We spreken Jelle Beeckman (32) ingeduffeld op een bankje in de winterzon, naast een fietspad waar in een hoog tempo wielertoeristen voorbijzoeven. Of hij Gent mist, vraag ik. Nee, stelt hij zelf een tikje verbaasd vast. Met zijn buren heeft hij een loopclubje opgericht. Drie keer in de week gaan ze samen hardlopen. Hij deelt al eens een dubbele portie avondeten uit in de straat en voor de Facebookpagina van de lokale slager maakt hij wekelijks een recept. 'Ik geloof in verbinding,' zegt Jelle, 'en ik ben ervan overtuigd: wat je geeft, komt ook terug.'
...

We spreken Jelle Beeckman (32) ingeduffeld op een bankje in de winterzon, naast een fietspad waar in een hoog tempo wielertoeristen voorbijzoeven. Of hij Gent mist, vraag ik. Nee, stelt hij zelf een tikje verbaasd vast. Met zijn buren heeft hij een loopclubje opgericht. Drie keer in de week gaan ze samen hardlopen. Hij deelt al eens een dubbele portie avondeten uit in de straat en voor de Facebookpagina van de lokale slager maakt hij wekelijks een recept. 'Ik geloof in verbinding,' zegt Jelle, 'en ik ben ervan overtuigd: wat je geeft, komt ook terug.' Je bent een jonge vader van twee kinderen met een intensieve 4/5 baan en toch kunnen we op je Instagramaccount volgen hoe je elke dag een maaltijd op tafel zet voor je gezin. Hoe doe je dat? 'Koken is mijn yoga. Mijn job in de sociale sector is vaak stresserend. Als ik thuiskom, laat ik mijn zorgen achter bij de deur. Koken doe ik altijd in foute maar extreem comfortabele witte sokken en pantoffels. Een stijlkeuze die de nodige hilariteit veroorzaakt op sociale media, maar ik denk er niet aan om het te veranderen. Het is een ritueel dat me in de juiste mindset brengt. Mijn dochter van twee kookt vaak mee: we hebben een speciaal trapje waardoor ze ter hoogte van het aanrecht kan staan zonder achterover te vallen. Ik merk dat ze sneller proeft van wat ze zelf heeft klaargemaakt. Zo'n sous-chef van twee jaar aan je zijde betekent ook dat de keuken volledig op zijn kop staat na het koken. Maar ik ben zelf ook geen nette kok, dus opruimen moet ik sowieso. Elke dag een maaltijd op tafel zetten is voor mij dus geen opgave; het ontspant me.' Waar haal jij de inspiratie om elke dag iets nieuws op tafel te zetten? 'Ik speur het internet af, lees foodblogs en kijk naar kookprogramma's. Het is een fulltime obsessie. Mijn hoofd kan dit soort informatie goed verwerken. Op school vond ik mijn draai niet: ik heb dyscalculie en dyslexie, maar mijn brein is wel gemaakt voor het koken: ik onthoud gemakkelijk wat ik hoor en zie en kan dat perfect aanpassen aan wat er in mijn koelkast ligt op dat moment. Alles wat ik zie gebeuren in Australian MasterChef zuig ik op als een spons en die technieken staan de volgende dag in Beernem op tafel. De sleutel is: leg de lat niet te hoog. Het hoeft niet elke dag extreem gezond of uitgebreid te zijn. Een lekkere pasta of een simpele ovenschotel is perfect. We hebben te veel stress rond koken: gewoon lekker is goed genoeg.' Welke gerechten post jij op je blog of schrijf je neer in je kookboeken? 'Ik wil het niet te moeilijk maken. Dat merk je ook aan mijn ingrediëntenlijstje: geen exotische smaakmakers of obscure kruiden. Ik trek er vaak op uit om te kijken wat het aanbod is in de supermarkt. Als een ingrediënt in twee van de vier winkels bij mij in de buurt niet te krijgen is, dan haalt het recept het boek niet. Het is al stressy genoeg om in één winkel boodschappen te doen. Ik probeer mensen ook te overtuigen om niet rond te rijden voor dat ene ingrediënt. Als je geen limoen hebt, gebruik citroen. Vervang wittewijnazijn door gewone azijn: door dingen uit te proberen leer je elke keer bij. Koken is durven te experimenteren. Het ergste wat er kan gebeuren is dat je avondmaal eens 'iets minder lekker is'. Niet leuk, maar zeker geen ramp: je krijgt elke dag een nieuwe kans.' Waarom volgt er al zo snel een nieuw boek? Je vorige boek kwam uit in mei vorig jaar. We zijn nog geen jaar verder. 'De lancering van het eerste boek was uitgesteld door corona. Intussen had ik weer een jaar lang elke avond gekookt en een nieuw repertoire samengesteld. Ik was zelf al bezig met deze recepten uit te werken toen de uitgeverij vroeg of ik klaar was voor een tweede boek. Omdat ik nu nog beter wist welke recepten populair zijn bij mijn lezers - ik zag op Instagram welke recepten het vaakst gemaakt werden - kon ik nog beter mijn selectie aanpassen. Het is een boek geworden met extreem veel comfortfood, veel groenten en ook invloeden uit het Midden-Oosten.' Hoe combineer je die keuken van het Midden-Oosten met haalbare boodschappenlijstjes? Daar loopt het bij de kookboeken van Ottolenghi weleens mis. 'Ik kick niet op authenticiteit. Gerechten worden al de hele geschiedenis aangepast aan wat er voorhanden is. Ik geef er mijn eigen draai aan en werk met wat ik makkelijk kan vinden: granaatappelmelasse is bijvoorbeeld lastig verkrijgbaar, maar je kunt rode bieten ook roosteren met balsamicocrème, wat wél in de meeste supermarkten te vinden is. Puristen zullen daarover struikelen, ik niet. Zo maakte ik onlangs een garnaalcroque-ette, met een versimpelde vulling voor garnaalkroketten tussen twee witte boterhammen die ik vervolgens in de croquemachine stopte. Heiligschennis volgens sommigen, overheerlijk volgens mij. Wie heeft er in de week nu tijd om zelf garnaalkroketten te gaan draaien? Of ik gebruik een techniek uit de Thaise keuken - het maken van een geurige pasta om een curry mee te kruiden - en pas dat aan voor Vlaamse ballekes met tomatensaus. Ik doe niet mee aan heilige huisjes. Het moet lekker zijn, dat is het enige wat telt.' Trekken je boeken veel mannelijke thuiskoks aan? 'Ik denk dat veel mannen mijn boek cadeau krijgen van hun partner. (lacht) Er staan toch vaak vrouwen aan mijn signeertafel met een boek voor hun lief, broer of vriend waarvan ze vinden dat hij iets vaker in de potten mag roeren. Mijn kookfilosofie is erg no-nonsense, wat mannen aanspreekt. Op sociale media krijg ik wel meer reacties van vrouwen, maar misschien zijn zij door de band genomen communicatiever. Een aantal gerechten in mijn boek hebben extra aantrek bij een mannelijk publiek, bijvoorbeeld de gebrande appelmoes met whisky: zo'n recept doet het testosteron stromen. Mijn droge humor slaat ook wel aan bij mannen, merk ik. Ik maak het allemaal een beetje luchtig en relaxed: geen regels, gewoon de goesting om lekker te koken.' Hoe komt het dat koken zo belangrijk geworden is in je leven? 'Een paar jaar geleden dook er ineens een app op waarmee je als particulier takeaway kon aanbieden. Omdat er iets was gewijzigd in de wetgeving, mocht plots iedereen in zijn thuiskeuken een aantal maaltijden maken voor vrienden en buren. Dat leek me leuk en elke woensdag kookte ik een hele dag in mijn kleine keukentje in Gent. Ik maakte er echt werk van: ik adverteerde met een mooie foto en een leuk tekstje en binnen de kortste keren was ik de bestverkopende chef van Gent op dat platform. Het leukst vond ik nog de babbeltjes met de mensen als ze hun bestelling kwamen ophalen. Die verbinding, dat trok mij aan. Toen dat platform failliet ging, miste ik iets. Mijn foodblog, The Messy Chef, bleek het antwoord.' Heeft dat veel veranderd? 'Als je vertelt dat je bij het CLB (Centrum voor Leerlingenbegeleiding, red.) werkt, zorgt dat niet voor de meest sprankelende gesprekken. (lacht) Bij velen haalt dat onderwerp slechte herinneringen naar boven en mensen gooien het gesprek snel over een andere boeg. Nu ik kan vertellen dat ik een kookblog heb en kookboeken schrijf, krijg ik veel meer enthousiaste vragen en respect voor wat ik doe. Die leuke reacties geven mij een goed gevoel. Eten is ook de beste manier om nieuwe mensen te leren kennen. Mijn netwerk is enorm uitgebreid, van buren tot mijn lokale slager tot andere bloggers en foodfotografen. Eten verbindt.' Recepten