29 september is de Internationale Dag tegen Voedselverlies en Voedselverspilling. Die is ingesteld door de VN-Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO) om de bevolking bewust te maken van dit ernstige probleem. De Europese Unie heeft ook sensibiliseringscampagnes gelanceerd, strategieën ontwikkeld en websites gebouwd, maar de consument kent ze nauwelijks.

Een derde van de wereldvoedselproductie wordt verspild. Deze verspilling doet zich in de hele voedselketen voor, van het platteland tot de gezinnen, via fabrieken, distributie en horeca.

We hebben een overheid nodig die initiatieven tegen voedselverspilling doet groeien

De kosten voor het produceren van voedsel zijn erg hoog, zowel financieel gezien als op het vlak van menselijke en natuurlijke hulpbronnen, zoals land, water en energie. Daarom heeft het een grote impact op het milieu. Wij kunnen de verspilling betalen, maar de planeet kan dat niet, in ieder geval niet op middellange en lange termijn.

Fruit en groenten worden het vaakst afgedankt in de distributie, gevolgd door brood en aanverwante producten. Een Zweedse studie toonde aan dat vlees en bakkerijafval de grootste ecologische voetafdruk hebben. Deze realiteit verhoogt de druk om tot duurzame praktijken te komen en voedselverspilling te verminderen. De nodige maatregelen zullen verschillen naargelang we het hebben over industrie, distributie of gezinnen.

Gezinnen bewustmaken

De belangrijkste maatregel om huishoudelijk afval te verminderen is bewustwording. Na enkele decennia van economische problemen, waarin niets kon worden verspild, lijkt het nu alsof al het eten benutten alleen iets voor arme mensen is.

Vreemd genoeg is het de middenklasse die het meest verspilt, niet de gesensibiliseerde, hoger opgeleide elite. Niet alleen moet men de bevolking bewust maken van de noodzaak om voedselverspilling te verminderen, men moet hen ook voorlichten over hoe ze voedsel kunnen bewaren (in dit artikel beschreven we al enkele goede manieren om brood te bewaren), of over wat de verschillen zijn tussen de uiterste consumptiedatum en de datum van minimale houdbaarheid ('ten minste houdbaar tot').

Een product dat zijn datum van minimale houdbaarheid bereikt, mag niet worden weggegooid, aangezien er in de meeste gevallen geen enkel verschil is met een pas aangekocht product. In andere gevallen zullen we slechts enkele minimale veranderingen in smaak of textuur waarnemen, zonder enig risico voor onze gezondheid.

Aankopen plannen

Goede bewustmaking en voorlichting zijn ook nuttig om aankopen te plannen en onnodige aankopen te verminderen. En als een product bedorven is, zoals brood dat hard geworden is, dan zijn er veel mogelijkheden om het opnieuw te gebruiken.

Een andere maatregel om voedselverspilling te verminderen, is gebaseerd op apps die ons recepten laten zien met producten die op het punt staan te vervallen. De Duitse overheid lanceerde een app met eenvoudige recepten met weinig ingrediënten, die men makkelijk in huis haalt. Ze heeft dit initiatief ondertussen omgevormd tot een website met tips en aanbevelingen.

Aanbiedingen in winkels

Bij de acties die distributie kan ondernemen, zijn er de last-minute-aanbiedingen. Winkels kunnen de prijzen verlagen van producten die hun consumptie- of houdbaarheidsdatum bereiken, of bereide maaltijden die niet de dag zelf zijn geconsumeerd.

We moeten het als een noodzaak zien dat we voedselverspilling verminderen

In die zin is Too Good to Go ('te goed om te verspillen') een kleine revolutie geweest. De app brengt consumenten in contact met bedrijven die dit soort producten aanbieden. Op deze manier krijgt de consument een reeks producten tegen sterk gereduceerde prijzen en vermindert de aanbieder zijn afval en krijgt hij nog iets voor deze producten. De app is in verschillende landen operationeel en door het succes zijn elders al gelijkaardige initiatieven gelanceerd.

Restaurants met bijna vervallen producten

Zeer interessant zijn ook de restaurants die met producten werken die op het punt staan te vervallen. De gerechten veranderen elke dag, afhankelijk van de producten die ze ontvangen. Zowel het lokaal, de service als de kwaliteit hoeven niet onder te doen voor een normaal restaurant, en klanten komen vaak omdat ze beseffen dat ze iets aan dit proces moeten bijdragen.

Een van de bekendste succesverhalen in dit opzicht is het Zweedse restaurant K-märkt. In Spanje hebben grote chef-koks deelgenomen aan tijdelijke acties en hebben ze receptvideo's gemaakt met recepten, maar er zijn momenteel voorbeelden die met Zweden te vergelijken zijn.

Hergebruik in de industrie

Een ander voorstel om voedselverspilling te verminderen, is om het weggegooide voedsel te hergebruiken en er nieuwe producten mee te maken. Het lijkt op koken met restjes, maar dan op industrieel niveau. Een Brits bedrijf (Toast Ale) gebruikt bijvoorbeeld de restanten van brood om er bier van te maken. Dit idee kreeg navolging bij brouwerijen over de hele wereld. (Het omgekeerde gebeurt ook al in Brussel, red.)

Een Oostenrijks bakkerijbedrijf ging nog een stap verder en zette zelf een kleine distilleerderij op om van afgedankte broden alcoholische distillaten te maken. Er is zelfs een wereldwijde vereniging opgericht van bedrijven die deze filosofie delen. De Upcycled Food Association telt ongeveer honderd leden die zich toeleggen op het maken van nieuwe producten van weggegooid voedsel.

Onder de leden bevinden zich bedrijven die snacks en mueslirepen maken van afval uit de brouwerij, zoals ReGrained; bedrijven die gebruik maken van gerecycleerde bananen, zoals Barnana, of van resten van koffiebonen, of van groenten die er minder goed uitzien.

Oude wetten vernieuwen

Opdat deze initiatieven kunnen groeien is er een overheid nodig die dat mogelijk maakt. Daarom moet men onderzoeken hoe men de juridische belemmeringen voor mogelijk hergebruik van afgedankte levensmiddelen kan wegnemen. In veel gevallen gaat het om oude wetten die in tijden van schaarste zijn ontstaan, met als doel fraude te voorkomen. De behoeften zijn veranderd.

Ook overheidscampagnes die de burger sensibiliseren kunnen het succes van deze initiatieven vergroten.

Ten slotte is er een gebrek aan bekende (en geloofwaardige) garantielabels voor duurzaamheid en de vermindering van afval. Certificaten bestaan al, maar ze zijn ofwel te weinig bekend, ofwel zijn ze geen garantie dat men over de hele lijn respectvol met het milieu omgaat.

Toename van initiatieven

In de komende jaren zullen we een toename van dit soort initiatieven zien. Laten we hopen dat dit proces correct verloopt en goed wordt ontvangen door de consumenten, want samen met hen kunnen we allemaal ons steentje bijdragen om onze planeet te beschermen.

Laten we niet vergeten dat al onze acties consequenties hebben: we moeten het als een noodzaak zien dat we voedselverspilling verminderen en dat we hen moeten helpen die het proberen.

Bron: The Conversation

29 september is de Internationale Dag tegen Voedselverlies en Voedselverspilling. Die is ingesteld door de VN-Voedsel- en Landbouworganisatie (FAO) om de bevolking bewust te maken van dit ernstige probleem. De Europese Unie heeft ook sensibiliseringscampagnes gelanceerd, strategieën ontwikkeld en websites gebouwd, maar de consument kent ze nauwelijks.Een derde van de wereldvoedselproductie wordt verspild. Deze verspilling doet zich in de hele voedselketen voor, van het platteland tot de gezinnen, via fabrieken, distributie en horeca.De kosten voor het produceren van voedsel zijn erg hoog, zowel financieel gezien als op het vlak van menselijke en natuurlijke hulpbronnen, zoals land, water en energie. Daarom heeft het een grote impact op het milieu. Wij kunnen de verspilling betalen, maar de planeet kan dat niet, in ieder geval niet op middellange en lange termijn.Fruit en groenten worden het vaakst afgedankt in de distributie, gevolgd door brood en aanverwante producten. Een Zweedse studie toonde aan dat vlees en bakkerijafval de grootste ecologische voetafdruk hebben. Deze realiteit verhoogt de druk om tot duurzame praktijken te komen en voedselverspilling te verminderen. De nodige maatregelen zullen verschillen naargelang we het hebben over industrie, distributie of gezinnen.De belangrijkste maatregel om huishoudelijk afval te verminderen is bewustwording. Na enkele decennia van economische problemen, waarin niets kon worden verspild, lijkt het nu alsof al het eten benutten alleen iets voor arme mensen is.Vreemd genoeg is het de middenklasse die het meest verspilt, niet de gesensibiliseerde, hoger opgeleide elite. Niet alleen moet men de bevolking bewust maken van de noodzaak om voedselverspilling te verminderen, men moet hen ook voorlichten over hoe ze voedsel kunnen bewaren (in dit artikel beschreven we al enkele goede manieren om brood te bewaren), of over wat de verschillen zijn tussen de uiterste consumptiedatum en de datum van minimale houdbaarheid ('ten minste houdbaar tot').Een product dat zijn datum van minimale houdbaarheid bereikt, mag niet worden weggegooid, aangezien er in de meeste gevallen geen enkel verschil is met een pas aangekocht product. In andere gevallen zullen we slechts enkele minimale veranderingen in smaak of textuur waarnemen, zonder enig risico voor onze gezondheid. Goede bewustmaking en voorlichting zijn ook nuttig om aankopen te plannen en onnodige aankopen te verminderen. En als een product bedorven is, zoals brood dat hard geworden is, dan zijn er veel mogelijkheden om het opnieuw te gebruiken.Een andere maatregel om voedselverspilling te verminderen, is gebaseerd op apps die ons recepten laten zien met producten die op het punt staan te vervallen. De Duitse overheid lanceerde een app met eenvoudige recepten met weinig ingrediënten, die men makkelijk in huis haalt. Ze heeft dit initiatief ondertussen omgevormd tot een website met tips en aanbevelingen.Bij de acties die distributie kan ondernemen, zijn er de last-minute-aanbiedingen. Winkels kunnen de prijzen verlagen van producten die hun consumptie- of houdbaarheidsdatum bereiken, of bereide maaltijden die niet de dag zelf zijn geconsumeerd.In die zin is Too Good to Go ('te goed om te verspillen') een kleine revolutie geweest. De app brengt consumenten in contact met bedrijven die dit soort producten aanbieden. Op deze manier krijgt de consument een reeks producten tegen sterk gereduceerde prijzen en vermindert de aanbieder zijn afval en krijgt hij nog iets voor deze producten. De app is in verschillende landen operationeel en door het succes zijn elders al gelijkaardige initiatieven gelanceerd.Zeer interessant zijn ook de restaurants die met producten werken die op het punt staan te vervallen. De gerechten veranderen elke dag, afhankelijk van de producten die ze ontvangen. Zowel het lokaal, de service als de kwaliteit hoeven niet onder te doen voor een normaal restaurant, en klanten komen vaak omdat ze beseffen dat ze iets aan dit proces moeten bijdragen.Een van de bekendste succesverhalen in dit opzicht is het Zweedse restaurant K-märkt. In Spanje hebben grote chef-koks deelgenomen aan tijdelijke acties en hebben ze receptvideo's gemaakt met recepten, maar er zijn momenteel voorbeelden die met Zweden te vergelijken zijn.Een ander voorstel om voedselverspilling te verminderen, is om het weggegooide voedsel te hergebruiken en er nieuwe producten mee te maken. Het lijkt op koken met restjes, maar dan op industrieel niveau. Een Brits bedrijf (Toast Ale) gebruikt bijvoorbeeld de restanten van brood om er bier van te maken. Dit idee kreeg navolging bij brouwerijen over de hele wereld. (Het omgekeerde gebeurt ook al in Brussel, red.)Een Oostenrijks bakkerijbedrijf ging nog een stap verder en zette zelf een kleine distilleerderij op om van afgedankte broden alcoholische distillaten te maken. Er is zelfs een wereldwijde vereniging opgericht van bedrijven die deze filosofie delen. De Upcycled Food Association telt ongeveer honderd leden die zich toeleggen op het maken van nieuwe producten van weggegooid voedsel.Onder de leden bevinden zich bedrijven die snacks en mueslirepen maken van afval uit de brouwerij, zoals ReGrained; bedrijven die gebruik maken van gerecycleerde bananen, zoals Barnana, of van resten van koffiebonen, of van groenten die er minder goed uitzien.Opdat deze initiatieven kunnen groeien is er een overheid nodig die dat mogelijk maakt. Daarom moet men onderzoeken hoe men de juridische belemmeringen voor mogelijk hergebruik van afgedankte levensmiddelen kan wegnemen. In veel gevallen gaat het om oude wetten die in tijden van schaarste zijn ontstaan, met als doel fraude te voorkomen. De behoeften zijn veranderd. Ook overheidscampagnes die de burger sensibiliseren kunnen het succes van deze initiatieven vergroten.Ten slotte is er een gebrek aan bekende (en geloofwaardige) garantielabels voor duurzaamheid en de vermindering van afval. Certificaten bestaan al, maar ze zijn ofwel te weinig bekend, ofwel zijn ze geen garantie dat men over de hele lijn respectvol met het milieu omgaat.In de komende jaren zullen we een toename van dit soort initiatieven zien. Laten we hopen dat dit proces correct verloopt en goed wordt ontvangen door de consumenten, want samen met hen kunnen we allemaal ons steentje bijdragen om onze planeet te beschermen.Laten we niet vergeten dat al onze acties consequenties hebben: we moeten het als een noodzaak zien dat we voedselverspilling verminderen en dat we hen moeten helpen die het proberen.Bron: The Conversation