Door de pandemie kregen kledingfabrikanten in de Aziatische landen te maken met gedwongen sluitingen, geschrapte orders en vertraagde betalingen door opdrachtgevers. Volgens Schone Kleren Campagne kwam de pijn uiteindelijk bij het personeel in de fabrieken terecht. Het is voor de kledingmakers namelijk nog lastiger geworden om rond te komen sinds de coronacrisis begon.

Van de 26 medewerkers uit Bengaalse en Cambodjaanse fabrieken die voor H&M kleding naaien, zeiden er 18 dat ze nog loon te goed hebben van hun bazen. Gemiddeld gaat het om omgerekend 132 dollar per arbeider. Bij fabrieksarbeiders die voor budgetketen Primark kleding maakten, zeiden 11 van de 12 geïnterviewden nog steeds te wachten op een deel van hun salaris. Het ging om een bedrag van bij elkaar 2.890 dollar. Van de 21 arbeiders in Indonesische fabrieken die voor Nike schoenen en kleren maken, gaven er 13 aan dat ze nog wachten op loon.

Lagere lonen

Naast loon dat nooit is uitbetaald, zeggen de ondervraagde arbeiders ook dat de salarissen die ze kregen zijn verlaagd, onder meer door het wegvallen van extra vergoedingen. Medewerkers van kledingfabrieken in Cambodja, Bangladesh en Indonesië hadden het volgens Schone Kleren Campagne al voor de coronacrisis zwaar door de lage lonen. Nu daar omgerekend tientallen dollars per maand minder binnenkomen, wordt het nog moeilijker voor ze om rond te komen.

De verslechterde betalingen gaan volgens Schone Kleren Campagne vaak gepaard met intimidatie op de werkvloer als het personeel om meer loon vraagt. Nike, H&M en Primark konden niet direct reageren op schriftelijke vragen over het onderzoek. (Belga)

Door de pandemie kregen kledingfabrikanten in de Aziatische landen te maken met gedwongen sluitingen, geschrapte orders en vertraagde betalingen door opdrachtgevers. Volgens Schone Kleren Campagne kwam de pijn uiteindelijk bij het personeel in de fabrieken terecht. Het is voor de kledingmakers namelijk nog lastiger geworden om rond te komen sinds de coronacrisis begon.Van de 26 medewerkers uit Bengaalse en Cambodjaanse fabrieken die voor H&M kleding naaien, zeiden er 18 dat ze nog loon te goed hebben van hun bazen. Gemiddeld gaat het om omgerekend 132 dollar per arbeider. Bij fabrieksarbeiders die voor budgetketen Primark kleding maakten, zeiden 11 van de 12 geïnterviewden nog steeds te wachten op een deel van hun salaris. Het ging om een bedrag van bij elkaar 2.890 dollar. Van de 21 arbeiders in Indonesische fabrieken die voor Nike schoenen en kleren maken, gaven er 13 aan dat ze nog wachten op loon. Naast loon dat nooit is uitbetaald, zeggen de ondervraagde arbeiders ook dat de salarissen die ze kregen zijn verlaagd, onder meer door het wegvallen van extra vergoedingen. Medewerkers van kledingfabrieken in Cambodja, Bangladesh en Indonesië hadden het volgens Schone Kleren Campagne al voor de coronacrisis zwaar door de lage lonen. Nu daar omgerekend tientallen dollars per maand minder binnenkomen, wordt het nog moeilijker voor ze om rond te komen. De verslechterde betalingen gaan volgens Schone Kleren Campagne vaak gepaard met intimidatie op de werkvloer als het personeel om meer loon vraagt. Nike, H&M en Primark konden niet direct reageren op schriftelijke vragen over het onderzoek. (Belga)