Anderhalf jaar geleden verklaarde ze nog in een interview met Weekend Knack : "Ik hoef geen topmodel te worden en tot het clubje van de 'allergrootsten' te behoren." Vandaag is Elise Crombez net dat. Nian Fish van KCD, de producer van de belangrijkste modeshows, noemt haar de ster van dit seizoen. "She's Belgian, but she's a sexy Belgian", zegt ze in een interview met de Amerikaanse pers. Waarmee ze wil zeggen dat Elise anders is dan haar voorgangsters. Meisjes als Delfine Bafort en Hannelore Knuts waren enkele seizoenen geleden erg in trek omwille van hun karakterkopjes, maar vandaag telt opnieuw klassieke schoonheid. Een gespierd lichaam en regelmatige gelaatstrekken, Elise Crombez heeft het allemaal. In 1999 werd ze ontdekt tijdens de Miss Mannequin-verkiezing in Roeselare, net als dat andere wereldberoemde model Ingrid Seynhave. En enkele maanden later stond ze al op de cover van Weekend Knack. De internationale doorbraak volgde nadat ze een exclusiviteitscontract tekende met Prada.
...

Anderhalf jaar geleden verklaarde ze nog in een interview met Weekend Knack : "Ik hoef geen topmodel te worden en tot het clubje van de 'allergrootsten' te behoren." Vandaag is Elise Crombez net dat. Nian Fish van KCD, de producer van de belangrijkste modeshows, noemt haar de ster van dit seizoen. "She's Belgian, but she's a sexy Belgian", zegt ze in een interview met de Amerikaanse pers. Waarmee ze wil zeggen dat Elise anders is dan haar voorgangsters. Meisjes als Delfine Bafort en Hannelore Knuts waren enkele seizoenen geleden erg in trek omwille van hun karakterkopjes, maar vandaag telt opnieuw klassieke schoonheid. Een gespierd lichaam en regelmatige gelaatstrekken, Elise Crombez heeft het allemaal. In 1999 werd ze ontdekt tijdens de Miss Mannequin-verkiezing in Roeselare, net als dat andere wereldberoemde model Ingrid Seynhave. En enkele maanden later stond ze al op de cover van Weekend Knack. De internationale doorbraak volgde nadat ze een exclusiviteitscontract tekende met Prada. Sindsdien is Elise Crombez niet meer verdwenen van de moderadar. Zo is ze deze winter te bewonderen in de publiciteitscampagnes van Helmut Lang en Ralph Lauren. En tijdens de modeweken in Milaan en Parijs liep ze haast alle defilés, vaak zelfs bij de eerste passage. Ze is dus op dit moment de topfavoriete van de ontwerpers. En ook fotografen zien haar graag voor de lens. Shoots met Steven Meisel, David Sims en Mario Testino verschenen in magazines als ID, Vogue en Harper's Bazaar. De New Yorkse modegoeroe Simon Doonan noemt haar the Belgian catwalk star du jour. Om het zover te schoppen in het modewereldje, moet je meer dan alleen maar mooi zijn. Crombez' sterstatus getuigt van doorzettingsvermogen, maar het mooiste aan haar is dat ze zonder kapsones met de voeten op de grond blijft. ( PB) Het minste wat je van autodesigner Luc Donckerwolke kan zeggen, is dat hij niet honkvast is. Hij werd geboren in 1965 in Lima (Peru), volgde lager onderwijs in Burundi, Peru, Panama en Paraguay, en maakte zijn middelbare studies af in Senegal en Rwanda. Toch wist al dat gereis hem niet van zijn ultieme droom af te brengen om auto's vorm te geven. Nadat hij in Brussel als industrieel ingenieur afstudeerde, haalde hij een Transportation Design Degree in het Zwitserse Vevey. Op zijn 25ste kon Donckerwolke aan de slag in het Advanced Styling Center van Peugeot. Daar werd hij opgemerkt door de ontwerpers van de Volkswagen-groep, waar hij elf jaar geleden neerstreek. De polyglotte Belg (Italiaans, Frans, Spaans, Engels, Duits, Nederlands en Swahili) verbaasde de wereld eerst met de eigenzinnige Audi A2 en vervolgens met de Audi R8 Le Mans, die drie keer de befaamde 24-uurrace won. Sinds vijf jaar is Donckerwolke chief designer bij Lamborghini, waar hij achtereenvolgens de Murcielago, de Barchetta en dit jaar de Gallardo vorm en inhoud gaf. Donckerwolke heeft een passie voor oldtimers en nieuwe racewagens. Hij verzamelt polshorloges, miniatuurautootjes en prijzen : twee keer was hij Designer of the Year, en vorig jaar kreeg hij in Detroit de Eyes on Design Award en in Italië de prijs voor L'automobile piu bella del mondo. Dit jaar won hij een Red Dot Award voor zowel de Murcielago als voor de Gallardo. ( PD) Als Belgisch designer deed Xavier Lust zich het afgelopen jaar zowel nationaal als internationaal opmerken. In 1969 werd hij geboren in Brugge, maar al jaar en dag woont hij in Brussel, waar hij na zijn studies interieurarchitectuur aan het Sint-Lucas Instituut zijn eigen designbureau oprichtte. Wellicht daardoor bleef zijn naam in Vlaanderen relatief onbekend, hoewel hij al tien jaar consequent meubels ontwerpt. Lusts favoriete materiaal is metaal, maar toch is zijn werk verre van koel. Baanbrekend is het wel : eenvoudige elegantie en functionaliteit gecombineerd met een pure en tijdloze vorm. Een belangrijke doorbraak kwam er in 2000 met Le Banc : niet meer en niet minder dan een lange reep aluminium, geplooid met een eenvoud en vakmanschap die respect afdwingen. Le Banc wordt geproduceerd door het Italiaanse MDF en kreeg het gezelschap van La Table (volgens hetzelfde principe), waarmee Lust onlangs genomineerd werd voor de prestigieuze designprijs Compasso d'Oro ADI 2004. Een ander succesnummer van het afgelopen jaar is de Picnik, een buitentafel die Lust samen met Dirk Wynants van Extremis ontwierp. Ook hier is het uitgangspunt een stuk aluminium, dat op de juiste manier versneden en geplooid een tafel met zitbanken wordt. In fris groen en hemelsblauw kon ze op de meubelbeurs van Keulen op veel internationale bijval rekenen. En in Milaan dit jaar presenteerde Lust de experimentele buffetkast Crédence bij De Padova, een ontwerp dat zeker nog van zich zal doen spreken. Een en ander resulteerde ook in een waardering in eigen land. Zo werd zijn werk geselecteerd voor de tentoonstelling Iconen van design in Vlaanderen en kreeg hij zopas de Henry Van de Velde Prijs voor Jong Talent (zie de rubriek Pousse-Café in Weekend Knack van vorige week). ( HV) De opening van de boetiek van Daniël Ost in de Brusselse Koningsstraat kon in ons land op heel wat mediabelangstelling rekenen. De avond van de inhuldiging zagen we op de televisie een stralende Catherine Deneuve, omringd door Brusselse hoogwaardigheidsbekleders, die Ost toefluisterde : "Dit is mijn cadeau voor u." De groep Japanners die speciaal voor het evenement naar Brussel was gekomen, stond sprakeloos. Ost vertelde hoe lang de weg was geweest van Sint-Niklaas naar Brussel, maar "nog langer de weg tussen het café van mijn vader en het Onze-Lieve-Vrouwplein" (waar zijn boetiek in Sint-Niklaas is gevestigd). Geen enkele bloemenkunstenaar heeft een adresboekje als dat van Daniël Ost, maar hij houdt het discreet gesloten. Hij kan bogen op ongelofelijke referenties, van Tokio tot Miami, van Parijs tot Laken. Sinds het huwelijk van Laurent en Claire kan het grote publiek een naam kleven op de man die de kathedraal bij koninklijke plechtigheden in de bloemen zet. Daniël Ost, geboren in 1955, heeft het meesterschap bereikt als ambachtelijke bloembinder in de letterlijke zin van het woord. Verscheidene boeken getuigen van wat hij kan doen met bloemen, bladeren en takken. Maar geen enkele publicatie kan een totaalbeeld geven van het moment en de plek waar de compositie werd gecreëerd. Ost is een van de weinige artiesten van wie we de meesterwerken telkens opnieuw kunnen bewonderen, terwijl ze bestemd waren om te verdwijnen vanaf het ogenblik dat ze bestonden. ( JPG) n