Het zal je maar gebeuren dat je als regisseur een film maakt die zijn naam schenkt aan een term uit de psychologie. In 1944 maakte de Amerikaanse filmmaker George Cukor Gaslight, waarin Ingrid Bergman door haar echtgenoot langzaam maar zeker tot waanzin wordt gedreven. Dat doet hij door het gaslicht onverwacht aan en uit te schakelen en haar vervolgens wijs te maken dat ze zich dat verbeeldt. Gevolg: het personage van Bergman verliest haar greep op de werkelijkheid compleet en begint zich in te beelden dat ze langzaam gek wordt. " Gaslighting gaat over alle mogelijke, vrij subtiele dingen die iemand in een intieme relatie doet of zegt die de ander naar beneden halen of diens zelfwaardegevoel aantasten", legt Patrick Luyten, professor psychologie aan de KU Leuven, uit. "Daardoor wordt het gevoel gecreëerd dat de een in een machtige en de ander in een onderdanige positie zit. Het gaat om subtiele, onbewuste pogingen om in een intieme relatie de bovenhand te krijgen." Gaslighting behoort in eerste instantie tot onze normale menselijke communicatie, het kan zelfs iets speels hebben, zegt Luyten. "Stel dat je partner iets lekkers klaarmaakt. Je vindt dat leuk, maar je bent toch een tikkeltje afgunstig. Dan kun je iets subtiels laten vallen als 'het ziet er bijna uit alsof het uit een kookboek komt'. Dat is al bij al onschuldig. We moeten dus oppassen met pathologiseren.
...

Het zal je maar gebeuren dat je als regisseur een film maakt die zijn naam schenkt aan een term uit de psychologie. In 1944 maakte de Amerikaanse filmmaker George Cukor Gaslight, waarin Ingrid Bergman door haar echtgenoot langzaam maar zeker tot waanzin wordt gedreven. Dat doet hij door het gaslicht onverwacht aan en uit te schakelen en haar vervolgens wijs te maken dat ze zich dat verbeeldt. Gevolg: het personage van Bergman verliest haar greep op de werkelijkheid compleet en begint zich in te beelden dat ze langzaam gek wordt. " Gaslighting gaat over alle mogelijke, vrij subtiele dingen die iemand in een intieme relatie doet of zegt die de ander naar beneden halen of diens zelfwaardegevoel aantasten", legt Patrick Luyten, professor psychologie aan de KU Leuven, uit. "Daardoor wordt het gevoel gecreëerd dat de een in een machtige en de ander in een onderdanige positie zit. Het gaat om subtiele, onbewuste pogingen om in een intieme relatie de bovenhand te krijgen." Gaslighting behoort in eerste instantie tot onze normale menselijke communicatie, het kan zelfs iets speels hebben, zegt Luyten. "Stel dat je partner iets lekkers klaarmaakt. Je vindt dat leuk, maar je bent toch een tikkeltje afgunstig. Dan kun je iets subtiels laten vallen als 'het ziet er bijna uit alsof het uit een kookboek komt'. Dat is al bij al onschuldig. We moeten dus oppassen met pathologiseren.Maar gaslighting kan wel degelijk problematisch worden en je leven tot een hel maken. Het overkwam Annelies in haar relatie met Bob."Ik voelde me al een tijdje heel slecht en merkte dat ik aan alles begon te twijfelen. 'Wat is er mis met mij?' vroeg ik aan een therapeut. 'Je zit vast in een toxische relatie', was zijn antwoord. Toen pas begon het duidelijk te worden dat Bob het probleem was en niet ik." Het gedrag van Bob volgde elke keer een vast patroon, legt Annelies uit. "Telkens beweerde hij iets en later zei hij dan: 'Ik heb dat helemaal niet gezegd, jij denkt dat gewoon, het zijn jouw hersenkronkels.' Daar kregen we dan vaak ruzie over. Een keer had hij gezegd dat hij om zes uur 's avonds thuis zou zijn, ik zou voor het eten zorgen. Toen ik hem 's namiddags opbelde, beweerde hij plots dat hij dat nooit gezegd had, hij zou pas na achten arriveren. Waarna hij eiste dat ik, die al van vijf uur 's ochtends op was, tot dan zou wachten met het avondeten. Want anders was ik een slechte vriendin. Het ging zo ver dat ik dat nog deed ook. En zo ging het al te vaak: verwarring scheppen en mij een schuldgevoel aanpraten. Na de zoveelste discussie kreeg ik het vaak ijskoud, een gevoel dat soms een week bleef hangen. Dan brak het koud zweet me uit en kreeg ik hartkloppingen. Pas veel later besefte ik dat mijn lichaam me duidelijk maakte dat zijn gedrag me ziek maakte. 'Op den duur dacht ik: ik ben moe, ik heb hem wellicht weer fout begrepen. Ik vertelde het niet aan vrienden of familie, bang dat ik mezelf belachelijk zou maken. 'Met mij is er niets mis, jij bent degene die niet spoort', was immers zijn standaardantwoord na de zoveelste discussie. Gevolg: ik was nergens meer zeker van. Soms dacht ik echt dat ik gek werd. Ik sprak erover met mijn huisarts en met mijn gynaecoloog. Ik was nog niet zo lang mama geworden en kreeg te horen dat oververmoeidheid na de zwangerschap je het gevoel kan geven dat je minder grip hebt op de werkelijkheid. Daar weet ik het dan maar aan. Ik wist op dat moment nog niet wat gaslighting was, maar ik heb zijn problematische gedrag wel een paar keer bij hem aangekaart. Dat liep nooit goed af. Zodra ik tegen hem inging, maakte hij me met de grond gelijk en verweet hij me dat ik hysterisch deed. Op den duur geloofde ik dat. Een normaal gesprek was sowieso niet mogelijk: had hij geen argumenten meer, dan vertrok hij en kwam soms pas de volgende dag weer thuis. Vaak verontschuldigde ik me daarna, terwijl het allemaal met zijn gedrag begonnen was. Die negatieve spiraal gaat nog altijd door, ook al zijn we niet meer samen. Hij blijft me het gevoel geven dat ik iets fout doe, het is zijn manier om macht en controle te behouden. Hij moet anderen een slecht gevoel geven om zelf een goed gevoel te hebben. Ik schiet 's nachts soms nog wakker en vraag me dan af waarom ik het niet eerder heb gezien. Nu, een jaar na onze breuk, ben ik nog steeds in behandeling voor chronische hyperventilatie en posttraumatische stress als gevolg van zijn psychologische manipulatie. Zijn gaslighting heeft een serieuze mentale en fysieke weerslag op me gehad." Als gaslighting bewust en op een manifest wrede manier gebeurt, duidt dat meestal op een antisociale, narcistische problematiek, zegt professor Luyten. "Bij zulke daders is het gevoel van eigenwaarde zo ernstig ondermijnd dat ze compensatiestrategieën moeten opbouwen om enerzijds hun minderwaardigheid niet te voelen en anderzijds hun superioriteit te blijven voelen. Een van de manieren om dat te doen, is door jezelf belangrijk te maken. Dat kan bijvoorbeeld met speciale kleding, tattoos, een imposant huis of een sportwagen, maar ook door over te komen als iemand die alles beter weet en slimmer is. En dat doe je door anderen te krenken en in een onderdanige positie te duwen." Vraag is natuurlijk wat je kunt doen als je merkt dat je partner tekenen van gaslighting vertoont. Praten, zo blijkt. Luyten: "De beste manier om ermee om te gaan is het probleem aan te kaarten en wel liefst zo snel mogelijk. Want hoe langer zoiets in een relatie sluipt, hoe moeilijker het is om het op een kalme en respectvolle manier te bespreken. Wie te horen krijgt dat hij aan gaslighting doet, kan zich aangevallen voelen en daardoor het hele probleem ontkennen. Waardoor je uiteraard opnieuw gaslighting krijgt." Het probleem zo snel mogelijk aanpakken is inderdaad van primordiaal belang, want de gevolgen voor slachtoffers van gaslighting kunnen niet mis zijn. Luyten: "Het slachtoffer kan beginnen kampen met een verminderd gevoel van eigenwaarde. Hij of zij zal zich voortdurend minderwaardig voelen en op de toppen van zijn of haar tenen lopen in de relatie of bij anderen, vaak met depressie, angst en burn-out tot gevolg. Een tweede gevolg is dat mensen in hun relatie blijven zitten, ook al is die toxisch, net omdat gaslighting zo subtiel gebeurt. Zo erg is het toch niet, denken ze dan. Moet ik daarom deze relatie verbreken? Logisch, want elke keer dat ze erover in gesprek gaan, wordt het ontkend of onder de mat geveegd." Gaslighting wordt doorgaans gelinkt aan intieme relaties, maar het gebeurt ook op een sociaal of cultureel niveau. De Amerikaanse onderzoekster Claire Jack argumenteerde in Psychology Today dat daar de laatste jaren steeds meer voorbeelden van te zien zijn. " Gaslighting kan ook volledig in de publieke sfeer gebeuren. Het komt erop neer dat een deel van de maatschappij, vaak de wat minder mondigen, in een zwakkere positie worden gehouden", schrijft ze. Als voorbeeld haalt ze de moord op George Floyd aan. Na het dodelijk incident kwam er een storm van protest op gang in de zwarte gemeenschap en daarbuiten. Daarbij werden ook standbeelden van generaals uit de Amerikaanse burgeroorlog en van blanke handelaars die hun rijkdom gebouwd hebben op de slavenhandel aangevallen en soms zelfs neergehaald. In België hebben we een gelijkaardige discussie over de beelden van Leopold II. Standbeelden van mannen die ernstige misdaden hebben begaan neerplanten is volgens Jack een vorm van gaslighting omdat het geen rekening houdt met de hedendaagse gevoeligheden van de zwarte gemeenschap. "Eigenlijk zeg je op die manier tegen een zwarte persoon wiens voorouders stierven op de slavenschepen of gedwongen werden tot slavenarbeid dat hun ervaringen minder belangrijk zijn dan de onze. 'Waarom zo verbolgen zijn over iets dat zo lang geleden gebeurd is? Laat het verleden gewoon zijn wat het is', hoor je vaak als argument van mensen die de standbeelden willen laten staan. Dat is precies dezelfde tactiek die gaslighters gebruiken als hun partner een incident wil bespreken: ze noemen die argumentatie irrelevant." Claire Jack gaat nog een stapje verder en stelt dat we de MeToo-beweging kunnen zien als een reactie op gaslighting. "Tot enkele jaren geleden werd er over vrouwen die gewag maakten van seksueel grensoverschrijdend gedrag een beetje lacherig gedaan. 'Het is toch gewoon een beetje fun, ze reageren te fel en eigenlijk heeft het niets te betekenen.' Maar net omdat vrouwen hierbij het recht wordt ontzegd om hun mening te uiten, is er sprake van gaslighting. Het is een aloude techniek die telkens weer op hetzelfde neerkomt: je overdrijft, jíj bent degene die een probleem heeft." Jack besluit dat zulk gedrag vaak onder de sociale radar verdwijnt, net omdat het zo subtiel gebeurt - precies zoals met gaslighting in een relatie. "Als je de aandrang voelt om een bepaalde groep te beschuldigen van overdrijving of overgevoeligheid, vraag jezelf dan af of je niet vastzit in een patroon van sociale gaslighting", besluit ze haar betoog. In die sociale context verliest de term gaslighting weliswaar zijn oorspronkelijke betekenis, maar dat wil daarom niet zeggen dat er niet eenzelfde patroon achter kan schuilen. Ook Patrick Luyten erkent dat. "Je zou wat Trump doet ook als een vorm van gaslighting kunnen beschouwen. Hij hanteert de bewuste strategie om mensen zodanig af te blaffen dat ze zich compleet hulpeloos, waardeloos en minderwaardig voelen. Dat werkt, omdat men in zo'n geval vaak niet meer weet wat men moet zeggen. Wie zulke tactieken toepast, is vaak van jongs af aan een pestkop. En ja, het werkt, zij het enkel tot op zekere hoogte." Trump gebruikt ook andere typische gaslighting-technieken. De realiteit doodgewoon ontkennen - de verkiezingen werden vervalst - zichzelf presenteren als de enige waar je, of in dit geval de VS, op kunt rekenen, eisen van zijn achterban dat ze zelfs zijn meest bizarre stellingen - Mexico zal voor de muur betalen - onderschrijven. Niet vreemd dus dat heel wat Amerikaanse kranten, zeker na de aanval op het Capitool op 6 januari, stellen dat hun voormalige president zijn miljoenen aanhangers op massale schaal gegaslight heeft. Een beetje humor of af en toe een steekje onder water, dat kan prima. Maar of het nu in je relatie gebeurt, op je werk of als sociaal fenomeen, gaslighting is niet onschuldig. Als een steek onder water systematische ondermijning wordt, als plagende grapjes een vorm van manipulatie zijn, als iemand jou en je omgeving overtuigt van het feit dat je overdrijft of zelfs hysterisch bent, als je het gevoel krijgt dat je je eigen gevoelens en oordeel niet meer kunt vertrouwen, beschouw dat dan als een rode vlag en trek aan de alarmbel.