De Deense modescene krijgt, vooral dankzij het groeiende succes van de Kopenhaagse modeweek, meer en meer internationale faam. Waarschijnlijk bent u er zich niet van bewust, maar u kent een pak Deense labels : Vero Moda, Only, Noa Noa, Filippa K, InWear / Matinique. Die eersten kenden hun internationale doorbraak vrij onlangs, maar InWear / Matinique startte in de jaren zeventig al met de verovering van Europa en deed tien jaar later de grote oversteek naar de Verenigde Staten. Wie vandaag InWear zegt, denkt vooral aan vrouwelijke, romantische silhouetten. Toch heeft het merk een wild verleden in de jetset- annex modewereld achter de rug.
...

De Deense modescene krijgt, vooral dankzij het groeiende succes van de Kopenhaagse modeweek, meer en meer internationale faam. Waarschijnlijk bent u er zich niet van bewust, maar u kent een pak Deense labels : Vero Moda, Only, Noa Noa, Filippa K, InWear / Matinique. Die eersten kenden hun internationale doorbraak vrij onlangs, maar InWear / Matinique startte in de jaren zeventig al met de verovering van Europa en deed tien jaar later de grote oversteek naar de Verenigde Staten. Wie vandaag InWear zegt, denkt vooral aan vrouwelijke, romantische silhouetten. Toch heeft het merk een wild verleden in de jetset- annex modewereld achter de rug. Oprichter Niels Martensen werkte in de kledingzaak van zijn ouders toen hij in 1969 een gat in de markt ontdekte : kledij voor jongeren. "Jonge mensen die zelf geld begonnen te verdienen en het lef hadden om zich trendy te kleden, konden in die tijd nergens terecht", vertelt Martensen hierover. "Ik begon shirts te ontwerpen en had in geen tijd de ene klant na de andere. Ik kon haast niet aan de enorme vraag voldoen." InWear noemde hij zijn bedrijfje, 'In' in de betekenis van trendy. Korte tijd later ontmoette Martensen de ontwerpster Kirsten Teisner en ze werden een stel. Aan hun privérelatie kwam na twee jaar al een einde, maar professioneel ging het uitstekend. Niels leidde het bedrijf, Kirsten het ontwerpbureau. InWear kreeg steeds grotere naambekendheid als trendy streetwearlabel. Het succes steeg nog meer toen in 1973 de mannenlijn gelanceerd werd, Matinique. De introductie in Europa tijdens die periode verliep naadloos. De eerste klant was De Bijenkorf uit Amsterdam, later volgden Duitsland, Zweden, Finland, België en de UK. Allemaal vielen ze voor de vernieuwende no-nonsensestijl. Het glamourgehalte van de collecties was nihil, de unieke, extravagante stijl viel des te meer in de smaak. Zijn hoogdagen beleefde InWear / Matinique in de eerste helft van de jaren tachtig, toen Niels en Kirsten naar de Verenigde Staten trokken. De defilés die ze daar organiseerden, zijn legendarisch : Andy Warhol op de eerste rij, liveoptredens van de Duitse avant-gardeband Einstürzende Neubauten, en 's werelds topmodellen die in privéjets van de ene naar de andere show gevlogen werden. "In die periode hadden we het gevoel dat, wat we ook ontwierpen of ervoor aanrekenden, we sowieso zouden verkopen", vertelt Martensen over the eighties. In 1986 kwam er een zusterlabel bij, Part Two, een iets conservatievere sports-lijn voor hem en haar. Maar het succes bleef niet duren, de economische crisis van 1987 spaarde ook InWear niet. "Plots werd de markt overspoeld en gingen we beseffen dat mode niet enkel niche, maar een industrie op zich is. Toen hebben we besloten conventionelere silhouetten te ontwerpen. Meer mainstream." Een wijze beslissing, het miljoenenverlies werd weggewerkt en tegen het begin van de jaren negentig boekte InWear / Matinique alweer winsten. In 1996 gooide Niels Martensen zijn bedrijf op de Kopenhaagse beurs, maar zelf behield hij ruim de helft van de aandelen. Onvermijdelijk probleem : door de nieuwe, conservatievere koers had het label er meteen ook een aantal sterke concurrenten bij. Denk aan Zara en Mango, of aan H&M, ook uit het hoge noorden. In 2001 kwam de oplossing : InWear Group fuseerde met Carli Gry International, een andere Deense groep, en InWear / Matinique maakte vanaf dan deel uit van een van de grootste Noord-Europese kledingbedrijven : IC Companys. Ook Cottonfield, Peak Performance en Designers Remix Collection staan onder het beheer van IC. Vandaag zijn Sital Mehta en Henrik Kongerslev de ontwerpers van respectievelijk InWear en Matinique. Met succes, want de show voor de winter 05/06 in het toen pas geopende operagebouw in Kopenhagen, hun debuut op de modeweek, kon op enorm veel internationale bijval rekenen. Wij waren er afgelopen februari bij toen de collectie voor de komende winter 06/07 werd voorgesteld. Art deco was het overheersende thema in de dameslijn, dus zagen we veel bruin-, paars- en groentinten in combinatie met drukke prints. Knielange jurken en rokken in blinkend zijde of tricot, driekwartbroeken, ballonrokken, strakke jasjes met driekwartmouwen en stoere leren jassen. Bij Matinique kregen we een combinatie van casual silhouetten, wijde jeans met cardigan, en strakkere, meer formele pakken. De glorieuze avant-gardeperiode van de jaren tachtig lijkt voor InWear / Matinique voorgoed verleden tijd. Toch is het Deense merk nog steeds een van de belangrijkste modespelers in noordelijk Europa, al zijn het vandaag duidelijk de meer klassieke vrouw en man die zich in de stijl van het huis kunnen vinden. www.inwear.com, www.matinique.com, www.iccompanys.comDoor Marjolijn Vanslembrouck