In 1916, halverwege WOI, voert Groot-Brittannië de militaire dienstplicht in, wordt het centrum van Londen voor het eerst getroffen door Duitse bommen en beleeft het Britse leger de bloederigste dag uit zijn geschiedenis tijdens de Slag bij de Somme. Niet meteen het ideale moment voor de lancering van een magazine dat volledig in het teken staat van mode, stijl en de high society.
...

In 1916, halverwege WOI, voert Groot-Brittannië de militaire dienstplicht in, wordt het centrum van Londen voor het eerst getroffen door Duitse bommen en beleeft het Britse leger de bloederigste dag uit zijn geschiedenis tijdens de Slag bij de Somme. Niet meteen het ideale moment voor de lancering van een magazine dat volledig in het teken staat van mode, stijl en de high society. Transportbeperkingen en papierschaarste maakten het zo goed als onmogelijk om de al in 1892 opgestarte Amerikaanse stijlbijbel Vogue nog op de Britse markt te verdelen. Dus lanceerde de Amerikaanse uitgever Condé Montrose Nast in september 1916 een Britse Vogue - de eerste van wat nu ruim twintig buitenlandse edities zijn. De eerste jaren herkauwde de Britse redactie grotendeels de inhoud van het Amerikaanse moederblad, zij het dan met aangepaste spelling. Vanaf de jaren twintig ging het magazine steeds meer zijn eigen weg. Het strikte Britse auteurs als Virginia Woolf en Aldous Huxley en bracht tijdens WOII meermaals verslag uit van de gebeurtenissen aan het front. Huidig hoofdredacteur Alexandra Shulman maakte begin jaren negentig werk van een verjongingsoperatie, investeerde fors in bewaarnummers en schaarde zich (enigszins schoorvoetend) aan de zijde van critici die de modewereld onrealistische en ongezonde schoonheidsidealen verwijten. Ingrepen die het blad enkel ten goede kwamen : honderd jaar na de lancering klokt de Britse Vogue af op 1,2 miljoen lezers per maand ; geen ander Brits magazine kan hogere winstcijfers presenteren. In de Vogue -stal zelf doen enkel de Amerikaanse en de Chinese editie beter. Vogue 100 : A Century of Style, de tentoonstelling die volgende week start in de National Portrait Gallery in Londen, belooft dan ook een publiekstrekker te worden. Op het programma staan meer dan 280 gepubliceerde en nooit eerder getoonde foto's van vermaarde namen als Cecil Beaton, Irving Penn, David Bailey en Nick Knight. Hoogtepunten gaan van vintage prints van 's werelds eerste professionele modefotograaf Adolph de Meyer en de korsetfoto van Horst P. Horst uit 1939, die Madonna's Vogue -video inspireerde, tot Peter Lindberghs veelbesproken supermodellencover uit 1990. Andere bekende gezichten op de expo en in het gelijknamige boek (Hatje Cantz, 49,80 euro) zijn onder anderen Henri Matisse, Francis Bacon, Marlene Dietrich, Fred Astaire, Lady Di en David Beckham. Van 11 februari tot 22 mei, npg.org.uk. Door Wim Denolf