Mijn Instagramfeed kleurde dinsdag zwart. #BlackOutTuesday, in solidariteit met de protesten die momenteel de VS op z'n kop zetten. Heel mooi die solidariteit, en vooral: ongezien de voorbije jaren. Maar een zwart vlak posten op social media, daar stopt het niet bij. Ikzelf heb geen zwart vlak gepost, wel mijn visie op racisme geuit met een foto van onze twee gekleurde zoontjes.

Ik besefte bij de geboorte van mijn zoontjes dat hun donkere huid een impact zou hebben op hun leven

Racisme is een delicaat onderwerp om over te praten, maar deze keer moest ik iets kwijt. De beelden van George Floyd en de dodelijke knie van die agent op zijn keel deden niet alleen mijn maag volledig omkeren, maar brachten ook pijnlijke gevoelens naar boven. Gevoelens die ik, zoals zoveel gekleurde mensen, al die jaren voor mezelf heb gehouden. Maar zwijgen is geen optie meer, de gruwelijkheden die racisme teweegbrengen zijn verstikkend. Ik ben dus in mijn pen gekropen.

Meer dan gewoon solidariteit

Het is belangrijk om het probleem actueel te houden, erover te blijven praten en effectief over te gaan tot daden. Dat begint al in onze eigen woonkamer. Kinderen zijn als sponsen, ze nemen letterlijk alles op wat ze horen. Zoals een driejarige die mijn zoontje uitschold voor 'kaka'. Dat kind besefte waarschijnlijk niet goed wat hij zei, maar het kwetste mijn zoontje wel diep. Op driejarige leeftijd twijfelde hij aan zijn prachtige kleurtje. Elke dag blijven we hem eraan herinneren hoe mooi hij is. Dat mijn zoontje 'lijkt op kaka', heeft dat jongentje vast ergens opgepikt. Het feit dat hij het keer op keer bleef herhalen, wees erop dat niemand hem had verteld dat het absoluut niet oké is om iemand op die manier uit te schelden. Al mijn lof voor de juf die het op een leuke manier heeft aangebracht in de klas met de duidelijke boodschap erbij dat ze dat nooit meer wilde horen.

Waarom staat er dan niet vaker een gekleurd model op de cover van een prestigieus modemagazine?

'Jij bent tenminste niet zwart'

Racisme is niet voor iedereen gelijk en bestaat in vele vormen. Ik ben ervan overtuigd dat een aantal factoren meespelen in hoe mensen je percipiëren: van de tint van je huid tot de plek waar je opgroeit, wie je ouders zijn, welke taal je spreekt, wat je geslacht is. Racisme is niet alleen 'choco, neger, stront, roetmop, ga terug naar je land' naar je hoofd geslingerd krijgen. Er is ook het institutioneel racisme, waar je omwille van je huidskleur, etniciteit of religie geen eerlijke kans krijgt bij zaken zoals een sollicitatie, hoewel je de juiste bekwaamheden hebt. Het eerste is vooral pijnlijk, hard en vermoeiend, maar het laatste beperkt je kansen om volwaardig deel uit te maken van de maatschappij, wat veel erger is.

Daarnaast heb je ook racisme dat in de ogen van een persoon 'goed bedoeld' is. Een tijdje geleden zei een vooraanstaand persoon na een paar pintjes voor een volle tafel tegen mij: 'Amai, zo eentje zou ik ook wel willen. Koffie met melk, niet te zwart hé, da's nog mooi.'

Ik heb de meest uiteenlopende achtergrond: enerzijds komt mijn vader uit een welgestelde witte familie uit een klein dorpje in West-Vlaanderen, anderzijds groeide mijn moeder op in een vluchtelingenkamp in Zuid-Soedan. Mijn moeder heeft bij aankomst in België de grootste cultuurshock ervaren door niet geaccepteerd te worden als zwarte vrouw in een overwegend wit land, in de tijdsgeest van begin jaren 90. Ze heeft ons wel de mooiste cadeaus meegegeven tijdens onze opvoeding: dat we trots moeten zijn op onze roots, sterke waarden en normen en het lekkerste eten, waar mijn zoontjes dol op zijn.

Ik zou een boek kunnen schrijven over de pijnlijke ervaringen van vrienden en familie met racisme

Als tiener was het niet altijd simpel om die trots te voelen. 'Jij hebt tenminste niet zo'n brede neus,' kreeg ik te horen. Of 'jouw huidskleur is tenminste niet zo donker en jouw haar is tenminste niet volledig kroes.' Wat ze eigenlijk zeiden was dat ze mijn witte afkomst meer appreciëren dan mijn zwarte, dat ze me accepteren omdat ik niet honderd procent zwart ben. Dat ze hiermee mijn zelfbeeld aantastten leken ze niet te beseffen.

Kinderen opvoeden in een gemengd gezin

Mijn man is wit, maar onze twee zoontjes hebben duidelijk mijn kleur en mijn krullen meegekregen. Een van de eerste dingen die ik dacht toen ik beviel van mijn oudste zoontje was: hij is best wel donker. 'Zalig!' Schreeuwde mijn man. Dat vond ik ook, trots op mijn sterke genen, maar ik besefte evenzeer dat dit vroeg of laat ook een impact zal hebben op zijn leven.

Het is nu aan bedrijven, merken, kranten, magazines, zenders en onze overheid om hun woorden om te zetten in daden

Die impact hebben we ondertussen al een aantal keer mogen ondervinden, ondanks zijn vier winters jong. Zoals die keer dat een witte man mij en m'n twee zoontjes tijdens onze wandeling aansprak met deze woorden: 'Mijn paard is bang van jullie, zelfs al zijn jullie geen zwarte negers. Mijn hond blafte ooit naar een zwarte, zwarte neger, alsof hij nog wist dat honden vroeger in Zuid-Afrika negers moesten pakken.' 'Je hebt toch wel iets gezegd?' Klonk het achteraf. Eerlijk? Helemaal niets. Meestal ben ik teveel in shock als ik hiermee geconfronteerd word. Ik kan het niet exact verwoorden hoe dit soort racisme binnenkomt, maar ik voel me vernederd, gekwetst, kwaad, onbegrepen en beschaamd. Volgens de man in kwestie was het overigens allemaal 'goed bedoeld'. Dat bleek toen mijn echtgenoot hem achteraf ging opzoeken om met hem in dialoog te gaan.

Spreek je uit tegen onrecht

Ik zou een boek kunnen schrijven over de pijnlijke ervaringen van vrienden en familie met racisme. In elkaar geslagen omdat ze te donker was, die bar niet binnen mogen omdat hij te donker was, uitgescholden omdat ze te donker was, nogmaals onder de douche moeten van de redder in het zwembad omdat ik te donker was, ...

Het kan gelukkig ook anders. Mensen die zich duidelijk uitspreken tegen onrecht van een ander en die oprecht willen helpen apprecieer ik enorm. Zoals de man die een tijdje geleden aangelopen kwam en zei dat ik nooit of te nimmer moest pikken dat iemand een racistische opmerking gaf in de winkel. Of mijn beste vriendin die mij deze week zoveel vragen stelde, omdat ze graag wil begrijpen hoe mensen met een kleur zich voelen en in shock was toen ze mijn verhalen hoorde. Die dialoog is zo belangrijk.

Dagelijks worden we geconfronteerd met de gezichten en stemmen van bijna uitsluitend witte personen

In alle eerlijkheid ben ik nog een van de geprivilegieerde personen, die het heel erg goed heeft gehad. Bedenk je dan maar wat gekleurde personen in een minder geprivilegieerde positie allemaal hebben moeten meemaken en nog steeds meemaken. We hebben nog een lange weg te gaan als we willen dat onze kinderen niet dezelfde zaken moeten ervaren als wij, onze ouders en voorouders jammer genoeg hebben moeten doorstaan. Om daar te geraken hebben we de steun nodig van onze vrienden, familie, bedrijven, de media en de overheid.

Gebrek aan representatie

Ook in de beeldvorming heerst er nog racisme. Dagelijks worden we geconfronteerd met de gezichten en stemmen van bijna uitsluitend witte personen. Telkens zien we dezelfde witte acteurs, influencers en experts op tv, in reclamespotjes, in campagnes, op events, op de catwalk en tijdens premières. Dit soort beelden zijn al lang niet meer representatief voor onze maatschappij, die immers niet voor 99 procent uit uitsluitend witte mensen bestaat. Integendeel, onze samenleving is gekleurder dan ooit. Net die groep moet eindelijk het gevoel krijgen dat ze deel uitmaakt van de maatschappij waarin ze leeft en dat ze niet aan de zijlijn staat. Waarom staat er dan niet vaker een gekleurd model op de cover van een prestigieus modemagazine? Of zetelt er niet vaker een gekleurde expert in een duidingsprogramma? Er is stilaan beterschap op komst, maar eerlijk: we zitten zelfs nog niet aan een derde van waar we zouden moeten zijn.

Het is nu aan bedrijven, merken, kranten, magazines, zenders en onze overheid om hun woorden om te zetten in daden. Zij bepalen mee de beeldvorming van onze maatschappij en dragen hierin duidelijk een verantwoordelijkheid.

In de woorden van Desmond Tuti: 'If you are neutral in situations of injustice, you have chosen the side of the oppressor. If an elephant has its foot on the tail of a mouse and you say that you are neutral, the mouse will not appreciate your neutrality.' Tijd voor verandering.

Mijn Instagramfeed kleurde dinsdag zwart. #BlackOutTuesday, in solidariteit met de protesten die momenteel de VS op z'n kop zetten. Heel mooi die solidariteit, en vooral: ongezien de voorbije jaren. Maar een zwart vlak posten op social media, daar stopt het niet bij. Ikzelf heb geen zwart vlak gepost, wel mijn visie op racisme geuit met een foto van onze twee gekleurde zoontjes. Racisme is een delicaat onderwerp om over te praten, maar deze keer moest ik iets kwijt. De beelden van George Floyd en de dodelijke knie van die agent op zijn keel deden niet alleen mijn maag volledig omkeren, maar brachten ook pijnlijke gevoelens naar boven. Gevoelens die ik, zoals zoveel gekleurde mensen, al die jaren voor mezelf heb gehouden. Maar zwijgen is geen optie meer, de gruwelijkheden die racisme teweegbrengen zijn verstikkend. Ik ben dus in mijn pen gekropen.Het is belangrijk om het probleem actueel te houden, erover te blijven praten en effectief over te gaan tot daden. Dat begint al in onze eigen woonkamer. Kinderen zijn als sponsen, ze nemen letterlijk alles op wat ze horen. Zoals een driejarige die mijn zoontje uitschold voor 'kaka'. Dat kind besefte waarschijnlijk niet goed wat hij zei, maar het kwetste mijn zoontje wel diep. Op driejarige leeftijd twijfelde hij aan zijn prachtige kleurtje. Elke dag blijven we hem eraan herinneren hoe mooi hij is. Dat mijn zoontje 'lijkt op kaka', heeft dat jongentje vast ergens opgepikt. Het feit dat hij het keer op keer bleef herhalen, wees erop dat niemand hem had verteld dat het absoluut niet oké is om iemand op die manier uit te schelden. Al mijn lof voor de juf die het op een leuke manier heeft aangebracht in de klas met de duidelijke boodschap erbij dat ze dat nooit meer wilde horen. Racisme is niet voor iedereen gelijk en bestaat in vele vormen. Ik ben ervan overtuigd dat een aantal factoren meespelen in hoe mensen je percipiëren: van de tint van je huid tot de plek waar je opgroeit, wie je ouders zijn, welke taal je spreekt, wat je geslacht is. Racisme is niet alleen 'choco, neger, stront, roetmop, ga terug naar je land' naar je hoofd geslingerd krijgen. Er is ook het institutioneel racisme, waar je omwille van je huidskleur, etniciteit of religie geen eerlijke kans krijgt bij zaken zoals een sollicitatie, hoewel je de juiste bekwaamheden hebt. Het eerste is vooral pijnlijk, hard en vermoeiend, maar het laatste beperkt je kansen om volwaardig deel uit te maken van de maatschappij, wat veel erger is.Daarnaast heb je ook racisme dat in de ogen van een persoon 'goed bedoeld' is. Een tijdje geleden zei een vooraanstaand persoon na een paar pintjes voor een volle tafel tegen mij: 'Amai, zo eentje zou ik ook wel willen. Koffie met melk, niet te zwart hé, da's nog mooi.' Ik heb de meest uiteenlopende achtergrond: enerzijds komt mijn vader uit een welgestelde witte familie uit een klein dorpje in West-Vlaanderen, anderzijds groeide mijn moeder op in een vluchtelingenkamp in Zuid-Soedan. Mijn moeder heeft bij aankomst in België de grootste cultuurshock ervaren door niet geaccepteerd te worden als zwarte vrouw in een overwegend wit land, in de tijdsgeest van begin jaren 90. Ze heeft ons wel de mooiste cadeaus meegegeven tijdens onze opvoeding: dat we trots moeten zijn op onze roots, sterke waarden en normen en het lekkerste eten, waar mijn zoontjes dol op zijn. Als tiener was het niet altijd simpel om die trots te voelen. 'Jij hebt tenminste niet zo'n brede neus,' kreeg ik te horen. Of 'jouw huidskleur is tenminste niet zo donker en jouw haar is tenminste niet volledig kroes.' Wat ze eigenlijk zeiden was dat ze mijn witte afkomst meer appreciëren dan mijn zwarte, dat ze me accepteren omdat ik niet honderd procent zwart ben. Dat ze hiermee mijn zelfbeeld aantastten leken ze niet te beseffen.Mijn man is wit, maar onze twee zoontjes hebben duidelijk mijn kleur en mijn krullen meegekregen. Een van de eerste dingen die ik dacht toen ik beviel van mijn oudste zoontje was: hij is best wel donker. 'Zalig!' Schreeuwde mijn man. Dat vond ik ook, trots op mijn sterke genen, maar ik besefte evenzeer dat dit vroeg of laat ook een impact zal hebben op zijn leven. Die impact hebben we ondertussen al een aantal keer mogen ondervinden, ondanks zijn vier winters jong. Zoals die keer dat een witte man mij en m'n twee zoontjes tijdens onze wandeling aansprak met deze woorden: 'Mijn paard is bang van jullie, zelfs al zijn jullie geen zwarte negers. Mijn hond blafte ooit naar een zwarte, zwarte neger, alsof hij nog wist dat honden vroeger in Zuid-Afrika negers moesten pakken.' 'Je hebt toch wel iets gezegd?' Klonk het achteraf. Eerlijk? Helemaal niets. Meestal ben ik teveel in shock als ik hiermee geconfronteerd word. Ik kan het niet exact verwoorden hoe dit soort racisme binnenkomt, maar ik voel me vernederd, gekwetst, kwaad, onbegrepen en beschaamd. Volgens de man in kwestie was het overigens allemaal 'goed bedoeld'. Dat bleek toen mijn echtgenoot hem achteraf ging opzoeken om met hem in dialoog te gaan. Ik zou een boek kunnen schrijven over de pijnlijke ervaringen van vrienden en familie met racisme. In elkaar geslagen omdat ze te donker was, die bar niet binnen mogen omdat hij te donker was, uitgescholden omdat ze te donker was, nogmaals onder de douche moeten van de redder in het zwembad omdat ik te donker was, ... Het kan gelukkig ook anders. Mensen die zich duidelijk uitspreken tegen onrecht van een ander en die oprecht willen helpen apprecieer ik enorm. Zoals de man die een tijdje geleden aangelopen kwam en zei dat ik nooit of te nimmer moest pikken dat iemand een racistische opmerking gaf in de winkel. Of mijn beste vriendin die mij deze week zoveel vragen stelde, omdat ze graag wil begrijpen hoe mensen met een kleur zich voelen en in shock was toen ze mijn verhalen hoorde. Die dialoog is zo belangrijk.In alle eerlijkheid ben ik nog een van de geprivilegieerde personen, die het heel erg goed heeft gehad. Bedenk je dan maar wat gekleurde personen in een minder geprivilegieerde positie allemaal hebben moeten meemaken en nog steeds meemaken. We hebben nog een lange weg te gaan als we willen dat onze kinderen niet dezelfde zaken moeten ervaren als wij, onze ouders en voorouders jammer genoeg hebben moeten doorstaan. Om daar te geraken hebben we de steun nodig van onze vrienden, familie, bedrijven, de media en de overheid. Ook in de beeldvorming heerst er nog racisme. Dagelijks worden we geconfronteerd met de gezichten en stemmen van bijna uitsluitend witte personen. Telkens zien we dezelfde witte acteurs, influencers en experts op tv, in reclamespotjes, in campagnes, op events, op de catwalk en tijdens premières. Dit soort beelden zijn al lang niet meer representatief voor onze maatschappij, die immers niet voor 99 procent uit uitsluitend witte mensen bestaat. Integendeel, onze samenleving is gekleurder dan ooit. Net die groep moet eindelijk het gevoel krijgen dat ze deel uitmaakt van de maatschappij waarin ze leeft en dat ze niet aan de zijlijn staat. Waarom staat er dan niet vaker een gekleurd model op de cover van een prestigieus modemagazine? Of zetelt er niet vaker een gekleurde expert in een duidingsprogramma? Er is stilaan beterschap op komst, maar eerlijk: we zitten zelfs nog niet aan een derde van waar we zouden moeten zijn.Het is nu aan bedrijven, merken, kranten, magazines, zenders en onze overheid om hun woorden om te zetten in daden. Zij bepalen mee de beeldvorming van onze maatschappij en dragen hierin duidelijk een verantwoordelijkheid. In de woorden van Desmond Tuti: 'If you are neutral in situations of injustice, you have chosen the side of the oppressor. If an elephant has its foot on the tail of a mouse and you say that you are neutral, the mouse will not appreciate your neutrality.' Tijd voor verandering.