Elk jaar komt de internationale wijnpers naar Bordeaux om het nieuwe millésimé, nu 2012, te proeven en te beoordelen : de primeurweek. De wijnen zijn dan nog wat brut en moeten vooral op hun structuur worden geproefd. Een hoopgevende week is het niet geworden.
...

Elk jaar komt de internationale wijnpers naar Bordeaux om het nieuwe millésimé, nu 2012, te proeven en te beoordelen : de primeurweek. De wijnen zijn dan nog wat brut en moeten vooral op hun structuur worden geproefd. Een hoopgevende week is het niet geworden. Weeroverzichten zeggen niet alles, maar vaak zeer veel over een wijnjaar. Zo begon 2012 in Bordeaux met een koude lente (zelfs -2,5 C gemiddeld in april), waardoor de knoppen heel onregelmatig uitliepen (débourrement) en waardoor de jonge loten onregelmatig groeiden. De achterstand (op 2011) beliep dan al drie weken. Slecht weer tijdens de bloemzetting, van einde mei tot 11 juni, verstoorde dan nog de vruchtzetting. Iedereen wist het toen al : dit kon geen groot jaar worden. De kleuromslag - als de druiven van groen naar donkerblauw overgaan - is het volgende kritische moment. Die rijpingsperiode begon op 12 augustus, drie weken later dan in 2011. Die trage en moeilijke veraison en de heterogene rijpheid die er het gevolg van was, is de sleutel van het wijnjaar 2012. Denis Dubourdieu, oenologieprofessor aan de Bordeauxse universiteit : "Na 15 augustus moest men de nog groene trossen of gedeelten van trossen wegknippen. Een noodzakelijke maar pijnlijke ingreep : dure handenarbeid en een nóg kleinere opbrengst."De Grands Crus knipten zo twintig procent druiven weg. De rest van augustus en de twee eerste weken van september waren warm en superdroog en brachten rijpheid bij de druiven. Merlot werd geoogst vanaf 25 september en de cabernets twee weken later. Toen het in oktober stevig ging regenen, begonnen de cabernets snel te rotten : het werd een race tegen de klok. Vooral in Médoc, waar cabernet domineert, en in Saint-Estèphe, waar de regen het eerst toesloeg. In de wijn proeft men dan ook marginale rijpheid met toetsen van harde, groene, scherpe tannines. Denis Dubourdieu kon er niet omheen: "Voor de volledige rijpheid kwamen de cabernets één flinke week mooi weer te kort." Voor Bordeaux 2012 geldt een zeer eenvoudige regel: hoe meer merlot, hoe beter. De merlotdruiven hebben immers einde september het stadium van rijpheid gehaald en werden geoogst vóór de oktoberregens. Saint-Emilion 2012 is een goede appellation. Zonder meer goed: Fleur Cardinale, Cheval Blanc, Angélus, Pavie, Canon, Figéac, Laroze, Bellevue, Rol Valentin, Dominique, Soutard, Larmande, Clos Fourtet, Larcis Ducasse, La Tour Figéac, Cap de Mourlin, Canon La Gaffelière, Berliquet en Pavie Macquin. Goed met voorbehoud: Villemaurine, Troplong Mondot, La Couspaude, Grand Mayne, Franc Mayne, Dassault, Beau-Séjour Bécot, Balestard La Tonnelle en Clos La Madeleine. Ook Pomerol is een goede appellation. Ronduit goed: Clos René, Petite Eglise, Fayat, La Pointe en Feytit Clinet. Goed met voorbehoud: Petit Village, Le Bon Pasteur, Gazin, Beauregard, Mazeyres, Le Gay en La Conseillante. La Cabanne, Clinet en La Croix de Gay zijn door hun stroeve bitterheid van de slechtste van de appellation. Pessac-Léognan Rood is met zijn merlotaccent een goede appellation in 2012. Ronduit goed: Larrivet Haut-Brion, Latour Martillac, Chantegrive, Rahoul, Ferrande, Dom de Chevalier, Picque Caillou, Smith Haut Lafitte en Bouscaut. Goed met voorbehoud: Fieuzal, Haut-Bailly, Carbonnieux, Pape Clément, Haut-Bergey, Malartic-Lagravière, De France en Les Carmes Haut-Brion. Enkel Olivier is ronduit slecht. Pessac-Léognan Wit is in 2012 zelfs een homogeen goede appellation. De wijnen zijn fris met een geknoopte lengte en mooi ingebouwde zuren. Ze zijn nu al smakelijk maar kunnen gemakkelijk enkele jaren mee. Het zijn geen terraswijnen maar wijnen voor aan tafel. Opvallend goed zijn: Rahoul, Picque Caillou, Ferrande, Carbonnieux, Dom de Chevalier, Olivier, Larrivet Haut-Brion (de beste), Fieuzal, Pape Clément, Chantegrive, Bouscaut en Smith Haut Lafitte. Van de kleinere appellations van de linkeroever hoeven we zeker niet veel te verwachten. Bij Listrac is enkel Clarke enigszins acceptabel en bij Moulis enkel Poujeaux en Branas Grand Poujeaux. Chasse Spleen is te mijden en Mauvesin-Barton is van de slechtste van 2012. Margaux is gemengd. De enige ronduit goede is Cantenac Brown. Goed met enigszins voorbehoud voor scherpe tannine en fruittekort zijn: Lascombes, Malescot Saint-Exupéry, Siran, Prieuré-Lichine, Du Tertre, Labégorce Zédé en Giscours. Dauzac, Monbrison en zeker Angludet moeten we mislukt noemen. Bij Médoc en Haut-Médoc is het armoe troef. Op dertig blind geproefde wijnen zijn er slechts twee ronduit goed: Clément Pichon en Sociando-Mallet. Kleine positieve trekjes bij Belgrave, Caronnes Saint-Gemme en Bernadotte. De rest is te vergeten: van de slechtste zijn Cambon La Pelouse, Beaumont, Brillette, Sénéjac, Lanessan, Larrivaux, Citran en Cantemerle. Saint-Julien is gemengd. Léoville Poyferré en Talbot zijn gewoon goed en bij Lagrange en Langoa Barton komt voorbehoud. Saint-Pierre is ronduit slecht. Pauillac valt erg tegen: enkel Croizet-Bages heeft wat positieve trekjes. Grand-Puy-Ducasse is dun, zuur en scherp, Lynch-Moussas is dun en vleesloos op het einde, D'Armailhac mist vulling, Batailley is dun en vleesloos, Haut-Bages Libéral is mager en valt helemaal weg op het einde, Lynch-Bages is super eenvoudig, Clerc Milon is simpel en kort, Pichon Comtesse heeft een naakte bitterstaart en Grand-Puy-Lacoste is leeg en bitter. In Saint-Estèphe waar de regen in oktober begon, is alles slecht: enkel De Pez kan ermee door met iets aangename vulling. Sauternes 2012 is een heel slecht jaar. We proeven er achttien en geen enkele ervan haalt enige kwaliteit: simpel, dun, vuil muf, banaal, plakkerig. Sommige van de grootste chateaus brengen er trouwens geen op de markt: Yquem, Raymond-Lafon, Rieussec... Er is geen spoor van pourriture noble en het was vechten tegen nattigheid en rot. We moeten dit jaar wat sauternes betreft helemaal vergeten. DOOR HERWIG VAN HOVE