Als je als architect de kans krijgt om een woning van Belgisch modernist Willy Van Der Meeren te kopen, dan laat je die kans niet liggen. Ook niet als je dan nog maanden valse wanden moet uitbreken.
‘We zijn hier in 2007 terechtgekomen. Tot dan woonden we in Antwerpen. Mijn vrouw stond op het punt artistiek directeur van het Kaaitheater te worden’, vertelt architect Sven Grooten, zaakvoerder van B-architecten en eigenaar van het huis. ‘Mijn bureau had toen enkel een vestiging in Antwerpen, dus zochten we iets in het noorden van Brussel, om praktische redenen.’ Zijn vrouw Katleen Van Langendonck, intussen coördinator podiumkunsten bij Europalia, vond online een pand in Laken van de Belgische architect Willy Van Der Meeren (1923-2002). ‘Ik zei meteen: we kopen het! Ik kende Van Der Meerens werk, maar niet dit huis. Toch had ik vertrouwen in de kwaliteiten van de architect.’

Suikerspinmuren
De villa onderscheidt zich van haar buren door de gevel, die bijna volledig in glas is. De zichtbare betonstructuur vormt een portiek dat voor een uitgesproken sculpturaal karakter zorgt.

Het huis werd in 1962 gebouwd voor de fotograaf Weyers, zijn vrouw – die ook zijn assistent was – en hun zes kinderen. Weyers specialiseerde zich in grootformaatfotografie, onder meer voor decors van de VRT. Het huis moest tegelijk als woonst en werkplek kunnen dienen, met een donkere kamer in de kelder en een fotostudio op de gelijkvloerse verdieping.

Subtiele details – een inspringende hoek voor de voordeur, een wit raamkader als een zwevend schilderij – geven de woning een grafische uitstraling. Binnen openbaart de architectuur zich stap voor stap, in een zorgvuldig geregisseerde promenade architecturale, een concept dat Van Der Meeren kende van zijn grote voorbeeld Le Corbusier.

Toen Sven en Katleen het pand voor het eerst bezochten, was van de oorspronkelijke soberheid weinig over. Het huis deed dienst als schoonheidsinstituut en was volledig suikerspinroze geschilderd. ‘Maar de structuur, die stond gelukkig nog recht. We hebben maandenlang valse wanden uitgebroken, roze vloertegels verwijderd en muren afgekrabd’, vertelt Sven.
Dankzij een oude video van de vorige eigenaars konden ze de originele indeling en kleuren reconstrueren. Met zijn bureau B-bis herstelde Sven de woning minutieus, waarbij terracotta vloeren en vast meubilair opnieuw zichtbaar werden.
Toevalstreffers
De bouwgeschiedenis van het huis kent een paar charmante toevalligheden. Zo had de familie Weyers begin jaren zestig contact opgenomen met architect Willy Van Der Meeren zonder hem persoonlijk te kennen. ‘Ik heb mevrouw Weyers ooit ontmoet tijdens een reportage voor de radiozender Klara, over Van Der Meeren en dit huis’, zegt Sven.

‘Ze vertelde toen hoe een vaste klant van hun fotowinkel, toevallig een architect, wekelijks zijn films bij haar liet ontwikkelen. Pas later bleek dat Van Der Meeren te zijn, aan wie ze hun bouwproject hadden toevertrouwd.’ Nog zo’n toeval: in de inkomhal hangt vandaag een enorme fotoafdruk uit die tijd, teruggevonden bij antiquair Michael Marcy in Antwerpen. ‘Ik kocht er drie stoelen van Van Der Meeren en tijdens ons gesprek toonde hij me die foto van de familie Weyers, van de kinderen spelend op het terras.’
Koken in de cockpit
Van Der Meeren was niet alleen architect maar ook meubelontwerper, altijd pragmatisch met een oog op de behoeften van zijn klanten. Zo is de keuken speciaal op de eerste verdieping ingericht zodat moeder Weyers van daaruit zicht had op de kinderen in de leefruimte en in de tuin. ‘Een beetje zoals in een cockpit, je hebt alles in het oog’, besluit Sven.

Zijn favoriete aspect aan de woning? ‘De openheid. Het huis kijkt uit op de straat, maar is tegelijk binnen volledig open. Alle ruimtes staan met elkaar in verbinding, zonder dat de privacy verdwijnt. Je kunt werken, koken en ontspannen, elk in z’n eigen hoek, zonder elkaar te storen.’

Meer dan zestig jaar later blijft de woning verrassend actueel. Met haar minimalisme, openheid en functionaliteit vertegenwoordigt ze een modernistisch ideaal: samenleven zonder barrières.