Bij mensen die Brussel kennen staat 'wonen in de Wolstraat' weleens op de bucketlist. Het Egmontpaleis, het Hotel de Merode en andere adellijke woningen die je er vindt, verwijzen naar het aristocratische leven dat er ooit heeft plaatsgevonden. Het is hier, op wandelafstand van de Zavel, waar tal van antiquairs en brocanteurs zijn gevestigd, dat Luc Clément zijn pied-à-terre vond. Het kruiste bij toeval zijn pad, toen hij die andere droom wou waarmaken: wonen in het buitenland. Vandaag verdeelt de ex-modegroothandelaar zijn tijd tussen België en Marrakesh, waar hij een olijfboomgaard ombouwt tot ecofarm. 'Het idee om verschillende levens in één leven te leiden heeft me altijd al geboeid', vertelt de Brusselse ondernemer. In de jaren negentig, met CNC Collections, verdeelde hij merken als Napapijri, Masons en Villebrequin in de Benelux, en stampte hij tegelijk zijn eigen modelabel System uit de grond. Tot hij in 2004 het Britse merk Superdry ontdekte op e...

Bij mensen die Brussel kennen staat 'wonen in de Wolstraat' weleens op de bucketlist. Het Egmontpaleis, het Hotel de Merode en andere adellijke woningen die je er vindt, verwijzen naar het aristocratische leven dat er ooit heeft plaatsgevonden. Het is hier, op wandelafstand van de Zavel, waar tal van antiquairs en brocanteurs zijn gevestigd, dat Luc Clément zijn pied-à-terre vond. Het kruiste bij toeval zijn pad, toen hij die andere droom wou waarmaken: wonen in het buitenland. Vandaag verdeelt de ex-modegroothandelaar zijn tijd tussen België en Marrakesh, waar hij een olijfboomgaard ombouwt tot ecofarm. 'Het idee om verschillende levens in één leven te leiden heeft me altijd al geboeid', vertelt de Brusselse ondernemer. In de jaren negentig, met CNC Collections, verdeelde hij merken als Napapijri, Masons en Villebrequin in de Benelux, en stampte hij tegelijk zijn eigen modelabel System uit de grond. Tot hij in 2004 het Britse merk Superdry ontdekte op een modebeurs en er heel Europa mee veroverde. Zijn liefde voor kunst en het verzamelen ervan bracht hem daarna naar Ibiza, waar hij een paar jaar lang een galerie bezat. 'Maar laten we niet te veel aan dat verleden vasthouden. Als ik iets onthoud van het afgelopen jaar, is het dat we allemaal meer in het moment moeten leren leven.' Wat een kleur. Weinigen wagen zich eraan om hun interieur in één nuance - met uitzondering van wit - onder te dompelen. 'Ik ben gewoon altijd gek geweest op die groentint', legt Clément uit. 'Bij System had ik om onverklaarbare reden nooit zwart in de collectie, maar wel altijd groen. In mijn vorige woningen en ook in Marrakesh zul je het terugvinden. Het is een kleur die lijkt te leven, want hij weerkaatst zon-, artificieel of kaarslicht op compleet andere manieren. Ik liet de kleur mengen op basis van een stuk linnen dat ik ooit in handen kreeg.' Nog zo'n onverklaarbare passie is die voor Afrikaanse kunst. Hoewel zijn voorouders geen voorgeschiedenis kenden op het continent, had Clément als kind slechts één wens; piloot worden en in Afrika vliegen. 'In 1989 zette ik er voor het eerst voet aan de grond. Ik weet niet wat het was, maar daar, in Nairobi, werd ik plots overweldigd door een ongelooflijk gevoel van verbondenheid.' Het leidde tot een indrukwekkende collectie kunst uit Congo, Mali, Ivoorkust, Nigeria en sinds kort ook Oceanië. 'Al is kunst een heel westers begrip. Het zijn vooral tribale objecten die me interesseren. Gebruiksvoorwerpen die met grote zin voor vakmanschap en esthetiek zijn gemaakt.' Ook al is hij geen professionele decorateur, toch slaagt Clément erin om naadloos 19de-eeuwse fauteuils te combineren met Perzische tapijten, tribale voorwerpen, pastorale tafels, schilderkunst en hedendaagse fotografie. 'Het gaat me niet om namen of tendensen, maar om pure emotie. Telkens weer', zegt hij terwijl zijn blik op het standbeeld in de keuken valt. 'Dit beeld komt uit een kleine archipel in Oceanië die door het stijgende zeewaterpeil binnenkort zal verdwijnen. Een foto was al voldoende om me te betoveren, maar oog in oog met het beeld werd ik helemaal overmeesterd. Die blik is zo sterk, zo intens. Telkens weer voel ik die energie', vertelt hij uitgelaten terwijl hij zich omdraait richting keukentafel. 'Idem met dit werk van Nam Chun Mo, een kunstenaar uit de Koreaanse monochrome beweging Dansaekhwa, die ik via vrienden heb ontdekt. Of de pendelklok op de schoorsteenmantel. Had iemand me ooit gezegd dat ik zoiets in huis zou halen, ik had hem voor gek verklaard.' 'Om een verhaal te creëren met een interieur, heb je vooral tijd nodig,' gaat hij verder, 'niet noodzakelijk veel middelen. Mijn kostbaarste stuk uit mijn fotografiecollectie is nog steeds een beeld dat ik in de jaren negentig kocht voor 120 Belgische frank. Of de oude tabakstoelen die ik vijfentwintig jaar geleden vond bij een brocanteur om mijn System-boetiek mee in te richten. Ze hangen allemaal vast aan ontmoetingen. En die maken, net als ervaringen en belevingen, je rijkdom in het leven.'