Zeg 'accessoire' tegen een juweel en er is veel kans dat de ontwerper daar helemaal niet gelukkig mee is. Zeker niet de juweelkunstenaar die op een conceptuele manier werkt, die een inhoud tracht mee tegeven aan zijn/haar ontwerpen. Alleen daarom al is Blikvangers, een project van het Nederlands Textielmuseum, bijzonder: tien juweelontwerpers werden uitgenodigd om een installatie te maken rond het thema accessoires.
...

Zeg 'accessoire' tegen een juweel en er is veel kans dat de ontwerper daar helemaal niet gelukkig mee is. Zeker niet de juweelkunstenaar die op een conceptuele manier werkt, die een inhoud tracht mee tegeven aan zijn/haar ontwerpen. Alleen daarom al is Blikvangers, een project van het Nederlands Textielmuseum, bijzonder: tien juweelontwerpers werden uitgenodigd om een installatie te maken rond het thema accessoires. Als je er Van Dale op naslaat, leer je dat accessoires "bijkomstige zaken" zijn, "benodigdheden die tot aanvulling dienen maar niet functioneel zijn." Een handtas, sjaal, hoed, sieraad, handschoenen... ze worden afgedaan als bijkomstigheidjes. Contradictorisch, want eigenlijk zijn accessoires de finishing touch, ze maken je outfit àf. De definitie van Van Dale vormde het uitgangspunt voor het project: "Wij wilden het thema accessoires op een vernieuwende wijze aan de orde brengen", zegt Caroline Boot, conservator beeldende kunst van het Tilburgse Textielmuseum. "Accessoires worden meestal gezien als versierselen die nadien aan een kledingstuk worden toegevoegd. Wij hebben die ontwerpers uitgenodigd om dat beeld te doorbreken. Het zijn de Nederlanders Dinie Besems, Iris Eichenberg, Manon van Kouswijk, Ted Noten en Miriam Verbeek; en uit België: Pia Clauwaert, Hilde De Decker, Hilde van der Heijden, Els Ongenae en Anne Zellien. We hebben gezocht naar jonge mensen die vernieuwend bezig zijn; die enerzijds hun métier heel goed beheersen en anderzijds conceptueel werken. De opdracht luidde: maak het accessoire tot het belangrijkste en probeer daarbij uit te gaan van een totaalbeeld. Verder kregen ze min of meer de vrije hand." De geëxposeerde installaties tonen tien heel verschillende visies. Sommigen gaan op zoek naar de essentie, anderen benaderen het thema humoristisch of geven er een nieuwe betekenis aan. Dinie Besems toont een bol " moi hair", gesponnen van haar eigen haar, en stelt de uitnodigende vraag: What would you like to knit whit me? Manon van Kouswijk gaf haar werk de titel Bijkomstige benodigdheden. In de handpalm van handschoenen borduurde zij woorden in braille; in andere attributen maakt ze sporen van menselijk gebruik zichtbaar. Bij Iris Eichenberg speelt het oneigenlijk gebruik van kleding en accessoire: een tafel aangekleed met een trui, de col naar beneden gericht; schoenen die hun onderkant tonen; een pak zonder inhoud, de persoon is afwezig. Ted Noten maakte onder meer een sieraad voor een baby: een boksbeugeltje - om jezelf door het leven te boksen? Intrigerend zijn de objecten van Miriam Verbeek: het accessoire speelt de hoofdrol en wel zodanig dat het lichaam bijkomstig wordt. Anne Zellien koos als thema het woud. "Omwille van de associatie met het romantische, het vrouwelijke ook en de ondoorgrondelijkheid." Drie elementen die ze heeft vertaald in een totaalbeeld, een volledige outfit waarmee je veilig het woud kan betreden. Pia Clauwaert daarentegen vertrok van de accessoires zelf: schetsen van hoeden, haarspelden, gespen en petten leidden tot een reeks broches. "Ik vond het heel moeilijk om een totaalbeeld te creëren, dus ben ik teruggevallen op wat ik het best ken: juwelen." Het thema nieuw samengestelde gezinnen houdt Hilde De Decker bezig: "Je vertrekt van de realiteit, vanuit een soort verwondering: wat gebeurt er toch allemaal in de wereld? Dat kan zowel ver als dicht bij huis zijn. NSG, nieuw samengestelde gezinnen, zijn een fenomeen, niet alleen bij ons." Zij maakte sieraden samengesteld uit figuurtjes, afgietsels van oude ex-voto's: een man, een vrouw, een meisje, een jongen,... Ze vormen een geheel, maar alleen aan de verbindingslijnen kan je zien wie bij wie hoort. De meest indringende installaties zijn die van Els Ongenae en Hilde van der Heijden. Els Ongenae maakte een vijgenblaadje in goud: "Ik wilde het heel puur houden, ik zag het niet zitten om een heel mens te kleden, te bedekken. Dus ben ik teruggegaan naar het allereerste dat de mens gebruikte om zich te 'kleden': het vijgenblad, de oorsprong van elk kledingstuk, elk accessoire." Some 'body' luidt de titel van Hilde van der Heijdens installatie, waarin de grens tussen accessoire en kleding, tussen het wezenlijke en de bijzaak vervaagt. "Ik heb niet zo'n affiniteit met accessoires. Dus vroeg ik me af: wat is voor mij het belangrijkste? En dat is mijn handtas: daar zit alles in wat voor mij van belang is. Zo ontstond de smokkelbody: met allerlei vakjes waarin je dierbare dingen op het lichaam kan meedragen. De tweede stap was de zilveren body als een soort pantser, want stel dat je vertrekt en alles moet achterlaten, dan ben je zo kwetsbaar." In een derde body staat een tekst in spiegelbeeld geborduurd: de introspectie als laatste zekerheid. Is een juweel een accessoire? Een vraag die bijna alle Vlaamse ontwerpers met nee beantwoorden. "Bij accessoire denk ik aan iets dat tijdelijk is en modegebonden. Een juweel heeft voor mij toch iets tijdloos, iets dat het lichaam siert", meentt Anne Zellien. Ook Pia Clauwaert ziet haar juwelen niet als accessoires. "Je bent er zolang mee bezig dat ze een eigen leven gaan leiden." Els Ongenae keert de zaken om: "Veel mensen kleden zich en gaan dàn op zoek naar een mooie hoed, een sjaal, een sieraad. Terwijl het ook omgekeerd kan: vertrekken van een juweel dat je echt graag ziet en dat helemaal bij je past, en de rest daaraan aanpassen." Alleen Hilde van der Heijden aarzelt: "Ze hebben in elk geval veel met elkaar te maken. Maar waar ligt de scheiding? Ik kan die grens niet trekken. Wanneer is een accessoire toevoeging aan een kledingstuk? Waar blijft het juweel, juweel? En waar wordt kleding accessoir?" "Blikvangers": tot 28 maart in Villa Eksternest, Bergstraat 27, 8800 Roeselare-Zilverberg. Open zondag van 14 u.30 tot 18 u. en na afspraak. Tel. (051) 24.33.88. Van 29 oktober tot 19 december is deze tentoonstelling te zien in de Koningin Fabiolazaal, Jezusstraat 28, 2000 Antwerpen. Tel. (03) 203.42.04. Naast de speciaal voor deze expositie gemaakte installaties, wordt ook ander werk van de ontwerpers getoond.Hilde Verbiest