Een kwartier te laat komt hij het Amsterdamse Café Scheltema binnenlopen, zich uitputtend in verontschuldigingen. Hij moest nog even snel bij de dokter langs want er was iets mis met zijn bloed, daar hadden ze hem die ochtend vroeg over gebeld. Een grote zware man met een vermoeid gezicht, in slobbertrui en parka, jeans en modieuze schoenen. Vraagt na een tijd of hij een sigaartje mag opsteken, omdat hij nerveus wordt van ons gesprek. Gerard Mulder (59), die in De bokkensprong het verhaal doet van zijn liefde voor een tweeëntwintig jaar jongere vrouw, Laura. Zij laat hem uiteindelijk vrij snel achter. "Dumpt hem", zegt hij, wanneer hij hartklachten krijgt en zijn baan als adjunct-hoofdredacteur van het weekblad HP/De Tijd kwijtraakt. Laura, de tsunami in zijn leven, waarin alles werd verzwolgen : huis, baan, gezondheid en een relatie van achttien jaar met de vrouw die Mulder in het boekje Ingeborg noemt.
...

Een kwartier te laat komt hij het Amsterdamse Café Scheltema binnenlopen, zich uitputtend in verontschuldigingen. Hij moest nog even snel bij de dokter langs want er was iets mis met zijn bloed, daar hadden ze hem die ochtend vroeg over gebeld. Een grote zware man met een vermoeid gezicht, in slobbertrui en parka, jeans en modieuze schoenen. Vraagt na een tijd of hij een sigaartje mag opsteken, omdat hij nerveus wordt van ons gesprek. Gerard Mulder (59), die in De bokkensprong het verhaal doet van zijn liefde voor een tweeëntwintig jaar jongere vrouw, Laura. Zij laat hem uiteindelijk vrij snel achter. "Dumpt hem", zegt hij, wanneer hij hartklachten krijgt en zijn baan als adjunct-hoofdredacteur van het weekblad HP/De Tijd kwijtraakt. Laura, de tsunami in zijn leven, waarin alles werd verzwolgen : huis, baan, gezondheid en een relatie van achttien jaar met de vrouw die Mulder in het boekje Ingeborg noemt. Bij momenten is De bokkensprong schrijnend en soms hilarisch. Een collega-journalist noemt Gerard Mulder "een analytische geest". Laura noemt hem in een kort stukje in Het Parool, de krant waarin Mulder op vrijdag een column heeft, "een moeilijke, rechtlijnige en rare man, maar niet gemeen." Het stoort haar in dat stukje, wederwoord op een interview met hem, dat hij "een romantische ziel" blijkt, die al zijn kaarten op haar had gezet. Er zijn - ondertussen publieke - meningsverschillen tussen Mulder en Laura over de duur van de affaire, over de manier waarop het uit raakte. Maar dat ligt misschien meer aan de zeer verschillende manier waarop ze tegen die periode in hun leven aankijken, of tegen de liefde tout court. Het gebeurt iedere dag : oudere man ruilt vrouw van zijn leeftijd in voor een veel jonger exemplaar. De wetenschap dat bij zo'n affaire slechts 15 procent een duurzame relatie oplevert, zal daaraan niets veranderen. Mulder valt uit de lucht als ik hem dat vertel. Over het fenomeen is nog maar weinig geschreven, niet in het Nederlands althans. En iedereen wil wel weten hoe dat gaat, wil peilen naar het waarom. Vandaar allicht dat Mulders boekje zoveel belangstelling kreeg en krijgt. Waarom schrijft iemand überhaupt (zou Laura zeker een ouwelullenwoord vinden) zo openhartig over zijn eigen ellende ? Iemand die als journalist toch al voor een stuk tot het publieke leven behoort. ? Gerard Mulder : Ik dacht de vrouw van mijn leven gevonden te hebben. Het idee voor dit boek kreeg ik toen de relatie bloeide. Het viel mij op dat de buitenwereld heel negatief was over die relatie. Dat verbaasde mij, vooral hier in Amsterdam waar alles kan. Ik wou dus schrijven over de problemen met het leeftijdsverschil, waarvan ik het idee had dat deze druk zette op de relatie. Laura was van dat plan op de hoogte, het flatteerde haar. De eerste versie die al bij de uitgever lag toen ze mij dumpte en ik in het ziekenhuis terechtkwam, had een open eind, zeker geen gelukkig eind. Er ging steeds meer mis met mijn gezondheid, Laura zag mijn klachten als chantage om haar tot samenwonen te dwingen. Natuurlijk heb ik mij afgevraagd of ik in handen van een bedriegster gevallen ben. Heb ik me te makkelijk laten wijsmaken dat er iets was ? Ik heb destijds geen aanwijzingen gekregen van Laura dat het niet écht was. Sterker nog, ik dacht in het begin dat het niet waar kon zijn. Ik was achterdochtig. Heb tot vier keer toe tegen haar gezegd : laten we elkaar maar niet meer zien. Laten we er maar van uitgaan dat dit niet kan, vanwege het leeftijdsverschil, vanwege de omstandigheden. We zaten allebei in een relatie, ik was haar chef... Meer wantrouwen kun je toch niet opbrengen ? Dat zij zich vervolgens telkens weer in mijn leven wurmde, was aanleiding voor mij om te denken : het moet wel echt zijn. We meden elkaar altijd een paar weken en vervolgens was ze er weer. Voor mij was Laura de vrouw van mijn leven. Ik ben zeker niet in handen gevallen van een bedriegster, maar wel van iemand wier gevoelens uiteindelijk toch niet echt bleken. Zo heb ik het niet ervaren. Freelancejournalisten zijn in Nederland van zo'n laag niveau, dat ik dolblij was eindelijk eens iemand tegen te komen aan wie de moeite besteed was. Daar was ik helemaal weg van. Ontzettend gevleid was ik, omdat Laura zich vakmatig verbeterde door de aandacht en moeite die ik aan haar wijdde. Dat was een vruchtbare zakelijke verstandhouding maar niet meer dan dat. Ook al omdat ik een van die mannen ben die bij een mooie vrouw denkt : die kan iedereen krijgen, dus hoeft ze mij niet. Natuurlijk, maar dat zegt niets. In de tweede seconde denk ik dan : die vrouw kan iedere man krijgen, dus wil ze mij niet, want ik ben een lelijke oude man. Ik ben nooit een macho geweest. Dat is een misvatting. Als jij denk dat dit machismo is, dan heb je altijd geleefd met illusies die mannen jou hebben opgedrongen. Wat ik zeg, geldt voor iedere man. Op een gegeven moment ben ik opgehouden met tegen vrouwen iets te zeggen over die driekwartsecondetheorie, omdat ze er helemaal door van slag geraken Ik ben helemaal geen uitzondering, alle heteroseksuele mannen functioneren zo. Alleen zegt bijna geen enkele man dat. Mannen die dit relativeren zijn leugenaars die bij vrouwen in de smaak willen vallen. De mannen die eerlijk zijn, geven het onomwonden toe. Een week geleden nog zat ik in een café en ik werd op mijn schouder getikt door een mij volkomen onbekende jonge man. Die zei : "Alles is waar !"Neen. Er komt geen herkansing, het is onherroepelijk en dat scannertje draait altijd. Ideaal zou natuurlijk zijn, dat als een man iets wil met een vouw, dat zou gaan op basis van weging van alle eigenschappen. Maar zo is het dus niet. Echt waar. Ik weet heel goed dat ik me hierdoor niet populair maak. Ik ben alleen een beetje eerlijker dan de andere mannen. Echte vrouwenversierders geven mij allemaal gelijk. Maar ze zullen het je niet vertellen. Nee, het wordt geen tweede natuur. De problemen zijn te overwinnen als die veel jongere vrouw tamelijk zeker is van zichzelf, weet wie ze is en achting heeft voor zichzelf. Naarmate een vrouw onzekerder is, en daardoor gevoeliger voor meningen en oordelen van de buitenwereld, wordt het een groter probleem. En dan gaan details als kleding, taal en gewoontes een rol spelen, dat is mijn ervaring. Er zullen vast wel jongere vrouwen zijn die een groot gevoel van eigenwaarde hebben, die zich daardoor ook minder storen aan het leeftijdsverschil. Je moet er inderdaad niet mee te koop lopen dat je meer weet of meer ervaring hebt. Je moet beschikbaar zijn op afroep. Niet zelf de hele tijd laten zien : ik weet zoveel, ik kan zoveel. Je moet terughoudend zijn. Niet berekenend, denk ik. Als het berekenend was, dan had de relatie zich veel sneller ontwikkeld. Meer dan een jaar was de verstandhouding met Laura gewoon zakelijk. Als het erom ging mij in te palmen omdat ik haar van alles te bieden had, dan zou het waarschijnlijk sneller gebeurd zijn. Misschien is het oordeel van de wereld dat ik naïef ben. Misschien ben ik dat ook wel een beetje, als het over mijzelf gaat. Er zit een raar verschil tussen mijn houding ten opzichte van de buitenwereld en ten opzichte van mezelf. Misschien ben ik naar de buitenwereld tamelijk reëel, zelfs cynisch. Ik heb ironisch genoeg een column in Het Parool met de titel Argwaan. Ik ben ten overstaan van de rest van de wereld buitengewoon argwanend, maar niet ten overstaan van mezelf. Aan de andere kant heb jij als lezer van het boekje de indruk dat je alles kunt zien aankomen, maar ik kon dat in de gegeven omstandigheden niet. Ik zit nog steeds te suizebollen van alles wat gebeurd is. Ik snap nog steeds niet waarom. Ik heb mijn leven verwoest door die geschiedenis. Vreselijke dingen heb ik gedaan. Ik heb Ingeborg een enorme opdonder verkocht en mezelf ook niet te vergeten. Ik was alles kwijt, ik was mijn leven kwijt. De dag toen ik, half juli vorig jaar, uit het ziekenhuis kwam en mij realiseerde dat àlles weg was, betekende het volslagen dieptepunt in mijn leven. Die dag wel. Het is de eerste en enige keer dat ik dacht: het zou beter zijn als ik er niet meer was. Want hier wist ik geen oplossing voor. Geen vrouw, geen huis, geen leven, geen gezondheid, geen werk, geen toekomst. Door een samenloop van omstandigheden had ik geld, zodat ik weg kon uit die ellendige pijpenla waar ik was ingetrokken, in afwachting van het samenwonen met Laura. Ik had niet genoeg om de rest van mijn dagen stil te gaan leven, maar ik kon wel overleven. Ik dacht helemaal niet aan dat boekje toen ik uit het ziekenhuis kwam, tenzij met weerzin. Het ging immers over iets moois, dat er niet meer was. Dat riep bij mij een onnoemelijke melancholie op. Er waren heel veel redenen om dat boekje niet uit te geven. Alle betrokken partijen wilden het niet. Laura was woedend en stuurde een advocaat op me af, Ingeborg was al even woest omdat ze er vooraf niets van wist. Allerlei mensen, mijn uitgeefster incluis, zeiden dat dit boek alle vrouwen van Nederland razend op me zou maken. Want ik had iets gedaan dat het ergste is na een verkrachting : ik had een oudere vrouw, na een lange relatie, ingeruild voor een jongere. Het schrikbeeld van alle vrouwen. Ze hebben, ongeacht hun leeftijd, het vermoeden dat de man een roofdier is, dat weliswaar voor de open haard ligt te slapen maar ineens een klauw kan uitslaan. Maar je geeft het wel toe ? Dat dit tegen mij zou gebruikt worden, stond van bij het begin vast. Maar de enige manier waarop zo'n boekje zin zou hebben, was door volstrekt eerlijk te zijn. Daardoor maakte ik het ook makkelijker voor allerlei mensen om over me heen te lopen. Ik wilde dit boekje ook schrijven omdat ik met het ouder worden steeds meer besef dat ik De Ander niet begrijp. De Ander is iedereen : je huisarts, de bakker, je partner. Op dat vlak ben ik toch iets minder naïef dan twintig jaar geleden. Uiteindelijk draait het uit op 'niet weten'. Dat onbereikbaar zijn van De Ander vind ik heel akelig. Ik heb een enorme behoefte gekregen aan een kijkje in andermans hoofd. Dat krijg je maar heel af en toe. Dus wil ik de anderen een eerlijke kijk in mijn hoofd geven. Nee, integendeel. In de maanden dat ik aan het piekeren was of ik het boekje af zou maken, dacht ik dat ik bezig was met het verwerken van die enorme klap. Ik dacht dat alles werd toegedekt, dat het rustiger werd. Dat is dus niet gebeurd. Voor mij is het nu nog steeds geen cliché. Het lijkt jou banaal vanaf de zijlijn. Maar ik dacht echt : die vrouw is de liefde van mijn leven. Nadat de relatie met Laura grandioos is gestrand, is het contact met Ingeborg weer opgebouwd. We bellen elkaar bijna iedere dag, we zien elkaar geregeld, we gaan met elkaar eten, we kunnen een normaal gesprek voeren. Ik heb me uitgeput in verontschuldigingen voor wat ik gedaan heb, oprechte verontschuldigingen. Wat ik gedaan heb, is verschrikkelijk. Ik heb gemeend mijn eigenbelang te dienen, door haar heel erg te kwetsen. Dat deugt niet. Nee, mensen zijn natuurlijk egoïstisch. We dienen ons eigen belang met alles wat we denken en zeggen, daar is niks verkeerds mee. Maar een normaal mens houdt, bij het dienen van zijn eigen belang, toch rekening met de ander. Onafgebroken afwegend wat hij de ander kan aandoen. Soms moet je jezelf wat minder dienen om de ander niet te veel te kwetsen. Wat ik gedaan heb, is mijzelf volkomen vooropstellen en het vanzelfsprekend vinden om het belang van Ingeborg enorm te schaden. Kanttekening daarbij is, dat ik niet weet hoe het op een nettere manier had gekund. Als je de indruk krijgt dat een ander de liefde van je leven is... Ik beleef een enorme herwaardering voor Ingeborg. In de neutrale betekenis : ik kijk opnieuw naar haar, in de positieve zin. Ze is eigenlijk een geweldige vrouw. Kennelijk zag ik dat niet langer. Toen ben ik ook gaan denken - wat schandelijk is - dat ik het tientallen jaren volkomen vanzelfsprekend vond dat een vrouw mijn leven wilde delen. Daar heb ik nooit bij stilgestaan. Dat is ontzettend stom ! Ik wil geen excuses zoeken, maar daarin lijk ik, denk ik, op de meeste mannen. De meeste mannen, ook ik, vinden het heel gewoon dat een bepaalde vrouw, op wie ze hun zinnen hebben gezet, hun leven wil delen en dat ze daar niets voor hoeven te doen. Maar al te goed. Ik heb nooit gedacht, tot ik Laura ontmoette, dat ik een relatie met een veel jongere vrouw zou kunnen krijgen. Die vraag kwam niet in me op, laat staan het antwoord. Gerard Mulder, 'De bokkensprong', Uitg. Plataan, 12,50 euro, 143 blz.Door Tessa Vermeiren / Foto Charlie De Keersmaecker