De tweede carrière van An Vandevorst en Kris Van Assche: ‘Je moet je oog blijven trainen’

© Aaron Lapeirre

An Vandevorst en Kris Van Assche ruilden hun druk bestaan als modeontwerper voor jobs bij de Italiaanse modeschool Polimoda, zij als hoofd van het Fashion Design Department, hij als mentor voor de master Creative Direction.

Na elf jaar aan het hoofd van de mannencollecties van Dior en drie jaar bij Berluti had Kris Van Assche in april 2021 plots geen vaste baan meer. An Vandevorst en partner Filip Arickx hadden een jaar eerder na 23 jaar een punt gezet achter hun label A.F. Vandevorst. Stoppen was niet evident, maar het was in zekere zin ook bevrijdend.

En wat bleek: het leven ging door. An Vandevorst werd vorig jaar hoofd van de afdeling Fashion Design op de prestigieuze Italiaanse modeschool Polimoda, waar ze op de eerste schooldag, net voor een speech, haar voet brak. Ze gaf de speech voor ze met een ambulance werd weggebracht. Ze haalde op haar beurt Van Assche naar Firenze. Hij is er mentor voor de master Creative Direction. Vandevorst brengt nu twee weken per maand in Italië door. Van Assche vliegt om de vier à zes weken een paar dagen over om zijn studenten te begeleiden. We voerden een gesprek over stoppen en doorgaan en over vroeger en nu. Minder over straks: over eventuele nieuwe projecten in de mode hielden zowel Vandevorst als Van Assche de lippen stijf op elkaar. Zij in haar kantoor in Antwerpen, hij in zijn bureau, thuis in Parijs.

Ik geloof dat er niets erger is dan een droomjob waarbij je na verloop van tijd overschakelt naar automatische piloot.

Kris Van Assche

‘Dat we destijds geen sociale media hadden is een voordeel’, lacht Van Assche, die net als Vandevorst is afgestudeerd aan de Academie van Antwerpen. ‘Het is heel moeilijk om foto’s te vinden van al mijn ‘jeugdzonden’, godzijdank.’ ‘Anderzijds heb je dankzij de sociale media minder geld nodig om je collecties te laten zien’, zegt Vandevorst. ‘Wij moesten een defilé in Parijs geven om kopers en pers te bereiken. Nu zijn er ontelbaar veel mensen die een sweater of een hemdje maken aan hun keukentafel, dat fotograferen, dat precies op het juiste moment posten, en vertrokken zijn, met zero budget.’

Hoe moeilijk is het om plots te stoppen?

An Vandevorst: ‘Stoppen met A.F. Vandevorst was voor ons geen plotse beslissing. We hebben daar lang over nagedacht, we hebben er alleen niet onmiddellijk over gecommuniceerd. We wilden nog een laatste collectie maken. We hebben onze medewerkers stap voor stap ingelicht, zodra het kon en nodig was. Te beginnen met assistenten en stagiairs, die zich begonnen af te vragen wanneer we nu eindelijk aan de volgende collectie zouden beginnen. Iedereen is enorm loyaal geweest. Niemand heeft ook maar één woord gezegd. Zelf heb ik het ook pas op het allerlaatste moment aan mijn familie verteld. Half februari hebben we onze beslissing officieel aangekondigd. Op 29 februari hebben we nog een groot afscheidsfeest gegeven in Parijs en een week later ging de wereld in lockdown. We voelden dat het tijd was om te stoppen. De mode is enorm veranderd. We vonden: ofwel gaan we een totaal andere richting uit, ofwel eindigen we nu in schoonheid. Achteraf heeft het nog bijna een jaar geduurd om alles af te handelen. Ik stond altijd op om zes of zeven uur en dat ben ik blijven doen. Filip en ik zijn elke dag naar de studio blijven gaan. We hadden geen deadlines meer, maar we zijn wel blijven werken.’

Kris Van Assche: ‘Ik ben afgestudeerd in Antwerpen in 1998, nog in de vorige eeuw, en sindsdien heb ik non-stop gewerkt. Ik ben assistent geweest, heb elf jaar mijn eigen label gehad, elf jaar Dior Homme geleid en dan nog drie jaar Berluti. Ik heb geen dag zonder werk gezeten. Als het dan van de ene dag op de andere stopt, moet je echt afkicken. Corona heeft wel geholpen: ik was het al gewend om nog maar één keer per week naar kantoor te kunnen gaan, of zoals tijdens de lockdown, helemaal niet. Maar afkicken is het sowieso, dat ga ik niet ontkennen. Ik ben een workaholic. Ik doe mijn werk ook heel graag. Anderzijds: als je zo veel werkt, als je tot acht collecties per jaar ontwerpt, krijg je nooit de kans om afstand te nemen, om jezelf te evalueren. Ik geloof dat er niets erger is dan een droomjob waarbij je na verloop van tijd overschakelt naar automatische piloot.’

Was dat bij jou het geval?

Kris Van Assche: ‘Natuurlijk, en dat is ook normaal. De dag dat je je collectie showt, ben je al bezig aan de volgende. Er is geen tijd om alles te laten bezinken of om zelfs maar van dat moment te genieten. Het voordeel aan zo’n brutale stop is dat je eindelijk tijd hebt om terug te blikken. Ik ben nu naar mijn archieven aan het kijken. Ik heb daarvoor een tweede Instagramaccount opgestart. Ik probeer ook dingen te doen waarvoor ik vroeger gewoonweg geen tijd had. Ik krijg aanbiedingen genoeg. Maar ik wil nu dingen doen die helemaal anders zijn, die me opnieuw zin doen krijgen in het hele circus. Ik pak het nu compleet anders aan. Dat moet wel: ik heb geen atelier of studio meer ter beschikking, al ben ik natuurlijk ook niet op de avenue Montaigne geboren. Ik voel me weer dichter bij de modestudent die ik ooit ben geweest, in een soort gevarenzone. Het mentorschap bij Polimoda komt daardoor op het juiste moment. Terwijl ik me afvraag wat er overblijft van de droom die ik had als achttienjarige, biedt An me de kans om met de huidige generatie achttienjarigen in contact te komen. Ik begeleid nu 25 jonge dromers, en ik kan me na al die jaren nog altijd met hen identificeren.’

De tweede carrière van An Vandevorst en Kris Van Assche: 'Je moet je oog blijven trainen'
© Renaud Callebaut

An Vandevorst: ‘Toen ik het aanbod kreeg van Polimoda, was het ook dat wat mij aantrok: omgaan met jonge mensen. Het modelandschap staat toch wel op zijn kop. Het is niet meer zoals vroeger en daarom is het interessant om te zien hoe deze generatie mode benadert. Destijds stonden wij op en gingen wij slapen met mode. Mode, dat was alles, ons eten, ons drinken, ons hele leven. Het was het enige dat bestond en dat was fijn. Nu voel je dat mensen ook een leven buiten de mode hebben. Het ritme ligt trager. Niet dat studenten nu minder hard werken of lui zijn. Ze zijn gewoon ook met andere dingen bezig. Hun interesses gaan veel breder. Wij werkten bij wijze van spreken tot we erbij neervielen. Als je niet dag en nacht doorging, kreeg je al snel een blik van ‘wat komt die hier doen’?’

Destijds stonden wij op en gingen wij slapen met mode. Nu voel je dat studenten een leven buiten de mode hebben. Ze zijn ook met andere dingen bezig.

An Vandevorst

Op de Academie, bedoel je?

An Vandevorst: ‘Dat begon al op de Academie. Je moest de hele tijd werken: ’s avonds, ’s nachts, tijdens het weekend. Ik zeg nu wel ‘moest’, maar wij deden dat gewoon uit onszelf. Voor mij was aan de Academie beginnen een droom. Ik kwam er binnen en wilde nooit meer weg. Als er een leerkracht ziek was en we naar huis mochten, bleef ik gewoon op school. Mode is toch wel een bijzondere passie.’

Kris Van Assche: ‘Deze generatie heeft heel andere ideeën over mode. Wij hebben destijds geleerd om de best mogelijke collecties te maken, om een heel sterk verhaal neer te zetten. En die collecties moesten voor zichzelf spreken. Als je nu met studenten over hun werk praat, beginnen ze vaak met hun plan voor sociale media, en daarna vertellen ze hoe hun winkels er gaan uitzien en hun campagnes, en met welke goede doelen ze gaan samenwerken. Ze zijn allemaal sustainable en inclusive: dat zijn vaak de eerste twee woorden die je te horen krijgt. Helemaal op het einde van zo’n gesprek tonen ze eventueel nog enkele tekeningen. Dat is soms schrikken. Maar je kunt hun dat ook niet kwalijk nemen. Bij de grote huizen zitten tegenwoordig veel mensen die meer bezig zijn met communicatie dan met ontwerpen, zonder namen te noemen.’

Toont dat niet gewoon aan dat je tegenwoordig heel veelzijdig moet zijn in de mode?

Kris Van Assche: ‘Dat is de vraag van een miljoen. Wat is mode en wat is ‘Creative Direction’? Is het genoeg om te kunnen zeggen hoe je iets wilt, hoe je wilt communiceren en hoe je het hele verhaal errond vertelt, of heb je ook nog altijd die klassieke opleiding nodig? Ik vind ontwerpen nog altijd heel belangrijk. Als iemand pas na een halfuur een eerste tekening tevoorschijn haalt, kost het me veel moeite om geïnteresseerd te blijven. Maar in die masteropleiding zitten ook studenten die niet noodzakelijk in Parijs willen gaan defileren. Die bijvoorbeeld alleen ondergoed willen maken, of alleen trouwjurken. Het is aan mij om door te dringen tot hun wereld.’

An Vandevorst: ‘Kris is mentor van de masteropleiding Creative Direction, waar studenten onder meer de opdracht krijgen om een bestaand huis dat wat in slaap is gevallen weer wakker te schudden. In de opleiding Fashion Design ligt de focus wel meer op puur ontwerpen. Maar het klopt wel dat wij voor zo’n opdracht allicht zouden gestart zijn met een collectie en niet met de sociale media. Dat is ook hoe we met A.F. Vandevorst werkten, en dat was soms ook ons probleem. We waren soms zo totally absorbed door een collectie dat er geen tijd overbleef om te communiceren. Dan gebeurde het dat we veel te laat ons event organiseerden en er bijna niemand kwam opdagen omdat iedereen al iets anders gepland had. Zulke stoten zal deze generatie niet meemaken. Misschien zal hun collectie niet klaar zijn. Maar volk zal er wel zijn.’ (lacht)

Presentatie van het vak knitwear design bij Polimoda.
Presentatie van het vak knitwear design bij Polimoda.© GF

Kris Van Assche: ‘Toen wij studeerden, was er nog geen Instagram, geen Google. Als wij research moesten doen, gingen we naar de bibliotheek en daar namen we dan ook de tijd voor. Deze generatie is heel ongeduldig. Ze willen alles onmiddellijk. Hun eerste vraag is vaak: ‘Hoe kan ik bij Dior gaan werken?’ Dan zeg ik: ‘Ik kan je wel het telefoonnummer geven van de CEO, maar daar ben je niet veel mee. Je moet proberen iets op te bouwen, een element worden waar een huis niet omheen kan. Dat is niet gemakkelijk. Hun reactie is dan: ‘In jouw tijd moest je eerst zes jaar als assistent werken, maar nu gaat dat sneller.’ Voor hen moet het allemaal nu gebeuren, onmiddellijk. Student zijn gaat altijd gepaard met wat naïviteit. Dat was bij ons ook al zo. Ik prijs mezelf gelukkig dat ik eerst zes jaar geassisteerd heb voor ik mijn eigen label begon. Ik zou het anders geen veertien dagen overleefd hebben. Het probleem nu is dat er enorm veel competitie is, van andere ontwerpers, maar ook van stylisten en celebrity’s. Kim Kardashian brengt een ondergoedlijn uit en dat is dan meteen een miljoenenbusiness. Dat verklaart het ongeduld van studenten. Ik geef dan tot mijn eigen verbazing speeches waarin ik Kim Kardashian verdedig. Zij heeft ook hard gewerkt om er te komen. Dat is niet in zes maanden gebeurd. Ik probeer altijd te benadrukken dat een beetje geduld goed is.’

Ik geef tot mijn eigen verbazing speeches waarin ik Kim Kardashian verdedig. Zij heeft hard gewerkt om er te komen. Ik probeer altijd te benadrukken dat geduld goed is.

Kis Van Assche

Wat willen jullie de studenten bijbrengen?

An Vandevorst: ‘Ik vind schoonheid, kwaliteit, de tijd nemen belangrijk. Respect ook, voor alles en iedereen. Als je respect hebt voor anderen, heb je geen behoefte meer aan woorden als ‘inclusief’ en ‘sustainable’. Dat begint bij jezelf, thuis, op school. Ik vind dat je je horizon zo breed mogelijk moet maken. Je moet de tijd nemen om dingen te leren, om andere mensen te leren kennen. Eigen aan Polimoda is dat de school heel erg gelinkt is aan de Italiaanse mode-industrie. Dat is anders dan bijvoorbeeld in Antwerpen, waar de focus volledig op creativiteit ligt. Ik heb in Antwerpen mijzelf leren kennen en mijn talent kunnen ontplooien. Bij Polimoda wordt er meer gekeken naar de industrie. We werken samen met grote huizen, met Gucci en Ferragamo bijvoorbeeld. Het is een andere aanpak.’

Kris Van Assche: ‘Ik was verrast toen An mij dat mentorschap aanbood, want ik ben echt geen leraar. Maar ik sta wel honderd procent in de realiteit. Een ingedommeld huis heropstarten, strategie en positionering bestuderen, dat zijn dingen die ik ken, die ik heb gedaan. Ik voel dat ik de studenten een zekere realiteitszin kan bijbrengen. Ik zie hen twee dagen om de vier of zes weken en dan zie ik hoe ze evolueren. Ofwel begrijp ik waar ze naartoe willen, ofwel begrijp ik het niet. En als ik het niet begrijp, zit er waarschijnlijk ergens een kink in de kabel. Ik ben ook niet bang om mijn eigen ervaringen te delen. Ik ben zelf ook weleens tegen een muur gelopen. Ik praat daarover met de studenten.’

An Vandevorst: ‘Als modeontwerper ben je voor een groot deel een problem solver. Dat moet je zijn, anders lukt het nooit. Je moet compromissen vinden en van alles wat tegenvalt een uitdaging maken. Je kunt wel kritiek geven, maar je moet ook klaarstaan met een antwoord, iets aanreiken waarmee een student verder kan. Daar zijn ze dan ook heel dankbaar voor.’

Kris Van Assche: ‘Je krijgt heel veel terug. Dat klinkt stom, maar het is wel zo.’

An Vandevorst: ‘Ik probeer altijd eerlijk te zijn, ik zeg oprecht wat ik vind. Soms heeft iemand gewoon geen talent, dat kan. En soms kun je in die persoon toch plots een licht zien. Het is belangrijk dat je dat licht dan ook echt ziet en dat je het kunt tonen. Soms zit talent heel diep verstopt.’

Je kiest voor een menselijke aanpak.

An Vandevorst: ‘Ik heb dat altijd belangrijk gevonden. Je kunt in de mode werken op een menselijke manier, al wordt vaak het tegendeel beweerd. De schoenenfabrikant van A.F. Vandevorst maakt nog altijd mijn schoenen. Die mensen zijn in de loop der jaren bijna familie geworden.’

Kris Van Assche: ‘Als assistent heb ik zes jaar dag en nacht gewerkt. Toen ik mijn eigen label begon, wilde ik nog altijd hard werken, maar ik vond wel dat het plezierig moest blijven. Er zijn ontwerpers die, zoals sommige artiesten, een soort lijdensweg nodig hebben, die door afzien een soort climax bereiken. Als je niet halfdood bent, dan ben je niet ver genoeg gegaan. Zo ben ik nooit geweest. Toen ik terugging naar Dior als creatief directeur, heb ik altijd respect gehad voor mijn team. Ik vond het belangrijk dat die mensen een familieleven hebben en dat een week in normale omstandigheden bestaat uit vijf werkdagen en twee rustdagen: dat heb ik als assistent nooit gekend. Na elf jaar ben ik bij Dior weggegaan met een gebroken hart, omdat ik mensen moest achterlaten met wie ik elf jaar dag in, dag uit gewerkt had en met wie ik een persoonlijke band had opgebouwd.’

Zouden jullie het als debutanten in 2022 op dezelfde manier aanpakken?

An Vandevorst: ‘Nee, ik denk het niet. Ik zou meer tijd nemen, me beter laten omringen en niet proberen alles zelf te doen. Wij waren soms zo moe dat we geen afstand meer konden nemen.’

Kris Van Assche: ‘Ik eigenlijk wel. Natuurlijk zijn er dingen die ik liever anders had gehad. Maar ik denk toch dat ik de juiste stappen heb gezet. Ik heb als assistent heel veel geleerd. Dat je de juiste mensen op de juiste plek nodig hebt, bijvoorbeeld.’

An Vandevorst: ‘Het hangt er ook van af waar je als assistent terechtkomt. Ik heb voor Dries Van Noten gewerkt en die deed alles zelf. ( lacht) Dries is enorm gepassioneerd, een workaholic. Dat was mijn leerschool.’

Kris Van Assche: ‘Er is sowieso een groot verschil tussen Antwerpen en Parijs. Ik ben van de ene wereld in de andere gerold, en heb zelf min of meer een evenwicht tussen detwee gevonden. Antwerpen is artistieker, daar gaat het honderd procent over de visie van een ontwerper. Bij een huis als Dior ben je de zoveelste ontwerper die een stijl herinterpreteert.’

An Vandevorst: ‘Dat is inderdaad een andere leerschool. Bij Dries heb ik geleerd dat je nooit te snel tevreden mag zijn. Je moet altijd blijven verder denken. Je moet je grenzen verleggen, je oog blijven trainen. Je kunt verder gaan en verder gaan, tot je die ene stap zet die iemand anders niet zal zetten.’

An Vandevorst

An ontmoette haar partner Filip Arickx op hun eerste schooldag aan de Modeacademie van Antwerpen. Na verschillende jaren als assistent bij Dries Van Noten begon ze met Arickx A.F. Vandevorst. Ze zetten een punt achter het label in 2021, na 23 jaar en zo’n 40 seizoenen. Bij Polimoda is Vandevorst hoofd van de afdeling Fashion Design.

Kris Van Assche

Kris is afgestudeerd aan de Antwerpse Modeacademie in 1998. Hij begon als assistent van Hedi Slimane bij achtereenvolgens Yves Saint Laurent en in 2000 Dior Homme. In 2004 begon hij zijn eigen label, Kris Van Assche. Na het vertrek van Slimane bij Dior, in 2007, werd Van Assche er creatief directeur. Hij bleef er elf jaar. Tussen 2019 en 2021 was hij artistiek directeur van het Franse mannenlabel Berluti. Bij Polimoda is hij mentor van de master in Creative Direction.

Polimoda

Polimoda is een in Firenze gebaseerde privéschool die in 1986 is opgericht door Shirley Goodman, voormalig executive vicepresident emeritus van de Amerikaanse modeschool FIT, en markies Emilio Pucci, stichter van het label Pucci. In 2018 telde Polimoda ongeveer 2300 studenten uit 75 landen. Naast Vandevorst en Van Assche is ook Linda Loppa nauw bij Polimoda betrokken. De vroegere directeur van de Academie van Antwerpen was er lang directeur en is nu actief als consultant inzake strategie en visie.

Partner Content