...

Vintage is al langer van haar stoffige imago af, maar de tweedehands kledingmarkt lijkt sinds kort te boomen als nooit tevoren. Volgens grootschalig onderzoek van online tweedehandswinkel thredUP zal de tweedehandsmarkt tegen 2025 verdubbelen in omvang, wat betekent dat ze elf keer sneller groeit dan de reguliere kledingmarkt. Online doorverkoopplatforms, waarop je tweedehands kleding kan kopen of verkopen, schieten ondertussen als paddenstoelen uit de grond. Het online tweedehandsplatform Vinted is daarbij de onovertroffen koploper in ons land. Het Litouwse bedrijf streek in 2018 in België neer en kan ondertussen op meer dan een miljoen Belgische gebruikers rekenen. Grotere ketens laten de tweedehandstrend niet aan zich voorbijgaan en springen mee op de kar door hun eigen tweedehandsplatforms op te richten. Zo breidde Zalando haar aanbod uit met een 'pre-owned collectie' en lanceerde H&M begin juni het tweedehands modeplatform 'Sellpy'. In beide gevallen nemen de platforms de verkoop grotendeels voor hun rekening, terwijl de gebruikers de kleding simpelweg opsturen. Bij Zalando kan je je tegoed inruilen voor een Zalando-cadeaubon of het doneren aan een goed doel, terwijl je van Sellpy een percentage van de opbrengst krijgt. De voordelen van tweedehands kledingplatforms lijken voor zich te spreken: je maakt weer plaats in je overvolle kledingkast en geeft items een tweede leven terwijl je er zelf nog iets aan verdient. Je brengt met andere woorden kleding terug in omloop in plaats van ze weg te gooien of stof te laten vergaren in je kast. Aan de andere kant is de aankoop van een tweedehands kledingstuk ook goed voor je portefeuille. Volgens duurzaam modeplatform COSH! bespaar je er naast geld, gemiddeld 1 kilogram afval, 3040 liter water en 22 kilogram CO2 mee. De tweedehandsplatforms pakken dan ook graag uit met hun rol in de evolutie naar een duurzamere, circulaire kledingindustrie. Toch stellen critici die duurzame rol in vraag. Business of Fashion schrijft dat doorverkoopplatforms 'binge shoppen' net kunnen aanwakkeren, door het aanbieden van een markt voor snel afgedankte items. Ook Melissa Watt - ethisch modejournalist en auteur van 'Not What It Seams', een nieuwsbrief over mode en duurzaamheid - is van mening dat doorverkoopplatforms de snelle modecyclus imiteren. Het model is immers evengoed afhankelijk van een constante toestroom van nieuwe artikelen, waarvan de meeste nauwelijks gedragen zijn. Dat is ook te merken op Vinted, waar de meeste items worden verkocht onder het label 'ongebruikt zonder prijskaartje' of 'weinig gebruikt'. Gebruikers dragen een kledingstuk volgens Watt één of twee keer en verkopen het weer door, waarna andere leden de trendy stukken kopen voor een fractie van de originele prijs. 'Zo is het gemakkelijk om verstrikt te raken in een oneindige tredmolen van trends. Met andere woorden: online doorverkopen kan onbedoeld onze wegwerprelatie met kleding voeden', schrijft ze. Hilde van Duijn, expert op het gebied van duurzaam textiel, vreest dat de tweedehandsplatformen door ketens als excuus worden gebruikt om 'met een schoon geweten nóg sneller nóg meer goedkope kleren te consumeren', zo vertelt ze in de Volkskrant. Fast fashion ketens zoals H&M en Zalando lijken hun klanten een 'guilt free' alternatief aan te reiken: een gulden middenweg tussen fast fashion en echte bewustwording, die de consument alsnog aan hen bindt. Volgens Jasmien Wynants, expert sustainable fashion bij Flanders DC, is de kwestie dubbel: 'Als je iets een tweede of derde leven kan geven - of het nu via tweedehands verkoop, ruilen, swishen of swappen is - dan verleng je de levensduur van dat kledingstuk, van de energie en van de grondstoffen die nodig waren om het te produceren. Je verlaagt dus altijd de impact op het milieu wanneer je een kledingstuk doorverkoopt in plaats van het weg te gooien. Maar als het een excuus is om gewoon iets te kopen, één keer te dragen, en door te verkopen, dan kan je vragen stellen bij de duurzaamheid in zijn totaliteit. Het is echter niet zo simpel om die drijfveren te achterhalen'. Marie-Julie De Bruyne is doctoraatsonderzoeker aan de Universiteit Gent en bestudeert klantenengagement in de circulaire economie. Ze beaamt dat de vraag nog meer onderzoek vereist, maar benadrukt de rol van de consument, naast die van de bedrijven zelf: 'We hebben veel meer nodig dan gewoon de waardeketen die zo duurzaam mogelijk is. In het geval van de doorverkoopplatforms, waarbij gebruikers niet alleen consument zijn maar ook verkoper, speelt de gebruiker een cruciale rol om de duurzaamheidsdoelstelling effectief te realiseren'. De Bruyne stelt dat volgens onderzoek de economische voordelen bij kledingalternatieven nog steeds de belangrijkste beweegreden zijn voor de meeste consumenten. 'Als ze dan tweedehands kopen aan een iets lagere prijs, hebben consumenten natuurlijk meer geld ter beschikking om eventueel meer te kopen. Dan zie je dat de intentie van een tweede leven geven aan één kledingstuk, misschien wel leven geeft aan meerdere nieuwe kledingstukken, wat het positieve effect teniet doet. Ook als je veel tweedehands kleding koopt maar die snel weer weggooit en niet terug in de cirkel brengt, is er een grens aan de duurzaamheid'.Volgens onderzoek van Vestiaire Collective, tweedehandsplatform voor luxegoederen, bleek het aankopen van nieuwe items de voornaamste drijfveer voor dertig procent van de verkopers. Ook The RealReal, eveneens een luxe tweedehandsplatform, geeft aan dat de meerderheid van hun verkopers hun commissie gebruikt om te winkelen op de reguliere kledingmarkt. Bij modellen als dat van Zalando, waarbij je een Zalando-cadeaubon krijgt in ruil voor je afgedankte kledingstukken, kan men zich afvragen in welke mate dat zal leiden tot de aankoop van een nieuw item op de webshop, in plaats van een tweedehandsstuk. Jacintha De Graaf, hoofd van Zalando Benelux, zegt over hun pre-loved collectie: 'We weten dat onze klanten graag duurzame keuzes maken en items die ze niet langer dragen, willen inruilen om plaats te maken voor iets nieuws.'Waar moeten we dan op letten bij doorverkoopplatforms? Volgens een recent Fins onderzoek is kleding doorverkopen immers nog steeds de meest duurzame optie, in vergelijking met andere alternatieve opties als kleding recycleren of huren. Het lijkt erop dat we ons als consument vooral bewust moeten zijn van onze eigen drijfveren en waar we ons geld (her)investeren. 'Het is natuurlijk nog altijd best om minder maar kwalitatiever te kopen en zorg te dragen voor je kleding', zegt Jasmien Wynants. 'Daarna geef je kleding best een tweede leven in je eigen omgeving, via kennissen of ruilevenementen van Swishing bijvoorbeeld. Zo houd je de keten kort en heb je geen tussenpersoon of extra transport nodig'. Niki de Schryver, oprichtster van duurzaam modeplatform COSH! beaamt: 'Vinted is eigenlijk een spin-off van een transportbedrijf. Dat transport heeft natuurlijk een CO2-uitstoot, en een groot nadeel is dat je voor de verkoop niet weet hoe ver het kledingstuk uiteindelijk zal gaan'. COSH! ontwikkelde een stappenplan dat je keuzes helpt te maken bij het doneren of verkopen van kleding. Via hun overzicht van erkende kleding- en textielinzamelpunten weet je waar je gedoneerde kleding goed terechtkomt of bij welke lokale tweedehands verkooppunten je je kleding kan (laten) doorverkopen.