Het is maart van dit jaar, een dag na de honderdste show van Dries Van Noten. Op de vloer van zijn kantoor in Parijs liggen rode restjes stof. In de showroom, één deur verder in de Rue du Plâtre, is zijn team druk bezig met het verkopen van de herfst-wintercollectie die een dag eerder in première ging. De modeweken zijn op dat moment nog niet voorbij, en toch is iedereen het erover eens dat we de beste show van het seizoen waarschijnlijk dan al gehad hebben.
...

Het is maart van dit jaar, een dag na de honderdste show van Dries Van Noten. Op de vloer van zijn kantoor in Parijs liggen rode restjes stof. In de showroom, één deur verder in de Rue du Plâtre, is zijn team druk bezig met het verkopen van de herfst-wintercollectie die een dag eerder in première ging. De modeweken zijn op dat moment nog niet voorbij, en toch is iedereen het erover eens dat we de beste show van het seizoen waarschijnlijk dan al gehad hebben. Dries Van Noten vierde zijn jubileum in het stadion van Bercy, in het twaalfde arrondissement. De setting was rechttoe rechtaan: houten klapstoelen, een lage witte catwalk en spiegelende wanden. Simpel en daarom o zo krachtig. Op de catwalk jonge, opkomende modellen, maar ook vrouwen van in de dertig, veertig en vijftig. Allemaal oude bekenden die al eerder voor hem hebben gelopen. Kristina De Coninck (53) - in jeans, platte schoenen en een oranje zijden jas met een herwerkte print uit 2006 - opende de show, net zoals ze dat vijfentwintig jaar geleden ook deed voor zijn eerste vrouwendefilé. Lang nagenieten van zijn honderdste show doet de ontwerper niet. De volgende show, die van de mannen in juni, komt alweer dichterbij. 'Niet op de vloer letten', zegt Van Noten, als we plaatsnemen in het salon. 'We zijn drie weken geleden begonnen met het ontwerpen van de stoffen voor de mannencollectie. De eerste stalen zijn net voor de show geleverd en we hebben ze hier vanochtend bekeken.' 'Ik ben altijd met drie collecties tegelijk bezig. We zijn nog wat leveringen voor de zomer aan het afhandelen, de productie van de winter aan het opvolgen en de volgende mannencollectie aan het voorbereiden. Wat veel mensen zich niet realiseren, is dat ik bij alle afdelingen van het bedrijf betrokken ben. Als er een probleem is met de financiën of het personeelsbeleid, komt dat ook op mijn bureau terecht.' Dries Van Noten: Ik ben een planner, dat kan ook niet anders. De mode vraagt zoveel van je dat je georganiseerd moet zijn, anders loop je binnen de kortste keren verloren. Ik ben gelukkig omringd door een heel goede ploeg. Ik zeg altijd dat je als ontwerper niet alleen creatief moet zijn, je moet ook creatief zijn in het selecteren van de juiste mensen. Als je die eenmaal gevonden hebt, kun je hen voldoende vrijheid geven en zelf dingen loslaten. Ook al behou ik nog graag de controle. Van Noten: Natuurlijk zit er een dromer in mij. Je moet als mens, en als ontwerper, toch idealen hebben. Maar je mag ook niet alle gevoel met de realiteit verliezen. Er is een verschil tussen dromen en wegdromen. Goede mode balanceert tussen een ideaal en de werkelijkheid. Van Noten: Shows zijn zo duur geworden dat het financieel niet meer te verantwoorden is. De grote huizen hebben er een spektakel van gemaakt. Zij vliegen journalisten naar de andere kant van de wereld voor één show. Dat hoeft voor mij allemaal niet. Wat we gedaan hebben voor onze vijftigste show, een 135 meter lange tafel als catwalk met een diner voor 500 gasten, dat zou ik vandaag niet meer doen. Ik heb mijn budget uitgegeven aan het bijeenbrengen van alle vrouwen die zo veel voor ons betekend hebben en bijna vrienden van het huis zijn geworden. Door de setting sober te houden, keer je terug naar de essentie. Het ging voor mij deze keer om de emotie van al die sterke vrouwen samen, jong en al wat ouder. Carolyn Murphy, Amber Valletta, Nadja Auermann, Emma Balfour, die er speciaal voor uit Australië is gekomen ... Ze zeiden allemaal meteen ja. Er liepen ook twee modellen mee die net bevallen zijn. Zij hadden hun partner en baby bij zich en waren backstage borstvoeding aan het geven. Er hing een heel fijne, menselijke sfeer. Van Noten: Ik vond het belangrijk dat je echte vrouwen zag, die weten welke kleren bij hen passen, zich er goed in voelen en dat ook uitstralen. Een zestienjarig model kan ergens heel mooi mee staan, maar het blijft een toch beetje leeg. Je bent meer een pop aan het aankleden dan een vrouw. Van Noten: Iemand als Etienne (Russo, van Villa Eugenie, het productiehuis dat de show organiseert, red.) heeft ze alle honderd gedaan. Hij is bij ons begonnen als huismodel en toen we onze eerste show organiseerden, hebben we hem gevraagd om de klank en het licht te doen. Hij gaf in die tijd ook feestjes in Le Mirano in Brussel. Hij heeft ons geholpen en er uiteindelijk zijn beroep van gemaakt. Ik vind het fijn om een familie rond mij te hebben die het meebeleeft en aan een half woord genoeg heeft. Zo heb ik mijn bedrijf opgericht en zo probeer ik het te runnen. Van Noten: Ze moesten de sfeer van een danszaal oproepen, een verwijzing naar choreografe Pina Bausch, die ook in de soundtrack en de collectie verweven is. Zij heeft me echt gevormd tot de persoon die ik vandaag ben. Daarnaast hadden de spiegels een praktische functie. Omdat ik iedereen op de eerste rij wilde zetten, was het parcours zo lang dat de modellen er tweeënhalve minuut over deden om het af te leggen. Door de spiegels kon je, zelfs als je op de vijfde rij zat, het model volgen vanaf het moment dat ze opkwam. Van Noten: Nee, want het mocht geen nostalgische collectie worden. Ik wist dat ik dagkleding wilde maken. Echte kleren die je nu kan dragen met referenties naar de mannenmode. Vandaar de jeans, de herenschoenen. De eerste look van Julia Nobis - een mannenbroek, platte schoenen, wit hemd en daarover een satijnen lingerietop - is voor mij de symbiose tussen Pina Bausch en fotograaf Peter Lindbergh. Daarover, als een extra laagje, komt het verhaal van de prints. Omdat die prints op zich heel sterk zijn, wilde ik niet te veel tierlantijn- tjes in de vorm. Van Noten: We zijn in ons archief gedoken en hebben ze uit vorige collecties gehaald. Die hebben we bewerkt door er een nieuwe graphic bovenop te leggen. Het is ons verleden, heroverwogen voor de toekomst. Dat was geen evidentie, want je moet niet op zoek gaan naar de beste prints, maar naar de beste prints voor deze collectie. Ze moesten sterk zijn, maar ook niet té, want dan zou het te rommelig worden. We hebben lang gezocht naar de juiste balans: we hebben ze eerst getest op de computer, dan op papier en nog later op stof. Wat werkt en wat niet. Wanneer is het te luid en wanneer niet luid genoeg. Je moet ook in de gaten houden dat je collectie niet het slachtoffer wordt van je concept, want uiteindelijk moeten er ook gewoon mooie, draagbare kleren liggen. Van Noten: Er zijn zeker emotionele keuzes bij. Zoals een rozenprint uit de allereerste vrouwencollectie. Die moest er gewoon in. Gelukkig paste die ook in het geheel. Van Noten: Je kunt terugkijken en zeggen dat het vroeger beter was. Ik heb geprobeerd om elementen uit het verleden te nemen, met een blik op vandaag en morgen. Ik wil kleren maken voor mensen die nu leven. Van Noten: Als we aan een collectie beginnen, is de show altijd het einddoel. Alle elementen komen dan samen en vertellen een verhaal. Het volstaat niet om mooie stukken te maken, ze moeten ook een geheel vormen. En dat geheel, samen met het licht, de soundtrack, de keuze van de modellen, hoe die modellen lopen ... vertelt het verhaal van je collectie. Die tien minuten zijn de synthese van zes maanden werk. Het is voor het team een heel belangrijk moment. Van Noten: Het is niet slecht dat de dingen eens in vraag worden gesteld. Dit gezegd zijnde, wij zijn een buitenbeentje in de mode. Niet omdat ik tegendraads ben of de dingen per se anders wil doen, maar omdat wij altijd organisch zijn gegroeid. Wij maken geen deel uit van een grote groep en moeten dus geen verantwoording afleggen aan aandeelhouders of elk jaar een vast percentage groei realiseren. Toen de Chinese markt instortte, moesten veel modehuizen op zoek naar andere manieren om hun omzet te vergroten. See now, buy now (waarbij de collectie direct na de show te koop is, red.) is daar een voorbeeld van. Ik ben blij met het systeem zoals het is. Zolang dat voor ons goed werkt, blijven we het zo doen. Ik moet zelfs op de rem duwen, want ik wil ook niet te groot worden. Van Noten: Ja, natuurlijk. Als ik me erop concentreer, kan ik ze zelfs in volgorde opzeggen. Er is een logisch verband tussen al die shows. We beginnen elk seizoen met een blanco blad. Soms eindigen we in het creatieve proces waar we het vorige seizoen gestopt zijn, wat betekent dat er nog meer te vertellen was. En soms draait het helemaal anders uit. Van Noten: Elke show meer en meer. Het went nooit. Maar dat zou ook niet goed zijn, want dan word je slordig, denk ik. Ik moet eerlijk toegeven dat deze me heel veel stress heeft bezorgd. Vooral de fittings waren een uitdaging, omdat er niet alleen vrouwen met het 'perfecte maatje 36' meeliepen. Het was ook belangrijk dat ze zich goed voelden in de kleren. Je kunt iemand die al twintig jaar op het strand in Australië woont geen hakken van vijftien centimeter aandoen. Van Noten: Een simpele post-it met een naam erop volstond dit keer. We kennen al die vrouwen al jaren. We weten wat bij hen past en wat niet. De huidige generatie modellen verandert veel sneller. De grote namen ken je uiteraard, maar daarnaast heb je elk seizoen een heel leger nieuwe meisjes, waardoor je er foto's bij moet leggen: tomboy of vrouwelijk, grote of kleine buste, rechte of hangende schouders. Dat was dit seizoen niet nodig. Ik wist ook op voorhand dat we met Kristina (De Coninck, red.) wilde openen, omdat zij er vanaf de beginjarenbij was. De eerste shows waren mannenshows waar ook vrouwen in meeliepen, en zij was daar een van. Ze hielp ons ook in de showroom en met fotoshoots. Van Noten: Tegenwoordig wordt mode vaak gereduceerd tot Gigi Hadid en co. Ik vond dat het tijd werd om te laten zien dat er meer is dan celebrity's, rode lopers en Instagram. Mode is een mooie stiel, waar veel mensen gepassioneerd mee bezig zijn. Van Noten: Het zou leuk zijn, maar het kan niet. Je droomt ervan, omdat je weet dat het toch niet kan. Van Noten: Natuurlijk, zoals het een goede huisvader betaamt. De structuur van het bedrijf is zo dat ze ook verder kunnen zonder mij. Je mag daar niet te licht overgaan, iedereen kan ziek worden. Het zou niet verantwoord zijn om daar geen rekening mee te houden. Er hangen heel wat mensen af van het voortbestaan van het bedrijf. Niet alleen in Antwerpen en Parijs, maar over de hele wereld, zoals onze handwerkers in India of onze stoffenfabrikanten. Is met je honderdste show de cirkel rond?Van Noten: Nee, want dan zou het ook afgerond zijn en dat is het voor mij niet. De volgende komt al weer dichterbij, en de daarop volgende ... Dat is het slopende, maar tegelijk ook het fijne van de mode. Je kunt altijd weer helemaal van voor af aan beginnen. Er zijn mensen die graag puzzels oplossen. Voor mij is een collectie als een puzzel, met het defilé als het laatste stukje dat op zijn plek valt. Eens dat klaar is, kunnen we weer aan een nieuwe puzzel beginnen. Een expo, een documentaire en nu je honderdste show. Hoe ga je dat nog overtreffen?Van Noten: Ik ga niet proberen om dat te overtreffen. Ik werk gewoon verder, want elke show, ook nummer 101, blijft een uitdaging.