Ik was op het feestje van een vriend, die veertig was geworden en zijn baard had laten groeien. Dat is in de mode: eruitzien als de Taliban of als Leopold de Tweede. Het is ook in de mode gevleugelde woorden te laten tatoeëren tussen je tenen en schoeisel te dragen waarvan je voeten ruiken omdat het geen echt leer is. Dat is allemaal oké voor mij.
...

Ik was op het feestje van een vriend, die veertig was geworden en zijn baard had laten groeien. Dat is in de mode: eruitzien als de Taliban of als Leopold de Tweede. Het is ook in de mode gevleugelde woorden te laten tatoeëren tussen je tenen en schoeisel te dragen waarvan je voeten ruiken omdat het geen echt leer is. Dat is allemaal oké voor mij. Het feestje van mijn vriend was niet het soort feest waarop een blote babe uit een taart komt gesprongen. Wel werd er rijsttaart geserveerd en koffie geschonken. Er weerklonk gelach; iemand tilde een baby in de hoogte en rook of zijn luier ververst diende te worden. We zaten op de buiten, in een huis met zicht op paarden. Er was een moestuin met een bordje waarop stond 'moestuin', teneinde verwarring uit te sluiten. De wind woei uit het zuidwesten, zoals wel vaker het geval is in Vlaanderen. Ik keek naar de voeten van het aanwezige gezelschap. Behalve de ouden van dagen, droeg iedereen sneakers. Sneakers zijn in de mode, zozeer zelfs dat je kunt spreken van de versneakering van de wereld. Wat de communisten niet gelukt is, hebben Adidas en Nike voor elkaar gekregen: dat we er allemaal gelijk uitzien. Wat vanzelf komt, gaat ook vanzelf weer weg, dacht ik gelaten. Er komt een dag waarop iedereen die sneakers draagt, hopeloos gedemodeerd is. Het feestje van mijn vriend, de talibanstrijder, deed mij denken aan bijeenkomsten van lang geleden: de koffieklets bij tante Paula. Elke maandag kwamen de nonkels en tantes samen, bij belegen kaas en kloeke boterhammen. Er werd dan eindeloos geouwehoerd, op een manier waarvan ik nooit gedacht had er nog eens heimwee naar te zullen voelen. Heimwee is uit de mode. Het laat vermoeden dat je misschien niet helemaal blij bent met de huidige wereld. Dat je sommige dingen beter vond in die saaie tijd waarin niemand nog van Whats-App of IS gehoord had. Ik dacht aan het bericht dat ik een paar dagen eerder had ontvangen: 'Aanslag op de galblaas!' Dat was wat de autocorrector van de Ramblas gemaakt had. Het verontrustte mij een beetje dat ik mij zo laafde aan de leegte. De ongedwongenheid van de namiddag beviel mij, alsook de afwezigheid van vrouwen met klauwen. Ik stelde vast dat ik te veel tijd doorbracht met schermen en te weinig met mensen. "We gaan onze baan eens inkorten", zei een koppel, met een uitdrukking die ik al lang niet meer gehoord had. Ik bleef plakken tot de laatste. De hond lag in zijn mand te snurken en buiten viel de duisternis. Ik hou daarvan, van duisternis die valt zonder een kik te geven. In het kippenhok lagen eieren die niet met fipronil besmet waren. Mijn vriend, de talibanstrijder, liet mij het product zien dat hij in zijn baard smeerde tegen het jeuken. Toen ik vertrok, kusten hij en zijn vrouw elkaar in het deurgat, op een manier die een voorbode leek van gezinsuitbreiding. We namen afscheid en ik reed de nacht in. Terug naar de hippe stad, waar een huis op mij wachtte dat mij te ruim zit. Op de radio speelde Shewolf van Intergalactic Lovers, wat het lijflied zou kunnen zijn van iedereen die is bezeerd door fatale vrouwen, maar daar stilaan de schouders over kan ophalen. Ze zijn maar zo interessant als je ze wil maken.