Het is dus definitief, de Grieks-Cyprioten hebben 'nee' gezegd tegen het plan- Annan. Zeker ook om hun welvaart veilig te stellen, want dit offshore paradijsje beneden de demarcatielijn leeft goed. Tijdens de burgeroorlog in Libanon werd het overspoeld door rijke Libanezen die er even de luwte opzochten. Nu zijn het onder andere Israëli's die er de dure en spuuglelijke villa's kopen, die overal langs de kust worden gebouwd, om af en toe te bekomen van de spanningen in eigen land. Er zijn ook heel wat Russische ' businessmen' actief op Cyprus, sommige delen van Limassol bijvoorbeeld lijken op het Antwerpse Falconplein, voor de grote schoonmaak. Veel horecazaken en winkels worden uitgebaat door inwoners van de vroegere Sovjet-Unie. Wees niet verbaasd als het authentieke Italiaanse restaurant of het Café de la Place door Russen gerund blijkt. Ook in de hotels verraadt de tongval van het personeel waar ze vandaan komen. En als toeristen zijn de gasten uit het vroegere Oostblok eveneens talrijk aanwezig. Vooral die met veel geld, slechte smaak en bloedmooie vrouwen in hun kielzog. Even buiten Pafos, in de richting van Coral Bay, staat een door Russen voor Russen uitgebaat hotel in antieke Romeinse stijl. Je gelooft je ogen niet. Allicht lieten ze zich inspireren door de vele Romeinse mozaïeken die werden blootgelegd sinds 1962, vlak achter het fort.
...

Het is dus definitief, de Grieks-Cyprioten hebben 'nee' gezegd tegen het plan- Annan. Zeker ook om hun welvaart veilig te stellen, want dit offshore paradijsje beneden de demarcatielijn leeft goed. Tijdens de burgeroorlog in Libanon werd het overspoeld door rijke Libanezen die er even de luwte opzochten. Nu zijn het onder andere Israëli's die er de dure en spuuglelijke villa's kopen, die overal langs de kust worden gebouwd, om af en toe te bekomen van de spanningen in eigen land. Er zijn ook heel wat Russische ' businessmen' actief op Cyprus, sommige delen van Limassol bijvoorbeeld lijken op het Antwerpse Falconplein, voor de grote schoonmaak. Veel horecazaken en winkels worden uitgebaat door inwoners van de vroegere Sovjet-Unie. Wees niet verbaasd als het authentieke Italiaanse restaurant of het Café de la Place door Russen gerund blijkt. Ook in de hotels verraadt de tongval van het personeel waar ze vandaan komen. En als toeristen zijn de gasten uit het vroegere Oostblok eveneens talrijk aanwezig. Vooral die met veel geld, slechte smaak en bloedmooie vrouwen in hun kielzog. Even buiten Pafos, in de richting van Coral Bay, staat een door Russen voor Russen uitgebaat hotel in antieke Romeinse stijl. Je gelooft je ogen niet. Allicht lieten ze zich inspireren door de vele Romeinse mozaïeken die werden blootgelegd sinds 1962, vlak achter het fort. Maar laat dat alles u niet afschrikken. Het eiland van Aphrodite is nog steeds begenadigd met veel zon, stranden en luxueuze hotels. Cyprus is en blijft een boeiende plek, misschien zelfs door al het bovengenoemde. Bovendien heeft het eiland veel meer te bieden. Het binnenland ten noorden van Pafos en Limassol is redelijk ongerept. Een keer de gordel van nieuwe villawijken en pas aangelegde golfterreinen voorbij, is het leven er als voorheen. En hoe dichter u naar de demarcatielijn of de groene lijn gaat, hoe echter het wordt. Een aanrader voor een dagtochtje is de kuststrook tussen het kustplaatsje Polis, ten oosten van het Akamas-schiereiland, en het laatste dorpje voor de goed bewaakte slagboom bij de bufferzone in Kato Pyrgos. Zo moet heel Cyprus vroeger geweest zijn : het begint met de wat verwilderde camping van Polis met zijn eucalyptusbomen. Daarna rijgen de stranden zich aaneen met - in de lente toch - daarachter velden vol gele margarides en mimosabomen. En langs de weg simpele vakantiehuisjes van Cyprioten, die in hun anarchie vaak veel meer architecturale charme hebben dan alle neostijlen van de projectontwikkelaars. Om Kato Pyrgos - het laatste Griekse dorp voor de controlepost en voor de onvolprezen baai van Morfou die in het bezette deel van het eiland ligt - te bereiken, moet je kilometers door het verlaten bergland omrijden, rond een Turkse enclave vlak achter de kustlijn. Onwezenlijk. Nog onwezenlijker is Kato Pyrgos zelf : een dorp waar de tijd de jongste dertig jaar heeft stilgestaan. In dat dorp van niets bouwt men een gigantische orthodoxe kerk. Een niet moeilijk te verklaren demonstratie van macht, als je weet dat de bisschop van Pafos een van de vurigste tegenstanders van het Annan-plan is. Terug naar het schiereiland en richting Pafos, waar we bij zonsondergang een groot bord gefrituurde marides (sardines) eten op het terras van de reusachtige taverna zonder opsmuk bij het kerkje van Agios Georgios op kaap Drepano . Volgens theaterman Franz Marijnen, die in de heuvels boven Pafos woont, is dit de mooiste plek van het eiland. In ieder geval stukken meer waard dan het haventje van Pafos, dat één grote toeristenfuik is geworden met een gordel van dure maar zeer middelmatige restaurants. In Pafos doet men vreselijk zijn best om de hotels uit de jaren '70 een nieuw gezicht te geven. De Almyra en de Annabelle zijn toonaangevend. Andere, zoals het Paphos Amathus waar we logeren, hebben nog een weg te gaan om de tijd bij te benen. Naast die luxe hotellerie heeft zich op het platteland een andere vorm van toerisme ontwikkeld. In de dorpen Inia, Droussia, Arodes, Akourdalia, Kathikas en Panagia, in de heuvels tussen Pafos en Polis, zijn opgeknapte oude huizen te huur. Ideale uitvalsbasissen voor rustzoekers die de streek wandelend of per mountainbike willen verkennen. Het landelijke toerisme ontwikkelt zich in deze streek van wijnen en kloosters in zijn eigen tempo. De vernieuwde wijnbouw op Cyprus vertrok begin jaren '80 trouwens vanuit de kloosters Agia Chrysorrogiotissa en Agia Moni. Chrysorrogiotissa (de gouden granaatappel) herbergt naast een prachtige iconostase in de kerk ook een rijke kerkschat en een wijnmakerij. De abt van dit klooster heet - toepasselijk - Dyonissios en is een beminnelijk man die zeer goed Engels spreekt. In de plaatselijke taverna's, de Cedar Taverna in Panagia bijvoorbeeld, of Stathmos Taverna in Kathikas eet u voortreffelijk, ongedwongen en voor weinig geld. Als we van Pafos naar Limassol rijden, moeten we stoppen in Geroskipou . De naam van de plaats, het heilige bos, duidt erop dat, waar nu de kerk uit de 9de eeuw staat, in de oudheid een tuin was met een altaar gewijd aan Aphrodite, de godin van de liefde. Sophocles Athanasiou, de overgrootvader van George Gabriel, noemde de loukoum die hij maakte dan ook Aphrodite's Delight. Het winkeltje annex kleine werkplaats kijkt nog steeds uit op wat eens de tuin van Aphrodite was. De jonge George werkt nog altijd met de recepten van zijn overgrootvader. Maar hij heeft naast de traditionele loukoum van rozen en bergamot met noten, ook nieuwe smaken aan zijn assortiment toegevoegd : chocolade bijvoorbeeld, kokos en banaan. Hij heeft de verpakking geactualiseerd en exporteert sinds kort ook naar België. En hij bouwt een grotere fabriek, waar hij andere traditionele zoetigheden uit de regio op grotere schaal wil vervaardigen. Loukoum is niets anders dan ingedikte vruchtenstroop met maïszetmeel, die na het opstijven wordt versneden en met poedersuiker bestrooid. Een typische Levantijnse lekkernij en een ware caloriebom : 358 calorieën per 100 gram. Maar naar zeggen van de trotse Gabriel wél cholesterolvrij en in zijn fabriekje alleen met natuurlijke kleur- en smaakstoffen bereid. Vooraleer Limassol binnen te rijden langs zijn langgerekt havengebied, is het goed verwijlen in Kourion , met zijn Apollo-heiligdom en zijn imposante amfitheater met uitzicht op zee. Even genieten van de schoonheid, voor u zich stort in de chaos van de havenstad. Lawaaierig, stoffig, lichtelijk anarchistisch, dat is Limassol. Maar het stadsbestuur en de plaatselijke investeerders doen hun best om deze heksenketel weer wat charme te geven. Men wacht op geld van de Unesco om de oude stadsbuurten op te knappen. Geslaagd is alvast de restauratie door een privé-investeerder, de Lanitis Holding, ook eigenaar van de Amathus-hotelketen, van de oude ateliers en de vroegere carob-fabriek, waar de vruchten van de johannesbroodboom werden verwerkt tot poeder voor de voedings- en de farmaceutische industrie. Deze buurt rond het 12de-eeuwse kasteel van Richard Leeuwenhart is nu een trendy plek met de beste restaurants van de stad, die druk gefrequenteerd worden door de Cyprioten zelf. Bij lunchtijd zit het er vol jong volk en zakenmensen, 's avonds zie je families of groepjes vrienden die zich te goed doen aan kraakverse vis (vraag naar de gegrilde inktvis gevuld met feta en tomaat), biologische wijnen of een waanzinnige vis- mezze bij Palio Varka ; of ze houden zich op in de bar van CaféStretto en de Artima Bistro. Ook de oude overdekte markt werd helemaal opgeknapt en ook daar is een gezellig, informeel restaurant waar plaatselijke specialiteiten worden geserveerd. Vlakbij het kasteel bevinden zich ook de Djami Kebir-moskee en de hamam, die tegenwoordig vooral worden gebruikt door inwijkelingen uit buurlanden als Syrië ; en de Agia Napa-kathedraal, het centrum van het orthodoxe geloof van de stad. Tegen valavond zit de jeugd van Limassol op het korte stukje tussen de zeeboulevard (die daar Chatzipavloustraat heet) en de John Kennedystraat (geschreven als Tzon Kennety in Grieks Engels). De vele caféterrassen zijn een mooi en lui alternatief voor de traditionele peripatia, de avondlijke wandeling om zich te laten zien en om uit te kijken naar een potentiële partner voor de nacht of voor het leven... Het stadsbestuur doet een verdienstelijke poging om de wandelboulevard op te fleuren met een staalkaart van beeldende kunst uit het oostelijke Middellandse-Zeegebied. De meeste hotels met niveau liggen ver buiten de stad, in Amathus. Dat ligt redelijk ver van de actie. Hotels dichter bij de stad hebben het nadeel dat ze omringd zijn door restaurants en winkels van bedenkelijk allooi. Audiovisuele piraterij en namaakkleren, het is allemaal openlijk aanwezig. Uitkijken is dus de boodschap bij het shoppen, want de boetes op Zaventem zijn niet gering. Een mooie erfenis uit de tijd dat de Libanezen van Cyprus hun buitenverblijf hadden gemaakt, zijn de Libanese restaurants waar je bijzonder lekker eet, weliswaar in een wat ouderwetse, nostalgische sfeer. Cleopatra, het chicste, ligt in de Tzon Kennetystraat en Semiramis, iets bescheidener, ligt in een woonbuurt in Germasogeia. Maar iedere taxichauffeur weet allebei blindelings te vinden. Naar Cyprus gaan en geen uitstap maken naar het Troödosgebergte, is zoals in België het Atomium niet gezien hebben. Het is een geliefde uitwijkplaats voor de kustbewoners in de zomer, het is er immers veel koeler dan beneden. Het Troöditissa-klooster ligt op meer 1700 meter hoogte en vlakbij is 's winters een sneeuwpiste. De bouwstijl is er helemaal anders dan op de rest van het eiland en doet bijwijlen aan de Franse Landes denken. Het was ook een plek waar kunstenaars graag verbleven. Men is er nog steeds trots op dat de Griekse dichter Yorgos Seferis hier zijn gedicht Helena schreef, waarin de nachtegalen uit de pijn- en cederbossen van Troödos worden bezongen. Minder bekend is het plaatsje Amiantos, vlakbij Kyperounta . Een grote grauwe herinnering aan een nachtmerrie, waarmee veel geld werd verdiend. In 1988 werd daar de grootste asbestmijn van Europa gesloten. Een grootscheepse zuivering van het gebied startte in 1992. Het gevaarlijke afval werd afgevoerd en de herbebossing van de kale bergflanken werd aangevat. Ooit werkten hier 10.000 arbeiders uit de armste gebieden van het eiland. En de vraag is hoeveel mensen hier gecrepeerd zijn door het ongezonde werk. Dat is de andere kant van een vakantie-eiland in de zon. n Tekst Tessa VermeirenLoukoum is een ware caloriebom, maar wél cholesterolvrij en alleen met natuurlijke kleur- en smaakstoffen bereid. Naar Cyprus gaan en geen uitstap maken naar Troödos, is zoals in België het Atomium niet gezien hebben.