'Pas sinds ik Seppe tien jaar geleden leerde kennen, weet ik hoe gemakkelijk een relatie kan zijn', zegt Annelies. 'We voelen dezelfde wil om elkaar te begrijpen en moffelen niets voor elkaar weg. We verschillen ook best veel, maar dat trekt ons dan weer in evenwicht.'

'Daardoor vliegen we niet te hoog en niet te laag', knikt Seppe. 'Mijn luchtigheid trekt Annelies uit haar occasionele zwaarmoedigheid, terwijl zij mij leert af en toe diepgaander te zijn. Als zij eens alleen naar de Ardennen gaat, is dat voor mij een oefening in haar missen. Al blijf ik daar slecht in.'

'We werken en leven normaal élke dag samen', vervolgt Annelies. 'Als we op tournee vertrekken, laten we ons huis, onze sociale agenda, alles achter en wordt het leven heerlijk simpel, ook tussen ons. Ik droom ervan om permanent in onze woonwagen te leven, zodra mijn dochters ( uit haar vorige relatie, red.) oud genoeg zijn.'

'Na elke voorstelling kijken we ernaar uit om ons terug te trekken in ons kotje van tien vierkante meter', lacht Seppe. 'Dan delen we een Duvel. Zij drinkt de eerste helft, ik de tweede. Dat is al jaren zo. Daarna gaan we samen slapen. De partituur van onze openingsdans hangt boven onze twijfelaar: I'm in heaven, when we're out together dancing, cheek to cheek. '

'Heel soms word ik angstig,' zegt Annelies, 'want mocht Seppe iets overkomen, dan zal ik nooit meer zo'n overweldigende liefde vinden. Maar het gevoel dat overheerst, is dankbaarheid. Daar klinken we altijd op met onze halve Duveltjes.'