Er zijn de vaste en de andere gasten. De habitués steken de Messeplatz over zonder nog oog te hebben voor het gebouw van Art Basel, een van 's werelds grootste beurzen voor hedendaagse kunst die momenteel plaatsvindt. De nieuwkomers geven hun ogen de kost. De imposante, over twee niveaus overhangende structuur van gevlochten staal, 220 meter lang en 90 meter breed, wordt in het centrum doorboord door een gigantische metalen oculus. Voor wie omhoogkijkt onder dit oog van staal lijkt de lucht bijna een tweedimensionaal canvas, zoals een installatie van de kunstenaar James Turrell.
...

Er zijn de vaste en de andere gasten. De habitués steken de Messeplatz over zonder nog oog te hebben voor het gebouw van Art Basel, een van 's werelds grootste beurzen voor hedendaagse kunst die momenteel plaatsvindt. De nieuwkomers geven hun ogen de kost. De imposante, over twee niveaus overhangende structuur van gevlochten staal, 220 meter lang en 90 meter breed, wordt in het centrum doorboord door een gigantische metalen oculus. Voor wie omhoogkijkt onder dit oog van staal lijkt de lucht bijna een tweedimensionaal canvas, zoals een installatie van de kunstenaar James Turrell. Het sculpturale gebouw, ingehuldigd in 2013, werd ontworpen door de Pritzker Prize-winnaars Jacques Herzog en Pierre de Meuron, aan wie we ook Tate Modern (2000) te danken hebben. Zij kozen voor scherpe lijnen en buitenmaatse proporties, kortom krachtige statements. Beide architecten werden geboren in Bazel en zijn er nog steeds actief. Ze zijn ook verantwoordelijk voor de uitbreiding van het Museum der Kulturen met zijn verspringende nok in keramische tegels, en voor het Schaulager, een ondoorzichtige doos van steen en beton waarin de kunstcollectie van Emanuel Hoffmann is ondergebracht. Dat zijn niet de enige realisaties van deze H&M. Meer dan 45 projecten in hun geboortestad aan de Franse en Duitse grens dragen hun signatuur. Een van hun opvallendste interventies situeert zich op de rechteroever van de Rijn, waar het duo voor het farmaceutisch bedrijf Roche een torengebouw optrok, niet ver van de rivier. De uitgerekte piramide is niet minder dan 178 meter hoog, een record voor Zwitserland, dat al in 2022 zal worden overtroffen door de tweede toren die nu in aanbouw is. Van op enige afstand in het middeleeuwse deel van de stad op de andere oever blijkt duidelijk welke indrukwekkende plaats deze twin towers zullen innemen. Het panorama strekt zich dan ook ver uit, tot aan de beboste heuvels van het Jura-massief, dat stil en onverschillig blijft voor al die menselijke drukte. De beklimming van de kathedraaltoren biedt weer een heel ander uitzicht op de pannendaken en de pittoreske steegjes. Ergens onder een van de pijlers van het schip ligt het stoffelijk overschot van Erasmus (1466-1536). De Rotterdamse humanist en hervormer, die afstand had genomen van de theologen en de paus, bracht zijn laatste levensjaren door in Bazel. Hij woonde er voor het eerst in 1515, waar hij samenwerkte met Johann Froben, een van de beroemdste drukkers in Europa. Bij zijn aankomst was het kanton Bazel, dat deel uitmaakte van het Heilige Roomse Rijk, pas opgenomen in de Zwitserse Confederatie. Een feit dat in 1504 werd gemarkeerd door de bouw van het Raadhuis, een waar embleem voor de stad. Het prachtige gebouw, op een steenworp van de kathedraal, valt op door zijn rode gevel in zandsteen en zijn verfijnde fresco's. De schilden van de verschillende kantons tronen helemaal bovenaan in de gekanteelde gevel. Het marktplein wordt omzoomd door kaarsrechte rijen statige huizen met mansardedaken in bescheiden tinten. De sfeervolle, uit de middeleeuwen daterende wijk, die haar oorspronkelijke structuur heeft behouden, wordt geaccentueerd door smeedijzeren uithangborden en winkels waar souvenirs en typisch Zwitsers bestek worden verkocht. En ze worden niet alleen bezocht door de toeristen. In de smalle Spalenberg, op de begane grond van een frambooskleurig pand uit 1269, zet de familie Gilgen de banketbakkerstraditie van vader op zoon voort. Hier kopen de inwoners van Bazel op zondagochtend de gerenommeerde sachertorten en de met amandelroom gevulde Russenzopfs. Wie te voet of met de fiets via de Rittergasse de nieuwbouw van het Kunstmuseum gaat verkennen, komt in een andere wereld terecht. Midden op het kruispunt met de tramsporen valt de blik op een enorme monoliet, een aanvulling op het museum aan de overzijde, dat dateert uit 1930. Het oude pand heeft het uiterlijk van een palazzo en herbergt meesterwerken van Ferdinand Hodler en Arnold Böcklin, de grote meesters van de Zwitserse schilderkunst aan het einde van de 19de eeuw. De 8000 vierkante meter grote nieuwbouw, in 2016 ontworpen door Emanuel Christ & Christoph Gantenbein, werd medegefinancierd door het kanton Bazel-Stad en de miljardair Maja Oeri, die elk 46 miljoen euro inbrachten. Zwitserse mecenassen hebben de reputatie gul te zijn. De Fondation Beyeler, een kunstmuseum dat beheerd wordt door een privéstichting, krijgt permanente steun van de Bernse ondernemer en filantroop Hansjörg Wyss, die jaarlijks een gift doet van 1,4 miljoen euro. Dit museum, ontworpen door de bekende Italiaanse architect Renzo Piano, trekt jaarlijks 450.000 bezoekers en huisvest meer dan 300 moderne en hedendaagse topwerken, van Calder tot Louise Bourgeois. Het gebouw ligt ingebed in een groene omgeving en is omgeven door een mooie waterpartij, een hommage aan de waterlelies van Monet. Een andere culturele hotspot is het Tinguely Museum, iets buiten het centrum, in de St-Alban-wijk. Het pand, dat met zijn geometrische volumes wat lijkt op een enorme bouwdoos, is een creatie van de uit Ticino afkomstige architect Mario Botta, wiens postmodernistische stijl een sterke comeback maakte bij de jonge architecten die opgroeiden in de jaren tachtig. Dit museum biedt plaats aan de kinetische machines van Jean Tinguely (1925-1991). Zijn wonderlijke installaties, gemaakt van gerecycleerde materialen, dragen nog onmiskenbaar een dadaïstische stempel. Het volstaat om enkele knoppen in te drukken om de geniale tuigen van de Zwitser in werking te zetten, waarna ze met een oorverdovend lawaai tot leven komen. Aan de voet van het museum bevindt zich een steiger die populair is bij de locals. De inwoners van Bazel komen er op mooie zomerdagen graag zwemmen in de Rijn. Al is zwemmen veel gezegd, want de meesten laten zich zo'n twee kilometer meevoeren door de stroming, met hun persoonlijke bezittingen mooi opgeborgen in een waterdichte box. De dranktentjes hier en daar op de oevers zorgen voor de nodige verfrissingen, terwijl de boten en kano's voorbijglijden. Hoewel de inwoners van Bazel hun tijd nemen om van het leven te genieten, zijn ze ook helemaal mee met de tijd en zijn ze duidelijk toekomstgericht. Bazel is een ambitieuze, steeds groeiende wereldstad. In het noorden, in de wijk Klybeck, wordt de voormalige productiesite van BASF grondig onder handen genomen. Het gebied, even groot als veertig voetbalvelden, moet binnenkort plaats bieden aan honderden woningen en kantoren. Nog andere grote projecten staan op stapel. Al valt de drang naar vernieuwing niet bij iedereen in goede aarde. Sommigen vrezen dat een deel van het kostbare erfgoed zal worden vernietigd. En dan gaat het niet over de reeds beschermde overblijfselen uit de middeleeuwen, maar over de kwetsbare restanten uit de 19de en 20ste eeuw. Net als in andere landen worden de jongeren ook hier aangetrokken door de industriële getuigen van de stad en door de wat ruige uitstraling van de verlaten fabrieken. Het succes van Werk8, een vroegere compressorzuigerfabriek die werd omgevormd tot een trendy bar, maar ook van de brouwerij Warteck, waar nu restaurants en kunstenaarsateliers zijn gevestigd, wijst op het belang van de instandhouding van industriële gebouwen met een ziel. Novartis is een heel ander verhaal. Enkele jaren geleden verwierf de farmagigant twintig hectare grond in de wijk St. Johann voor zijn nieuwe hoofdzetel. Met de steun van privé-investeerders met een eigen vermogen van meer dan twee miljard euro werden de meest gerenommeerde hedendaagse architecten aangesproken voor de bouw van kantoren, laboratoria, auditoria, onderzoeks- en ontwikkelingscentra. Deze stad in de stad, omgeven door poorten en beveiligingscamera's, is een unieke showcase met creaties van gereputeerde architecten zoals Frank Gehry, Alvaro Siza, Rem Koolhaas, Sanaa en Tadao Ando. De campus, die twee keer per maand op afspraak te bezoeken is, ontvangt zo'n 20.000 bezoekers per jaar. Het hoofdgebouw, dat vijftien jaar geleden werd opgetrokken, blijft zich uitbreiden. Momenteel wordt de laatste hand gelegd aan een tentoonstellingspaviljoen van de legendarische Italiaanse designer-architect Michele de Lucchi. Een nieuw hoogtepunt dat deze imposante site compleet maakt. De middelen van de opdrachtgevers lijken hier onbegrensd. De chemische nijverheid, die vanaf 1859 geleidelijk in Bazel was ontstaan vanuit de anilinefabriek van Alexander Clavel, is uitgegroeid tot een waar financieel imperium. De multinationals gespecialiseerd in farmaceutica en biotechnologie zijn vandaag de grootste werkgevers in de regio. Referendum of geen referendum, in Bazel, zo wordt gezegd, is niets mogelijk zonder hun toestemming.