Julien (36): 'Sinds ik mijn auto heb verkocht, leef ik zonder schuldgevoel'

Zijn wagen bezorgde Julien (36) meer stress dan plezier. Hij voelde zich schuldig over de vervuilende impact ervan en ergerde zich aan files en parkeerproblemen. Hij zocht een nieuwe job, op fietsafstand, en leeft sindsdien zonder auto.
...

Zijn wagen bezorgde Julien (36) meer stress dan plezier. Hij voelde zich schuldig over de vervuilende impact ervan en ergerde zich aan files en parkeerproblemen. Hij zocht een nieuwe job, op fietsafstand, en leeft sindsdien zonder auto. 'Ik ben het nooit eens geweest met het concept van salariswagens, maar in mijn vorige job, als consultant, stond mijn baas erop dat ik er eentje had. Ik woon in Brussel en moest soms naar klanten in Luik, Gent of Antwerpen. 's Avonds zat ik vast in de files op de Brusselse Ring, geërgerd. Daarna was het zoeken naar een parkeerplaats in Brussel, want ik heb geen garage. Het gebeurde weleens dat mijn auto werd weggesleept, omdat ik hem een tijd niet had gebruikt en daardoor een tijdelijk parkeerverbod had gemist. Het jaarlijkse onderhoud en het plaatsen van winterbanden zag ik als een last, en de vervuilende impact van mijn auto op het milieu gaf mij een schuldgevoel. Maar de wagen was ook handig. Wilde ik naar het containerpark, een nieuwe matras kopen of naar zee, dan kon ik meteen vertrekken. Ik hoefde niets te plannen. Toen mijn oudste zoon vier jaar geleden naar school begon te gaan, bracht ik hem 's morgens met de auto, hoewel de school op tien minuten wandelen ligt. Ik reed nadien door naar mijn werk en maakte mezelf wijs dat de school een tussenstop was, maar stiekem vond ik het cool dat andere ouders hun kinderen op de fiets vervoerden. Pas toen mijn tweede zoon er kwam, vroeg ik mijn kinderen op een dag hoe ze naar school wilden gaan. Ze kozen voor hun step, de volgende dag wilden ze te voet, maar nooit verkozen ze de auto. Zo ben ik hen te voet beginnen wegbrengen. Stilaan begon ik ook met de metro en de fiets naar klanten in Brussel te gaan. Toch is mijn beslissing om autoloos te leven een proces waar ik enkele jaren over gedaan heb. Het heeft twee jaar geduurd voor ik een nieuwe job vond die ook echt bij me paste en waarvoor ik geen auto nodig had. Sinds vorig jaar werk ik als projectmanager voor het Europees Parlement en ik fiets in tien minuten naar kantoor. Veilig voel ik me niet echt. In Brussel is er een machtsstrijd aan de gang tussen fietsers en automobilisten en ik brak al eens mijn schouder in een verkeersongeval. Onlangs vergat ik 's morgens mijn fluohesje, daardoor was ik de hele dag gestrest om 's avonds in het donker naar huis te moeten. Toch ben ik gelukkig dat ik geen auto heb. Vorige zomer ging ik met mijn kinderen met de trein naar Berlijn. Bedrijven als Ikea leveren voor een kleine meerprijs aan huis en ik huur een deelauto via Poppy of DriveNow wanneer ik er een nodig heb. Ik ben gescheiden en heb een vriendin, die tussen Leuven en Tienen woont. Om haar te zien, gebruik ik een Poppy. Dat gaat prima.'Nadat hij onverwachts ontslagen werd, ruilde Jurgen (52) de zekerheden van een vaste job in voor een zelfstandig bestaan. Hij richtte de Pekelcompagnie op en verkoopt groenten die hij zelf heeft ingemaakt. 'Ik zat al een tijd gevangen in een gouden kooi. Ik werkte als businessanalist voor een multinational en had een job met veel verantwoordelijkheid, een bedrijfswagen, laptop en goed loon. Ik mocht geregeld op zakenreis en had de mogelijkheid om thuis te werken. Ik was goed in mijn job, maar echt gelukkig werd ik er niet van. De laatste jaren moesten we almaar meer doen met minder. Het enige wat nog telde was winst. De situatie knaagde, maar telkens stelde ik mijn beslissing om weg te gaan uit. Ik durfde mijn gouden kooi niet te verlaten, tot ik twee jaar geleden bij de zoveelste besparingsronde op bruuske wijze ontslagen werd. Een periode van schok en decompressie volgde, maar al snel voelde ik opluchting. Ik kreeg een outplacementtraject aangeboden, waarbij je begeleid wordt in het zoeken van een nieuwe job. Het heeft even geduurd voor ik wist wat ik zocht. Ik wist vooral wat ik niet meer wilde: werken voor een groot bedrijf waar alles boven je hoofd wordt beslist. Op het dak van 't Pakt, een stadslandbouwproject in Antwerpen, teelde ik groenten en als hobbykok experimenteerde ik graag met ingemaakte groenten. Toen ik tijdens een etentje onder vrienden enkele van mijn creaties serveerde, zei iedereen: 'Dit is zó lekker, doe daar iets mee!' En ik dacht: waarom ook niet? Zo is de Pekelcompagnie ontstaan. Ik deed eerst een grondige kostprijsberekening en timede hoeveel tijd ik stak in handelingen als het schillen van twee kilo zilveruitjes. Vervolgens liet ik de bewaartermijn en veiligheid van mijn producten testen bij het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek. Ik produceer alles in mijn keuken, waar ik groenten inleg in een zoutmengsel en daarna in azijn en kruiden. Ik ga hygiënisch te werk, want ik wil het niet meemaken dat iemand na het eten uit mijn potjes in het ziekenhuis belandt. Pas toen ik positieve testresultaten terugkreeg, had ik het vertrouwen om door te gaan: dat was een sleutelmoment. Werkloze vijftigplussers die als zelfstandige beginnen, kunnen van de Vlaamse overheid een transitiepremie krijgen. Ik heb die aangevraagd en in mei vorig jaar ben ik officieel gestart. Ik werk samen met de bioboeren van Vollegrond, die heerlijke groenten leveren. Daarnaast doe ik alles zelf, van de productie tot mijn verkooppunten overtuigen hoe lekker mijn chutneys zijn. Ik zie mijn eerste jaar als mijn leerjaar. Dat kan ik me veroorloven dankzij mijn vrouw, die de kostwinner is. In ruil ben ik er als huisvader voor onze twee dochters. Ik zou niet meer terug kunnen naar de mallemolen van mijn oude job. Ik heb een nieuw leven gevonden. Het geeft me plezier om elke stap van mijn werk in eigen handen te hebben en te leven met de seizoenen. Ik ben ook blij dat er mensen zijn die meer dan 99 cent willen betalen voor een pot handgesneden augurken.' Plotse doofheid dwong Kristl (56) om haar job als consultant op te geven. Ze schoolde zich om tot pastachef en startte Pastati, een bedrijf waar mensen met een arbeidshandicap verse pasta maken. wat er gezegd wordt, bovendien moeten je hersenen zich heroriënteren als je aan één oor doof wordt, waardoor ik nooit kan inschatten waar geluiden precies vandaan komen. Als gevolg daarvan moest ik mijn job als consultant stopzetten. Wat volgde was een hectische periode, met de nodige paniek. Wat moest ik op mijn 52ste beginnen? De begeleiding die ik jarenlang aan anderen had gegeven, moest ik nu toepassen op mezelf. Na de eerste schok kreeg ik in Italië op een markt het idee om een pastazaak te starten, samen met een maatwerkbedrijf - wat vroeger een beschutte werkplaats heette. Ik wilde iets doen in de sociale economie en mensen met een afstand tot de arbeidsmarkt de kans op werk geven. Ik ging naar Piëmont om pasta te leren maken, kocht een pastamachine en richtte in 2017 Pastati op. Omdat geen enkel maatwerkbedrijf met mij in zee wilde, werkte ik het eerste halfjaar alleen. Tot er in de krant een artikel verscheen waarin ik vertelde over mijn droom om dit binnen de sociale economie te doen. 's Avonds stond de directeur van maatwerkbedrijf Aarova in Oudenaarde aan mijn deur: 'Laten we dit samen doen.' Vandaag maken we pasta en gevulde ravioli in Melle, onder meer voor de Rode Duivels, voor traiteurs, horeca en de versmarkten van Cru in Antwerpen, Gent en Overijse. Een van onze klanten is een sterrenchef, voor wie we een raviolivulling maken. De voorbije drie jaar heb ik verschrikkelijk hard gewerkt en veel spaargeld geïnvesteerd, zonder enige winst. Begin 2019 voelde ik me nog naïef en onzeker, maar toen won ik een acceleratorprogramma van Birdhouse, waarbij start-ups zes maanden intensieve begeleiding krijgen. Dit heeft me geholpen mijn doelstelling scherp te stellen. Ik ben nu op zoek naar een commercieel medewerker, om onze groei te kunnen realiseren. Ik ben altijd een sociale persoon geweest, maar door mijn doofheid werd het moeilijk om naar feestjes of het theater te gaan. De carrièreswitch heeft me geholpen om mijn doofheid te aanvaarden en me opnieuw nuttig te voelen. Ik denk in opportuniteiten, niet in problemen en het maakt me gelukkig als ik de werknemers zie blinken van trots, in hun schort vol bloem. Het leven is vallen, opstaan, je kroontje rechtzetten en verdergaan.' Ze was getrouwd met haar jeugdliefde, met wie ze een huis en lap grond had gekocht. Tot An (31) op zakenreis in Oeganda verliefd werd op een andere man, voor wie ze alles opgaf. 'Ik kon alle klassieke burgeridealen afvinken: studeren, samenwonen, trouwen, een huis kopen. Ik kende mijn ex-man al sinds mijn jeugd en in mijn eerste jaar aan de universiteit werden we een koppel. Na mijn studie biomedische wetenschappen gingen we samenwonen. Ik was 27 toen we trouwden, tijdens het laatste jaar van mijn doctoraatsonderzoek. Dat was een heftig jaar. Professioneel en privé nam ik veel hooi op mijn vork. Vaag voelde ik wel dat er iets ontbrak in mijn relatie, maar ik kon dat niet precies benoemen. Ik had een comfortabel leven en was niet ongelukkig. Pas nu ik erop terugkijk, besef ik dat ik mezelf altijd wegcijferde, voor mijn carrière en voor mijn man. Ik gaf, hij nam. Ik zag hem graag, maar we hadden geen gebalanceerde relatie. Nadat mijn scriptie was ingediend en ik geen twaalf uur per dag meer hoefde te werken, kwam de ommezwaai. Ik had weer energie om stil te staan bij het leven waar ik was ingerold en besefte dat ik mezelf was kwijtgeraakt. Maar hallo wereld, hier was ik weer! Ik ging opnieuw sporten, sprak af met vriendinnen en startte een job waarvoor ik geregeld naar Afrika moest. Ik kwam in een uitdagende werkomgeving terecht en tijdens een zakenreis van een maand naar Oeganda leerde ik Mark kennen, op wie ik halsoverkop verliefd werd. In het noorden van het land was hij een landbouwproject aan het opstarten en ik voelde me meteen op mijn gemak bij hem. We konden urenlang praten en het begon me te dagen dat een relatie er ook anders kon uitzien dan wat ik gewend was. Ik keerde terug naar huis en besefte dat ik moest kiezen: modder ik verder aan met mijn oude leven, of gooi ik het over een compleet andere boeg? Nadat ik mijn man verteld had wat er in Oeganda gebeurd was, zijn we nog even samengebleven, maar mijn twijfels bleven. Twee maanden na mijn thuiskomst wist ik dat ik wilde scheiden. We verkochten ons huis en de grond waarop we gingen bouwen. Verliefd worden op een ander terwijl je in een relatie zit, is geen aanrader. Ik wilde mijn ex niet kwetsen en voelde me schuldig, maar daardoor kon ik ook niet volop verliefd zijn. Het hielp niet dat mijn ouders niet te spreken waren over mijn keuze. Ik kreeg alle vooroordelen te horen die er over Afrikaanse mannen bestaan. Dat hij mij gebruikte om naar Europa te komen. Dat hij nooit genoeg zou hebben aan één vrouw. Dat Mark opgegroeid was in Londen en we dezelfde waarden deelden, leken mijn ouders niet te willen zien. Intussen hebben we al twee jaar een latrelatie. Mark was de voorbije feestdagen voor het eerst in België en heeft mijn familie ontmoet, wat goed verlopen is. Als hij een visum zou krijgen, wil hij naar België verhuizen, maar we doen het rustig aan. Ik ben vaak in Oeganda voor mijn werk en geniet van de tijd die ik voor mezelf heb. Scheiden was een goede beslissing. Wat de toekomst ook brengt, ik sta nu veel rustiger in het leven.'