Vrouwen laten disproportioneel vaak het leven als gevolg van partnergeweld. Ze verdienen in België nog steeds minder geld voor gelijk werk, en ontvangen een pensioen dat gemiddeld 25 procent lager ligt dan dat van mannen. Het coronavirus trof vrouwen en meisjes hard - niet omdat meer vrouwen ziek werden, maar wel bijvoorbeeld omdat meisjes in landen waar vrouwenrechten nog precair zijn na de heropening van scholen veel minder vaak terugkeerden naar de schoolbanken. Armoede is een vrouwelijk probleem. Een op tien vrouwen in Vlaanderen heeft geen geld om tampons te kopen.

Vrouwendag is nodig als oppepper, zodat we die andere 364 dagen structureel aan het werk kunnen gaan

In beeldvorming, van reclame tot pornografie, wordt de vrouw meer dan de man geobjectificeerd. Op de werkvloer wordt een vrouwelijke overste als minder gezagvol ervaren dan een mannelijke, en haar woord wordt minder vaak voor waar aangenomen. Vrouwen worden vaker slachtoffer van seksueel geweld, en slechts minder dan twee op tien vrouwen doet er aangifte van. Vrouwen die wel aangifte doen worden vaak het mikpunt van spot, ongeloof, en victim-blaming. Medische tests zijn veelal afgestemd op het mannenlichaam, waardoor sommige medicatie minder goed werkt of zelfs schadelijk is voor vrouwen.

Kleuterleiders en leerkrachten zijn overwegend vrouwelijk, maar hoe 'hoger' je kijkt in het onderwijs, hoe sterker het percentage vrouwelijke docenten daalt. Hoewel er ongeveer evenveel mannen als vrouwen doctoreren, is toch maar een op de vier docenten aan de universiteit vrouw.

Dit soort ongelijkheden legitimeert bijzondere aandacht voor vrouwen. Maar, zou je kunnen denken, is een speciale dag voor vrouwen daar wel de oplossing voor? Wat helpt het om een symbolische dag in te richten voor vrouwen? De vrouwendagsceptici komen uit twee hoeken.

We mogen niet stoppen bij enkele leestips voor en door vrouwen, een post op sociale media, een vrouwendaglezing, of een bloemetje voor de vrouw des huizes

Enerzijds kan iemand vinden dat Vrouwendag niet radicaal genoeg is. Vrouwendag kan een excuus zijn om meer structurele oplossingen op de lange baan te schuiven. Er is een reëel gevaar dat Vrouwendag slechts 'performative action' is, zoals ze dat in het Engels noemen, en dat bedrijven, instellingen en politieke partijen over elkaar struikelen om mee op de kar springen en hun progressiviteit tentoon te spreiden, ook al is die ver te zoeken in hun eigenlijke praktijk.

Vrouwendag als hip evenement is natuurlijk slechts een doekje voor het bloeden. Maar Vrouwendag is deel van een grotere strategie die ook buiten deze dag om ingang moet vinden. Uiteraard is het de bedoeling dat deze dag aangevuld wordt met structurele oplossingen, net zoals de gay pride ook niet beperkt mag blijven tot een jaarlijkse parade, of BLM tot een zwart vierkant op Instagram. Deze eerste scepticus heeft dus een punt: we mogen niet stoppen bij enkele leestips voor en door vrouwen, een post op sociale media, een vrouwendaglezing, of een bloemetje voor de vrouw des huizes.

Vrouwendag gaat ook simpelweg om het beleven van vreugde onder vrouwen. Het gaat om bondgenootschap, zoals die duim omhoog uit onverwachte hoek

Anderzijds zijn er ook mensen die vinden dat Vrouwendag net te radicaal is, niet omdat genderongelijkheid ingebeeld is of een verwaarloosbaar probleem, maar omdat ze menen dat bijzondere aandacht voor vrouwen en hun verwezenlijkingen niet de manier is om gelijkheid te verkrijgen.

Deze sceptici vinden bijvoorbeeld dat vrouwen zich met deze dag te veel in het slachtofferschap wentelen, en dat ze discriminatie net in de hand werken door een bijzondere behandeling te vragen in plaats van gewoon mee te draaien in een mannenwereld. Vrouwendag zou volgens deze kritiek niet helpen, omdat vrouwen zich op die manier afscheiden van mannen, en zelf opnieuw de categorisatie bevestigen waar ze uiteindelijk toch vanaf willen.

Bijzondere aandacht voor vrouwen is een broodnodige correctie op een realiteit van ongelijke behandeling

Ook deze sceptici hebben een punt. Natuurlijk willen vrouwen zich niet in een ander 'kamp' dan dat van de mannen scharen of een voorkeursbehandeling krijgen. Maar dat is niet wat Vrouwendag of andere initiatieven voor vrouwen beogen. Bijzondere aandacht voor vrouwen is een broodnodige correctie op een realiteit van ongelijke behandeling. Net als iedere andere degelijke vorm van activisme heeft feminisme uiteindelijk als doel om zichzelf overbodig te maken. Maar dat kan enkel door tijdelijk wel de sociale realiteit van identiteit, en de materiële gevolgen ervan, te erkennen en te belichten.

Wat beide sceptici echter over het hoofd zien is een vaak vergeten argument voor 'vrouwendingen'. Natuurlijk is Vrouwendag bedoeld om onderbelichte perspectieven onder de aandacht te brengen, om aandacht te geven aan het statuut van vrouwen, om te sensibiliseren, om vergeten verhalen te delen, om het canon aan te vullen, en zo verder. Maar Vrouwendag gaat ook simpelweg om het beleven van vreugde onder vrouwen. Het gaat om bondgenootschap, zoals die duim omhoog uit onverwachte hoek, de tongue-in-cheek grap, die knipoog van herkenning tussen vrouwen.

Vrouwendag is nodig, naast al het bovenstaande, als oppepper in een slopende strijd, zodat er die andere 364 dagen weer energie is om structureel aan het werk te gaan, gesterkt door dat ene symbolische dagje waarop we konden denken: aha, jij dus ook?

Vrouwen laten disproportioneel vaak het leven als gevolg van partnergeweld. Ze verdienen in België nog steeds minder geld voor gelijk werk, en ontvangen een pensioen dat gemiddeld 25 procent lager ligt dan dat van mannen. Het coronavirus trof vrouwen en meisjes hard - niet omdat meer vrouwen ziek werden, maar wel bijvoorbeeld omdat meisjes in landen waar vrouwenrechten nog precair zijn na de heropening van scholen veel minder vaak terugkeerden naar de schoolbanken. Armoede is een vrouwelijk probleem. Een op tien vrouwen in Vlaanderen heeft geen geld om tampons te kopen. In beeldvorming, van reclame tot pornografie, wordt de vrouw meer dan de man geobjectificeerd. Op de werkvloer wordt een vrouwelijke overste als minder gezagvol ervaren dan een mannelijke, en haar woord wordt minder vaak voor waar aangenomen. Vrouwen worden vaker slachtoffer van seksueel geweld, en slechts minder dan twee op tien vrouwen doet er aangifte van. Vrouwen die wel aangifte doen worden vaak het mikpunt van spot, ongeloof, en victim-blaming. Medische tests zijn veelal afgestemd op het mannenlichaam, waardoor sommige medicatie minder goed werkt of zelfs schadelijk is voor vrouwen. Kleuterleiders en leerkrachten zijn overwegend vrouwelijk, maar hoe 'hoger' je kijkt in het onderwijs, hoe sterker het percentage vrouwelijke docenten daalt. Hoewel er ongeveer evenveel mannen als vrouwen doctoreren, is toch maar een op de vier docenten aan de universiteit vrouw. Dit soort ongelijkheden legitimeert bijzondere aandacht voor vrouwen. Maar, zou je kunnen denken, is een speciale dag voor vrouwen daar wel de oplossing voor? Wat helpt het om een symbolische dag in te richten voor vrouwen? De vrouwendagsceptici komen uit twee hoeken.Enerzijds kan iemand vinden dat Vrouwendag niet radicaal genoeg is. Vrouwendag kan een excuus zijn om meer structurele oplossingen op de lange baan te schuiven. Er is een reëel gevaar dat Vrouwendag slechts 'performative action' is, zoals ze dat in het Engels noemen, en dat bedrijven, instellingen en politieke partijen over elkaar struikelen om mee op de kar springen en hun progressiviteit tentoon te spreiden, ook al is die ver te zoeken in hun eigenlijke praktijk. Vrouwendag als hip evenement is natuurlijk slechts een doekje voor het bloeden. Maar Vrouwendag is deel van een grotere strategie die ook buiten deze dag om ingang moet vinden. Uiteraard is het de bedoeling dat deze dag aangevuld wordt met structurele oplossingen, net zoals de gay pride ook niet beperkt mag blijven tot een jaarlijkse parade, of BLM tot een zwart vierkant op Instagram. Deze eerste scepticus heeft dus een punt: we mogen niet stoppen bij enkele leestips voor en door vrouwen, een post op sociale media, een vrouwendaglezing, of een bloemetje voor de vrouw des huizes. Anderzijds zijn er ook mensen die vinden dat Vrouwendag net te radicaal is, niet omdat genderongelijkheid ingebeeld is of een verwaarloosbaar probleem, maar omdat ze menen dat bijzondere aandacht voor vrouwen en hun verwezenlijkingen niet de manier is om gelijkheid te verkrijgen. Deze sceptici vinden bijvoorbeeld dat vrouwen zich met deze dag te veel in het slachtofferschap wentelen, en dat ze discriminatie net in de hand werken door een bijzondere behandeling te vragen in plaats van gewoon mee te draaien in een mannenwereld. Vrouwendag zou volgens deze kritiek niet helpen, omdat vrouwen zich op die manier afscheiden van mannen, en zelf opnieuw de categorisatie bevestigen waar ze uiteindelijk toch vanaf willen. Ook deze sceptici hebben een punt. Natuurlijk willen vrouwen zich niet in een ander 'kamp' dan dat van de mannen scharen of een voorkeursbehandeling krijgen. Maar dat is niet wat Vrouwendag of andere initiatieven voor vrouwen beogen. Bijzondere aandacht voor vrouwen is een broodnodige correctie op een realiteit van ongelijke behandeling. Net als iedere andere degelijke vorm van activisme heeft feminisme uiteindelijk als doel om zichzelf overbodig te maken. Maar dat kan enkel door tijdelijk wel de sociale realiteit van identiteit, en de materiële gevolgen ervan, te erkennen en te belichten. Wat beide sceptici echter over het hoofd zien is een vaak vergeten argument voor 'vrouwendingen'. Natuurlijk is Vrouwendag bedoeld om onderbelichte perspectieven onder de aandacht te brengen, om aandacht te geven aan het statuut van vrouwen, om te sensibiliseren, om vergeten verhalen te delen, om het canon aan te vullen, en zo verder. Maar Vrouwendag gaat ook simpelweg om het beleven van vreugde onder vrouwen. Het gaat om bondgenootschap, zoals die duim omhoog uit onverwachte hoek, de tongue-in-cheek grap, die knipoog van herkenning tussen vrouwen. Vrouwendag is nodig, naast al het bovenstaande, als oppepper in een slopende strijd, zodat er die andere 364 dagen weer energie is om structureel aan het werk te gaan, gesterkt door dat ene symbolische dagje waarop we konden denken: aha, jij dus ook?