'Laptops en iPads zijn heel aanlokkelijk voor onze kinderen. Als ze hun zin mochten doen, dan zouden ze elke dag spelletjes spelen', vertelt Kristien, mama van Janne (6), Gijs (8) en Dorien (10). 'Soms moet ik hen naar buiten sturen omdat ze anders binnen zouden blijven.'
...

'Laptops en iPads zijn heel aanlokkelijk voor onze kinderen. Als ze hun zin mochten doen, dan zouden ze elke dag spelletjes spelen', vertelt Kristien, mama van Janne (6), Gijs (8) en Dorien (10). 'Soms moet ik hen naar buiten sturen omdat ze anders binnen zouden blijven.'Het is niet alleen Kristien opgevallen dat kinderen een tablet vaak boven de tuin verkiezen. Zo startte Kind en Gezin twee maanden geleden met haar buitenbaby's-campagne omdat de organisatie merkte dat jonge kinderen steeds minder buiten spelen. Recent onderzoek van de Nederlandse jeugdvoorzieningenorganisatie Jantje Beton wees eveneens op een drastische daling van het aantal kinderen dat zich regelmatig buiten uitleeft: in Nederland speelt slechts 47% van de kinderen meer buiten dan binnen. Drie op de tien kinderen speelt zelfs nooit of slechts één keer per week buiten. En dat terwijl het merendeel van de bevraagde kinderen buiten spelen de leukst mogelijke activiteit vindt. De Amerikaanse journalist Richard Louv had het er dertien jaar geleden ook al over in zijn boek Last Child in the Woods: sinds de opkomst van nieuwe media zoals de televisie en het internet brengen steeds meer kinderen en jongeren hun tijd binnenshuis door. Hij beschouwt de lokroep van de technologie als een van de grootste boosdoeners. Technologie is nu eenmaal iets waar we niet omheen kunnen. Uit resultaten van het recente apestaartjarenonderzoek blijkt dat zich binnen de leeftijdscategorie negen tot twaalf jaar op twee jaar tijd een verdriedubbeling heeft voltrokken van het aantal kinderen dat een eigen tablet heeft. Binnen de leeftijdscategorie van de achtjarigen heeft één op vijf een eigen smartphone. Technologie is dus steeds meer aanwezig in de levens van kinderen en jongeren.Volgens kinderpsychologe Laura Mignolet is het gebruiksgemak van digitale toestellen het grootste probleem. 'Als ik aan ouders vraag waarom ze hun kind niet vaker laten buiten spelen, krijg ik meestal de reactie dat het te lang duurt vooraleer ze hun schoenen en jas aanhebben. Als ze vuil worden, moeten ze zich nadien wassen en omkleden... Het is allemaal te veel moeite', zegt ze. 'Vroeger was technologie een pak minder toegankelijk voor kinderen', verduidelijkt Bastiaan Baccarne, onderzoeks- en onderwijsassistent binnen de communicatiewetenschappen aan de universiteit van Gent. 'De technologie die toen in huis was, kon niet zonder hulp van een ouder gebruikt worden want ze was te complex. Vandaag is dat echter niet meer het geval.'Verschillende onderzoekers maken zich net zoals Mignolet en Louv zorgen over de populariteit van technologie ten koste van buiten spelen. Zo toonden Atchley en Strayer in 2012 aan dat blootstelling aan een natuurlijke omgeving in combinatie met een ban op technologie cognitieve vaardigheden met maar liefst vijftig procent kan doen toenemen. Baccarne merkt op dat die bezorgdheid een normale en zelfs een gezonde reactie is: 'Technologie is nieuw in ons leven, het is een ongetemd dier. Het is goed dat zowel volwassenen als kinderen op een kritische manier nadenken over hoe ze er best mee omspringen.'Toch waarschuwt hij voor een overdreven cynische houding tegenover technologie, want die ontspringt vaak uit een vertekend beeld: 'We mogen niet vergeten dat volwassenen doorgaans hun eigen jeugd als referentiekader gebruiken. Die was natuurlijk heel media-arm in vergelijking met de opvoeding die kinderen vandaag genieten', legt hij uit. 'Daardoor hebben ze al snel het gevoel dat de hoeveelheid technologie veel te groot is, terwijl de vergelijking niet echt opgaat.'Ook Pedro De Bruyckere, pedagoog en onderzoeker verbonden aan Arteveldehogeschool, waarschuwt voor een demonisering van technologie die doorgaans gepaard gaat met een romantisering van klassieke bezigheden zoals buiten spelen. 'Een veelvoorkomende misvatting is dat technologie gezinsleden van elkaar isoleert. Uit een onderzoek van Sonia Livingstone blijkt bijvoorbeeld dat digitale spelletjes juist goed zijn voor de familiebanden, omdat er steeds meer wordt samengespeeld', aldus De Bruyckere. Een andere misvatting is dat de creativiteit van kinderen zich minder goed ontwikkeld als ze met schermen bezig zijn. Baccarne benadrukt dat het belangrijk is om een onderscheid te maken tussen media waarbij kinderen passief consumeren, zoals de televisie en videokanalen, en toepassingen waarbij ze zelf actief aan de slag kunnen gaan. 'Minecraft staat niet voor niks met stip op nummer één bij kinderen uit de lagere school', stelt hij. 'Het spel is heel vergelijkbaar met een doos Lego: kinderen maken hun eigen creaties, maar dan in een virtuele omgeving.' De redenen waarom kinderen minder vaak buitenshuis vertoeven, zijn uiteenlopend. 'Ouders hebben het heel druk. In de meeste gezinnen werken beide partners fulltime, als ze thuiskomen moeten ze nog koken en andere huishoudelijke taken uitvoeren. Ze hebben geen tijd om actief met hun kinderen bezig te zijn, en dan is een tablet of een televisie natuurlijk een gemakkelijke oplossing', vertelt kinderpsychologe Mignolet. 'Kinderen hebben zelf ook vaak overvolle agenda's', vult ze aan. 'Ze moeten huiswerk maken en daarnaast nemen ze deel aan tal van buitenschoolse activiteiten, zoals de muziekschool en de sportclub. Dan komt het er niet van om gewoon even buiten te spelen.' Mignolet schrijft het probleem ook deels toe aan angst bij de ouders: 'We leven in een maatschappij waar een groot onveiligheidsgevoel heerst. De terreurdreiging van de laatste jaren heeft daar niet aan geholpen. Ouders zijn er minder happig op om hun kind zonder toezicht weg te laten gaan van huis en ze hebben niet de tijd om hen te begeleiden. Daarom houden ze hun kinderen binnen, waar het veiliger is.'Hoewel technologie een alternatief kan bieden voor verschillende elementen uit de opvoeding, kan het geen alternatief vormen voor beweging. Mignolet benadrukt dat voldoende beweging van essentieel belang is voor een gezonde ontwikkeling: 'Kinderen moeten hun energie kwijt kunnen. Met een tablet kan een kind zich mentaal wel uitleven, maar fysiek niet, en dat is problematisch. De meeste kinderen hebben het echt nodig om af en toe eens volledig uit de bol te gaan, ze moeten tenslotte een hele dag flink stilzitten in de klas.''Digitale media kan het offline verhaal natuurlijk niet volledig vervangen', zegt ook communicatiewetenschapper Baccarne. 'Bewegen en buiten zijn, dat is natuurlijk van cruciaal belang voor een kind.' Hij wijst op interessante technologische evoluties die daarop inspelen: 'Doordat het televisiescherm geëvolueerd is naar een mobiel medium, wordt het mogelijk om met die technologie te bewegen en buiten dingen doen. We staan nog in de kinderschoenen wat dat betreft, maar het succes van spelletjes zoals Pokémon Go toont wel aan dat technologie kinderen kan stimuleren om meer buiten te spelen. Dat kan gerust complementair zijn, de twee hoeven elkaar niet uit te sluiten', aldus Baccarne. Dat beweging belangrijk is, leeft volgens pedagoog De Bruyckere in onze samenleving. 'In Vlaanderen kennen de jeugdbewegingen de laatste jaren enorm lange wachtlijsten, hoewel daar naar mijn weten geen grote campagne rond is gevoerd.' Volgens hem spelen daar verschillende factoren in mee. Hij vindt het in elk geval een positieve evolutie. 'Jeugdbewegingen zijn tenslotte een belangrijke bron van buiten spelen en bij de meeste jeugdbewegingen worden smartphones achterwege gelaten', merkt hij nog op. Alle partijen zijn het erover eens dat het belangrijk is om een balans te vinden tussen technologiegebruik en buiten spelen. Afspraken maken kan gezinnen helpen om dat evenwicht te vinden. 'Binnen sommige opvoedingen ligt er een restrictie op het aantal uren schermtijd dat kinderen wordt toegestaan. Een typisch voorbeeld is dat kinderen pas op de iPad mogen nadat ze hun huiswerk gemaakt hebben, of dat ze enkel in het weekend een uurtje mogen gamen', vertelt Baccarne. 'Op die manier zorgen ouders ervoor dat hun kinderen niet de hele tijd met schermen bezig zijn.'Bovendien is het van belang dat gezinsleden in dialoog gaan over hun technologiegebruik. De negatieve rechtstreekse effecten, zoals de impact van blauw licht op de slaapkwaliteit, kan een basis vormen voor gesprekken en afspraken. Baccarne benadrukt dat het belangrijk is dat ook kinderen ervan bewust worden gemaakt dat een beperkte hoeveelheid schermtijd per dag wenselijk is omdat er ook minder goede zaken aan verbonden zijn. 'Ze zijn al vanop heel jonge leeftijd in staat om dat te begrijpen', aldus de wetenschapper. Baccarne en De Bruyckere benadrukken dat ouders een belangrijke voorbeeldrol vervullen. 'Uit onderzoek blijkt dat sommige kinderen het schermgebruik van hun ouders problematisch vinden,' vertelt Baccarne. 'En terecht: het is minsten even betwistbaar dat je als moeder of vader 's avonds urenlang Candy Crush zit te spelen, als dat je kind nog niet wil gaan slapen omdat hij of zij nog een spelletje wil afmaken.'