Ik voel me nergens echt thuis. Ik schrijf boeken, werkte samen met Pieter Van Hees aan het scenario voor Generatie B en treed op met literaire voorstellingen, maar ik kan niet één medium echt het mijne noemen. Het zou anders liggen indien ik in iets uitblonk of een bepaalde artistieke vorm me waanzinnig veel succes opleverde. Maar zolang dat niet het geval is, verken ik verschillende wegen en experimenteer ik met mengvormen. Niches bespelen stoort me niet, ondertussen ben ik wel veelzijdig.
...

Ik voel me nergens echt thuis. Ik schrijf boeken, werkte samen met Pieter Van Hees aan het scenario voor Generatie B en treed op met literaire voorstellingen, maar ik kan niet één medium echt het mijne noemen. Het zou anders liggen indien ik in iets uitblonk of een bepaalde artistieke vorm me waanzinnig veel succes opleverde. Maar zolang dat niet het geval is, verken ik verschillende wegen en experimenteer ik met mengvormen. Niches bespelen stoort me niet, ondertussen ben ik wel veelzijdig. Ik geloof in de kracht van het lokale. Als puber hield ik vooral van buitenlandse schrijvers, tv-makers en striptekenaars, maar ik was blij dat er mensen als Hugo Matthyssen en Herman Brusselmans waren. Niet vanwege de herkenbaarheid, maar omdat ze hier hun weg vonden. In een geglobaliseerde wereld zijn verre bondgenoten snel gevonden, maar wie alleen dat heeft, voelt zich algauw een vreemde vogel, gevangen in het kleine Vlaanderen. Literatuur heeft zelden oog voor de jonge generatie: de geeks, gamers en fans van comic books die wel interesse hebben in verhalen, maar niets hebben met oude media als theater en literatuur. Ik bereik dat publiek ook niet altijd. Een veelkoppig monster als Bella wordt bijvoorbeeld besproken in boekenbijlagen bij gebrek aan andere formats, en als schrijver moet je al stevig uit de hoek komen om uit de cultuurpagina's te breken. Anderzijds wil ik niet zeuren over hoe de wereld zou moeten zijn. Als je vindt dat er iets ontbreekt, spring dan zelf in het gat. Niets vergt zoveel moed als onzekerheid. Jammer genoeg kunnen politici en opiniemakers slecht toegeven dat ze het zelf ook niet weten. Iemand als Vlaams Belang-voorzitter Tom Van Grieken bijvoorbeeld: hoe kun je zo jong zijn en tegelijk zo zeker van je stuk? Er was een tijd dat ik zelf een opiniemaker wilde zijn en gretig columns schreef, maar dat is flink geminderd. Wat ik het ene moment nog als feit beschouw, kan even later helemaal onderuit gehaald worden. Woede brengt anderen zelden op andere gedachten. Meestal lokt ze enkel nog meer woede uit - een halve belediging is al genoeg om de boel te doen ontploffen. Dan zaai ik liever verwarring. Het is een stuk moeilijker om iemand even te doen schrikken en uit zijn comfortzone te halen, maar als het lukt, creëer je een opening en een mogelijkheid tot verandering. Dat maakt van verwarring een veel interessantere vorm van verzet dan boosheid of agressie. Vrouwenrechten gaan ook mannen aan. Als vader van een zoontje van acht in een mannelijke stad als Brussel ben ik er meer mee bezig dan vroeger, maar ik steiger van het idee dat vrouwenemancipatie ten koste gaat van mannen, dat wij alles slechts ondergaan. Zo geef ik mijn zoontje zo weinig mogelijk complimenten over stoer of flink zijn. Dat doe ik eerder met woorden als cool en grappig. Hoe ook wil ik niet alleen maar toekijken, mannen moeten meedenken. In een samenwerking kan één plus één drie zijn. Maar dan moet je wel aan elkaar gewaagd zijn. Na mijn studies theaterregie in Brussel was ik enkele jaren lid van het theatercollectief Abattoir Fermé - heel leerrijk allemaal, maar niet ideaal om als individuele maker mijn eigen stijl te ontwikkelen. Achteraf moest ik dus mijn eigen ding doen. Daardoor kan ik nu in zee gaan met mensen als Pieter Van Hees en Jeroen Los, of een game maken met de studio Happy Volcano. We weten dat de ander iets kan wat we zelf niet kunnen en tillen elkaars ideeën naar boven. Maar ik moest zelf eerst iets te bieden hebben. Met eeuwigheidswaarde ben ik niet bezig. Wat mij interesseert is de wereld hier én nu, en die is zo veranderlijk en futuristisch dat actuele boeken schrijven al moeilijk genoeg is. Misschien zijn mijn schrijfsels over enkele jaren niet relevant meer en gaan ze dan op de schop, maar dan schrijf ik wel iets anders. Het is geen pose wanneer ik mijn werk pulp noem: het enige wat telt, is dat mensen het nu lezen.