weg van een keynote-presentatie en ook de collectie van amper vijftien stukken sprak niet onmiddellijk tot de verbeelding. Het ontbrak het duo niet alleen aan een visie, maar ook aan emotie, of ten minste de middelen om die emotie over te brengen.Sinds 2018 is Courrèges in handen van Artémis, een investeringsvehikel van de familie Pinault, het imperium achter de luxegroep Kering (Gucci, Saint Laurent, Balenciaga, Bottega Veneta et cetera). Meyer en Vaillant werden in 2018 vervangen door Yolanda Zobel, die eerder had gewerkt voor Jil Sander en Acne Studios. Zobel deelde met André en Coqueline Courrèges een futuristische visie op mode, maar dan aangepast aan de eenentwintigste eeuw. Plastic was modern in de sixties, maar is dat niet langer, en de ontwerpster besloot om de voorraad van zesduizend meter vinyl in de opslagruimte van het merk nog te gebruiken (met name voor een capsulecollectie, La Fin du Plastique), maar om daarna voorgoed te verzaken aan het materiaal, en de voorkeur te geven aan bamboe en gerecylceerd polyester, voor een gelijkaardig effect. De laatste, uitstekende show van Zobel voor Courrèges vond plaats langs weerszijden van het Canal Saint-Martin in Parijs. Het is niet duidelijk wat er mis is gegaan tussen ontwerper en label, maar allicht lagen de verkoopcijfers beneden de verwachtingen.Het is nu aan Nicolas Di Felice om Courrèges opnieuw uit de startblokken te krijgen, en om een stijl te ontwikkelen die duidelijk verschilt van wat Julien Dossena doet bij Paco Rabanne, of Anthony Vaccarello bij Saint Laurent. Ontwerpers die, net als Di Felice, afgestudeerd zijn van La Cambre. Courrèges heeft met zijn ene winkel niet de financiële slagkracht van Saint Laurent, en kan ook niet steunen op een gigantische parfumbusiness, zoals Rabanne. De uitdaging is dus groot. Zijn eerste collectie wordt onthuld tijdens de modeweek van februari. In afwachting lanceert Courrèges dit najaar een aantal heruitgaves van klassieke stukken, exclusief voor het vlaggenschip van het label in Rue François 1er in Parijs.