Ingrediënten

Voor 6 personen

  • 100 g marsepein of amandelpasta, geraspt
  • 1/4 theel. gemalen kardemom
  • 1/4 theel. kaneel
  • 60 g poedersuiker, gezeefd, plus 1 eetl. extra
  • 1 eiwit
  • 1 kg geurige appels, geschild en in blokjes
  • 1 citroen, schil geraspt
  • 2 eetl. citroensap
  • 50 g boter
  • 100 g fijne suiker
  • 3 takjes citroenverbena of 1 theelepel kaneel
  • 2 dl slagroom
  • 100 g crème fraîche

Bereiding

  1. Verwarm de oven voor op 150 °C (gasstand 2). Klop in een kom de marsepein, kardemom en kaneel met een elektrische mixer door elkaar. Voeg geleidelijk de poedersuiker toe, afgewisseld met het eiwit. Schep volle eetlepels van het beslag (met voldoende tussenruimte) op twee met bakpapier beklede bakplaten. Bak de macarons 20-25 minuten, tot ze gerezen en goudbruin zijn. Haal ze uit de oven, laat ze 10 minuten rusten en laat ze dan op een rooster afkoelen.
  2. Schep intussen de blokjes appel, citroenschil en het citroensap door elkaar. Laat de boter smelten in een koekenpan, voeg de appelblokjes toe en schep ze om. Bestrooi ze met de suiker en roer tot hij is opgelost. Voeg de citroenverbena of kaneel toe en bak tot de appels gaar zijn maar niet uit elkaar vallen. Laat ze afkoelen en gooi de verbena weg.
  3. Schenk de room in een kom en zeef er 1 eetlepel poedersuiker boven. Voeg de crème fraîche toe; klop alles eerst langzaam en dan sneller door elkaar tot de room dik is. Schep de appelmoes in zes kommen, verkruimel boven elke kom twee macarons en maak af met 2 volle eetlepels room. Serveer naar wens met rozenbotteljam.

Uit: Een culinair bezoek aan Kopenhagen, Christine Rudolp & Susie Theodorou (Karakter Uitgevers, 27,99 euro)