Een wandeltip voor architectuurliefhebers: op het einde van het Soenenspark in Sint-Denijs-Westrem staan twee bijzondere gebouwen pal naast elkaar. Vanop straat kun je binnengluren of eromheen wandelen. Architecturaal snuffelen dus. Het eerste is nieuw gebouwd en valt op met doorkijkarchitectuur, het tweede dateert uit 1935 en is een mix tussen pakketbootstijl en art deco. In het ene huist een spiksplinternieuwe shiny showroom van keukenspecialist Obumex, het andere is recent gerenoveerd en blinkt als nostalgisch juweeltje naast de nieuwbouwbuur. De twee gebouwen hebben dezelfde eigenaar: Rietveldprojects. Dat is een projectontwikkelaar - maar schrap dat woord, want het doet hen oneer aan - met thuisbasis aan de kust, maar vooral veel klanten in het binnenland. Zou bouwpromotor beter klinken? 'Och nee, laat dat ook maar vallen', zegt Peter Moerman, die samen met zijn broer Thomas in 2006 Rietveldprojects opstartte. Ze zitten in een hokje dat nog niet bestaat en waarvoor Van Dale nog een woord moet uitvinden. Eentje zonder pejoratieve bijklank. Want de architectuur die ze neerzetten, is anders dan de banale appartementsblokken die veel projectontwikkelaars in België neerplanten.
...

Een wandeltip voor architectuurliefhebers: op het einde van het Soenenspark in Sint-Denijs-Westrem staan twee bijzondere gebouwen pal naast elkaar. Vanop straat kun je binnengluren of eromheen wandelen. Architecturaal snuffelen dus. Het eerste is nieuw gebouwd en valt op met doorkijkarchitectuur, het tweede dateert uit 1935 en is een mix tussen pakketbootstijl en art deco. In het ene huist een spiksplinternieuwe shiny showroom van keukenspecialist Obumex, het andere is recent gerenoveerd en blinkt als nostalgisch juweeltje naast de nieuwbouwbuur. De twee gebouwen hebben dezelfde eigenaar: Rietveldprojects. Dat is een projectontwikkelaar - maar schrap dat woord, want het doet hen oneer aan - met thuisbasis aan de kust, maar vooral veel klanten in het binnenland. Zou bouwpromotor beter klinken? 'Och nee, laat dat ook maar vallen', zegt Peter Moerman, die samen met zijn broer Thomas in 2006 Rietveldprojects opstartte. Ze zitten in een hokje dat nog niet bestaat en waarvoor Van Dale nog een woord moet uitvinden. Eentje zonder pejoratieve bijklank. Want de architectuur die ze neerzetten, is anders dan de banale appartementsblokken die veel projectontwikkelaars in België neerplanten. Je had dat al kunnen vermoeden aan de hand van hun naam. 'Natuurlijk een verwijzing naar de beroemde architect en meubelontwerper Gerrit Rietveld', zegt Peter Moerman, die ooit nog bij Unilever werkte en dat goed heeft bedacht. Maar het is meer dan zomaar een hippe link, want Peter en zijn broer groeiden op in de Rietveldstraat in Beervelde. Een mooie naam plakken ze trouwens op al hun gebouwen. In hun portfolio zitten onder meer een Oscar Niemeyer, Pierre Paulin, Alvar Aalto, Eero Saarinen of Arne Jacobsen. Enkele van hen zouden zich mogelijk omkeren in hun graf, omdat de architectuur niet altijd strookt met het ideeëngoed van de beroemde namen, maar je moet het de Rietveld-boys nageven: ze durven. De twee broers bouwen al meer dan tien jaar toparchitectuur, vooral aan de Belgische kust. Geen oer-Vlaamse cottagestijl, maar duinhuizen met spectaculaire penthouses of appartementen met grote raampartijen, altijd getekend door hedendaagse architecten. 'Je kunt zoiets toch moeilijk Residentie Duindistel 1, 2 en 3 noemen?' En nu is er dus Villa De Nil uit 1935 in het Oost-Vlaamse Sint-Denijs-Westrem, net naast een groot en glimmend nieuwbouwproject van hen. Peter Moerman, die in Drongen woont, passeerde hier regelmatig om zijn kinderen af te zetten op school. Maar wie niets van architectuur kent, rijdt er achteloos voorbij. 'Een voorliefde voor gebouwen is ons met de paplepel ingegeven', zegt Peter. Ook al werkte hun vader Norbert voor Esso, hij hield en houdt nog altijd van architectuur. Vader Moerman was een van de eersten om aan Govaert & Vanhoutte een opdracht te geven, op zijn moestuin nota bene. Vandaag zijn die architecten een gerenommeerd duo, toen waren ze nog onbekend. Het was ook vader Moerman die destijds in Middelkerke zijn ziel stak in de zeven jaar durende renovatie van het legendarische art-nouveauhotel De Rotonde. 'Eigenlijk dacht ik eerst dat het misschien een Henry Van de Velde was', zegt Peter. Dat had gekund, want de Antwerpse architect bouwde in de jaren 30 wel degelijk in het Soenenspark, maar dan enkele straten verder. De oorspronkelijke bouwplannen waren spoorloos, en niemand kon hun het antwoord geven. 'Maar de architectuur is zo bijzonder dat we toch besloten om te kopen', zegt Thomas. Ze gaven architect Wouter Callebaut de opdracht om een bouwtechnisch historisch onderzoek uit te voeren. Callebaut ging stenen, stijlen en kleuren vergelijken, dook in stadsarchieven en kwam na enkele weken tot een naam: Emile De Nil. Wie, zegt u? 'De Nil is een relatief onbekende architect, zeker bij het grote publiek', zegt Peter. Er bestaat weinig info over de architect, maar Callebaut ontdekte onder meer een masterproef aan de Universiteit Gent. Door zijn speurtocht in opdracht van de Moermans is de architectuur nu beter gedocumenteerd. 'En dan moet je weten dat we tijdens de werken de bouwplannen vonden. Werkmannen waren bezig in de paardenstallen achter de woning en plots kwamen magnifieke blauwdrukken tevoorschijn.' Netjes getekend door Emile De Nil, de naam waar ze maandenlang naar gezocht hadden. De Nil bouwde de eerste jaren van zijn carrière veel in art deco, maar evolueerde later naar pakketbootstijl, de architectuur uit de jaren 30 en 40 die letterlijk doet denken aan cruiseschepen. Ook dit huis heeft nautische elementen. Zo is er een typische bootschouw en heeft de eerste verdieping een rond terras waar met veel verbeelding een beroemde Titanic-scène kan worden nagespeeld. In Villa De Nil woonde 70 jaar dezelfde familie, de oorspronkelijke bouwheren. Bij een openbare verkoop belandde het enkele jaren geleden in andere handen en daardoor zijn jammer genoeg enkele mooie details verloren gegaan, zoals een groen-roze badkamer of het slecht onderhouden visgraatparket. Peter en Thomas wisten het gebouw van de nieuwe eigenaars te kopen en spraken voor de renovatie een heus Belgisch dreamteam aan: CAAN Architecten (indeling van het huis), Callebaut-architecten (renovatie), Obumex (keuken) en Woodstoxx (parket). De Obumex-keuken van Joseph Dirand is gebouwd met redelijk indrukwekkende zwart-witmarmer, Minolo, van specialist Van Den Weghe. Toen een foto van de keuken op de Instagrampagina van Elle Decor USA belandde, werd het met 39.000 hartjes een van de meest gelikete designs in de geschiedenis van het blad. Wie rondkijkt in de woning ziet nog meer Belgisch lekkers. Oude lampen van Christophe Gevers bijvoorbeeld, of kunst van Bram Bogart, Guy Vandenbranden en Dan Van Severen. Binnenkijken kan trouwens, want de villa wordt het kantoor van Rietveldprojects. Het huis was in slechte staat en er kropen maanden in de research, materiaal- en kleurenstudies. Bijna maniakaal gingen architect Wouter Callebaut en zijn medewerker Cédric op zoek naar de details van vroeger. De dag dat Knack Weekend de woning bezoekt, zijn stielmannen de buitengevel opnieuw aan het verven 'omdat de kleur niet klopte'. De originele glas-in-loodramen werden een voor een uitgebroken, gerestaureerd door vakman Erwin Snijders, vervolgens omhuld met dubbel glas en terug op hun plaats gezet. 'De restauratie van zo'n huis kun je alleen aanpakken met iemand die veel oldskool stielmannen en verloren ambachten kent, en Wouter is zo iemand.' Rietveldprojects bestaat sinds 2006, en Peter en Thomas staan intussen bekend als voorlopers van hedendaagse architectuur in West-Vlaanderen. Los van de discussie over het volbouwen van onze zeestrook, moet je hen wel nageven dat zij de eersten waren om af te stappen van de typisch Belgische kustarchitectuur. 'In het begin was dat moeilijk. Tegen de stroom in varen is nooit evident. Eén keer had ik zelfs de voormalige burgemeester van Nieuwpoort aan de lijn, die ons verbood te bouwen, en enkel toestemming wilde geven voor de romantische cottagestijl. En op de dijk van Oostende hebben we ooit een gebouw gezet met appartementen die eerst niemand wilde kopen, omdat ze 'te speciaal' waren.' Dat bewuste gebouw heeft een voorzijde waar de ramen schuin uitspringen. 'Voor de mensen is dat dan een scheve gevel.' Intussen is Rietveldprojects wel een naam. Meer nog, ze zijn zelfs een stijl geworden die veel navolging kreeg: overal aan de kust staan Rietveld lookalikes. 'Wij zijn inderdaad vaak gekopieerd. Daarom, en ook omdat we zelf evolueren, slaan we stilaan ook een andere weg in. Het zou voor ons makkelijk zijn om de komende tien jaar hetzelfde te blijven doen, want de stijl bereikt nu een hoogtepunt. Maar metershoge ramen van vloer tot plafond volop naar het zuiden, dat is niet meer van deze tijd.' De 'glazen box'-architectuur: overal binnen en buiten kijken. Spectaculair, maar met de nieuwe ecovoorschriften is dat bouwtechnisch bijna niet meer mogelijk. 'Bovendien: de stijl is nu zo populair geworden dat alles meer en meer op elkaar gaat lijken. Het mag geen eenheidsworst worden.' En dus komt Rietveldprojects 2.0 eraan: Villa De Nil is in hun portfolio een erg vreemde eend. 'En toch klopt het voor ons. Dit huis is een folieke, iets uit ons hart. Rietveld staat voor moderne hedendaagse architectuur en tachtig jaar geleden gold dat voor deze villa ook. Dan maar hopen dat wij over tachtig jaar ook zo herinnerd worden.'