Gebruik gerust wat kleur.' Dat liet interieurarchitect Dries Otten zich geen twee keer zeggen. En hij doopte dit Antwerpse appartement in rood, blauw, wit en roze. 'Oorspronkelijk was mijn ontwerp veel eenvoudiger. Maar toen bewoonster Hanne liet vallen dat het gerust wat kleurig mocht zijn, liet ik me helemaal gaan', aldus Otten. De Antwerpse interieurarchitect, meubelontwerper en scenograaf bewees al eerder zijn liefde voor de kleurdoos. In de Permeke-bibliotheek bouwde hij eens een tentoonstelling van grote felgekleurde gestreepte blokkendozen. En zijn keukens herken je aan hun colourblocking-look. Vorig jaar op Interieur Kortrijk presenteerde Otten een bijzettafeltje dat hij zelf omschreef als 'een kruising tussen de ringenpiramide van Fisher-Price en art deco. Kortom, de perfecte samenvatting van mijn werk: tegelijk een ludieke knipoog én een historische referentie.'
...

Gebruik gerust wat kleur.' Dat liet interieurarchitect Dries Otten zich geen twee keer zeggen. En hij doopte dit Antwerpse appartement in rood, blauw, wit en roze. 'Oorspronkelijk was mijn ontwerp veel eenvoudiger. Maar toen bewoonster Hanne liet vallen dat het gerust wat kleurig mocht zijn, liet ik me helemaal gaan', aldus Otten. De Antwerpse interieurarchitect, meubelontwerper en scenograaf bewees al eerder zijn liefde voor de kleurdoos. In de Permeke-bibliotheek bouwde hij eens een tentoonstelling van grote felgekleurde gestreepte blokkendozen. En zijn keukens herken je aan hun colourblocking-look. Vorig jaar op Interieur Kortrijk presenteerde Otten een bijzettafeltje dat hij zelf omschreef als 'een kruising tussen de ringenpiramide van Fisher-Price en art deco. Kortom, de perfecte samenvatting van mijn werk: tegelijk een ludieke knipoog én een historische referentie.' Otten haalt vooral inspiratie uit het modernisme, oftewel de avant-gardistische stromingen uit de vroege twintigste eeuw. Denk maar aan artiesten zoals Le Corbusier, Rietveld of Mondriaan. Die invloeden geven zijn werk iets retro's, al blijft het altijd fris en hedendaags. Vaste elementen zijn kleurcontrasten, grafische lijnen en constructieve eenvoud. Dat drieluik is ook aanwezig in dit Antwerpse appartement. Je oog wordt onmiddellijk getrokken naar de bibliotheek onder het raam met de felgekleurde kastdeurtjes in roze-rode en blauw-groene ruitpatronen. Otten: 'Er waren in dit appartement geen vensterbanken. Een groot gemis, vind ik. Het is de overgang tussen binnen en buiten. Omdat Hanne meer opbergruimte vroeg, maakte ik kasten die tegelijk een vensterbank zijn. Bovendien verbergt deze bibliotheek de lelijke radiatoren. Dus inspireerde ik de schuifdeurtjes op cache-radiateurs.' Hannes appartement huist op de derde verdieping van een opgedeelde 19de- eeuwse burgerwoning in Antwerpen-Zuid. Nadat ze het kocht in 2009, gaf ze het al een eerste renovatieronde. 'De terracottakleurige muren schilderde ik wit, de dieprood gebeitste plankenvloer kreeg een zwarte verflaag.' Toen ze de ruimte beter wilde indelen, raadde een bevriende architect haar aan een interieur-ontwerper te zoeken. Hij tipte haar Dries. 'Hanne kende mijn werk niet, maar belde me toch op. We hebben eerst een lange snuffelperiode gehad', lacht Dries. 'Aftasten wat ze wil en hoe ver ik buiten de lijntjes mocht kleuren. Dat bleek verder dan ik zelf van plan was.' In totaal werkte Dries zo'n twee jaar aan het project. Naast de lage bibliotheek- en keukenkast, ontwierp hij nog een ontbijttafeltje slash bar: een asymmetrische zwevende cirkel die - net als de lage kast - de keuken en de eethoek verbindt. Otten wist met een paar slimme ingrepen het appartement de gezellige en rustige sfeer te geven die Hanne zocht. 'De eerste keer dat ik hier kwam, voelde ik totaal geen rust', herinnert Dries zich nog. 'Er ging iets dreigends uit van de heel hoge plafonds, omdat ze niet in verhouding zijn met de relatief kleine ruimte. Bovendien viel je hier letterlijk met de deur in huis. Er was geen inkomhal. Dat lijkt banaal, maar dat is het niet. Het is een essentiële overgang van de publieke ruimte naar je privé. Als je vanuit je zetel de voordeur ziet, is het moeilijk om je helemaal te ontspannen. In het halletje voorzag ik een vide-poche: letterlijk een plek om je zakken te legen. Voor mij een onmisbaar element in een huis. Het maakt van thuiskomen een ritueel.' Dries Otten is niet het type interieurarchitect dat grote sier maakt met dure materialen. Met hout en verf komt hij al een heel eind. 'Ik gebruik altijd multiplex in plaats van mdf, zodat je na het schilderen de houtstructuur nog ziet', legt hij uit. Hij zoekt ook originele, budgetvriendelijke materialen. Zo is de inkomhal gemaakt van een polyester golfplaat die roze is geschilderd. Die recupereerde hij uit de scenografie van de tentoonstelling Aandacht! Aandacht! in De Warande in Turnhout. Ook in de keuken is er veel hergebruik. De muur was al antraciet geschilderd en het houten werkblad hing er ook al, net als het gordijntje eronder. Al verving hij het oude beige exemplaar wel door een frisse blauw-wit gestreepte stof. 'Ik wist meteen dat ik het gordijntje wilde houden. Het deed me denken aan Frankrijk. Het straalt iets optimistisch uit', aldus Dries. Toeval of niet: de kleuren van deze 'nouvelle cuisine' zijn ook op-en-top Frans: rood, blauw en wit. 'Het toffe aan deze keuken vind ik de extreme eenvoud. Over maatkeukens wordt vaak heel ingewikkeld gedaan. Terwijl het ook gewoon een plank en een stuk stof kan zijn.' Die spontane aanpak paste perfect bij het idee dat Hanne in haar hoofd had: 'Ik wilde geen superstrak frigo-interieur. Het moest vooral gezellig worden. Met voldoende plek voor mijn trouvailles en erfstukken die ik door de jaren heen heb verzameld.' Mission accomplished.