Vier volle maanden per jaar werk ik in het buitenland. Hoofdzakelijk om de winkels op te volgen. Vroeger ging ik ook soms mee voor aankopen, maar nu proberen we de zaken zo goed mogelijk te verdelen onder ons drieën, de drie broers.
...

Vier volle maanden per jaar werk ik in het buitenland. Hoofdzakelijk om de winkels op te volgen. Vroeger ging ik ook soms mee voor aankopen, maar nu proberen we de zaken zo goed mogelijk te verdelen onder ons drieën, de drie broers. In Osaka opende een tijdje geleden de eerste Flamant-winkel. Het was onmiddellijk een succes. Net als in Korea, waar een franchisenemer in augustus gestart is en nu al plannen heeft voor drie bijkomende winkelpunten. Andere groeimarkten zijn Italië en Spanje. Je kunt wel zeggen dat Flamant een zekere nostalgie ademt. Het verleden is onze inspiratiebron. Vroeger werden mooie dingen gemaakt, het kunstig verwerken van hout, van warme materialen. Sommigen proberen nieuwe dingen te maken om toch maar nieuw te zijn. We zijn geen moderne designers, maar we willen wel de combinatie maken. Familiewaarden staan bij ons hoog in het vaandel. We groeiden op in een warm nest, in een huis waar kinderen mochten spelen en ravotten. Vandaar dat we veel belang hechten aan de leefbaarheid van onze interieurs. We willen een warme, gezellige sfeer oproepen. Waar het gezin zich rond de tafel verzamelt en waar pannenkoeken worden gebakken. Onze collectie is uitgebouwd in verschillende sferen. Vandaar de noodzaak van flagshipstores. Daar kunnen we ook onze interieurprojecten voorstellen, sinds twee jaar een sterke groeipijler. Zo hebben we al golfclubs ingericht, maar ook particuliere huizen. Waarom eerst Parijs en nu pas Brussel ? Omdat het geschikte pand zich daar eerst aanbood. En omdat Frankrijk ons snel heeft opgenomen. Eigenlijk kregen we daar eerst bekendheid. In het begin behandelden ze ons nog als les petits belges, maar al snel evolueerde dat naar respect. Op interieurgebied bestaat er niet zoiets als Belgische mode. Daarvoor zouden we met meer moeten zijn. Anderzijds is dergelijke diversiteit in onze sector haast niet mogelijk. Bij designmeubelen wordt er wel automatisch gedacht aan Italië of Zweden, maar er is moeilijk een land te plakken op de sfeer die wij brengen. Vroeger noemde men het 'cocooning', nu 'nesting'. Een huis zal altijd wel een belangrijke rol spelen in het leven van mensen. Het is een veilige haven waar je jezelf kunt zijn, je goed kunt voelen. Maar cocooning moet wel gebeuren met open deuren. Zonder zichzelf op te sluiten. Tussen mij en mijn oudste broer zit er elf jaar, met mijn andere broer verschil ik vijf jaar. Dat is bijna een generatie als je kind bent. Mijn broers dansten op de Rolling Stones, als ik nog met heel andere zaken bezig was. De leeftijdsbarrière is pas verdwenen toen we samen begonnen te werken. Al hebben ze mij de eerste jaren nog als de kleine broer behandeld. Zeventien jaar geleden ben ik in de zaak gestapt, onmiddellijk na mijn middelbare studies. Toen deden we nog bijna alles zelf. Van laden en lossen tot facturatie. Af en toe overvalt me heimwee naar die tijd. De groep is zo groot geworden dat persoonlijk contact soms moeilijk wordt. Automatisch ontstaat er zoiets als een hiërarchie. Bovendien hebben we nu ook de verantwoordelijkheid voor een grote groep mensen. We kunnen wel eens een hartig woordje discussiëren, wij broers, maar dat is ook nodig. Op die manier gaan de zaken vooruit. Niet dat er met deuren wordt geslagen. We zijn drie totaal verschillende karakters die elkaar goed aanvullen. Wat als Flamant niet bestaan had ? Ik heb me eigenlijk nooit de vraag gesteld. Mijn werk is mijn hobby. Interieur mijn passie. Op vakantie vertoef ik het liefst in een mooi hotel. Ik eet bij voorkeur in een smaakvol ingerichte bistro. Maar ik wil me niet afsluiten van de wereld, ik moet weten wat er rondom mij gebeurt. En toch. Elke keer als ik een frietkot passeer, kriebelt het. Het is als een telefooncel voor de Britten. Op elke hoek van de straat vind je er één. Maar waarom zo lelijk ? Ooit ga ik daar nog eens iets aan doen. ::Over de nieuwe Flamant-winkel op de Grote Zavel leest u meer in Pousse-café (p. 12).Tekst Pascale Baelden I Foto Charlie De Keersmaecker