Autoluwe steden zorgen voor rust in de stad en in het hoofd van de mens. Minder autoverkeer maakt ruimte vrij om te dromen, te ademen, te her-ademen, om beter te leven. Autoluwe steden zorgen ervoor dat jonge gezinnen niet naar de groene rand verhuizen. Wat ze daar gaan zoeken, kunnen ze immers ook vinden in een stad met minder druk verkeer en meer groen.

Bouw je een stad voor auto's, dan krijg je veel auto's; bouw je een stad waar de mens centraal staat dan zal je meer mensen krijgen die gelukkig zijn in de stad. Zo simpel is het. Hoe je het ook draait of keert, er zijn zoveel voordelen aan een autoluwe stad. Minder auto's betekent minder gevaar in het verkeer. Minder gevaar betekent minder stress. Geen krampachtige fietstochten meer naar school waarbij de angst bij elk kruispunt je om het hart slaat. Het aantal dodelijke verkeersslachtoffers in de stad kan eindelijk herleid worden tot 0, #pointzero.

Een autoluwe stad zorgt voor rust op straat en in het hoofd van de stedeling

Er komt ruimte vrij voor natuur. Inheemse fauna en flora vinden hun weg terug naar de stad en dat zal een gigantische positieve impact hebben op ons ecosysteem. Ban je de auto uit de stadskern, dan wordt fijn stof automatisch gereduceerd, waardoor we langer en kwalitatiever leven. Niet voor niks staan de meeste autoluwe steden in de top 20 van de Forbes lijst 'most happy cities in the world 2020'.

Kopenhagen, Madrid, and Oslo namen reeds het voortouw, Parijs volgt

Steden als Kopenhagen, Madrid en Oslo zagen al langer het licht en namen het voortouw als pioniers van de autoluwe steden. Het bestuur van deze steden deelt een visie rond zuivere luchtkwaliteit en gezonde leef- en woonomstandigheden voor hun inwoners. Deze steden werden deels autovrij gemaakt en de parkeerplaatsen werden gehalveerd. Grote stadskernen werden tot woonerven omgevormd en er werden honderden kilometers nieuwe fietspaden aangelegd. Park & rides werden geïnstalleerd aan de rand van de stad en er werd geïnvesteerd in duurzaam openbaar vervoer om de binnenstad te ontlasten van grote verkeersdrukte.

Uitgebreid onderzoek in deze steden wijst uit dat wanneer de fietser en voetganger koning zijn dat een gunstig economisch effect heeft op de lokale economie. Zo sloot Madrid tijdens de kerstperiode in 2018 zijn centrum af voor alle gemotoriseerde voertuigen. Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat de inkomsten van de lokale winkeliers, zoals in de belangrijkste winkelstraat Calle de Via, met maar liefst 9,5 procent waren gestegen.

Nood aan ruimte

In een tijd waarin social distancing het woord van de toekomst wordt, zien we een noodgedwongen verandering in de openbare ruimte ontstaan. De norm van 1,5 m afstand heeft een gigantisch effect op de functies binnen onze publieke ruimte: winkels worden te klein, openbaar vervoer te krap enzoverder. Om terug voluit te leven en de economie te doen draaien hebben we simpelweg meer ruimte nodig.

Veilig en zelfstandig op ontdekking kunnen gaan, is dat geen belangrijke onderdeel in het leven van een opgroeiend kind?

Steden zoals Brussel, New York en Milaan grijpen deze kans aan om de procedures voor een duurzame openbare ruimte te versnellen. Pop Up-gewijs worden extra baanvakken vrijgemaakt voor fietsers en voetgangers. Met het uitrollen van extra fietspaden willen steden vermijden dat mensen die normaal gezien gebruik maken van het openbaar vervoer door het corona virus nu massaal de auto gaan nemen voor kleine afstanden. En binnensteden worden omgevormd tot woonerven om voetgangers ruimte en voorrang te geven.

Koning auto

Tijdens de piek van de coronacrisis waren er ook in Antwerpen, waar ik woon, nog maar een handvol auto's op de weg. Onze kinderen gebruiken de stad zoals wij vroeger ons dorp gebruikten: op zoek naar avontuur in één grote speeltuin. Veilig en zelfstandig op ontdekking kunnen gaan, is dat geen belangrijke onderdeel in het leven van een opgroeiend kind? Moeten wij als gemeenschap onze kinderen hierin niet aanmoedigen en stimuleren? Spontaan buurten gebeurt nu haast vanzelf. Na het werk plant je je stoel neer naast die van je buur of je tuiniert vrolijk samen in de groenbakken van de autovrije straat.

Park Spoor Noord is een mooi voorbeeld van een herbestemming van een industriële zone voor stadsbewoners

Onze schepen van mobiliteit Koen Kennis betonneerde helaas onmiddellijk dit momentum met een analyse waarin hij de Antwerpenaar oproept deze autoluwe situatie vooral niet als het nieuwe normaal te beschouwen. Hij toont dat Antwerpen een stad is die de auto helaas als hoogste goed blijft zien. Het bestuur vindt het belangrijker dat de toeristen en mensen uit de randgmeente met hun auto tot in het centrum kunnen rijden voor hun dagje winkelplezier dan te kijken naar de levenskwaliteit van de Antwerpenaar zelf.

Stedelijke dromen binnen handbereik

Eerder zagen we in onze stad al mooie pistes voor fietsers en voetgangers in rook opgaan. Het nieuwe operaplein werd een stenen oase, de vernieuwde Scheldekaaien draaiden uit op één langgerekte kasseistrook, Park Spoor Oost blijkt nog steeds de betonnen parking van de Lotto Arena en in de heraangelegde Nationalestraat beland je in een regelrechte trampspoor-dorpel nachtmerrie. Om over een plannen voor de cruiseterminal in onze LEZ-zone nog te zwijgen.

We snakken naar meer groen. Waar wachten we nog op?

Nochtans kan het ook anders. Park Spoor Noord is een mooi voorbeeld van een herbestemming van een industriële zone voor stadsbewoners. Dankzij de lage drempel en de grote groene ruimte genieten heel wat inwoners van Antwerpen Noord van samenkomen en sporten in het groen. Onze kinderen beleefden er al zomerse hoogdagen met nieuwe vriendjes uit alle windstreken. Ook in de binnenstad zag ik het plaatje al anders; tijdens de feestdagen werden enkele aaneengeschakelde winkelstraten tijdelijk autovrij gemaakt wat een stevige boost gaf aan de lokale handelaars.

Ik hoop dat na deze crisis niet de auto maar de fiets van stal gehaald zal worden en dat de lokale economie als nooit tevoren floreert, samen met onze nieuwe geveltuin en die van de buren.

De voorbeelden zijn legio en de stedelingen snakken ernaar. Waar wachten we op?

Katrien Van den Bleeken

Katrien Van den Bleeken zet zich samen met een heel team vrijwilligers in voor de Post Corona Movement. Onder het motto DREAM.DO.INSPIRE biedt de beweging een forum aan een heel divers publiek aan. PCM wil mensen uit alle windstreken, standen, kleuren,... bij elkaar brengen om samen te werken aan constructieve dromen en projecten die tijdens deze crisis ontstaan zijn of pertinent worden. De organisatie wil deze dromen zichtbaar maken, verbinden en versterken vanuit de vraag: 'Waar willen we als mens en als samenleving na deze crisis naartoe?'

Autoluwe steden zorgen voor rust in de stad en in het hoofd van de mens. Minder autoverkeer maakt ruimte vrij om te dromen, te ademen, te her-ademen, om beter te leven. Autoluwe steden zorgen ervoor dat jonge gezinnen niet naar de groene rand verhuizen. Wat ze daar gaan zoeken, kunnen ze immers ook vinden in een stad met minder druk verkeer en meer groen. Bouw je een stad voor auto's, dan krijg je veel auto's; bouw je een stad waar de mens centraal staat dan zal je meer mensen krijgen die gelukkig zijn in de stad. Zo simpel is het. Hoe je het ook draait of keert, er zijn zoveel voordelen aan een autoluwe stad. Minder auto's betekent minder gevaar in het verkeer. Minder gevaar betekent minder stress. Geen krampachtige fietstochten meer naar school waarbij de angst bij elk kruispunt je om het hart slaat. Het aantal dodelijke verkeersslachtoffers in de stad kan eindelijk herleid worden tot 0, #pointzero. Er komt ruimte vrij voor natuur. Inheemse fauna en flora vinden hun weg terug naar de stad en dat zal een gigantische positieve impact hebben op ons ecosysteem. Ban je de auto uit de stadskern, dan wordt fijn stof automatisch gereduceerd, waardoor we langer en kwalitatiever leven. Niet voor niks staan de meeste autoluwe steden in de top 20 van de Forbes lijst 'most happy cities in the world 2020'.Steden als Kopenhagen, Madrid en Oslo zagen al langer het licht en namen het voortouw als pioniers van de autoluwe steden. Het bestuur van deze steden deelt een visie rond zuivere luchtkwaliteit en gezonde leef- en woonomstandigheden voor hun inwoners. Deze steden werden deels autovrij gemaakt en de parkeerplaatsen werden gehalveerd. Grote stadskernen werden tot woonerven omgevormd en er werden honderden kilometers nieuwe fietspaden aangelegd. Park & rides werden geïnstalleerd aan de rand van de stad en er werd geïnvesteerd in duurzaam openbaar vervoer om de binnenstad te ontlasten van grote verkeersdrukte.Uitgebreid onderzoek in deze steden wijst uit dat wanneer de fietser en voetganger koning zijn dat een gunstig economisch effect heeft op de lokale economie. Zo sloot Madrid tijdens de kerstperiode in 2018 zijn centrum af voor alle gemotoriseerde voertuigen. Uit de onderzoeksresultaten blijkt dat de inkomsten van de lokale winkeliers, zoals in de belangrijkste winkelstraat Calle de Via, met maar liefst 9,5 procent waren gestegen.In een tijd waarin social distancing het woord van de toekomst wordt, zien we een noodgedwongen verandering in de openbare ruimte ontstaan. De norm van 1,5 m afstand heeft een gigantisch effect op de functies binnen onze publieke ruimte: winkels worden te klein, openbaar vervoer te krap enzoverder. Om terug voluit te leven en de economie te doen draaien hebben we simpelweg meer ruimte nodig.Steden zoals Brussel, New York en Milaan grijpen deze kans aan om de procedures voor een duurzame openbare ruimte te versnellen. Pop Up-gewijs worden extra baanvakken vrijgemaakt voor fietsers en voetgangers. Met het uitrollen van extra fietspaden willen steden vermijden dat mensen die normaal gezien gebruik maken van het openbaar vervoer door het corona virus nu massaal de auto gaan nemen voor kleine afstanden. En binnensteden worden omgevormd tot woonerven om voetgangers ruimte en voorrang te geven.Tijdens de piek van de coronacrisis waren er ook in Antwerpen, waar ik woon, nog maar een handvol auto's op de weg. Onze kinderen gebruiken de stad zoals wij vroeger ons dorp gebruikten: op zoek naar avontuur in één grote speeltuin. Veilig en zelfstandig op ontdekking kunnen gaan, is dat geen belangrijke onderdeel in het leven van een opgroeiend kind? Moeten wij als gemeenschap onze kinderen hierin niet aanmoedigen en stimuleren? Spontaan buurten gebeurt nu haast vanzelf. Na het werk plant je je stoel neer naast die van je buur of je tuiniert vrolijk samen in de groenbakken van de autovrije straat.Onze schepen van mobiliteit Koen Kennis betonneerde helaas onmiddellijk dit momentum met een analyse waarin hij de Antwerpenaar oproept deze autoluwe situatie vooral niet als het nieuwe normaal te beschouwen. Hij toont dat Antwerpen een stad is die de auto helaas als hoogste goed blijft zien. Het bestuur vindt het belangrijker dat de toeristen en mensen uit de randgmeente met hun auto tot in het centrum kunnen rijden voor hun dagje winkelplezier dan te kijken naar de levenskwaliteit van de Antwerpenaar zelf.Eerder zagen we in onze stad al mooie pistes voor fietsers en voetgangers in rook opgaan. Het nieuwe operaplein werd een stenen oase, de vernieuwde Scheldekaaien draaiden uit op één langgerekte kasseistrook, Park Spoor Oost blijkt nog steeds de betonnen parking van de Lotto Arena en in de heraangelegde Nationalestraat beland je in een regelrechte trampspoor-dorpel nachtmerrie. Om over een plannen voor de cruiseterminal in onze LEZ-zone nog te zwijgen.Nochtans kan het ook anders. Park Spoor Noord is een mooi voorbeeld van een herbestemming van een industriële zone voor stadsbewoners. Dankzij de lage drempel en de grote groene ruimte genieten heel wat inwoners van Antwerpen Noord van samenkomen en sporten in het groen. Onze kinderen beleefden er al zomerse hoogdagen met nieuwe vriendjes uit alle windstreken. Ook in de binnenstad zag ik het plaatje al anders; tijdens de feestdagen werden enkele aaneengeschakelde winkelstraten tijdelijk autovrij gemaakt wat een stevige boost gaf aan de lokale handelaars. Ik hoop dat na deze crisis niet de auto maar de fiets van stal gehaald zal worden en dat de lokale economie als nooit tevoren floreert, samen met onze nieuwe geveltuin en die van de buren.De voorbeelden zijn legio en de stedelingen snakken ernaar. Waar wachten we op? Katrien Van den Bleeken