De helft van de Nederlandse vrouwen tussen 15 en 25 heeft regelmatig pijn bij het vrijen, één op vijf heeft dat zelfs altijd. De belangrijkste oorzaak is niet medisch, stelt professor Rik van Lunsen, arts-seksuoloog bij het academisch ziekenhuis AMC in Amsterdam, maar omdat hun lichaam nog niet klaar is voor penetratie. Te weinig voorspel dus. "Ook als vrouw heb je een soort erectie nodig voor je fijn kunt vrijen", vertelt hij. "Maar blijkbaar weten veel jonge mensen dat nog altijd niet. Er wordt dan wel regelmatig over seks geschreven, maar veel is onzin. En we denken dat seksuele voorlichting voor volwassenen niet nodig is, omdat iedereen seks heeft en dus ervaringsdeskundige is. Wij zien dat er nog veel mythes leven en dat er nog te vaak een gebrek aan kennis is over hoe ons lichaam, onze psyche en de context rond seks werken." Vandaar dat van Lunsen later dit jaar samen met professor Ellen Laan een boek uitbrengt met de titel Seks! Een leven lang leren.
...

De helft van de Nederlandse vrouwen tussen 15 en 25 heeft regelmatig pijn bij het vrijen, één op vijf heeft dat zelfs altijd. De belangrijkste oorzaak is niet medisch, stelt professor Rik van Lunsen, arts-seksuoloog bij het academisch ziekenhuis AMC in Amsterdam, maar omdat hun lichaam nog niet klaar is voor penetratie. Te weinig voorspel dus. "Ook als vrouw heb je een soort erectie nodig voor je fijn kunt vrijen", vertelt hij. "Maar blijkbaar weten veel jonge mensen dat nog altijd niet. Er wordt dan wel regelmatig over seks geschreven, maar veel is onzin. En we denken dat seksuele voorlichting voor volwassenen niet nodig is, omdat iedereen seks heeft en dus ervaringsdeskundige is. Wij zien dat er nog veel mythes leven en dat er nog te vaak een gebrek aan kennis is over hoe ons lichaam, onze psyche en de context rond seks werken." Vandaar dat van Lunsen later dit jaar samen met professor Ellen Laan een boek uitbrengt met de titel Seks! Een leven lang leren. Hoe zwangerschap en soa's te voorkomen, dat is wat de meesten zich herinneren van hun schoolse seksuele voorlichting, beseft van Lunsen. "Seksueel plezier komt vaak niet aan bod. Niet bij jongeren, maar ook niet bij volwassenen. Terwijl de hamvraag zou moeten zijn: hoe leuk hebben we het seksueel?" Niet zo leuk, blijkt uit onderzoek. 25 % van de volwassen mannen én vrouwen is niet tevreden over zijn seksleven. "Het grootste probleem op het vlak van die rammelende seksualiteit is dat iedereen zich afvraagt of wat hij denkt/voelt/verlangt, wel normaal is", stelt van Lunsen. "We willen zo graag voldoen aan de normen en net daarover leven er nog ontzettend veel mythes. Je kunt het zo gek niet bedenken of mensen vertellen het in mijn praktijk. Over hoe vaak je het doet en hoe, wat goede seks is, dat mannen zus zijn en vrouwen zo, dat een man recht heeft op seks, dat pijn normaal is ... Bij mannen lijkt het alsof ze, eenmaal gestart, een rijbewijs hebben en vanaf dan altijd willen; bij vrouwen is plezier in seks iets wat je nog altijd wat verdacht maakt. Er worden ontzettend veel bakerpraatjes verkocht over seks en dat is een probleem. We laten ons te vaak leiden door wat we denken dat andere mensen vinden en verwachten. Terwijl de norm moet zijn: wat vind ík fijn." Het is jammer dat de realiteit van ons seksuele leven zo weinig aan bod komt, schrijft ook filosoof Alain de Botton in Meer denken over seks. "We denken dat de juiste houding tegenover seks vrolijk, niet-obsessief en goed aangepast is, en worstelen met het feit dat bijna niemand enigszins 'normaal' is op seksueel vlak. We hebben allemaal onze neuroses, angsten, rare verlangens en fobieën." Dat we in een periode van 'postseksuele revolutie' leven, maakt het volgens de Botton nog moeilijker. "We zouden seks in theorie gewoon en rechtdoorzee moeten vinden, maar dat is niet zo." Volgens hem zijn we een stuk beter af als we allemaal aanvaarden dat we op seksueel vlak een beetje raar zijn. Vreemd is het nieuwe normaal, dus. De helft van de Britse vrouwen kan de vagina niet aanwijzen op een medische tekening, zo bleek uit een recent onderzoek van The Eve Appeal, een organisatie voor sensibilisering rond gynaecologische kankers. 60 % kende het verschil niet tussen een vagina en een vulva. Wim Slabbinck, seksuoloog en auteur van het net verschenen Waarom mannen geen seksboeken kopen, is ook weleens verbaasd over de vragen die hij krijgt. "Vaak gaat het echt om basiskennis. Dan weten mensen niet hoe de seksuele responscyclus in elkaar steekt. Dat verlangen en opwinding gevolgd worden door een plateaufase voor de climax en dat er dan een ontspanningsfase komt. Die kennis kan vaak al heel wat vragen oplossen. Soms willen mensen discussiëren over het verschil tussen een vaginaal of clitoraal orgasme, terwijl dat er amper toe doet." Niet alleen onze anatomische kennis laat te wensen over, vindt Slabbinck. "Is masturbatie of fantaseren oké binnen een relatie, of is een fetisj voor voeten en schoenen normaal? Ja en ja. Zo'n fetisj heeft vaak een link met je eerste seksuele ervaringen, daar is niets mis mee. Als seksuele opvoeding voor volwassenen ergens goed voor zou zijn, dan is het voor wat meer realiteitszin. Over verlangen bijvoorbeeld. Over het feit dat verliefdheid maar een maand of achttien duurt en dat je spontane verlangen naar je partner daarna afneemt. Mijn patiënten hebben daar zo veel vragen over, terwijl dat doornormaal is." Dat onze kennis soms nog te wensen over laat, weet ook Anaïs Van Ertvelde, gender-historica en een van de stemmen van Vuile Lakens, een podcast over seks en lichaam. "We hebben een mannenpanel samengesteld waar we af en toe vragen aan voorleggen. Dat zijn intelligente, vaak hoogopgeleide mannen en toch krijgen we soms de gekste antwoorden. Daaruit blijkt dat de kennis over ons lichaam en onze seksualiteit echt nog niet algemeen bekend is." Bovendien staat de wetenschap niet stil. Neem de clitoris. Die staat in de Dikke Van Dale nog altijd omschreven als klein orgaan, gelegen boven de ingang van de vagina. Maar ondertussen weten we dat de kittelaar helemaal niet klein is en vertakkingen heeft die zich inwendig rond de vagina en de urinebuis wikkelen. Hij is zo groot als een doorsneepenis en bij elke vrouw anders. Dankzij de Franse sociologe Odile Fillod krijgen Franse schoolkinderen seksuele voorlichting aan de hand van een anatomisch correct 3D-model, iets wat ook voor veel volwassenen een openbaring blijkt, aan de reacties op wereldwijde krantenartikels te zien. Die anatomisch correcte clitoris werd pas in 1998 voor het eerst in kaart gebracht door dr. Helen O'Connell. Nog maar 18 jaar geleden dus. "Ook dat is voor mij seksuele opvoeding", stelt Van Ertvelde. "Ervoor zorgen dat vrouwen zich afvragen: waarom weet ik dit niet? Waarom worden sommige aspecten van vrouwelijke seksualiteit amper onderzocht?" Tien manieren om ... Zes tips voor ... Bij vragen over seksualiteit komt het antwoord nog vaak in de vorm van tips en technieken. Maar dat soort genitale loodgieterij is niet nuttig, vindt professor van Lunsen. "De medicalisering van seksualiteit helpt niet. Als het vandaag seksueel niet gesmeerd loopt, heb je meteen een ziekte of probleem. Terwijl wij als ziekenhuis vaststellen dat 99 % van onze patiënten helemaal geen ziekte heeft, de problemen liggen ergens anders. Eigenlijk moeten we ervoor zorgen dat mensen voldoende geïnformeerd zijn en stevig genoeg in hun schoenen staan om seksueel plezier te beleven onder hun eigen voorwaarden. Kortom: hoe wordt het leuk en hoe blijft het leuk." En dat gaat niet vanzelf. Alweer zo'n mythe, stelt van Lunsen. "Mensen verwachten seksueel plezier zonder te investeren. Het moet 'vanzelf' komen. Niet dus. Zeker niet als je niet weet hoe je lichaam werkt, hoe prikkels invloed hebben op verlangen, of hoe je over je wensen en vragen kunt praten met je partner. Want er wordt veel geluld over seks, maar heel weinig echt gecommuniceerd. Terwijl dat toch heel belangrijk is. Je kunt maar echt praten over seksualiteit als je niet bang bent om te zeggen wat er aan de hand is en als je niet in elkaars plaats denkt." Praten over seks blijkt inderdaad niet makkelijk, weet ook Anaïs Van Ertvelde. "Neem ons mannenpanel. Mannen geven toe dat ze het onder vrienden wel hebben over 'met wie ze het gedaan hebben' maar verder dan dat gaat het niet. Ze zijn blij dat ze het bij ons eens écht over seksualiteit in al haar aspecten kunnen hebben. Dat merken we ook op onze Facebookgroep. We hebben een vrouwen- en een mannengroep en stellen regelmatig vragen. Zoals onlangs: wat vind je angstaanjagend aan seks en lust? Dan komen de reacties zó snel dat het lijkt of mensen op die vraag zaten te wachten. De antwoorden gingen zeker niet alleen over trauma, maar ook over de hevigheid van sommige lustgevoelens, over grenzen en de vraag of het een goed idee is om die te overschrijden. We voelen dat mensen erover willen praten, maar makkelijk is het nog niet. Ook omdat seksualiteit zo complex is, denk ik. We hebben allemaal bagage op dat vlak en dat maakt open communiceren best ingewikkeld." Waar seksuele voorlichting ten slotte ook over moet gaan, vindt Van Ertvelde, is ons zelfbeeld. "Onze cultuur bepaalt hoe we naar ons lichaam kijken en dat heeft dan weer invloed op ons seksuele leven. Uit onderzoek blijkt dat gevoelens van schaamte over je lichaam, seksuele sappen, menstruatie ... samenhangen met minder tevredenheid over je seksleven. Goed in je vel zitten en realistisch zijn over de morsigheid van seks zijn belangrijk." De conclusie is duidelijk: seksuele voorlichting is ook voor volwassenen nuttig. Zelfs, vindt filosoof Wilhelm Schmid, als je in een seks-out zit, een periode waarin er even geen seks meer is. Dan durft een mens al eens te wanhopen, maar dat is nergens voor nodig, schrijft hij in Sex Out. "Tenzij je net verliefd bent, kan dit iedereen overkomen." Hij put uit de filosofie tien mogelijke manieren om opnieuw te beginnen. Nummer vier: ook seks moet je leren. "Het kunnen dat aan elke kunst ten grondslag ligt, ook die van het beminnen, komt niet uit de lucht gevallen maar moet geleerd worden, en het ligt aan het individu zelf om zich daarvoor in te zetten. Zoals elk kunnen veronderstelt dit een weten, en dat is te vinden in de liefdesboeken en de literatuur van alle tijdperken en culturen." Boeken, tijdschriften, internet, advies van deskundigen en theorie zijn belangrijk, vindt Schmid, maar niet genoeg. "In de privéleerschool der liefde moeten theorie- en praktijklessen elkaar afwisselen, net als in de rijschool." Eenmaal seksueel goed geïnformeerd, moeten we dus aan de slag. Oefenen en uitproberen. Uitzoeken welke seks wij en onze partner fijn vinden, ook als die 'anders' is, en zelfs stilstaan bij de vraag of seks echt belangrijk is in ons leven. Dat helpt volgens Schmid om ons dichter bij ons doel te brengen: het tijdelijke één-zijn zo vorm te geven dat het goddelijk en niet saai wordt.