380 miljoen. Dat is hoeveel foto's er per dag op Facebook en Instagram gezet worden. Elke minuut worden er 263.000 kinderen en poezen, sneeuwlandschappen en zonsondergangen, kommen ontbijtgranen en glazen cava gepost. Ik pleit in deze zeer schuldig. Mijn laatste Facebookfoto's waren een grappige pinguïnservet, een aubergineschotel uit het nieuwe Nigella-boek en de boodschap die Jane Goodall in haar biografie schreef na ons interview.
...

380 miljoen. Dat is hoeveel foto's er per dag op Facebook en Instagram gezet worden. Elke minuut worden er 263.000 kinderen en poezen, sneeuwlandschappen en zonsondergangen, kommen ontbijtgranen en glazen cava gepost. Ik pleit in deze zeer schuldig. Mijn laatste Facebookfoto's waren een grappige pinguïnservet, een aubergineschotel uit het nieuwe Nigella-boek en de boodschap die Jane Goodall in haar biografie schreef na ons interview. Onbetekenende details, zou je denken. Zeker als je er de fotoalbums van mijn jeugd op naslaat. In de jaren zeventig werd het fototoestel ten huize Le Blanc enkel bovengehaald voor speciale gelegenheden. Vier kaarsjes op de verjaardagstaart, mijn moeders legendarische koude buffetten, carnaval in een authentiek flamencojurkje en uiteraard vakanties. Als ik dat archief mag geloven, was het leven een groot feest. Toch zijn dat niet de dingen waar ik de mooiste herinneringen aan heb. Samen met mijn oma aan tafel, elk verdiept in ons eigen boek. Buiten spelend met alle kinderen van de Steenovenstraat en omstreken. Koken met mama. Leren autorijden met mijn vader. Daar bestaan geen fotografische bewijzen van en dat vindt ook Vicky Bogaert jammer. Deze phonetografe geeft in haar nieuwe boek dan ook niet alleen tips voor betere smartphonefoto's van geliefden, huisdieren en uitstapjes, ze pleit er ook voor om je oma's nachtkastje-met-Mariabeeld, een bar waar je een fijne avond hebt doorgebracht of de wolken te fotograferen. De vraag die we ons moeten stellen, vindt Bogaert, is welke beelden ons hart zullen verwarmen als we heel erg oud zijn. Natuurlijk wil je een foto van je plechtige communicant, maar een beeld van de chaotische voorbereidingen of de nog niet afgeruimde feesttafel met halflege glazen op een morsig tafelkleed zegt ook iets over hoe fijn het feest was. En misschien gaat het bij fotografie vandaag niet eens meer over de foto's waar we, als we heel erg oud zijn, over willen mijmeren. Stephen Mayes, ex-directeur van VII Photo Agency, stelt dat foto's vandaag geen objecten meer zijn die je bewaart, maar ervaringen die je beleeft. "Ik herinner me een meeting met de agentschapsfotografen", vertelt hij in Wired. "Na een ernstige discussie ging iedereen elkaar fotograferen met de telefoon. Onnozele foto's die met grappige tekstjes meteen op sociale media werden gegooid. Dit waren geen documenten voor de archieven, maar gewoon een stroom aan ervaringen die met elkaar en met de wereld gedeeld werden, en de volgende dag alweer vergeten waren." Gewoon fun, dus. Dat is waar mijn liefde voor Instagram vandaan komt, besef ik. Die vluchtige blik in andermans leven, liefst vastgelegd met oog voor esthetiek. Of zelfs een blik in andermans continent. Neem Everyday Africa, een Instagramaccount waar een collectief Afrikaanse fotografen beelden van hun dagelijkse leven verzamelt. Een advocate in een taxi, een klasje op uitstap aan de Murchison-waterval in Oeganda of de stationschef van Nairobi Terminus, ze zijn een mooi tegengewicht voor het geweld van het journaal. En als er nog eens iemand fronsend vraagt waarom ik als 48-jarige in godsnaam zo veel foto's op Instagram zet, dan is mijn tegenargument vanaf nu: dat is gewoon Everyday Nathalie.