Galerist Xavier Hufkens: ‘Brussel verdient al die bashing niet’

© Portret Titus Simoens

Xavier Hufkens (57), geboren in Hasselt, opende 35 jaar geleden een galerie in Brussel. Zijn drie galerieruimtes in de stad worden tot de meest toonaangevende van Europa gerekend. Zopas heropende de vernieuwde St-Georges in de Sint-Jorisstraat met een tentoonstelling van Christopher Wool.

Een goede kunstenaar interpreteert de wereld. Door zijn of haar ogen begrijpen we de wereld beter. Scholen zouden kinderen wat vaker mee naar musea moeten nemen. Ik had een gevoelige natuur en merkte al op zeer jonge leeftijd dat kunst mij hielp. Kunstenaars vertellen altijd iets over hun tijd. Om die reden heb ik er bewust voor gekozen om met hedendaagse kunst te werken, al gaat mijn persoonlijke interesse veel breder – ik hou evengoed van de Vlaamse Primitieven.

Ik heb mijn vak al doende op straat geleerd. Op mijn zestiende was het voor mij al zonneklaar dat ik een galerie zou openen. Toch ben ik eerst, om aan de verwachtingen te voldoen, rechten gaan studeren. In 1987, tijdens mijn legerdienst, mocht ik als project een tentoonstellingsruimte inrichten in een huurpand in Sint-Gillis. Ik was toen 22 en roekeloos. Ik stond er geen moment bij stil hoe moeilijk het zou zijn. Ik wilde vooral mezelf zijn en blijven.

Brussel verdient al die bashing niet. Het is een interessante stad. Heel kosmopolitisch, met 183 nationaliteiten – alleen Dubai telt er meer. En dat voor een stad die, in vergelijking met New York, Parijs of Londen, relatief klein is. Hoewel ik internationaal actief ben, blijft Brussel mijn uitvalsbasis. Ik wil geen tien filialen in het buitenland zoals heel wat andere galeries. Dan kun je onmogelijk nog op al je vernissages zijn. Ik ontvang mijn bezoekers graag persoonlijk, ik hou ook van het contact met mijn kunstenaars. Omdat ik alles graag goed doe, gebeurt dat best vanuit één plek. Dat verhoogt ook mijn levenskwaliteit.

Scholen zouden kinderen wat vaker mee naar musea moeten nemen. Ik had een gevoelige natuur en merkte al op zeer jonge leeftijd dat kunst mij hielp.

In 35 jaar is de wereld veel groter geworden, we zijn nu allemaal geconnecteerd met elkaar. Het is niet meer zo belangrijk om overal aanwezig te zijn. Je klikt je laptop open en je zit in Shanghai! De coronapandemie heeft dat gevoel nog versterkt. Met mijn team en architect Paul Robbrecht heb ik mij 22 maanden lang kunnen concentreren op de verbouwingsplannen van St-Georges, terwijl de wereld stilstond.

Je moet altijd je best doen, in alles. Ik haat het als mensen zeggen dat ze toch niets kunnen veranderen. We hebben een diepe put gegraven om geothermie mogelijk te maken in ons nieuwe gebouw. Het is bijna volledig koolstofneutraal. Als je het kunt, moet je die inspanningen doen. Naar de kunstbeurzen nemen we enkel nog het strikt noodzakelijke mee. De tijd dat we talloze kisten de wereld rond transporteerden is voorbij.

Als ik geen connectie of vonk voel, kan ik moeilijk met iemand in zee gaan. Het is meestal een combinatie van het werk en de persoon die me influistert of ik met een kunstenaar zal samenwerken. De mooie schilderijen van de jonge Mozambikaanse Cassi Namoda zien, was op zich niet genoeg. Pas toen ik haar ontmoette, wist ik: met haar wil ik verder. Je moet een klik hebben om samen naar de toekomst te kunnen kijken.

Life is not a rehearsal is een prachtig Engels gezegde. Je hebt maar één leven. Haal er alles uit. Elke dag kun je bijleren. Ik kan me niet voorstellen dat ik op mijn sterfbed zeg: “Het is genoeg geweest.” Niet alleen in de kunst, ook in muziek en technologie bijvoorbeeld, ben ik voortdurend hongerig naar nieuwe impulsen. Ik zat laatst op een terras met het punkicoon Richard Hell. Mijn blik werd getrokken door twee mensen die verderop aan het praten waren. Ik zei tegen Richard: “Wat zou ik nu graag een vlieg zijn om te horen wat ze zeggen.” Hij herkende dat. Ik ben enorm nieuwsgierig.

Mensen zijn vergeten om dankbaar te zijn. We leven in een klaagmaatschappij, terwijl we het nog nooit zo goed hebben gehad als je louter naar de data kijkt. Ik ben dankbaar dat ik in een land kan leven waar democratie heerst, waar iedereen mag studeren en medische hulp kan krijgen, waar je politieke meningen kunt uiten zonder een gevangenisstraf te riskeren. Je geluk hangt af van de manier waarop je naar het leven kijkt. Ik beschouw heel wat als een privilege: dat ik oud mag worden, dat ik met Paul Robbrecht en met kunstenaars als Thierry De Cordier en Antony Gormley lange trajecten mag afleggen.

xavierhufkens.com

Partner Content