Thordis en Tom keken uit naar het kerstbal van hun middelbare school in Reykjavik. Tom, 18, wist als uitwisselingsstudent niet wat te verwachten; Thordis, 16, popelde om met haar eerste liefde op stap te gaan. Ze dronk thuis al rum en trok zelfs van Toms sigaret, om indruk te maken. Op het feest voelde Thordis zich niet goed, de alcohol veroorzaakte spasmen die haar lichaam uitwrongen als een vaatdoek. Tom werd erbij gehaald, en hield het haar uit haar gezicht terwijl ze overgaf. Even was er sprake van een ambulance, omdat men bang was dat de bijna levenloze Thordis een alcoholvergiftiging had, maar Tom stelde hen gerust. Hij zou haar naar huis brengen en dat deed hij vervolgens ook. Thordis was verlamd en kon niet praten, maar was wel bij bewustzijn en blij toen hij haar op bed legde en haar vieze jurk uitdeed. Wat ze niet begreep was waarom hij ook haar ondergoed uitdeed. Hij ging op haar liggen zonder zijn hemd uit te trekken, en verkrachtte haar. 'Ik kan de pijn niet omschrijven', schrijft ze. 'Eerst dacht ik dat hij me in tweeën zou scheuren.' Ze telde de seconden tot het voorbij was. Er zitten er 7200 in twee uur, zo bleek.
...

Thordis en Tom keken uit naar het kerstbal van hun middelbare school in Reykjavik. Tom, 18, wist als uitwisselingsstudent niet wat te verwachten; Thordis, 16, popelde om met haar eerste liefde op stap te gaan. Ze dronk thuis al rum en trok zelfs van Toms sigaret, om indruk te maken. Op het feest voelde Thordis zich niet goed, de alcohol veroorzaakte spasmen die haar lichaam uitwrongen als een vaatdoek. Tom werd erbij gehaald, en hield het haar uit haar gezicht terwijl ze overgaf. Even was er sprake van een ambulance, omdat men bang was dat de bijna levenloze Thordis een alcoholvergiftiging had, maar Tom stelde hen gerust. Hij zou haar naar huis brengen en dat deed hij vervolgens ook. Thordis was verlamd en kon niet praten, maar was wel bij bewustzijn en blij toen hij haar op bed legde en haar vieze jurk uitdeed. Wat ze niet begreep was waarom hij ook haar ondergoed uitdeed. Hij ging op haar liggen zonder zijn hemd uit te trekken, en verkrachtte haar. 'Ik kan de pijn niet omschrijven', schrijft ze. 'Eerst dacht ik dat hij me in tweeën zou scheuren.' Ze telde de seconden tot het voorbij was. Er zitten er 7200 in twee uur, zo bleek. Thordis zweeg. Ze vertelde niets aan haar ouders en vrienden en ging niet naar de politie. Ze zag wat haar was overkomen niet als verkrachting, want zij was dronken en droeg een korte jurk, en Tom was haar vriend. Twee dagen later maakte Tom het uit en al snel ging hij terug naar Australië. Thordis' leven ging alle richtingen op, ze verdronk in zelfhaat en pijn, maar begon ook te schrijven en oogstte succes met haar theaterstukken. In 2005 schreef ze Tom een mail. Over de pijn die hij haar had aangedaan, de gevolgen die die ene avond in 1995 op haar leven had en de vergeving waar ze naar verlangde. Acht jaar lang correspondeerden ze en in 2013 zagen ze elkaar terug in Kaapstad, min of meer halverwege tussen Australië en IJsland. Een week lang hebben ze gepraat. Over zichzelf, over die avond en wat die met hen had gedaan, over de maatschappij waarin dit soort dingen dagelijks duizenden keren gebeurt. Ze schreven samen een boek, dat nu vertaald is als 7200 seconden. 'Ik heb veel herinneringen aan mijn tijd in IJsland, maar die avond bleef lang vaag', vertelt Tom Stranger me via Skype. 'Er was seks, maar ik herinnerde het me niet als: ik heb Thordis verkracht. Toen zij me in haar eerste mail in 2005 klaar en duidelijk vertelde wat er precies gebeurd was, klikte er iets. Ik had die avond begraven en mijn eerste reactie op haar mail was: shock. Ik herkende mezelf, er kwamen herinneringen terug en ik wist dat ze de waarheid sprak. Haar mail maakte iets wat tot dan toe een vaag en abstract gevoel was concreet. Door met haar te corresponderen begon ik ook te begrijpen hoe diep ik haar gekwetst had en wat voor desastreus effect dat op haar en haar relaties heeft gehad. Ik walgde van mezelf toen ik eindelijk besefte wat ik gedaan had. Ik was een verkrachter, en verkrachters zijn monsters die voor altijd verdorven zijn. Maar ik wist wie ik was, ik was geen slecht mens en toch heb ik dit gedaan. Ik heb veel nagedacht over mijn ontkenning, en geprobeerd om het te begrijpen, maar tot vandaag ben ik er niet helemaal uit.' Ook Thordis zelf zag wat er gebeurd was eerst niet als verkrachting. 'Dat is wat rape culture met ons doet. Victim blaming beïnvloedt hoe vrouwen kijken naar wat er met hen gebeurt, en onze maatschappij blijft seksueel geweld en grensoverschrijdend gedrag minimaliseren. Soms wordt het zelfs genormaliseerd. Denk maar aan hoe vaak het opduikt in de plot van populaire series. Dankzij #MeToo wordt de discussie opengetrokken en dat is goed, maar het blijft essentieel dat we de dingen benoemen zoals ze zijn. Die avond hadden Thordis en ik geen seks, het was verkrachting. Maar toen ik voor dit boek interviews gaf in Australië, werden me allerlei excuses aangereikt. Ik was jong, ik was dronken, het waren mijn hormonen, Thordis was mijn vriendin. De typische ontkenningen en excuses die je altijd hoort. Het feit dat we verkrachting zien als iets gewelddadigs maakt het nog moeilijker, omdat we ook van geweld een verwrongen beeld hebben. Geweld, dat zijn slagen en wapens. Maar ik heb Thordis niet geslagen. Mede daarom duurde het zo lang voor ik besefte dat wat ik gedaan had wel degelijk geweld was. Ik heb genomen wat ik wilde en mezelf boven Thordis of haar welzijn geplaatst. Dat soort absoluut egoïsme waarbij je iemand kwetst en dat prima vindt, dat is geweld.' De mythe dat verkrachters altijd monsters zijn, leeft sterk. De Amerikaanse auteur Laurie Halse Anderson schreef het boek Speak over verkrachting. Zij concludeert na jaren van lezingen en workshops in scholen dat tienerjongens - en vaak ook hun ouders - niet begrijpen wat verkrachting is. Een verkrachter is 'de vreemdeling die uit de bosjes springt met een mes' en niet 'de jongen die seks heeft met zijn vriendin ook al is ze te dronken om in te stemmen'.'De realiteit is dat wat ik met Thordis gedaan heb, veel vaker voorkomt dan de clichés over verkrachting die we doorgaans voorgeschoteld krijgen. Miljoenen vrouwen maken het mee. Hun verkrachters zijn heel gewone mannen, ze zijn niet uitzonderlijk, niet per se gewelddadig en ze gedragen zich niet als criminelen. Ze doen wat veel mannen doen: ze eigenen zich een vrouwenlichaam toe. We moeten die monstermythe uit de wereld helpen, want anders raakt het probleem nooit opgelost. Dat is een van de redenen waarom Thordis en ik dit boek geschreven hebben. We hopen dat ons verhaal kan bijdragen aan die maatschappelijke gesprekken. Thordis krijgt vaak het verwijt dat ze een verkrachter een forum geeft. Maar misschien is dat net goed. Als maatschappij bekijken we het probleem vooral vanuit het standpunt van de slachtoffers, overwegend vrouwen. Het gaat dan te vaak over victim blaming, maar gelukkig ondertussen ook over de afschuwelijke impact die seksueel geweld op je leven heeft. Maar het gaat zelden over de daders, meestal mannen, en over waarom ze doen wat ze doen.' Waarom deed jij wat je gedaan hebt?'Ik nam wat ik wilde. Ik zag mezelf als belangrijker dan zij, een jonge man die recht had op bepaalde dingen. Thordis verdween. Zo was het. Dat ingebakken seksisme is cruciaal. Ik had een gelukkige jeugd, ben opgevoed met respect voor vrouwen en heb een geweldige band met mijn grootmoeder en moeder. Romantiek was niet altijd makkelijk, maar ik was geen manipulator of dwingeland. Toch heb ik dit gedaan. Ik had, net als veel mannen in onze maatschappij, het gevoel dat ik recht op iets had, terwijl dat helemaal niet zo is. Dit gaat over privilege, verwachtingen, over wat iemand vindt dat hij verdient en welke deuren voor hem zouden moeten opengaan. Rape culture en seksueel geweld zijn geen vrouwenprobleem, het is een maatschappelijk probleem en het is tijd dat mannen hun verantwoordelijkheid nemen. Dat ligt moeilijk. In mijn land, Australië, is seksisme levend en wel en gelden er nog heel strikte gendernormen. Als er kritiek komt op de doorsnee Australische kerel, als iemand ons racistisch of seksistisch noemt, dan wordt dat gezien als een belediging van onze cultuur en zelfs van onze nationale identiteit. We gaan meteen in de verdediging. Dat is een geoefende, scherpe reactie. Alleen, zo kom je niet tot analyse of verandering. Ook #MeToo heeft hier niet veel effect gehad, onder andere omdat we een strenge lasterwetgeving hebben. Wie over dit onderwerp wil praten, voelt weerstand.' Door naar ingebakken seksisme en rape culture te wijzen, loop je het gevaar dat mensen denken dat je het gedrag van de daders goedpraat. Maar in het boek ben je duidelijk. 'Het was mijn keuze om jou te misbruiken', vertel je Thordis. 'Uiteraard zijn we als individuen verantwoordelijk voor wat we doen. Absoluut. Ik ben degene die verantwoordelijk is voor wat zij heeft doorgemaakt. Punt. Maar als mannen moeten we vandaag onze verantwoordelijkheid nemen, op alle niveaus. In hoe we zelf denken en handelen, maar ook in onze gemeenschap, als beleidsmakers en als makers van populaire cultuur. Hoe we vrouwen behandelen, heeft ook te maken met de diepgewortelde beelden die we om ons heen zien, met de karikaturen en helden in muziek en fictie. Dankzij dit boek heb ik de laatste jaren kunnen praten met wetenschappers die met daders werken, en zij zijn zich bewust van het feit dat ons probleem met seksueel geweld veel oorzaken heeft. 'Uiteraard beslist een individu om iets wel of niet te doen, maar dat gebeurt in een context. Opvoeding, omgeving, het effect van alcohol, hoe we daar als maatschappij mee omgaan, peer culture, ons idee van mannelijkheid en van privilege, al die dingen beïnvloeden hoe wij naar seksueel geweld kijken. Door dat aan te kaarten praat je het wangedrag van daders niet goed, het is de realiteitszin die nodig is om dit probleem aan te pakken. We mogen nooit aanvaarden dat seksueel geweld nu eenmaal gebeurt. Boys will be boys, verschrikkelijk is dat. Maar de daders zijn wel degelijk vooral mannen, dus is het aan ons. We moeten nadenken, praten met onze vrienden, zonen en broers en oplossingen zoeken. Misschien moeten we jonge mannen beter begeleiden, meer zelfkennis bieden, een beeld van mannelijkheid schetsen dat goed is voor hun eigen welzijn. Er is een collectieve nood om dit probleem aan te pakken, dat merk ik bij elke lezing die ik geef. Er is een momentum, er wordt minder rond de pot gedraaid en we zijn eerlijker. En we kunnen het voorkomen.' Ben je ooit bang geweest dat je het opnieuw zou doen?'Nee, nooit. Ik heb lang ontkend wat ik gedaan heb, maar het is nooit opnieuw gebeurd. Die nacht was afschuwelijk, maar uitzonderlijk. Ik heb veel tijd gespendeerd aan me afvragen of ik nog dingen gemist had in mijn relaties, maar het is geen patroon, nee. Weet je, #MeToo was voor mij persoonlijk belangrijk. Als leerproces. Ik wilde alles lezen en vooral begrijpen. Er borrelden duizenden vragen op, ook over mijn eigen ontkenning. Ik zag hoe mannen reageerden en dacht terug aan hoe ik zelf soms in zelfmedelijden verzonk. Kijk eens hoe moeilijk het ook voor mij is. Er waren periodes dat het vooral over mezelf ging en dat herkende ik in sommige reacties. Er is een tactiek die mannen gebruiken als ze beschuldigd worden. DARVO: deny, attack, reverse victim and offender. Ontkennen, aanvallen en dan slachtoffer en dader omdraaien. Mannen zeggen: het was gewoon seks, kijk eens wat zij deed/droeg/had gedronken, en mijn carrière, mijn relatie, mijn leven zijn vernield. Maar dit gaat niet over jou. Dit gaat alleen over de gevolgen van jouw daden voor iemand anders.' Jullie beslisten om een boek te schrijven, er kwam een gezamenlijke TED Talk en jij geeft nu interviews en lezingen. Was dat een moeilijke beslissing?'Het is een ontzettend belangrijk onderwerp en ik wil het over verantwoordelijkheid en preventie hebben. Maar ik besef ook dat mensen ongemakkelijk worden van mijn aanwezigheid, door wat ik gedaan heb. We zijn ook niet over één nacht ijs gegaan. Ik heb veel gesprekken met mijn vrouw Cat en mijn omgeving nodig gehad om die stap te zetten. Zij hebben me altijd gesteund, zonder hen zou ik dit nooit kunnen doen. Bovendien moest ik een heel proces door om met de nodige gevoeligheid en kennis van zaken over het probleem van seksueel geweld te kunnen praten. Wat me ontzettend treft, is hoeveel vrouwen na de publicatie van dit boek naar me toe gekomen zijn om te vertellen wat zij hadden meegemaakt. Vrouwen uit mijn eigen familie, jongeren die ik als sociaal werker begeleid had, vrouwen van vrienden, meisjes met wie ik op school heb gezeten. Ik ken de cijfers over seksueel geweld, maar al die gezichten, dat was een schok, eerlijk gezegd. Net als het feit dat ze mij, een verkrachter, deze persoonlijke informatie toevertrouwden. Dat maakte me nederig en het is voor mij het bewijs dat openlijk praten echt belangrijk is.' Zijn er ook mannen met jou komen praten?'Een paar, maar niet zoveel. Ik had gehoopt dat het er meer zouden zijn. We weten dat er miljoenen vrouwen worstelen met wat hun is overkomen, maar wat met die daders? Sommigen hebben spijt, sommigen niet en sommigen beseffen niet eens wat ze gedaan hebben.' Thordis en jij hebben een week al pratend doorgebracht in Kaapstad. Wat heeft die ontmoeting en het daaropvolgende boek voor jullie gedaan?'Het was heel intens. Mijn tijd met Thordis heeft me echt geconfronteerd met de gevolgen van wat ik had gedaan, en pas toen ik daar de verantwoordelijkheid voor nam, kon het verwerkingsproces beginnen. Wat er gebeurd is, was verschrikkelijk, maar Thordis en ik hebben het verwerkt. Ze heeft me vergeven en wat er gebeurde, hoeft hopelijk niet noodzakelijk de rest van ons leven een negatieve impact te hebben. Vandaag definieert die nacht ons niet meer als mensen. Haar niet als slachtoffer, mij niet als dader.'