Ingrediënten

Voor 4 personen

  • 10 lange groene asperges
  • 200 g snijbonen
  • 150 g boontjes
  • 100 g gedopte erwten
  • 2 gelatineblaadjes (4 g)
  • 10 cl room
  • 350 g roomkaas
  • kervel en roze peperkorrels voor de afwerking

Voor de coulis van paardenbloemblad

  • 100 g paardenbloembladeren
  • 5 cl groentebouillon
  • 1 el olijfolie

Bereiding

  1. Bekleed een kleine terrinevorm met plasticfolie.
  2. Blancheer de groene asperges 3 minuten in kokend gezouten water; ze moeten een beetje krokant blijven. Giet af en verfris in ijswater. Giet weer af en laat uitlekken op keukenpapier. Schik de asperges knus naast elkaar in de terrinevorm.
  3. Maak de snijbonen en de boontjes schoon. Blancheer 5 minuten in kokend gezouten water, giet af en verfris in ijswater. Giet weer af en hou opzij. Blancheer de erwten 2 minuten in kokend gezouten water, giet af en verfris in ijswater. Giet weer af en hou opzij.
  4. Laat de gelatine weken in koud water. Breng de room aan de kook. Haal van het vuur zodra de room aan de kook komt. Knijp de gelatine uit en los al roerend op in de hete room. Schep de roomkaas in een kom en giet er de gegeleerde room bij. Kruid met peper en zout en meng grondig. Schep de helft van de roomkaas in de terrinevorm. Tik de terrine voorzichtig op het werkvlak om luchtbellen te verwijderen en het oppervlak glad te maken.
  5. Schik een laag tuinbonen en erwten op de roomkaas, bedek met de rest van de kaas en strijk glad. Eindig met een laag boontjes en zet de terrine minstens 3 uur koel weg.
  6. Maak intussen de coulis. Was de paardenbloembladeren en zwier droog. Hak grof en mix fijn met de groentebouillon, de olijfolie, peper en zout. Giet de coulis in een kommetje.
  7. Draai de groenteterrine vlak voor het serveren uit op een schotel, snij in dikke plakken en werk af met kervel en roze peperkorrels. Serveer met de coulis van paardenbloemblad.