De Åreskutan, met zijn amper 1420 meter Åres hoogste bergtop, laat me niet meteen duizelen. Als doorgewinterde sneeuwkat heb ik wel meer nodig om ijlhoofdig te worden. Dat is ook de reden waarom het Scandinavische skiën nooit mijn winterkeuze is geworden. Want eindeloze vlakten en sparrenbossen associeer ik niet meteen met suizende afdalingen en een bruisende après-ski. Een uitnodiging om in het hoge noorden de latten aan te binden bezorgde me dan ook in eerste instantie een licht Ardennenskigevoel. Dat voorbehoud valt van me af als ik me op een vroege februariochtend in de ski's klik om, verrukt door de onmetelijke schoonheid van de omgeving, in soepele bochten naar beneden te glijden.
...