Tot onze grote verwondering schopte de term 'e-peritieven' het vorig jaar niet tot de longlist voor Woord van het Jaar 2020. Nochtans leek het aantal digitale drinkgelagen lange tijd onze sociale kalender te bepalen tijdens de lockdowns. Nadat de ene vriendengroep via de webcam het glas wilde heffen, schoof alweer een andere aan. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat de Belg gemiddeld tien procent meer alcohol in huis haalde in 2020, goed voor ongeveer zeshonderd euro per huishouden. Vooral likeur en sterkedrank (18%) en bier (13%) bleken het thuiszitten voor veel mensen te verzachten.
...

Tot onze grote verwondering schopte de term 'e-peritieven' het vorig jaar niet tot de longlist voor Woord van het Jaar 2020. Nochtans leek het aantal digitale drinkgelagen lange tijd onze sociale kalender te bepalen tijdens de lockdowns. Nadat de ene vriendengroep via de webcam het glas wilde heffen, schoof alweer een andere aan. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat de Belg gemiddeld tien procent meer alcohol in huis haalde in 2020, goed voor ongeveer zeshonderd euro per huishouden. Vooral likeur en sterkedrank (18%) en bier (13%) bleken het thuiszitten voor veel mensen te verzachten. Op basis van dit cijfer stellen dat ons drankgebruik gestegen is, is echter wat kort door de bocht, zegt Tom Evenepoel, coördinator bij de Druglijn. 'Je moet dit bekijken in de context: de horeca was lange tijd gesloten, waardoor er een verschuiving was van de consumptie buitenshuis naar binnenskamers. Er zijn natuurlijk heel wat studies gedaan tijdens de lockdowns. Afhankelijk van het onderzoek zagen we dat twintig tot dertig procent meer was gaan drinken, maar dat een bijna even grote groep net minder was gaan drinken. Ongeveer de helft van de respondenten bleek qua alcoholconsumptie hetzelfde gebleven.' Vooral hoogopgeleiden leken meer te drinken sinds bleek dat corona niet enkel een Mexicaans pilsje was, zo leert een onderzoek van het Vlaams expertisecentrum Alcohol en andere Drugs (VAD). Dat is minder verbazingwekkend dan het lijkt, onderschreef VAD-directeur Katleen Peleman het onderzoek op hun website. 'Hoogopgeleiden dronken altijd al meer dan lageropgeleiden. Dat weten we onder meer door de Gezondheidsenquête. Maar we zien nu dat ze in deze uitzonderlijke omstandigheden nog wat extra zijn gaan drinken. Hier is geen eenduidige verklaring voor. De lockdown gaf mensen stress om veel redenen: inkomensverlies, het dagenlange thuiswerk, de opvang van de kinderen, eenzaamheid... Die stress staat los van het opleidingsniveau. Maar aangezien hoogopgeleiden globaal gezien meer drinken, zullen zij mogelijk ook sneller geneigd zijn om naar alcohol te grijpen wanneer de druk toeneemt.' Op de vraag of de Belg te veel drinkt is met andere woorden niet eenvoudig een antwoord te vormen. 'We zijn stevige drinkers,' knikt Tom Evenepoel, 'maar als je puur naar de consumptie van alcohol kijkt, staan we in Europa pas op de vierentwintigste plaats. Dat valt best mee, zou je kunnen denken, maar anderzijds weten we dat alleen al in Vlaanderen naar schatting 780.000 mensen problematisch veel alcohol drinken.' 'Het zit letterlijk ingebakken in onze cultuur', vult medisch socioloog Guido Van Hal aan. Als hoogleraar aan de faculteit geneeskunde en gezondheidswetenschappen (Universiteit Antwerpen) buigt hij zich al ettelijke jaren over het onderwerp. 'Onze biercultuur staat op de Unesco-lijst van immaterieel werelderfgoed. Dat wil zeggen dat we die cultuur moeten onderhouden en voldoende inspanningen moeten leveren om ze in ere te houden. Dat maakt dus ook dat we er symbolisch aan vasthangen en een sociale druk kunnen ondervinden om te drinken. Doe je het niet, dan word je soms zelfs een beetje uitgelachen. Denk maar aan schertsende uitspraken als 'voor water betaal ik niet' wanneer iemand een rondje geeft.' Cultureel en historisch gezien blijven niet-drinkers in ons land tot een minderheid behoren. Uit de laatste Gezondheidsenquête uit 2018 weten we dat 22 procent van de volwassen Vlamingen geen alcohol dronk, 6 procent meer dan in 2013. Hoewel de groep met andere woorden groeit, wordt ze nog vaak ter verantwoording geroepen, merkt Druglijn-coördinator Tom Evenepoel. 'Waarom drink je niet? Is alles oké? Het zijn vragen die niet-drinkers regelmatig voorgeschoteld krijgen. We drinken alcohol op zoveel plaatsen en bij zoveel gelegenheden, soms tegen alle logica in. Zo wordt alcohol tijdens een zwangerschap sterk afgeraden en toch wordt er bij een aankondiging vaak een fles bubbels uit de koelkast gehaald om te vieren. Dat is een rare reflex als je het vanuit gezondheidsperspectief bekijkt.' Zijn een of twee glazen wijn dan niet net goed voor onze gezondheid? Gezien het aantal artikels dat we hierover al op onze sociale media zagen passeren, zouden we immers denken van wel. 'Maar als je het puur wetenschappelijk bekijkt, is dat niet zo', weerlegt Evenepoel. 'Er is geen veilige ondergrens qua alcoholconsumptie. Of dat bewuste glas wijn nu goed dan wel slecht is, is een discussie die al decennialang loopt. Lange tijd werd geloofd dat het goed was, aangezien gezondheidsonderzoeken bij drinkers en niet-drinkers die richting uitwezen. Men stelde vast dat de gezondheid van matige drinkers beter was dan van mensen die veel alcohol consumeerden, maar dat de gezondheid van niet-drinkers slechter was dan die van matige drinkers. Daaruit werd geconcludeerd dat matig drinken de gezondste optie was. Die boodschap werd dankbaar door de media verspreid en soms zelfs door huisartsen als advies aan patiënten gegeven. De laatste jaren zijn onderzoekers gaan kijken naar de methodologie achter deze studies. Wat blijkt: de ondervraagde niet-drinkers waren vaak mensen met bijvoorbeeld hart- en vaatziektes, diabetes of een historiek van alcoholproblemen. Met andere woorden: mensen die sowieso een zwakkere gezondheid hadden en die net daarom het advies hadden gekregen of het besluit hadden genomen niet meer te drinken. Er zat dus een behoorlijke vertekening op.' Er zijn sindsdien steeds meer studies verschenen die wijzen op de negatieve effecten van alcohol op ons lichaam, zelfs bij matig gebruik. Een recent onderzoek van de universiteit van Oxford bij 25.000 proefpersonen focuste op de invloed van drank op onze hersenen. Hoe meer alcohol per week je drinkt, hoe kleiner het volume van bepaalde stoffen in ons brein die helpen bij informatieverwerking. Sinds enige tijd wordt er ook een verband gelegd met verschillende soorten kanker, bijvoorbeeld slokdarm-, lever- en darmkanker en borstkanker bij vrouwen. 'Dat staat vast, ook al kan men er nog niet de vinger op leggen in welke mate alcohol kanker veroorzaakt', legt Evenepoel uit. 'Het groeiende besef heeft er wel voor gezorgd dat we vijf jaar geleden samen met de Stichting Tegen Kanker onze Tournée Minérale hebben opgezet. Met dit jaarlijkse initiatief, waarbij we oproepen om in februari niet te drinken, willen we inzetten op een matiger alcoholgebruik.' In het boek Drankje? De nieuwste inzichten over alcohol en gezondheid waarschuwt ook de Britse arts en psychiater David Nutt voor de gevaren van (te veel) alcohol. 'Hoe giftig alcohol voor jou is, hangt af van zowel genetische factoren als je ervaring met drank. Dat is je tolerantie: de mate waarin je lichaam en brein in staat zijn zich voor te bereiden op alcohol en het aan te kunnen. Je tolerantie bouwt heel snel op, omdat je brein al snel leert dat het alcohol kan verwachten. (...) Als je erover nadenkt, begrijp je dat tolerantie hetzelfde is als afhankelijkheid, of in ieder geval het begin daarvan.' Maar hoeveel is dan juist te veel? Tot enkele jaren geleden werd door de British Medical Association het advies geformuleerd dat volwassen vrouwen op wekelijkse basis maximaal 14 standaardglazen alcohol mochten drinken om de risico's van alcohol te beperken en mannen 21. Sinds november 2016 werden die hoeveelheden door het VAD herleid naar 10 glazen, ongeacht het geslacht. 'Een drastische inperking, vooral voor mannen, voor wie de maximale consumptie gehalveerd werd', zegt medisch socioloog Guido Van Hal. 'Let op: we hebben het hier over standaardglazen, zoals een gewoon pintje of glas wijn van 10 centiliter. Drink je meteen een Westmalle Tripel van 33 centiliter, dan telt dat algauw voor twee of drie consumpties.' Vooral bij jongeren kan alcohol voor hersenschade zorgen, aldus Van Hal, die deel uitmaakt van de Leerstoel Jongeren en Alcohol aan de Universiteit Antwerpen, die begin dit jaar het licht zag. 'Hoe jonger, hoe gevoeliger de hersenen zijn. Het kan zelfs leiden tot IQ-verlies. Jongeren die veel alcohol drinken, maken zichzelf met andere woorden dommer. Ongeveer de helft van de studenten vertoont risicogedrag als het gaat over alcohol drinken. Elke vier jaar onderzoeken we dit in universiteiten en hogescholen in heel Vlaanderen. Aan de hand van een vragenlijst die door de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) werd opgesteld, leren we dat veel jongeren niet veraf zitten van echte problemen. Natuurlijk weten we allemaal dat er in de studententijd veel alcohol wordt gedronken en dat dit voor de meeste studenten nadien wel minder wordt.' Alcohol wordt vaak ten onrechte als een jongerenprobleem gezien, meent Tom Evenepoel. 'Dat is een achterhaald beeld. We zien dat het grootste dagelijks gebruik van alcohol net bij de oudere generaties zit. Generatie X en oudere generaties zijn opgegroeid in een context waar amper kritisch stilgestaan werd bij alcohol. Hoewel de excessen nog steeds het hoogst liggen bij jongeren, merken we bijvoorbeeld bij onze Tournée Minérale dat heel wat twintigers en dertigers minder zijn gaan drinken. In heel Europa stellen we al jaren vast dat de alcoholconsumptie bij jongeren aan het dalen is.' 'We zien inderdaad een grote mind shift', vertelt Guido Van Hal. 'Met een glaasje te veel op achter het stuur kruipen wordt in het algemeen als not done gezien, terwijl het vroeger de normaalste zaak van de wereld was. Een evolutie is voorzichtig ingezet. Na verloop van tijd zal het ook als normaal worden beschouwd om geen alcohol te drinken en zal de sociale druk minderen.' Die ommezwaai vertaalt zich ook stilaan in de menukaarten op café. Het aantal mocktails en alcoholvrije alternatieven is niet langer op een hand te tellen en onlangs werd er in ons land zelfs een eerste trappistenbier vrij van promille gelanceerd. Een evolutie die Tom Evenepoel van de Druglijn positief, maar tegelijk voorzichtig benadert. 'Een bedenking die je kunt maken is hoe aangewezen deze alternatieven zijn voor iedereen. Mensen met vroegere alcoholproblemen riskeren erdoor in de verleiding te komen om opnieuw te drinken. Bij jongeren is het dan weer een manier om al aan de smaak en het uitzicht te wennen, waardoor het een opstapje kan zijn naar alcoholhoudende bieren of cocktails.' 'Het kan frustrerend zijn om te zien hoeveel er gedronken wordt in onze maatschappij, maar een van de weinige voordelen is dat er veel ongeschreven regels zijn over hoe we daarmee moeten omgaan', besluit Evenepoel. 'Al opgroeiend in een samenleving waar alcohol zo alomtegenwoordig is, pikken we gaandeweg de do's-and-don'ts op. De context waarin alcohol gedronken wordt, is medebepalend en wordt nog te vaak over het hoofd gezien. Maar mogelijke schadelijkheid hangt ook af van wie die alcohol drinkt. Een jongere of een volwassene? Iemand van vijftig kilogram of iemand van negentig kilogram? Om het met een boutade onder toxicologen te zeggen: de dosis maakt het gif.'