Column

‘Soms vlucht ook ik in de foxtrot of in sterkedrank, of geef mij over aan impulsief shoppen’

‘Hoe is het daar?’ stuurt een vrouw die ik al een tijd niet gezien heb. Vroeger was dat een onschuldige vraag, maar vandaag kun je net zo goed de doos van Pandora openen, die ondersteboven draaien en eens goed uitschudden.

‘Licht en warmte kosten je een rib uit het lijf,’ antwoord ik, ‘mensen worden voor de lol onder de metro geduwd en uit onderzoek blijkt dat Anne Frank wellicht is verraden door een Jood. Poetin dreigt Oekraïne binnen te vallen en ik kreeg een bericht van Itsme over een verdachte inlogpoging. De meeste mensen worden armer, maar om de 26 uur komt er gelukkig een nieuwe miljardair bij. Voor de rest gaat alles prima.’

‘Er lopen meer gekken rond dan ooit’, antwoordt de vrouw. De rest van de dag hoor ik haar niet meer. Ik vermoed dat ze voor de weg van de minste weerstand kiest en elders op zoek gaat naar luchtiger vertier. Je kunt het de mensen niet kwalijk nemen. Soms vlucht ik ook in de foxtrot of in sterkedrank, of geef mij over aan het copingmechanisme dat impulsief shoppen wordt genoemd. Zo kocht ik onlangs, van een vent die Fred heet, een radio met lampen die ouder is dan ik. De radio heeft een kattenoog – zo noemden ze de indicatorbuis voor de signaalsterkte – dat groen en geheimzinnig opgloeit in het donker. Op de klank moet je bijna een minuut wachten, maar mijn god wat een volheid en charme!

Soms vlucht ook ik in de foxtrot of in sterkedrank, of geef mij over aan impulsief shoppen.

Het zegt iets over de tijd waarin je leeft, als je spullen begint te kopen uit tijden die niet meer terug zullen komen. Mijn dochter luistert weer naar elpees en soms voel ik heimwee naar de geur van verse voetbalplaatjes. Soms voel ik zelfs medelijden met minister van Energie Tinne Van der Straeten, als zij op televisie moet komen uitleggen wat moeilijk uitgelegd kan worden. Mijn erbarmen wordt nog groter als ik haar googel en erachter kom dat zij op 1 april werd geboren en eigenlijk Christinne Liesbeth Alfons heet.

Los van die verdwaalde sympathie, moet ik toegeven dat mijn vertrouwen in de democratie ietwat op apegapen ligt. Wij zitten opgescheept met elf ministers van Volksgezondheid en het lijkt erop dat Donald Trump straks terugkomt. People want to be ruled, las ik ergens. We hebben de mond vol van vrijheid, maar als het even kan, huppelen we vol bewondering aan achter influencers, tenniskampioenen, despoten, ayatollahs en al wie voor de rest vol genoeg van zichzelf is.

Ik mis soms mijn grootvader, die savooi prakte met aardappelen en de jus van het vlees goot in een kuiltje dat daartoe speciaal gemaakt werd. ‘Is het ver?’ vroeg ik hem als er ergens oorlog uitbrak. Grootvader knikte dan geruststellend en bevestigde dat het aan de achterkant van de wereld was. Mijn vraag was kinderlijk en zelfzuchtig, maar wat was het fijn om zo gerustgesteld te kunnen worden.

Nu ik groot ben, moet ik mijzelf geruststellen en een handvol anderen. ‘Al valt de wereld uit elkaar’, zeg ik tegen de kat die Harry genoemd wordt: ‘Wij moeten dapper zijn en blijven geloven in de toekomst.’

Ik ben fan van de quote die ik onlangs las: ‘When the going gets tough, the tough open a bottle of champagne.’

Het was geloof ik bij Nadine Van Der Linden, die het misschien leende van Marilyn Monroe.

Zoals vaker geeft Harry geen antwoord.

Fout opgemerkt of meer nieuws? Meld het hier

Partner Content