Wat maakt Closed zo anders dan andere jeanslabels?
...

Wat maakt Closed zo anders dan andere jeanslabels? 'Het verbaast me dat mijn werk nog steeds relevant blijkt. Wat het geheim is? Geen idee. We spreken mensen aan, omdat we iets anders doen dan de rest. We waren in de jaren 80 het eerste merk dat de regels brak in Amerika (Girbaud introduceerde onder meer de brede jeans die een hit werd in de rapscene, red.). Gordon Giers, CEO van Closed, vroeg me om opnieuw iets samen te doen en ik stemde toe. Maar ik maak andere dingen nu, ik weet nu beter wat ik doe.' Heeft het dan te maken met de ninetiesrevival? 'Ik woon nu in L.A. en zie ze daar de vintage stukken oppikken. Dat is dan de mode van vandaag. Het draait tegenwoordig ook te veel om seizoenen, niemand heeft nog een langetermijnvisie. Er zijn te veel mogelijkheden en dat fnuikt de creativiteit.' Jeans heeft ook wat ecologie betreft een slechte naam... 'Met Closed hebben we altijd naar duurzaamheid gestreefd. Na het vallen van de Berlijnse Muur zag ik al die mensen uit het Oostblok komen in hun acid washed jeans en toen werd ik echt bezorgd. Intussen kunnen we jeans zonder water en met minder chemicaliën produceren, we gaan zuiniger om met energie en met de mensen die in de fabrieken werken. Levi's lanceert nu pas een duurzaamheidsprogramma, en ook al bouwt het voort op mijn werk, ik ben daar blij om. Organische jeans bestaat trouwens niet, vanuit ecologisch standpunt zouden we gewoon geen katoen mogen gebruiken. De vraag voor de volgende generatie is eigenlijk: willen we genoeg voedsel voor iedereen of een nieuwe jeans? Het wordt hoog tijd voor de overheden om door de zure appel heen te bijten en te zeggen wat kan en wat te gevaarlijk is voor de consument. Ecolabels zijn niet voldoende. De consument wil weten wat de gevolgen zijn van een aankoop.' Zit er een bepaalde filosofie achter de collectie? 'Och, dat idee over een collectie is belachelijk. Het draait om wat mensen willen. Ze willen een jeans, geen retro-idee met een knipoog naar Marlon Brando. Ze wonen in de stad, rijden veel met de fiets, het regent weleens, dus willen ze een jeans die snel droogt. Het dagelijks leven brengt bepaalde noden met zich mee, het is belangrijk om die te kennen. Voordat ik met een ontwerp begin, stel ik de functionaliteit ervan in vraag. Alles is tegenwoordig stretch, maar daarbij vergeet men rekening te houden met vormen en rondingen, de patroonmaker moet er een model in stoppen. Maar die patronen zijn vaak plat met gewoon een voor- en achterkant. Al die cameltoes overal, dat vind ik niet mooi. Je wilt iets dragen dat je flatteert, dat je lichaam corrigeert. Ik werk daarom in drie dimensies, een ontwerp is eigenlijk een sculptuur.'