'Niet gezien worden, daar ging het over.' Ellen (49) sloeg vorig jaar met Moederdag de voordeur achter zich dicht en ging kwaad wandelen toen bleek dat haar hele gezin de feestdag negeerde. 'Ze vinden zo'n dag commercieel en niet belangrijk, was hun verklaring. Ik dus wel, blijkbaar. Nu heb ik niet te klagen, zowel mijn man als mijn drie zonen helpen in huis. De jongens poetsen hun eigen kamer en koken af en toe. Maar de eindverantwoordelijkheid voor het op rolletjes lopen van ons huishouden ligt bij mij. Ik denk dat kinderen niet begrijpen hoeveel werk dat is. En dan is één dag dankjewel zeggen toch niet te veel gevraagd?'
...

'Niet gezien worden, daar ging het over.' Ellen (49) sloeg vorig jaar met Moederdag de voordeur achter zich dicht en ging kwaad wandelen toen bleek dat haar hele gezin de feestdag negeerde. 'Ze vinden zo'n dag commercieel en niet belangrijk, was hun verklaring. Ik dus wel, blijkbaar. Nu heb ik niet te klagen, zowel mijn man als mijn drie zonen helpen in huis. De jongens poetsen hun eigen kamer en koken af en toe. Maar de eindverantwoordelijkheid voor het op rolletjes lopen van ons huishouden ligt bij mij. Ik denk dat kinderen niet begrijpen hoeveel werk dat is. En dan is één dag dankjewel zeggen toch niet te veel gevraagd?' Het is inderdaad veel werk, zo blijkt uit het tijdsbestedingsonderzoek aan de VUB. Vrouwen besteden vandaag gemiddeld zes uur per week meer aan huishoudelijk werk en twee uur en twintig minuten per week meer aan zorg dan mannen. Vrouwen hebben daardoor bijna zeven uur minder vrije tijd dan mannen. Het zijn dan wel gemiddelden, maar drie op de vier Belgen hebben zo'n genderstereotiepe tijdsbesteding. Toen we voor Vrouwendag aan 110 mensen vroegen waarom die dag nog nodig was, schreef professor Ignace Glorieux, die dat VUB-onderzoek naar tijdsbesteding leidt, een stevige column over de ongelijke verdeling van huishoudelijk werk. Dat onderwerp liep bovendien als een rode draad door veel reacties. Wat opvallend is, vertelt Glorieux, is dat die cijfers al decennia niet dramatisch veranderen. 'Tussen de jaren zestig en negentig zien we dat het aantal uren dat vrouwen besteden aan huiswerk stevig daalt, maar de laatste decennia is die daling niet meer spectaculair. Als het nog vermindert, komt dat door technologie, meer gemaksvoedsel en restaurantbezoek, huishoudhulp en veranderende normen. Mijn moeder poetste elke week de ramen, in mijn gezin gebeurt dat maar drie keer per jaar. Mannen doen vandaag een klein beetje meer dan hun grootvaders, maar het verschil met vrouwen blijft enorm. Het lijkt op een vastgelopen revolutie en ik ben oprecht verwonderd dat vrouwen die ongelijkheid blijven aanvaarden.' Er gaapt ook een diepe kloof tussen wat mensen denken en vertellen en wat ze werkelijk doen, weet Glorieux. 'Veel mannen vinden dat ze wel degelijk hun deel van het huishouden doen, maar de cijfers vertellen een ander verhaal. Bovendien meet het tijdsonderzoek alleen de effectieve uren werk, niet het denkwerk en de organisatie die een huishouden vlot doen lopen. Het cliché wil dat vrouwen goed zijn in multitasken, maar misschien is dat uit noodzaak. Omdat ze ook tijdens hun job vaak bezig zijn met het regelen van wat er thuis moet gebeuren of omdat ze tijdens het reclameblok op tv een was in de machine moeten steken.' Hans (58) besefte pas hoeveel zijn vrouw deed toen ze zijn ex werd. 'Na mijn scheiding woonde ik zeven jaar alleen en zorgde ik in co-ouderschap voor onze tweeling. Het was een schok, ik was overweldigd door wat ik allemaal moest doen. Plannen, regelen, boodschappen, ik moest honderden details in het oog houden. De meisjes gingen weleens met ongestreken kleren naar school en we aten in het begin veel pizza, want ik kreeg alles niet gedaan. Daarom heb ik een hele tijd 7/8ste gewerkt, om een dag thuis te zijn als ze bij mij waren. Ondertussen woon ik weer samen en zitten mijn dochters op kot, maar het dagelijkse werk is nu eerlijk verdeeld. Iets waar mijn vriendin in het begin echt aan moest wennen trouwens. Zij vult de koelkast en kookt, want ze is een echte foodie, en ik poets, was en strijk, omdat ik daar als pietje-precies beter in ben.' Koppels verdelen het werk iets eerlijker voor er kinderen zijn, vertelt Glorieux, daarna zien we een verschuiving terug naar de traditionele rolpatronen.' En de ongelijkheid is niet alleen een kwestie van werkuren, vertelt Glorieux. 'Hannah Arendt maakte het onderscheid tussen werk en arbeid. Dat laatste zijn vervelende, repetitieve, weinig zichtbare taken die niet veel voldoening geven. Taken die nooit klaar zijn ook, zoals poetsen en de was doen. Werk kan ook leuk zijn, duidelijk zichtbaar en iets waarvoor je schouderklopjes krijgt. Het gras maaien of een tuinhuis schilderen bijvoorbeeld. Of koken, zeker als het publiek is, zoals op een barbecue. We zien dat vrouwen vooral arbeid doen en mannen meer werk.' Dat herkent Lies (48). 'Nu we allebei thuiswerken, kookt mijn man elke dag. Hij doet dat goed en lekker, dus ik ben daar blij mee. Deal is dat ik de keuken opruim. Boodschappen zijn voor degene die tijd heeft. In de praktijk meestal ik of een van de kinderen. Ik heb het gevoel dat hij bijna het hele huishouden draagt, maar als ik het in tijd optel, doe ik nog steeds het leeuwendeel. Wassen, was plooien en wegleggen, stofzuigen, opruimen en af en toe wat poetsen, want we hebben een poetsvrouw. Ook al doe ik nog steeds het meeste werk, toch voel ik mij schuldig omdat ik nooit kook. Ook mijn schoonouders lieten al doorschemeren dat ze me een luie huisvrouw vinden. Onlangs dacht ik: misschien is dat waarom mannen graag koken. Het is een netjes afgeronde dagelijkse taak waarvoor ze lof krijgen. Ondertussen kunnen ze naar een podcast luisteren en dan achteroverleunen, want zij hebben hun deel gedaan.' En het is niet omdat vrouwen minder buitenshuis gaan werken dat ze vanzelf meer vrije tijd krijgen, zo ontdekte doctoraatsonderzoekster aan de VUB Franne Mullens. 'Toen Femma vzw voor al haar werknemers een dertigurenweek invoerde, vroegen ze aan ons om het effect daarvan te onderzoeken. Er werkte in 2018 maar één man voor de organisatie, dus de resultaten gaan over vrouwen. Zes uur minder betaald werk betekende gemiddeld zo'n anderhalf uur meer vrije tijd, en viereneenhalf uur onbetaald werk in de vorm van huishouden, kinder- en mantelzorg. Sommige vrouwen vonden dat jammer, andere vonden het wel fijn om meer tijd te kunnen nemen voor bepaalde taken in huis of voor zorg voor de kinderen. Dat laatste is ook de reden die vrouwen geven als ze deeltijds gaan werken.' Dat zelfs jonge vrouwen daar niet tegen rebelleren, heeft volgens Glorieux te maken met intense socialisatie. 'We lijken in een maatschappij te leven waarin iedereen vrij te kiezen heeft uit een hele waaier aan mogelijkheden. Maar dat is relatief als de opvoeding, de school en onze sociale omgeving ons voortdurend laten voelen hoe we ons moeten gedragen als man of vrouw. Soms openlijk, maar ook subtiel. Zo subtiel dat de rolpatronen op het gebied van zorg en huishouden diep ingesleten lijken, en het als een soort tweede natuur aanvoelt.' Nu moet elk huis natuurlijk onderhouden worden en is er absoluut niets mis met tijd willen doorbrengen met je kinderen, stelt Glorieux. 'De vraag is waarom die taken vooral door vrouwen gedaan worden. Want koken of stofzuigen, dat kunnen mannen even goed. Wat we tot op vandaag zien is een verschillend verwachtingspatroon. Een moeder die elke dag de kinderen ophaalt, dat is vanzelfsprekend, een vader die dat doet, krijgt schouderklopjes. Hij wordt ook niet als een slechte vader gezien als de boterhammen van de kinderen eentonig zijn of hun kleren niet gestreken. Zijn vrouw wel. Dat zit diep in ons idee van identiteit ingebakken. Een vrouw is een 'goede' vrouw als ze die dingen doet, bij mannen speelt dat niet.' De Amerikaanse filosofe Kate Manne probeert in haar boek Down Girl uit te zoeken waar seksisme vandaan komt, en haar theorie heeft het over twee duidelijk verschillende rollen voor mannen en vrouwen in onze maatschappij, zelfs nu ze op papier dezelfde rechten hebben. We zien mannen volgens haar als human beings en vrouwen als human givers. Bij dat geven hoort onbetaald huishoudelijk werk en zorgarbeid, maar ook het geven van respect en aandacht, affectie en medeleven, liefde en seks, troost en een veilige plek om thuis te komen. Mannen hebben volgens Manne in onze maatschappij recht op de vruchten van die emotionele arbeid. Ze benadrukt dat dat niet wil zeggen dat elke man dat denkt over elke vrouw, maar wel dat ons systeem op die ideeën steunt. Systemen zijn inderdaad belangrijk, weet Franne Mullens. 'Wat Manne beschrijft, wordt ook een cultureel mandaat genoemd. Zorg is het mandaat van vrouwen, daar halen ze in onze maatschappij erkenning en status uit en dat hebben we allemaal geïnternaliseerd. Feministen ijveren er al een tijd voor om dat onbetaald werk meer naar waarde te schatten, maar dat is tot op vandaag niet echt gelukt. Toen vrouwen massaal uit werken gingen, hebben ze zich in het bestaande neoliberale systeem geplooid. Alleen, dat werkt eigenlijk niet. Tweeverdieners die allebei een 40-urenweek presteren, kunnen niet om halfvier aan de schoolpoort staan. En omdat zorg het mandaat van vrouwen is en ze vaak minder verdienen, werkt 42 procent van hen deeltijds, tegenover maar 11 procent van de mannen. Zelfs jonge vrouwen zien dat culturele mandaat als een gegeven waaraan niet te tornen valt.' Dat verklaart waarom sommige vrouwen bepaalde taken absoluut zelf willen doen en het verklaart ook waarom zelfs in gezinnen waar het werk vrij goed verdeeld is, het toch nog vaak de vrouw is die de organisatie doet. Harvard-sociologe Allison Daminger deed onderzoek naar dat fenomeen, en identificeerde vier aspecten van dat denkwerk. Anticipatie, identificatie, beslissen en monitoring. Neem kinderopvang. Je moet nadenken over wanneer je dat nodig zult hebben, uitzoeken hoe je die opvang kunt regelen, beslissen wat je wilt en dan opvolgen of het allemaal loopt. Uit Damingers onderzoek blijkt dat mannen wel mee naar oplossingen zoeken en beslissen, maar dat het vrouwen zijn die anticiperen en opvolgen. Hun antennes staan altijd aan, vertelt ze aan The New York Times. 'Vrouwen zijn nog altijd ongerust dat ze als slechte moeder gezien zullen worden. Ook al doet hun man de afwas en verschoont hij luiers, zij zijn de eindverantwoordelijken.' Maar is het eigenlijk een probleem dat vrouwen meer zorgtaken opnemen? Iemand moet het tenslotte doen, dat huishouden. Toch wel, stelt Glorieux, want het ligt aan de basis van de blijvende ongelijkheid van vrouwen in onze maatschappij. 'Meisjes doen het uitstekend in het onderwijs, vrouwen halen meer universitaire diploma's dan mannen, maar bij de professoren van de hoge graad zijn mannen nog altijd in de meerderheid. Waarom? Wij hebben in 2015 onderzoek gedaan bij proffen aan onze eigen instelling. Hoogopgeleid, waarschijnlijk progressief, je zou denken dat gelijk verdeeld werk in huis de norm zou zijn. Niet dus. Mannelijke professoren doen gemiddeld zes uur minder huishoudelijk werk dan hun vrouwelijke collega's. Dat geeft ongelijke kansen, want in de competitie voor promoties en fondsen zijn vrouwen benadeeld. Ik vergelijk het met atleten. Zelfs met talent en ambitie zul je niet winnen als je zes uur per week minder kunt trainen. Zolang mannen geen groter deel van het huishouden en de zorg op zich nemen, zullen vrouwen meer deeltijds werken, minder gunstige posities innemen op het werk, lagere inkomens hebben, minder vertegenwoordigd zijn in beleidsfuncties en politiek. Die ongelijkheden in het openbare leven en op de arbeidsmarkt, en dus ook ongelijkheden op het gebied van financiën, status, kansen, autonomie en zelfs macht, zullen niet vanzelf verdwijnen.' Samengevat: het meerwerk van vrouwen zorgt voor sociale ongelijkheid. We hadden het tot nu toe over gemiddelden, maar er zijn ook koppels bij wie het werk wel eerlijk verdeeld is. Neem Amélie (40). 'Ik zat onlangs aan de keukentafel te werken, terwijl mijn man de slotenmaker ontving. Toen die klaar was, vroeg hij aan mij of ik een vuilblik had om op te kuisen wat hij had vuilgemaakt. Mijn man keek me eens aan en heeft die man geholpen. Bij ons zijn de taken namelijk mooi verdeeld. Hij kookt en ik doe de afwas. Hij doet de strijk, en ik de was, want hij laat net te veel dingen krimpen. Alles opplooien doen we samen met onze dochter. Ik trek me niets aan van de kattenbak en vuilbakken, maar doe de boodschappen. Er zijn periodes geweest dat ik niet buitenshuis werkte en periodes dat mijn man geen werk had, en dan deed de thuisblijver het huishouden. Daarom weten we allebei goed hoeveel werk het is, denk ik. Toen onze dochter geboren is, hebben we bewust besloten om alles fiftyfifty te verdelen. Ik zeg niet dat onze organisatie perfect is, maar omdat we er bewust mee bezig zijn en ook alles open bespreken als een van ons het gevoel heeft dat het misloopt, zijn we allebei tevreden.' Ook bij Raf (44) zijn er duidelijke afspraken. 'Karolien is een geweldige moeder, maar ik vind het niet meer dan normaal dat ik ook mijn deel doe. Zij werkt 80 procent en ik ben als zelfstandige vrij flexibel. Het huishouden, de kinderen afhalen, eten maken, we hebben een goeie routine. Alleen van de was moet ik wegblijven, maar ik maai ter compensatie het gras. Tijdens corona was het even zoeken. Ik werkte vaak van zes uur 's morgens tot half een 's middags en dan 's avonds van zeven tot elf uur, om 's middags de kinderen te kunnen begeleiden. Ook als ik naar kantoor moet, ben ik er soms in de namiddag niet. Mijn collega's hebben daar alle begrip voor. We hebben bewust de keuze gemaakt om alles eerlijk te verdelen, ook nadat er kinderen kwamen. We waren daar vrij laat mee, misschien dat dat een rol speelt. We willen hun kindertijd allebei honderd procent bewust meemaken.' De coronalockdown, daarvan had professor Glorieux gehoopt dat die verbetering zou brengen. 'Als beide ouders en de kinderen samen thuis zijn, zou er wel een eerlijke werkverdeling volgen, dacht ik, want mannen hadden nu geen excuus meer om niet te helpen. Maar uit onderzoek bij vijfhonderd mensen in april en mei, blijkt dat de rolpatronen bleven bestaan en zelfs nog toenamen. Vrouwen gingen minder betaald werk doen, vroegen vaker corona-ouderschapsverlof en mannen bleven hun vrije tijd opeisen. De internalisering verander je niet van de ene dag op de andere. Anderzijds leek de achturenwerkdag ook ooit een utopie en nu gaan we naar een dertigurenwerkweek.' Gewoon weten hoe we naar onszelf en elkaar kijken is misschien een begin, net als duidelijke afspraken maken, vertelt Allison Daminger in The New York Times. 'Vrouwen willen niet als een slechte moeder gezien worden, maar ik denk dat ook het idee van vaderschap aan het veranderen is.' En wat die vaardigheden betreft, daar moeten we gewoon expliciet over zijn, vindt Daminger. 'Dat het thuis meestal vrouwen zijn die alles plannen en organiseren, wil niet zeggen dat mannen dat niet kunnen. Ze doen dat waarschijnlijk elke dag in hun job en toch wordt die vaardigheid thuis niet benut. Een belangrijke stap is om al het werk duidelijk te benoemen. Verdeel de taken, niet alleen de fysieke maar ook de cognitieve arbeid.' Wie de was doet, zorgt niet alleen dat er wasmiddel is, maar ook dat iedereen zijn vuile was op de goede plaats dropt, dat de juiste dingen op het juiste moment gewassen zijn, enzovoort. 'En ja, soms moet je heel gedetailleerde afspraken maken', stelt Daminger. 'Het werkt volgens mij ook als je niet gewoon taken maar hele verantwoordelijkheden verdeelt.' Omdat kinderen zo'n kantelpunt zijn, denkt professor Glorieux dat daar een sleutel voor verandering ligt. 'Die drie maanden moederschapsverlof betekenen vaak een blijvende verschuiving van de huishoudelijke taken, zeker als de moeder parttime gaat werken. Als ook mannen verplicht drie maanden vaderschapsverlof zouden hebben, liefst niet op hetzelfde moment als de partner, dan zou hij het huishouden draaiende moeten houden.' Maar wel met de nodige controle, lacht Glorieux. 'Toen het in Zweden pas werd ingevoerd, viel het op dat mannen vaak ouderschapsverlof namen in juni, de ideale maand om te jagen en te vissen. Maar een initiatief als dat van Volvo, dat wereldwijd vaderschapsverlof biedt, kan helpen, op voorwaarde dat mannen het opnemen.' En omdat de maatschappij niet in één dag te veranderen is, kun je klein beginnen en deze Moederdag al de moeders in je leven welgemeend bedanken.