Wanneer je zelf je leergeld moet betalen, besef je pas hoe duur dat is. De school was voor mij een fiasco. Tot grote opluchting van de leerkrachten heb ik die vrij snel opgegeven. Achteraf bekeken niet de beste keuze, want als ik een vak wilde leren, moest ik een tijd in een bedrijf meedraaien. Ik ben achtereenvolgens piloot, fruitkweker en loodgieter geweest en heb een bouwbedrijf gerund. Na een aantal crisissituaties vond ik 25 jaar geleden, toen ik consultant werd, toch enige stabiliteit.

Pater jezuïet Michaël Windey leerde me wat voor een krachtbron graag zien is. Ik was met een collega op weg naar Moskou toen ik op de luchthaven een oud mannetje passeerde dat een beetje vreemd rook en op een typemachine zat te tikken. 'Stel dat je naast hem zit op een langeafstandsvlucht', grapte ik. Toen ik voor het opstijgen mijn laptop dichtklapte, zag ik naast mij... dat ventje. (lacht) Hij had net de Global Dialogue Peace Award gewonnen. Hij vertelde dat hij in India voor kasteloze vrouwen zorgde, er 25.000 woningen had gebouwd en 100 scholen opgericht. We sloten een deal: ik werd zijn communicatieadviseur en hij zou me helpen zaken te doen in India - tot dan wilde dat niet goed lukken, omdat ik de Indiërs niet kon doorgronden. Door samen op stap te gaan, ontdekte ik dat zijn onvermoeibaarheid gevoed werd door zijn liefde voor de mensen. Toen we samen in Antwerpen over straat liepen en een bedelaar zagen, dwong Michaël mij te knielen en die man geld in de handen te stoppen. Toen ik dat deed, zag ik niet langer een bedelaar, maar een mens. Dat was de kiem voor ArmenTeKort.

Als je de armoede stopt, kunnen meer mensen hun talenten inzetten. Iedereen wordt er beter van

Als ik iets wil begrijpen, kijk ik in een natuurlijke reflex naar de uitersten. In India heb je extreme armoede, maar ook de capaciteit om oplossingen op grote schaal te bedenken. Daarom is het daar gevestigde Tata Institute Of Social Sciences een wereldautoriteit in sociale innovaties. In onze contreien zie ik veel fantastische sociaal-maatschappelijke initiatieven die zich met een groot hart tot een piepkleine fractie van de doelgroep richten. Door de versnippering helpen organisaties van naschoolse begeleiding bijvoorbeeld minder dan een tiende van de kinderen die er behoefte aan hebben.

Tijd is de enige beperking in mijn leven. Ik heb een dringende uitdaging: een model vinden om tegen oktober 2023 kansarmoede af te schaffen. Ik gaf ons slechts tien jaar omdat het onrechtvaardig zou zijn om mensen in generatiearmoede nog langer te laten wachten. Dat is zo'n compulsieve gedachte geworden dat ik er de absolute prioriteit aan geef. Mijn sociale leven is bijna tot nul herleid. Al zoekend banen we ons een weg, want met ArmenTeKort doen we in Antwerpen iets wat nog nooit eerder in de wereld is gebeurd: 5000 mensen in kansarmoede helpen met een empowermentproces, met het herstellen van hun eigenwaarde.

Met ArmenTeKort doen we in Antwerpen iets wat nog nooit eerder in de wereld is gebeurd: 5000 mensen in kansarmoede helpen met een empowermentproces, met het herstellen van hun eigenwaarde.

Het verleden bestaat niet. Het is slechts onze reconstructie van wat er mogelijk gebeurd zou kunnen zijn. Men zegt dat armoede niet af te schaffen is omdat het altijd bestaan heeft. Maar vergelijk het eens met de vrouwenrechten: ooit was het normaal dat een man zijn vrouw klappen gaf als ze niet deed wat hij vroeg. Je kon toen zelfs niet veroordeeld worden voor huiselijk geweld. Vandaag bekijken we diezelfde feiten totaal anders. We beschikken nu over de unieke condities om de armoede radicaal te doen verdwijnen, omdat we intussen veel weten over hoe de menselijke psyche werkt en omdat het betekenisverlangen in de plaats kwam van onze overlevingsdrang. Zingeving is de kern van ArmenTeKort.

Ik geloof in strategische filantropie. Niet alleen vanuit een humanistisch perspectief, maar ook vanuit de neoliberale vraag: wat kost armoede de maatschappij? Als je de armoede stopt, kunnen meer mensen hun talenten inzetten en geld spenderen in de lokale economie. Iedereen wordt er beter van. Daarom heb ik vanaf 2011 - bijna drie jaar voor we effectief van start gingen - de knapste koppen uitgenodigd om mee na te denken over ons project. We hebben berekend wat we nodig hebben om na tien jaar een kantelmoment te bereiken en een businessplan geschreven. Als begeleider van ondernemingen stelde ik al meer dan honderd businessplannen mee op: ik weet hoe kwetsbaar ze zijn en met hoeveel reserves investeerders ernaar kijken. Daarom heb ik mensen die in beursgenoteerde bedrijven zitten er hun zegen over laten geven.