Het aantal vogelsoorten gebonden aan landbouw is de voorbije twaalf jaar aanzienlijk gedaald. Bijgevolg zijn er in sommige landbouwgebieden nauwelijks nog vogels te horen. Dat blijkt uit metingen voor het ABV-project, of Algemene Broedvogels Vlaanderen, door het Instituut voor Natuur- en Bosonderzoek (INBO).

Kievit © iStock/Getty Images

Vogelsoorten die vaak voorkomen op akkers en weides zijn de kievit en de patrijs. Beide soorten zijn sterk afgenomen sinds het begin van de metingen in 2007. De vastgestelde afname is al meerdere jaren aan de gang, en lijkt door te zetten. Volgens de metingen van het INBO zijn beide soorten de voorbije twaalf jaar ongeveer 40 à 50 procent afgenomen.

Patrijs © iStock/Getty Images

De veldleeuwerik is nog zo'n typische 'landbouwvogel' die aan sneltempo verdwijnt. Nog een andere soort, de grutto, een trekvogel gebonden aan landbouwgebied, is een zeldzaamheid geworden door het verlies van leefgebied in Vlaanderen. Cijfers van de broedvogeldatabank van het INBO tonen dat het aantal grutto-broedparen in 18 jaar tijd gedaald is van 1.125 naar 715 paren. De analyses van het INBO werden mogelijk gemaakt door talloze uren veldwerk, tellingen en metingen door vrijwilligers van Natuurpunt.