Ik herinner me onze aankomst in Amerika, negentien jaar geleden op 8 oktober, nog heel goed. Het was al donker toen we landden. Alan, een vriend van Tom, stond ons op te wachten. Het was volop spitsuur. Nog nooit had ik zoveel verkeer gezien dat zo traag en lawaaierig voortkroop. Uren later parkeerden we eindelijk voor Alans deur. Mijn mond viel open. Voor mij stond het huis uit de blokkendoos van mijn kindertijd dat me ontelbare uren had doen fantaseren. Het was een geelgeschilderde houten woonst. Er was een brede veranda met witte pilaren, geruite ramen met boogjes erboven, enkele torentjes en nog wat kleinere pilaartjes aan weerszijden van de ramen op de derde verdieping. Net zoals in de oude Amerikaanse films stapten we meteen de woonkamer binnen. Links ging een brede houten trap naar boven. Rechts was er een enorme woon- en eetkamer met glanzende, houten vloeren. Daarachter lag een grote keuken met gerestaureerde kasten en een koperen g...