Op 5 december is het een jaar geleden dat met toeters en bellen Beyond Chocolate werd aangekondigd, het samenwerkingsverband dat voor Belgische chocolade een einde zou moeten maken aan moderne slavernij, kinderarbeid, armoede bij cacaoboeren en boskap. Op het eindverdict is het nog even wachten - het verdrag mikt op 2030 - maar de tijd is wel al rijp voor een tussentijds rapport. Wij vroegen Bart Van Besien, chocolade-expert bij Oxfam België, om de balans op te maken. Hij is hoopvol, maar niet gerustgesteld. 'Een jaar geleden zijn er allerlei doelstellingen uitgetekend, maar nu moet er nog een actieplan komen waardoor voor iedereen duidelijk is wat zijn concrete verantwoordelijkheden zijn.'

Wat was een jaar geleden belangrijk tijdens de besprekingen van Beyond Chocolate?

VAN BESIEN: De doelstellingen zijn zo opgesteld dat iedereen er zich achter kon scharen. Zo beloofden alle chocoladeverwerkers dat hun cacao in 2025 onder een of ander duurzaamheidssysteem zal vallen. Dat kunnen officiële certificeringen zoals Fairtrade zijn, maar ook eigen duurzaamheidsprogramma's zoals bijvoorbeeld Cocoa Life van Mondelez. Dat vonden wij zeker niet genoeg: we moeten niet alleen kijken naar tools, maar ook naar impact. Daarom willen wij dat in 2030 elke cacaoboer die voor Belgische chocolade levert een leefbaar inkomen verdient. Daarnaast moet ook de ontbossing tegen dat jaar volledig stoppen.

In Ivoorkust verdient de gemiddelde cacaoboer ongeveer tweeduizend dollar per jaar. Om aan de basisbehoeften van hem en zijn gezin te voldoen, heeft hij zesduizend dollar nodig

Dat zijn allemaal erg nobele doelstellingen, maar inderdaad weinig tastbaar. Ligt er een jaar later nog geen actieplan met concrete te ondernemen stappen op tafel?

Nog niet concreet genoeg. Het is natuurlijk geen eenvoudige opgave om iedereen achter dezelfde doelstellingen te scharen en daarnaast vinden wij het belangrijker om een goéd actieplan op te stellen dan er nu snel-snel een te maken. Maar we moeten zeker nadenken over manieren om de vooruitgang op te volgen en de impact van Beyond Chocolate te registreren.

Daar wordt nu een instrument voor gelanceerd.

Ja, met het 'accountability, monitoring and evaluation framework' kunnen we opvolgen of iedereen zijn verantwoordelijkheid neemt. Beyond Chocolate blijft een vrijwillig initiatief: er hangt geen enkele straf aan het niet opvolgen van de richtlijnen. Dus moeten we ook in de beoordelingssystemen altijd op zoek gaan naar gedragenheid. Dat is natuurlijk meteen de grootste zwakte van dit soort initiatieven, maar wij stellen ons constructief op. Wij hopen dat het gedeelde begrip van de problemen alleen maar toeneemt tussen de partners.

Wat hebben bedrijven die hier vrijwillig in meestappen te winnen?

Uiteraard willen ze hun productie veiligstellen, want als cacaoboeren het niet meer zien zitten, hebben zij geen product meer om te verkopen. Maar voor België is ook het imago erg belangrijk. Chocolade is deel van onze identiteit. We zijn het tweede belangrijkste chocolade exporterende land ter wereld en de sector is elk jaar goed voor een procent van ons Bruto Nationaal Product.

'Als je de sector echt wil transformeren, dan moeten we bereid zijn om verder te gaan dan enkele goedbedoelde projecten en die hogere prijzen betalen' © Getty

De problemen waar de cacaosector vaak mee te maken heeft, kan daar een bedreiging voor zijn, want die zijn niet bepaald goed voor de reputatie van een product. De cacaosector is een heel problematische: er is een hoog risico op schending van mensenrechten, kinderarbeid en ontbossing. De meeste mensen weten bijvoorbeeld wel dat die problemen er zijn als het gaat over palmolie, maar minder als het over chocolade gaat. De drijfveer van veel van die problemen is de extreme armoede onder cacaoboeren. Dat legt allemaal een hypotheek op de duurzaamheid van de sector en dat beseft nu ook de Belgische industrie, jaren na heel wat andere landen.

Veel chocoladebedrijven hebben vandaag al allerlei mooie duurzaamheidsinitiatieven, maar als je hen vraagt of ze hun basisproduct dan ook duurder inkopen, is de reactie vaak minder enthousiast. Verandert dat?

Ik hoop dat dat zal gebeuren. Het is alleszins een van onze belangrijkste strijdpunten. Daarbij is het nodig om tot consensus te komen met de hele sector. Het moet gebeuren.

Een eerlijke prijs lijkt een erg logische oplossing tegen armoede bij producenten, maar blijft een probleem.

Kijk, de boeren hebben zo ongeveer alles nodig. De noden zijn zo gigantisch, dat boeren sowieso dankbaar zullen zijn met alles wat je doet en alles is beter dan niets. Maar als je de sector echt wil transformeren, dan moeten we bereid zijn om verder te gaan dan enkele goedbedoelde projecten en die hogere prijzen betalen.

Belgische chocoladebedrijven erkennen vandaag dat ze tekortschieten qua regulering van de sector

In Ivoorkust verdient de gemiddelde cacaoboer ongeveer tweeduizend dollar per jaar. Om aan de basisbehoeften van hem en zijn gezin te voldoen, heeft hij zesduizend dollar nodig. Zolang je hem aan het lijntje houdt met wat ondersteuning hier en wat scholen daar, ben je niet aan een duurzame sector aan het werken.

Denk je dat de bereidheid om eerlijke prijzen te betalen dan binnenkort nog zal komen?

Ik moet daar optimistisch over zijn. Er wordt alleszins heel veel over gesproken en ik denk niet dat er nog iemand in de sector zal ontkennen dat het nodig is om naar de prijzen te kijken. Maar ze zitten vaak geklemd in hun businessmodel. Dat werd heel duidelijk in 2016-2017, toen de cacaoprijzen crashten door een overproductie. Op dat moment hebben de chocoladebedrijven heel goede resultaten gehaald, want door de goedkope prijzen hebben ze samen ongeveer vijf miljard dollar uitgespaard. En dat terwijl werknemers van het duurzaamheidsdepartement enkele bureaus verder de inkomens van de boeren willen verhogen. Die conflicten binnen bedrijven zelf zouden niet meer mogen gebeuren. Als je kinderarbeid wil afschaffen en boeren een leefbaar loon wil geven, moet je naar het aankoopdepartement durven kijken en de consequenties voor lief nemen.

Dat gaat natuurlijk lijnrecht in tegen de logica van een bedrijf, dat vaak zoveel mogelijk winst wil maken en wil groeien. Hoe kan daaraan tegemoet gekomen worden?

Jarenlang zei de sector dat ze hun problemen zelf zouden oplossen en meden bedrijven elke vorm van regulatie. Compleet in strijd met dat discours hebben enkele internationale chocoladegiganten deze week echter een oproep gedaan aan onze politiek om toch actie te ondernemen. Ze erkennen vandaag dat ze tekortschieten qua regulering van de sector. Voor de bedrijven die meer duurzaamheid willen, is het belangrijk dat er een gelijk speelveld komt en dat ze niet afgerekend worden op de inspanningen die ze leveren.

Wat hopelijk volgt, is dat de Europese Commissie een soort werkkader zal voorstellen waarin bedrijven de risico's rond mensenrechtenschending zullen moeten aangeven en daar actieplannen tegenover moeten stellen om met die risico's om te gaan. Als je moderne slavernij wil tegengaan, moet je op een andere manier handeldrijven.

Toen we in de negentiende eeuw kinderarbeid afschaften, stonden vakbonden ook niet klaar met duurzaamheidsprojecten en applaus

Is daar ook politieke interesse voor?

Dat zou moeten. Het lijkt me heel interessant voor beleidsmakers om deze kwestie uit de links-rechts-instelling te halen. Sommige mensen met een bepaalde politieke filosofie zeggen dat regelgeving bedrijven alleen maar belemmert, maar nu zien die mensen dat er net bedrijven vragende partij zijn. Om een voorbeeld te geven: in zijn Beyond Chocolate heeft Alexander De Croo zelf geschreven dat dit soort wetgeving nodig is op Europees niveau. Dat hadden we op voorhand niet verwacht, maar hij heeft dat toch gedaan omdat de sector er zich zelf rijp voor toonde.

Zal chocolade ook duurder worden voor ons in de winkel als Beyond Chocolate doorzet?

Er zal inderdaad een impact zijn voor de chocoladeconsument, maar die hoeft niet gigantisch te zijn. Om een voorbeeld te geven: Oxfam Fairtrade heeft een nieuwe reep die een leefbaar inkomen voor de cacaoboeren verzekert, Bite to Fight. Die reep is per stuk tien cent duurder. Je kan heel veel impact creëren met een minimale verhoging van de prijs. Maar dan moeten we de supermarkten wel meekrijgen, want zij willen producten zo goedkoop mogelijk in de rekken krijgen. Als er mensenrechtenkwesties in het spel komen, hebben zij de plicht om die prijsverhoging te aanvaarden.

'Iedereen wil met successen afkomen en schouderklopjes krijgen, maar we zijn nog maar aan het begin van een omwenteling' © Getty

Er lijkt alvast veel bereidwilligheid. Is alleen Oxfam-Wereldwinkels hoopvol, of is dat vandaag de algemene teneur in de Belgische chocoladesector?

Wij zijn hoopvol, maar waakzaam. Dat moeten we zijn. Het verhaal van het leefbaar inkomen mag niet gekaapt worden. Het extra geld moet rechtstreeks naar de boeren gaan, het zijn zij die de impact moeten zien. Bedrijven moeten doen wat ze zeggen en daarom zijn we heel blij dat we binnenkort die concrete impactmetingen zullen hebben.

Kan je eens in de glazen bol kijken? Zullen de Belgische chocoladeproducenten de doelstellingen voor 2025 en 2030 halen?

Die van 2025 moet gemakkelijk lukken. Daarop loopt België nu al jaren achter op andere landen. Maar voor 2030... Het is moeilijk om de toekomst te voorspellen. Ik weet wel dat er weinig producten zo emblematisch zijn als chocolade en dat de keten ervan relatief eenvoudig is. Daarnaast is het niet zo dat onze voedselvoorziening in het gevaar komt als we hier drastisch ingrijpen. Chocolade is een luxeproduct. Als we zelfs dat niet duurzaam kunnen maken, wat dan wel?

We hebben de plicht om hiermee af te handelen. Iedereen wil met successen afkomen en schouderklopjes krijgen, maar we zijn nog maar aan het begin van een omwenteling. We zouden hier niet trots op moeten zijn. In de negentiende eeuw hebben we kinderarbeid bij ons ook kunnen elimineren en het is niet zo dat de vakbonden toen brave duurzaamheidsprojecten opstartten en klaarstonden met applaus voor fabriekseigenaren. Nee, ze waren heel duidelijk: kinderarbeid was een probleem en moest opgelost worden. Net zoals wij van onszelf in de negentiende eeuw vonden - en vandaag nog steeds vinden - dat we recht hebben op een leefbaar inkomen, hebben cacaoboeren dat ook. Dat moeten we voor mekaar krijgen, hoe moeilijk het misschien ook lijkt.

Op 5 december is het een jaar geleden dat met toeters en bellen Beyond Chocolate werd aangekondigd, het samenwerkingsverband dat voor Belgische chocolade een einde zou moeten maken aan moderne slavernij, kinderarbeid, armoede bij cacaoboeren en boskap. Op het eindverdict is het nog even wachten - het verdrag mikt op 2030 - maar de tijd is wel al rijp voor een tussentijds rapport. Wij vroegen Bart Van Besien, chocolade-expert bij Oxfam België, om de balans op te maken. Hij is hoopvol, maar niet gerustgesteld. 'Een jaar geleden zijn er allerlei doelstellingen uitgetekend, maar nu moet er nog een actieplan komen waardoor voor iedereen duidelijk is wat zijn concrete verantwoordelijkheden zijn.'Wat was een jaar geleden belangrijk tijdens de besprekingen van Beyond Chocolate? VAN BESIEN: De doelstellingen zijn zo opgesteld dat iedereen er zich achter kon scharen. Zo beloofden alle chocoladeverwerkers dat hun cacao in 2025 onder een of ander duurzaamheidssysteem zal vallen. Dat kunnen officiële certificeringen zoals Fairtrade zijn, maar ook eigen duurzaamheidsprogramma's zoals bijvoorbeeld Cocoa Life van Mondelez. Dat vonden wij zeker niet genoeg: we moeten niet alleen kijken naar tools, maar ook naar impact. Daarom willen wij dat in 2030 elke cacaoboer die voor Belgische chocolade levert een leefbaar inkomen verdient. Daarnaast moet ook de ontbossing tegen dat jaar volledig stoppen. Dat zijn allemaal erg nobele doelstellingen, maar inderdaad weinig tastbaar. Ligt er een jaar later nog geen actieplan met concrete te ondernemen stappen op tafel?Nog niet concreet genoeg. Het is natuurlijk geen eenvoudige opgave om iedereen achter dezelfde doelstellingen te scharen en daarnaast vinden wij het belangrijker om een goéd actieplan op te stellen dan er nu snel-snel een te maken. Maar we moeten zeker nadenken over manieren om de vooruitgang op te volgen en de impact van Beyond Chocolate te registreren. Daar wordt nu een instrument voor gelanceerd.Ja, met het 'accountability, monitoring and evaluation framework' kunnen we opvolgen of iedereen zijn verantwoordelijkheid neemt. Beyond Chocolate blijft een vrijwillig initiatief: er hangt geen enkele straf aan het niet opvolgen van de richtlijnen. Dus moeten we ook in de beoordelingssystemen altijd op zoek gaan naar gedragenheid. Dat is natuurlijk meteen de grootste zwakte van dit soort initiatieven, maar wij stellen ons constructief op. Wij hopen dat het gedeelde begrip van de problemen alleen maar toeneemt tussen de partners.Wat hebben bedrijven die hier vrijwillig in meestappen te winnen? Uiteraard willen ze hun productie veiligstellen, want als cacaoboeren het niet meer zien zitten, hebben zij geen product meer om te verkopen. Maar voor België is ook het imago erg belangrijk. Chocolade is deel van onze identiteit. We zijn het tweede belangrijkste chocolade exporterende land ter wereld en de sector is elk jaar goed voor een procent van ons Bruto Nationaal Product.De problemen waar de cacaosector vaak mee te maken heeft, kan daar een bedreiging voor zijn, want die zijn niet bepaald goed voor de reputatie van een product. De cacaosector is een heel problematische: er is een hoog risico op schending van mensenrechten, kinderarbeid en ontbossing. De meeste mensen weten bijvoorbeeld wel dat die problemen er zijn als het gaat over palmolie, maar minder als het over chocolade gaat. De drijfveer van veel van die problemen is de extreme armoede onder cacaoboeren. Dat legt allemaal een hypotheek op de duurzaamheid van de sector en dat beseft nu ook de Belgische industrie, jaren na heel wat andere landen. Veel chocoladebedrijven hebben vandaag al allerlei mooie duurzaamheidsinitiatieven, maar als je hen vraagt of ze hun basisproduct dan ook duurder inkopen, is de reactie vaak minder enthousiast. Verandert dat?Ik hoop dat dat zal gebeuren. Het is alleszins een van onze belangrijkste strijdpunten. Daarbij is het nodig om tot consensus te komen met de hele sector. Het moet gebeuren. Een eerlijke prijs lijkt een erg logische oplossing tegen armoede bij producenten, maar blijft een probleem.Kijk, de boeren hebben zo ongeveer alles nodig. De noden zijn zo gigantisch, dat boeren sowieso dankbaar zullen zijn met alles wat je doet en alles is beter dan niets. Maar als je de sector echt wil transformeren, dan moeten we bereid zijn om verder te gaan dan enkele goedbedoelde projecten en die hogere prijzen betalen. In Ivoorkust verdient de gemiddelde cacaoboer ongeveer tweeduizend dollar per jaar. Om aan de basisbehoeften van hem en zijn gezin te voldoen, heeft hij zesduizend dollar nodig. Zolang je hem aan het lijntje houdt met wat ondersteuning hier en wat scholen daar, ben je niet aan een duurzame sector aan het werken. Denk je dat de bereidheid om eerlijke prijzen te betalen dan binnenkort nog zal komen? Ik moet daar optimistisch over zijn. Er wordt alleszins heel veel over gesproken en ik denk niet dat er nog iemand in de sector zal ontkennen dat het nodig is om naar de prijzen te kijken. Maar ze zitten vaak geklemd in hun businessmodel. Dat werd heel duidelijk in 2016-2017, toen de cacaoprijzen crashten door een overproductie. Op dat moment hebben de chocoladebedrijven heel goede resultaten gehaald, want door de goedkope prijzen hebben ze samen ongeveer vijf miljard dollar uitgespaard. En dat terwijl werknemers van het duurzaamheidsdepartement enkele bureaus verder de inkomens van de boeren willen verhogen. Die conflicten binnen bedrijven zelf zouden niet meer mogen gebeuren. Als je kinderarbeid wil afschaffen en boeren een leefbaar loon wil geven, moet je naar het aankoopdepartement durven kijken en de consequenties voor lief nemen. Dat gaat natuurlijk lijnrecht in tegen de logica van een bedrijf, dat vaak zoveel mogelijk winst wil maken en wil groeien. Hoe kan daaraan tegemoet gekomen worden? Jarenlang zei de sector dat ze hun problemen zelf zouden oplossen en meden bedrijven elke vorm van regulatie. Compleet in strijd met dat discours hebben enkele internationale chocoladegiganten deze week echter een oproep gedaan aan onze politiek om toch actie te ondernemen. Ze erkennen vandaag dat ze tekortschieten qua regulering van de sector. Voor de bedrijven die meer duurzaamheid willen, is het belangrijk dat er een gelijk speelveld komt en dat ze niet afgerekend worden op de inspanningen die ze leveren. Wat hopelijk volgt, is dat de Europese Commissie een soort werkkader zal voorstellen waarin bedrijven de risico's rond mensenrechtenschending zullen moeten aangeven en daar actieplannen tegenover moeten stellen om met die risico's om te gaan. Als je moderne slavernij wil tegengaan, moet je op een andere manier handeldrijven. Is daar ook politieke interesse voor? Dat zou moeten. Het lijkt me heel interessant voor beleidsmakers om deze kwestie uit de links-rechts-instelling te halen. Sommige mensen met een bepaalde politieke filosofie zeggen dat regelgeving bedrijven alleen maar belemmert, maar nu zien die mensen dat er net bedrijven vragende partij zijn. Om een voorbeeld te geven: in zijn Beyond Chocolate heeft Alexander De Croo zelf geschreven dat dit soort wetgeving nodig is op Europees niveau. Dat hadden we op voorhand niet verwacht, maar hij heeft dat toch gedaan omdat de sector er zich zelf rijp voor toonde. Zal chocolade ook duurder worden voor ons in de winkel als Beyond Chocolate doorzet? Er zal inderdaad een impact zijn voor de chocoladeconsument, maar die hoeft niet gigantisch te zijn. Om een voorbeeld te geven: Oxfam Fairtrade heeft een nieuwe reep die een leefbaar inkomen voor de cacaoboeren verzekert, Bite to Fight. Die reep is per stuk tien cent duurder. Je kan heel veel impact creëren met een minimale verhoging van de prijs. Maar dan moeten we de supermarkten wel meekrijgen, want zij willen producten zo goedkoop mogelijk in de rekken krijgen. Als er mensenrechtenkwesties in het spel komen, hebben zij de plicht om die prijsverhoging te aanvaarden. Er lijkt alvast veel bereidwilligheid. Is alleen Oxfam-Wereldwinkels hoopvol, of is dat vandaag de algemene teneur in de Belgische chocoladesector? Wij zijn hoopvol, maar waakzaam. Dat moeten we zijn. Het verhaal van het leefbaar inkomen mag niet gekaapt worden. Het extra geld moet rechtstreeks naar de boeren gaan, het zijn zij die de impact moeten zien. Bedrijven moeten doen wat ze zeggen en daarom zijn we heel blij dat we binnenkort die concrete impactmetingen zullen hebben. Kan je eens in de glazen bol kijken? Zullen de Belgische chocoladeproducenten de doelstellingen voor 2025 en 2030 halen? Die van 2025 moet gemakkelijk lukken. Daarop loopt België nu al jaren achter op andere landen. Maar voor 2030... Het is moeilijk om de toekomst te voorspellen. Ik weet wel dat er weinig producten zo emblematisch zijn als chocolade en dat de keten ervan relatief eenvoudig is. Daarnaast is het niet zo dat onze voedselvoorziening in het gevaar komt als we hier drastisch ingrijpen. Chocolade is een luxeproduct. Als we zelfs dat niet duurzaam kunnen maken, wat dan wel? We hebben de plicht om hiermee af te handelen. Iedereen wil met successen afkomen en schouderklopjes krijgen, maar we zijn nog maar aan het begin van een omwenteling. We zouden hier niet trots op moeten zijn. In de negentiende eeuw hebben we kinderarbeid bij ons ook kunnen elimineren en het is niet zo dat de vakbonden toen brave duurzaamheidsprojecten opstartten en klaarstonden met applaus voor fabriekseigenaren. Nee, ze waren heel duidelijk: kinderarbeid was een probleem en moest opgelost worden. Net zoals wij van onszelf in de negentiende eeuw vonden - en vandaag nog steeds vinden - dat we recht hebben op een leefbaar inkomen, hebben cacaoboeren dat ook. Dat moeten we voor mekaar krijgen, hoe moeilijk het misschien ook lijkt.